Home

Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG (Voor de EER relevante tekst)Voor de EER relevante tekst

Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG (Voor de EER relevante tekst)Voor de EER relevante tekst

02014L0024 — NL — 01.01.2022 — 004.002


Onderstaande tekst dient louter ter informatie en is juridisch niet bindend. De EU-instellingen zijn niet aansprakelijk voor de inhoud. Alleen de besluiten die zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie (te raadplegen in EUR-Lex) zijn authentiek. Deze officiële versies zijn rechtstreeks toegankelijk via de links in dit document

►B

►C3 RICHTLIJN 2014/24/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 26 februari 2014

betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG

(Voor de EER relevante tekst)

(PB L 094 van 28.3.2014, blz. 65)

Gewijzigd bij:


Gerectificeerd bij:




▼B

▼C3

RICHTLIJN 2014/24/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 26 februari 2014

betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG

▼B

(Voor de EER relevante tekst)



TITEL I:

TOEPASSINGSGEBIED, DEFINITIES EN ALGEMENE BEGINSELEN

HOOFDSTUK I:

Toepassingsgebied en definities

AFDELING 1:

ONDERWERP EN DEFINITIES

Artikel 1:

Onderwerp en toepassingsgebied

Artikel 2:

Definities

Artikel 3:

Gemengde aanbesteding

AFDELING 2:

DREMPELS

Artikel 4:

Drempelbedragen

Artikel 5:

Methoden voor de berekening van de geraamde waarde van een opdracht

Artikel 6:

Herziening van de drempels en van de lijst van de centrale overheidsinstanties

AFDELING 3:

UITSLUITINGEN

Artikel 7:

Opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten

Artikel 8:

Specifieke uitsluitingen op het gebied van elektronische communicatie

Artikel 9:

Overheidsopdrachten en prijsvragen op grond van internationale voorschriften

Artikel 10:

Specifieke uitsluitingen voor opdrachten voor diensten

Artikel 11:

Op basis van een alleenrecht gegunde opdrachten voor diensten

Artikel 12:

Overheidsopdrachten tussen entiteiten in de overheidssector

AFDELING 4:

SPECIFIEKE SITUATIES

Onderafdeling 1:

Gesubsidieerde opdrachten en onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten

Artikel 13:

Door aanbestedende diensten gesubsidieerde opdrachten

Artikel 14:

Onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten

Onderafdeling 2:

Aanbestedingen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn

Artikel 15:

Defensie en veiligheid

Artikel 16:

Gemengde opdrachten waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn

Artikel 17:

Overheidsopdrachten en prijsvragen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn en die overeenkomstig internationale regels worden gegund of uitgeschreven

HOOFDSTUK II:

Algemene regels

Artikel 18:

Aanbestedingsbeginselen

Artikel 19:

Ondernemers

Artikel 20:

Voorbehouden opdrachten

Artikel 21:

Vertrouwelijkheid

Artikel 22:

Regels betreffende de communicatiemiddelen

Artikel 23:

Nomenclaturen

Artikel 24:

Belangenconflicten

TITEL II:

OP OVERHEIDSOPDRACHTEN TOEPASSELIJKE VOORSCHRIFTEN

HOOFDSTUK I:

Procedures

Artikel 25:

Voorwaarden met betrekking tot de GPA-overeenkomst en andere internationale overeenkomsten

Artikel 26:

Keuze van de procedures

Artikel 27:

Openbare procedure

Artikel 28:

Niet-openbare procedure

Artikel 29:

Mededingingsprocedure met onderhandeling

Artikel 30:

Concurrentiegerichte dialoog

Artikel 31:

Innovatiepartnerschap

Artikel 32:

Gebruik van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking

HOOFDSTUK II:

Technieken en instrumenten voor elektronische en gegroepeerde samengestelde aanbesteding

Artikel 33:

Raamovereenkomsten

Artikel 34:

Dynamische aankoopsystemen

Artikel 35:

Elektronische veilingen

Artikel 36:

Elektronische catalogi

Artikel 37:

Gecentraliseerde aankoopactiviteiten en aankoopcentrales

Artikel 38:

Occasionele gezamenlijke aanbestedingen

Artikel 39:

Plaatsen van opdrachten door aanbestedende diensten van verschillende lidstaten

HOOFDSTUK III:

Verloop van de procedure

AFDELING 1:

VOORBEREIDING

Artikel 40:

Voorafgaande marktconsultaties

Artikel 41:

Voorafgaande betrokkenheid van gegadigden of inschrijvers

Artikel 42:

Technische specificaties

Artikel 43:

Keurmerken

Artikel 44:

Testverslagen, certificatie en andere bewijsmiddelen

Artikel 45:

Varianten

Artikel 46:

Verdeling van opdrachten in percelen

Artikel 47:

Vaststelling van termijnen

Afdeling 2:

BEKENDMAKING EN TRANSPARANTIE

Artikel 48:

Vooraankondigingen

Artikel 49:

Aankondigingen van opdrachten

Artikel 50:

Aankondigingen gegunde opdracht

Artikel 51:

Opmaak en wijze van bekendmaking van aankondigingen

Artikel 52:

Bekendmaking op nationaal niveau

Artikel 53:

Elektronische beschikbaarheid van aanbestedingsstukken

Artikel 54:

Uitnodigingen aan gegadigden

Artikel 55:

Informatieverstrekking aan gegadigden en inschrijvers

AFDELING 3:

SELECTIE VAN DEELNEMERS EN GUNNING VAN DE OPDRACHTEN

Artikel 56:

Algemene beginselen

Onderafdeling 1:

Kwaliteitscriteria voor de selectie

Artikel 57:

Uitsluitingsgronden

Artikel 58:

Selectiecriteria

Artikel 59:

Uniform Europees Aanbestedingsdocument

Artikel 60:

Bewijsmiddelen

Artikel 61:

Onlinedatabank van certificaten (e-Certis)

Artikel 62:

Kwaliteitsnormen en normen inzake milieubeheer

Artikel 63:

Beroep op de draagkracht van andere entiteiten

Artikel 64:

Officiële lijsten van erkende ondernemingen en certificering door publiekrechtelijke of privaatrechtelijke instellingen

Onderafdeling 2:

Beperking van het aantal gegadigden, inschrijvingen en oplossingen

Artikel 65:

Beperking van het aantal in andere opzichten gekwalificeerde gegadigden die worden uitgenodigd tot deelneming

Artikel 66:

Beperking van het aantal inschrijvingen en oplossingen

Onderafdeling 3:

Gunning van de opdracht

Artikel 67:

Gunningscriteria

Artikel 68:

Levenscycluskosten

Artikel 69:

Abnormaal lage inschrijvingen

HOOFDSTUK IV:

Uitvoering van de opdracht

Artikel 70:

Voorwaarden waaronder de opdracht wordt uitgevoerd

Artikel 71:

Onderaanneming

Artikel 72:

Wijziging van opdrachten gedurende de looptijd

Artikel 73:

Beëindiging van opdrachten

TITEL III:

BIJZONDERE AANBESTEDINGSREGELINGEN

HOOFDSTUK I:

Sociale diensten en andere specifieke diensten

Artikel 74:

Gunning van opdrachten voor sociale en andere specifieke diensten

Artikel 75:

Bekendmaking van aankondigingen

Artikel 76:

Beginselen van het gunnen van overheidsopdrachten

Artikel 77:

Voorbehouden opdrachten voor bepaalde diensten

HOOFDSTUK II:

Regels inzake prijsvragen voor ontwerpen

Artikel 78:

Toepassingsgebied

Artikel 79:

Aankondigingen

Artikel 80:

Regels voor de organisatie van prijsvragen en de selectie van deelnemers

Artikel 81:

Samenstelling van de jury

Artikel 82:

Beslissingen van de jury

TITEL IV:

GOVERNANCE

Artikel 83:

Handhaving

Artikel 84:

Proces-verbalen van procedures voor het plaatsen van opdrachten

Artikel 85:

Nationale verslaglegging en statistische informatie

Artikel 86:

Administratieve samenwerking

TITEL V:

GEDELEGEERDE BEVOEGDHEDEN, UITVOERINGSBEVOEGDHEDEN EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 87:

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

Artikel 88:

Spoedprocedure

Artikel 89:

Comitéprocedure

Artikel 90:

Omzetting en overgangsbepalingen

Artikel 91:

Intrekkingen

Artikel 92:

Evaluatie

Artikel 93:

Inwerkingtreding

Artikel 94:

Adressaten

BIJLAGEN

BIJLAGE I

CENTRALE OVERHEIDSINSTANTIES

BIJLAGE II

LIJST VAN WERKZAAMHEDEN IN DE ZIN VAN ARTIKEL 2, LID 1, PUNT 6, ONDER a)

BIJLAGE III

LIJST VAN PRODUCTEN, ALS BEDOELD IN ARTIKEL 4, ONDER b), BETREFFENDE HET GUNNEN DOOR AANBESTEDENDE DIENSTEN VAN OPDRACHTEN OP HET GEBIED VAN DEFENSIE

BIJLAGE IV

EISEN TEN AANZIEN VAN INSTRUMENTEN EN MIDDELEN VOOR DE ELEKTRONISCHE ONTVANGST VAN INSCHRIJVINGEN, VERZOEKEN TOT DEELNAME OF PLANNEN EN ONTWERPEN BIJ PRIJSVRAGENVERZOEKEN TOT DEELNAME

BIJLAGE V

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN

Deel A:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN BEKENDMAKING VAN EEN VOORAANKONDIGING VIA EEN KOPERSPROFIEL MOETEN WORDEN OPGENOMEN

Deel B:

INLICHTINGEN DIE IN VOORAANKONDIGINGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 48)

Deel C:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN OPDRACHEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 49)

Deel D:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN GEGUNDE OPDRACHTEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 50)

Deel E:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN PRIJSVRAGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 79, lid 1)

Deel F:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN UITSLAGEN VAN PRIJSVRAGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 79, lid 2)

Deel G:

INLICHTINGEN DIE IN MEDEDELINGEN INZAKE WIJZIGING VAN EEN OPDRACHT GEDURENDE DE LOOPTIJD ERVAN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 72, lid 1)

Deel H:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN OPDRACHTEN TEN AANZIEN VAN OPDRACHTEN VOOR SOCIALE EN ANDERE SPECIFIEKE DIENSTEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 75, lid 1)

Deel I:

INLICHTINGEN DIE IN VOORAANKONDIGINGEN VOOR SOCIALE EN ANDERE SPECIFIEKE DIENSTEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 75, lid 1)

Deel J:

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN VAN GEGUNDE OPDRACHTEN TEN AANZIEN VAN OPDRACHTEN VOOR SOCIALE EN ANDERE SPECIFIEKE DIENSTEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN (als bedoeld in artikel 75, lid 2)

BIJLAGE VI

INLICHTINGEN DIE IN DE AANBESTEDINGSSTUKKEN MET BETREKKING TOT ELEKTRONISCHE VEILINGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN

BIJLAGE VII

DEFINITIE VAN ENKELE TECHNISCHE SPECIFICATIES

BIJLAGE VIII

SPECIFICATIES BETREFFENDE DE BEKENDMAKING

BIJLAGE IX

INHOUD VAN DE UITNODIGINGEN TOT INSCHRIJVING, TOT DEELNEMING AAN DE DIALOOG OF TOT BEVESTIGING VAN DE BELANGSTELLING ALS BEDOELD IN ARTIKEL 54

BIJLAGE X

LIJST VAN INTERNATIONALE SOCIALE EN MILIEUOVEREENKOMSTEN, ALS BEDOELD IN ARTIKEL 18, LID 2

BIJLAGE XI

REGISTERS

Bijlage XII

BEWIJSMIDDELEN VOOR SELECTIECRITERIA

BIJLAGE XIII

LIJST VAN DE IN ARTIKEL 68, LID 3, BEDOELDE UNIEWETGEVING

BIJLAGE XIV

DIENSTEN BEDOELD IN ARTIKEL 74

BIJLAGE XV

CONCORDANTIETABEL



TITEL I

TOEPASSINGSGEBIED, DEFINITIES EN ALGEMENE BEGINSELEN



HOOFDSTUK I

Toepassingsgebied en definities



Hoofdstuk I

Onderwerp en definities

Artikel 1

Onderwerp en toepassingsgebied

1.
Bij deze richtlijn worden regels vastgesteld betreffende procedures voor aanbesteding door aanbestedende diensten met betrekking tot overheidsopdrachten en prijsvragen waarvan de geraamde waarde niet minder bedraagt dan de in artikel 4 vastgestelde drempels.
2.
Aanbesteding in de zin van deze richtlijn is de aankoop door middel van een overheidsopdracht van werken, leveringen of diensten door één of meer aanbestedende diensten van door deze aanbestedende diensten gekozen ondernemers, ongeacht of de werken, leveringen of diensten een openbare bestemming hebben of niet.
3.
De toepassing van deze richtlijn is onderworpen aan artikel 346 VWEU.
4.
Deze richtlijn doet niet af aan de vrijheid van de lidstaten om in overeenstemming met het Unierecht te bepalen wat zij onder diensten van algemeen economisch belang verstaan, hoe die diensten conform de regels inzake staatssteun moeten worden georganiseerd en gefinancierd, en aan welke specifieke verplichtingen die diensten moeten voldoen. Deze richtlijn doet evenmin af aan de beslissing van overheidsinstanties of, hoe en in welke mate zij taken van openbaar belang zelf wensen uit te voeren, overeenkomstig artikel 14 VWEU en Protocol nr. 26.
5.
Deze richtlijn is niet van invloed op de wijze waarop de lidstaten hun socialezekerheidsstelsels inrichten.
6.
Overeenkomsten, besluiten of andere rechtsinstrumenten waarbij de overdracht van bevoegdheden en verantwoordelijkheden tussen aanbestedende diensten of groepen van aanbestedende diensten met het oog op het verrichten van hun openbare taak georganiseerd wordt en die niet voorzien in vergoeding van contractuele prestaties, worden beschouwd als behorende tot de interne organisatie van de betrokken lidstaat en worden als zodanig door onderhavige richtlijn geheel onverlet gelaten.

Artikel 2

Definities

1.

Voor de toepassing van deze richtlijn gelden de volgende definities:

1.

„aanbestedende diensten” : de staats-, regionale en lokale overheidsinstanties, publiekrechtelijke instellingen of samenwerkingsverbanden bestaande uit één of meer van deze overheidsinstanties of één of meer van deze publiekrechtelijke instellingen;

2.

„centrale overheidsinstanties” : de aanbestedende diensten als vermeld in bijlage I, alsmede de instanties die hen zijn opgevolgd voor zover op nationaal niveau rectificaties of wijzigingen zijn aangebracht;

3.

„niet-centrale aanbestedende diensten” : alle aanbestedende diensten die geen centrale overheidsinstantie zijn;

4.

„publiekrechtelijke instellingen” :

instellingen die voldoen aan alle volgende kenmerken:

a)

zij zijn opgericht voor het specifieke doel te voorzien in andere behoeften van algemeen belang dan die van industriële of commerciële aard;

b)

zij bezitten rechtspersoonlijkheid, en

c)

zij worden merendeels door de staats-, regionale of lokale overheidsinstanties of andere publiekrechtelijke lichamen gefinancierd, of hun beheer staat onder toezicht van deze instanties of lichamen, of zij hebben een bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan waarvan de leden voor meer dan de helft door de staat, de regionale of lokale overheidsinstanties of andere publiekrechtelijke instellingen zijn aangewezen;

5.

„overheidsopdrachten” : schriftelijke overeenkomsten onder bezwarende titel die tussen één of meer ondernemers en één of meer aanbestedende diensten zijn gesloten en betrekking hebben op de uitvoering van werken, de levering van producten of de verlening van diensten;

6.

„overheidsopdrachten voor werken” :

overheidsopdrachten die betrekking hebben op een van de volgende:

a)

de uitvoering, of het ontwerp en de uitvoering, van werken die betrekking hebben op een van de in bijlage II bedoelde activiteiten;

b)

de uitvoering, of het ontwerp en de uitvoering, van een werk;

c)

het laten uitvoeren met welke middelen dan ook van een werk dat voldoet aan de eisen van de aanbestedende dienst die een beslissende invloed uitoefent op het soort werk en het ontwerp van het werk;

7.

„een werk” : het product van een geheel van bouwkundige of civieltechnische werken dat ertoe bestemd is als zodanig een economische of technische functie te vervullen;

8.

„overheidsopdrachten voor leveringen” : overheidsopdrachten die betrekking hebben op de aankoop, leasing, huur of huurkoop, met of zonder koopoptie, van producten. Als overheidsopdracht voor leveringen kunnen worden beschouwd, als bijkomstig element, plaatsings- en installatiewerkzaamheden;

9.

„overheidsopdrachten voor diensten” : ►C1 overheidsopdrachten die betrekking hebben op het verlenen van andere diensten dan die bedoeld in punt 6;

10.

„ondernemer” : elke natuurlijke of rechtspersoon of openbaar lichaam, of een combinatie van deze personen en/of lichamen, met inbegrip van alle tijdelijke samenwerkingsverbanden van ondernemingen, die de uitvoering van werken en/of een werk, de levering van producten en of het verlenen van diensten op de markt aanbiedt;

11.

„inschrijver” : een ondernemer die een inschrijving heeft ingediend;

12.

„gegadigde” : een ondernemer die heeft verzocht om een uitnodiging, of is uitgenodigd, om deel te nemen aan een niet-openbare procedure, een mededingingsprocedure met onderhandeling, een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking, een concurrentiegerichte dialoog of een innovatiepartnerschap;

13.

„aanbestedingsstukken” : alle stukken die door de aanbestedende dienst worden opgesteld of vermeld ter omschrijving of bepaling van onderdelen van de aanbesteding of de procedure, met inbegrip van de aankondiging van opdracht, de vooraankondiging indien deze wordt gebruikt als oproep tot mededinging, de technische specificaties, het beschrijvende document, de voorgestelde contractvoorwaarden, formaten voor de aanbieding van documenten door gegadigden en inschrijvers, informatie over algemeen toepasselijke verplichtingen en alle aanvullende documenten;

14.

„gecentraliseerde aankoopactiviteiten” :

activiteiten die permanent plaatsvinden op een van de volgende wijzen:

a)

de verwerving van leveringen en/of diensten die bestemd zijn voor aanbestedende diensten;

b)

de gunning van overheidsopdrachten of de sluiting van raamovereenkomsten voor werken, leveringen of diensten die bestemd zijn voor aanbestedende diensten;

15.

„aanvullende aankoopactiviteiten” :

activiteiten die bestaan in het verlenen van ondersteuning aan aankoopactiviteiten, met name op de volgende wijzen:

a)

technische infrastructuur die aanbestedende diensten in staat stelt overheidsopdrachten te gunnen of raamovereenkomsten te sluiten voor werken, leveringen of diensten;

b)

adviesverlening over het verloop of de opzet van openbareaanbestedingsprocedures;

c)

voorbereiding en beheer van aanbestedingsprocedures namens en voor rekening van de betrokken aanbestedende dienst;

16.

„aankoopcentrale” : aanbestedende dienst die gecentraliseerde aankoopactiviteiten en eventueel aanvullende aankoopactiviteiten verricht;

17.

„aanbieder van aanbestedingsdiensten” : een openbare of particuliere instantie die aanvullende aankoopactiviteiten op de markt aanbiedt;

18.

„schriftelijk” : elk uit woorden of cijfers bestaand geheel dat kan worden gelezen, gereproduceerd en vervolgens meegedeeld, met inbegrip van informatie die via elektronische middelen wordt overgebracht en opgeslagen;

19.

„elektronisch middel” : elektronische apparatuur voor verwerking (met inbegrip van digitale compressie) en opslag van gegevens die worden verspreid, overgebracht en ontvangen door draden, straalverbindingen, optische middelen of andere elektromagnetische middelen;

20.

„levenscyclus” : alle opeenvolgende en/of onderling verbonden stadia, waaronder uit te voeren onderzoek en ontwikkeling, productie, handel en handelsvoorwaarden, vervoer, gebruik en onderhoud, in het bestaan van het product of werk of het verlenen van een dienst, gaande van de verkrijging van de grondstof of de opwekking van hulpbronnen tot de verwijdering, de opruiming en „end-of-service”- fase of de „end-of-utilisation”-fase

21.

„prijsvragen” : procedures die tot doel hebben de aanbestedende dienst, in het bijzonder op het gebied van ruimtelijke ordening, stadsplanning, architectuur en weg- en waterbouw, of op het gebied van automatische gegevensverwerking, een plan of ontwerp te verschaffen dat op basis van mededinging door een jury wordt geselecteerd, al dan niet met toekenning van prijzen;

22.

„innovatie” : de toepassing van een nieuw of aanmerkelijk verbeterd product, een nieuwe of aanmerkelijke verbeterde dienst of een nieuw of aanmerkelijk verbeterd proces, waaronder, maar niet beperkt tot productie-, bouw- of constructieprocessen, een nieuwe verkoopmethode of een nieuwe organisatiemethode in de bedrijfsvoering, organisatie op de werkvloer of de externe betrekkingen onder meer om maatschappelijke problemen te helpen oplossen dan wel om de Europa 2020-strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei te ondersteunen;

23.

„keurmerk” : ieder document, certificaat of getuigschrift dat bevestigt dat de werken, producten, diensten, processen of procedures in kwestie aan bepaalde eisen voldoen;

24.

„keurmerkeis(en)” : de voorschriften waaraan de producten, diensten, processen of procedures in kwestie moeten voldoen om het betrokken keurmerk te verkrijgen.

2.
Voor de toepassing van dit artikel vallen onder „regionale overheidsinstanties” instanties die niet-limitatief zijn opgenomen in de lijst van NUTS 1 en 2, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad (1), en vallen onder „lokale overheidsinstanties” alle instanties van de bestuurlijke eenheden die onder NUTS 3 vallen en kleinere bestuurlijke eenheden, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1059/2003.

Artikel 3

Gemengde aanbesteding

1.
Lid 2 is van toepassing op gemengde opdrachten die betrekking hebben op verschillende onder deze richtlijn vallende soorten aanbestedingen.

De leden 3 tot en met 5 zijn van toepassing op gemengde opdrachten die betrekking hebben op aanbestedingen die onder deze richtlijn, en aanbestedingen die onder een ander juridisch kader vallen.

2.
Opdrachten die betrekking hebben op twee of meer soorten aanbestedingen (van werken, leveringen of diensten) worden gegund overeenkomstig de bepalingen die van toepassing zijn op het type van aanbesteding dat past bij het hoofdvoorwerp van de betrokken opdracht.

In het geval van gemengde opdrachten die ten dele betrekking hebben op diensten in de zin van hoofdstuk I van titel III en ten dele op andere diensten, of gemengde opdrachten die ten dele uit diensten en ten dele uit leveringen bestaan, wordt het hoofdvoorwerp bepaald volgens welke geraamde waarde van de respectieve diensten of leveringen de hoogste is.

3.
Indien de verschillende onderdelen van een bepaalde opdracht objectief gezien deelbaar zijn, is lid 4 van toepassing. Indien de verschillende onderdelen van een bepaalde opdracht objectief gezien niet deelbaar zijn, is lid 6 van toepassing.

Wanneer een bepaald onderdeel van een opdracht onder artikel 346 VWEU of Richtlijn 2009/81/EG valt, is artikel 16 van deze richtlijn van toepassing.

4.
In het geval van opdrachten die zowel betrekking hebben op aanbestedingen die onder deze richtlijn vallen als op aanbestedingen die niet onder deze richtlijn vallen, kunnen de aanbestedende diensten besluiten om voor de afzonderlijke onderdelen afzonderlijke opdrachten te plaatsen, of om één opdracht te plaatsen. Wanneer de aanbestedende diensten besluiten afzonderlijke opdrachten voor afzonderlijke delen te plaatsen, wordt het besluit betreffende het juridisch kader dat voor elk van de afzonderlijke opdrachten moet gelden, genomen op grond van de kenmerken van het betrokken afzonderlijke deel.

Wanneer de aanbestedende diensten besluiten één opdracht te plaatsen, is deze richtlijn, tenzij in artikel 16 anders is bepaald, van toepassing op de daaruit voortvloeiende gemengde opdracht, ongeacht de waarde van de onderdelen die anders onder een ander juridisch kader zouden vallen, en ongeacht het juridisch kader die anders voor die onderdelen had gegolden.

In het geval van gemengde opdrachten die elementen van opdrachten voor leveringen, werken en diensten en van concessies bevatten, wordt de gemengde opdracht dus geplaatst overeenkomstig deze richtlijn, mits de geraamde waarde van het deel van de opdracht dat een onder deze richtlijn vallende opdracht vormt, berekend overeenkomstig artikel 5, ten minste gelijk is aan de toepasselijke drempel die in artikel 4 is vastgelegd.

5.
In het geval van opdrachten die zowel betrekking hebben op aanbestedingen die onder deze richtlijn vallen als op aanbestedingen voor de uitoefening van een activiteit waarop Richtlijn 2014/25/EU van toepassing is, worden de toepasselijke regels, niettegenstaande lid 4 van dit artikel, vastgesteld overeenkomstig de artikelen 5 en 6 van Richtlijn 2014/25/EU.
6.
Indien de verschillende onderdelen van een bepaalde opdracht objectief gezien niet deelbaar zijn, wordt het toepasselijke juridische kader bepaald door het hoofdvoorwerp van die opdracht.



Afdeling 2

Drempels

Artikel 4

Drempelbedragen

Deze richtlijn is van toepassing op opdrachten waarvan de geraamde waarde exclusief belasting over de toegevoegde waarde (btw) gelijk is aan of groter dan de volgende drempelbedragen:

a)

►M4 5 382 000 EUR voor overheidsopdrachten voor werken;

b)

►M4 140 000 EUR voor overheidsopdrachten voor leveringen en voor diensten gegund door aanbestedende diensten die centrale overheidsinstanties zijn, en voor door deze instanties georganiseerde prijsvragen; wat betreft overheidsopdrachten voor leveringen afkomstig van aanbestedende diensten die op het gebied van defensie werkzaam zijn, geldt deze drempel alleen voor opdrachten betreffende producten die onder bijlage III vallen;

c)

►M4 215 000 EUR voor overheidsopdrachten voor leveringen en voor diensten gegund door niet-centrale aanbestedende diensten en voor door deze diensten georganiseerde prijsvragen; deze drempel is ook van toepassing op overheidsopdrachten voor leveringen die gegund zijn door op defensiegebied werkzame centrale overheidsinstanties en betrekking hebben op producten welke niet onder bijlage III vallen;

d)

750 000 EUR voor overheidsopdrachten voor sociale en andere specifieke diensten in de zin van bijlage XIV.

Artikel 5

Methoden voor de berekening van de geraamde waarde van een opdracht

1.
De berekening van de geraamde waarde van een opdracht is gebaseerd op het totale bedrag, exclusief btw, zoals geraamd door de aanbestedende dienst, met inbegrip van de eventuele opties en eventuele verlengingen van de opdrachten zoals uitdrukkelijk vermeld in de aanbestedingsstukken.

Ingeval de aanbestedende dienst voorziet in prijzengeld of betalingen aan gegadigden of inschrijvers, berekent hij deze door in de geraamde waarde van de aanbesteding.

2.
Indien een aanbestedende dienst uit afzonderlijke operationele eenheden bestaat, wordt de geraamde totale waarde van deze eenheden in beschouwing genomen.

Niettegenstaande de eerste alinea kunnen, indien een afzonderlijke operationele eenheid zelfstandig verantwoordelijk is voor zijn aanbestedingen of bepaalde categorieën daarvan, de waarden op het niveau van elke operationele eenheid worden geraamd.

3.
De keuze van de methode voor de berekening van de geraamde waarde van een aanbesteding mag niet bedoeld zijn om de opdracht buiten het toepassingsgebied van de richtlijn te houden. Eén aanbesteding mag derhalve niet worden gesplitst om deze buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn te laten, tenzij objectieve redenen dit rechtvaardigen.
4.
Deze geraamde waarde is geldig op het tijdstip waarop de oproep tot mededinging wordt verzonden of, in gevallen waarin niet in een dergelijke oproep tot mededinging is voorzien, op het tijdstip waarop de aanbestedingsprocedure voor de aanbestedende dienst aanvangt, bijvoorbeeld, in voorkomend geval, wanneer contact wordt gezocht met ondernemers in verband met de aanbesteding.
5.
Bij de berekening van de waarde van een raamovereenkomst of een dynamisch aankoopsysteem wordt uitgegaan van de geraamde maximale waarde, exclusief btw, van alle voor de totale duur van de overeenkomst of het dynamisch aankoopsysteem voorgenomen opdrachten.
6.
Bij de berekening van de waarde van een innovatiepartnerschap wordt uitgegaan van de geraamde maximale waarde, exclusief btw, van de onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten die zullen plaatsvinden in alle stadia van het voorgenomen partnerschap, alsmede van de leveringen, diensten of werken die aan het einde van het voorgenomen partnerschap zullen worden ontwikkeld en verworven.
7.
In het geval van overheidsopdrachten voor werken wordt, bij de berekening van de geraamde waarde, de waarde van de werken in aanmerking genomen, alsmede de geraamde totale waarde van de voor de uitvoering van het werk noodzakelijke goederen en diensten die door de aanbestedende dienst ter beschikking van de opdrachtnemer zijn gesteld.
8.
Indien een voorgenomen werk of een voorgenomen aankoop van diensten aanleiding kan geven tot opdrachten die in afzonderlijke percelen worden geplaatst, wordt de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag genomen.

Wanneer de samengetelde waarde van de percelen gelijk is aan of groter is dan het in artikel 4 bepaalde drempelbedrag, is deze richtlijn op de plaatsing van elk perceel van toepassing.

9.
Wanneer een voorgenomen verkrijging van soortgelijke leveringen aanleiding kan geven tot opdrachten die in afzonderlijke percelen worden gegund, wordt de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag genomen voor de toepassing van artikel 4, onder b) en c).

Indien de samengetelde waarde van de percelen gelijk is aan of groter is dan het in artikel 4 bepaalde drempelbedrag, is deze richtlijn op de plaatsing van elk perceel van toepassing.

10.
Niettegenstaande de leden 8 en 9, kunnen aanbestedende diensten opdrachten voor afzonderlijke percelen plaatsen zonder de in deze richtlijn bedoelde procedures toe te passen, mits de geraamde waarde, exclusief btw, van het betrokken perceel kleiner is dan 80 000 EUR voor leveringen of diensten of 1 miljoen EUR voor werken. De samengetelde waarde van de aldus zonder toepassing van deze richtlijn gegunde percelen mag echter niet meer bedragen dan 20 % van de samengetelde waarde van alle percelen waarin het voorgenomen werk, de voorgenomen verwerving van soortgelijke leveringen of de voorgenomen aankoop van diensten is verdeeld.
11.

In het geval van overheidsopdrachten voor leveringen of voor diensten die met een zekere regelmaat worden verleend of die bestemd zijn om binnen een bepaalde termijn te worden hernieuwd, wordt voor de berekening van de geraamde waarde van de opdracht de volgende grondslag genomen:

a)

de totale reële waarde van de tijdens het voorafgaande boekjaar of tijdens de voorafgaande twaalf maanden gegunde soortgelijke opeenvolgende opdrachten, indien mogelijk gecorrigeerd voor verwachte wijzigingen in hoeveelheid of waarde gedurende de twaalf maanden volgende op de eerste opdracht;

b)

of de totale geraamde waarde van de opeenvolgende opdrachten die gegund zijn gedurende de twaalf maanden volgende op de eerste levering, of gedurende het boekjaar, indien dit zich over meer dan twaalf maanden uitstrekt.

12.

In het geval van overheidsopdrachten voor leveringen die betrekking hebben op leasing, huur, of huurkoop van producten wordt voor de berekening van de geraamde waarde van de opdracht de volgende grondslag genomen:

a)

bij overheidsopdrachten met een vaste looptijd, de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd indien deze ten hoogste twaalf maanden bedraagt, dan wel de totale waarde indien de looptijd meer dan twaalf maanden bedraagt, met inbegrip van de geraamde restwaarde;

b)

bij overheidsopdrachten voor onbepaalde tijd of waarvan de looptijd niet kan worden bepaald, het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.

13.

In het geval van overheidsopdrachten voor diensten wordt voor de berekening van de geraamde waarde van de opdracht de volgende grondslag genomen:

a)

verzekeringsdiensten: de te betalen premie en andere vormen van beloning;

b)

bankdiensten en andere financiële diensten: te betalen honoraria, provisies en rente, alsmede andere vormen van beloning;

c)

opdrachten betreffende een ontwerp: te betalen honoraria, provisies en andere vormen van vergoeding.

14.

In het geval van overheidsopdrachten voor diensten waarvoor geen totale prijs is vermeld, wordt voor de berekening van de geraamde waarde van de opdracht de volgende grondslag genomen:

a)

bij opdrachten met een vaste looptijd die gelijk is aan of korter is dan 48 maanden: de totale waarde voor de gehele looptijd;

b)

bij opdrachten voor onbepaalde tijd of waarvan de looptijd langer is dan 48 maanden: de maandelijkse waarde vermenigvuldigd met 48.

Artikel 6

Herziening van de drempels en van de lijst van de centrale overheidsinstanties

1.
Vanaf 30 juni 2013 worden de in artikel 4, onder a), b) en c), vastgestelde drempels om de twee jaar door de Commissie gecontroleerd op overeenstemming met de in de Overeenkomst van de Wereldhandelsorganisatie inzake overheidsopdrachten („GPA-overeenkomst”) vastgestelde drempels, en worden in voorkomend geval aangepast overeenkomstig dit artikel.

Overeenkomstig de in de GPA-overeenkomst vastgestelde berekeningsmethode berekent de Commissie de waarde van deze drempels op basis van de gemiddelde dagwaarde van de euro uitgedrukt in bijzondere trekkingsrechten (BTR), over een periode van 24 maanden die eindigt op de 31e augustus voorafgaande aan de datum van 1 januari waarop de herziening ingaat. De waarde van de aldus herziene drempels in euro wordt zo nodig naar beneden afgerond op het naaste veelvoud van duizend euro, met dien verstande dat de in de GPA-overeenkomst bepaalde drempels, uitgedrukt in bijzondere trekkingsrechten, worden nageleefd.

2.

Bij de in lid 1 van dit artikel genoemde herziening herziet de Commissie tevens:

a)

de in artikel 13, eerste alinea, onder a), vastgestelde drempels, die zij in overeenstemming brengt met de herziene drempel voor overheidsopdrachten voor werken;

b)

de in artikel 13, eerste alinea, onder b), vastgestelde drempels, die zij in overeenstemming brengt met de herziene drempel voor overheidsopdrachten voor diensten van niet-centrale aanbestedende diensten.

3.
Om de twee jaar vanaf 1 januari 2014 bepaalt de Commissie de waarde in de nationale valuta van de lidstaten die niet de euro als munt hebben, van de in artikel 4, onder a), b) en c), genoemde drempels die overeenkomstig lid 1 van dit artikel zijn herzien.

Tegelijkertijd bepaalt de Commissie de waarde in de nationale valuta van de lidstaten die niet de euro als munt hebben, van de in artikel 4, onder d), genoemde drempel.

Volgens de in de GPA-overeenkomst vastgestelde berekeningsmethode worden deze waarden bepaald op basis van de gemiddelde dagwaarde van de valuta, overeenstemmend met de toepasselijke drempel uitgedrukt in euro over een periode van 24 maanden die eindigt op de 31e augustus voorafgaande aan de herziening die op 1 januari ingaat.

4.
De Commissie maakt de in lid 1 bedoelde herziene drempels, hun tegenwaarde in de nationale valuta, bedoeld in lid 3, eerste alinea, en de waarde vastgesteld overeenkomstig lid 3, tweede alinea, bekend in het Publicatieblad van de Europese Unie aan het begin van de maand november volgend op de herziening ervan.
5.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen, houdende aanpassing van de in lid 1, tweede alinea, van dit artikel bepaalde methode aan elke verandering van de in de GPA-overeenkomst vastgestelde methode voor de herziening van de in artikel 4, onder a), b) en c), genoemde drempels en voor de vaststelling van de tegenwaarde in de nationale valuta van de lidstaten die niet de euro als munt hebben, zoals bedoeld in lid 3 van dit artikel.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen, houdende herziening van de in artikel 4, onder a), b) en c), genoemde drempels overeenkomstig lid 1 van dit artikel, alsmede houdende herziening van de in artikel 13, eerste alinea, onder a) en b), genoemde drempels overeenkomstig lid 2 van dit artikel.

6.
Indien in dit geval de in artikel 4, onder a), b) en c), genoemde drempels en de in artikel 13, eerste alinea, onder a) en b), genoemde drempels moeten worden herzien en wegens tijdsdruk de in artikel 87 beschreven procedure niet kan worden gevolgd, om dwingende redenen van urgentie vereist is, is de in artikel 88 neergelegde procedure van toepassing op overeenkomstig de tweede alinea van lid 5 van dit artikel vastgestelde gedelegeerde handelingen.
7.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van bijlage I om na kennisgevingen door lidstaten de lijst van aanbestedende diensten bij te werken, wanneer deze wijzigingen noodzakelijk zijn om aanbestedende diensten juist te identificeren.



Afdeling 3

Uitsluitingen

Artikel 7

Opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen die in het kader van Richtlijn 2014/25/EU worden geplaatst of uitgeschreven door aanbestedende diensten welke één of meer van de in de artikelen 8 tot en met 14 van die richtlijn bedoelde activiteiten uitoefenen en die voor de uitvoering van deze activiteiten worden gegund, noch op overheidsopdrachten die op grond van de artikelen 18, 23 en 34 van die richtlijn buiten het toepassingsgebied ervan zijn gelaten, noch, indien gegund door een aanbestedende dienst die postdiensten in de zin van artikel 13, lid 2, onder b), van die richtlijn verleent, op opdrachten die worden gegund voor de uitvoering van de volgende activiteiten:

a)

diensten met een toegevoegde waarde die verband houden met en volledig worden geleverd via elektronische middelen (met inbegrip van de beveiligde overdracht van gecodeerde documenten via elektronische middelen, adresbeheerdiensten en het doorzenden van geregistreerde elektronische post);

b)

financiële diensten die vallen onder de CPV-codes met referentienummers 66100000-1 tot en met 66720000-3 en onder artikel 21, onder d), van Richtlijn 2014/25/EU en met inbegrip van in het bijzonder postwissels en giro-overschrijvingen;

c)

filateliediensten, of

d)

logistieke diensten (diensten waarbij fysieke levering en/of opslag gecombineerd worden met niet-postale diensten).

Artikel 8

Specifieke uitsluitingen op het gebied van elektronische communicatie

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen die in hoofdzaak tot doel hebben de aanbestedende diensten in staat te stellen openbare communicatienetwerken beschikbaar te stellen of te exploiteren of aan het publiek één of meer elektronischecommunicatiediensten te verlenen.

In dit artikel hebben de begrippen „openbaar communicatienetwerk” en „elektronischecommunicatiedienst” dezelfde betekenis als in Richtlijn 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad (2).

Artikel 9

Overheidsopdrachten en prijsvragen op grond van internationale voorschriften

1.

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten of prijsvragen die de aanbestedende dienst verplicht is te plaatsen of uit te schrijven overeenkomstig andere aanbestedingsprocedures dan die van deze richtlijn, en waarin is voorzien bij:

a)

een overeenkomstig de Verdragen tot stand gekomen juridisch instrument dat internationaalrechtelijke verplichtingen schept, zoals een internationale overeenkomst tussen een lidstaat en één of meer derde landen of deelgebieden daarvan met betrekking tot werken, leveringen of diensten die bestemd zijn voor de gezamenlijke verwezenlijking of exploitatie van een project door de ondertekenende staten;

b)

een internationale organisatie.

De lidstaten melden alle juridische instrumenten, bedoeld in punt a) van de eerste alinea van dit lid, aan de Commissie, die het in artikel 89 genoemde Raadgevend Comité inzake overheidsopdrachten kan raadplegen.

2.
Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen die door de aanbestedende dienst volgens de aanbestedingsregels van een internationale organisatie of internationale financiële instelling worden geplaatst of uitgeschreven en volledig door deze organisatie of instelling worden gefinancierd; in het geval van overheidsopdrachten en prijsvragen die voor het grootste deel door een internationale organisatie of een internationale financiële instelling gefinancierd worden, komen de partijen overeen welke aanbestedingsprocedures worden toegepast.
3.
Artikel 17 is van toepassing op opdrachten en prijsvragen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn en die overeenkomstig internationale regels worden geplaatst of uitgeschreven. De leden 1 en 2 van dit artikel zijn niet van toepassing op deze opdrachten en prijsvragen.

Artikel 10

Specifieke uitsluitingen voor opdrachten voor diensten

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten voor diensten betreffende:

a)

de verwerving of huur, ongeacht de financiële modaliteiten ervan, van grond, bestaande gebouwen of andere onroerende zaken of betreffende de rechten hierop;

b)

de aankoop, de ontwikkeling, de productie of de coproductie van programmamateriaal bestemd voor audiovisuele mediadiensten of radio-omroepdiensten, die worden gegund door aanbieders van audiovisuele mediadiensten of radio-omroepdiensten, of opdrachten betreffende zendtijd of betreffende de levering van programma’s die worden gegund aan aanbieders van audiovisuele mediadiensten of radio-omroepdiensten. In dit punt wordt onder „audiovisuele mediadiensten” en „aanbieders van mediadiensten” respectievelijk verstaan, de definitie in artikel 1, lid 1, onder a) en d), van Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad (3). „Programma” beantwoordt aan de definitie in artikel 1, lid 1, onder b), van die richtlijn, maar omvat ook radioprogramma’s en radioprogrammamateriaal. Voorts wordt voor de toepassing van deze bepaling onder „programmamateriaal” hetzelfde verstaan als onder „programma”;

c)

arbitrage- en bemiddelingsdiensten;

d)

een van de hierna genoemde rechtskundige diensten:

i)

vertegenwoordiging in rechte van een cliënt door een advocaat in de zin van artikel 1 van Richtlijn 77/249/EEG van de Raad (4):

in een arbitrage- of bemiddelingsprocedure in een lidstaat, een derde land of voor een internationale arbitrage- of bemiddelingsinstantie, of
in een procedure voor een rechter of overheidsinstantie van een lidstaat of een derde land of voor een internationale rechter of instantie;
ii)

juridisch advies dat wordt gegeven ter voorbereiding van de procedures als bedoeld in punt i) van dit punt, of indien er concrete aanwijzingen zijn en er een grote kans bestaat dat over de kwestie waarop het advies betrekking heeft, een dergelijke procedure zal worden gevoerd, mits het advies door een advocaat is gegeven in de zin van artikel 1 van Richtlijn 77/249/EEG;

iii)

het waarmerken en voor echt verklaren van documenten door een notaris;

iv)

juridische dienstverlening door trustees (beheerders) of aangewezen voogden, en andere juridische dienstverlening waarvan de aanbieders door een rechterlijke instantie van de betrokken lidstaat, of van rechtswege, aangewezen zijn om specifieke taken te verrichten onder toezicht van die rechterlijke instanties;

v)

andere rechtskundige diensten die in de betrokken lidstaat al dan niet incidenteel verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag;

e)

financiële diensten betreffende de uitgifte, de aankoop, de verkoop en de overdracht van effecten of andere financiële instrumenten, in de zin van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad (5), alsmede door de centrale banken verleende diensten en activiteiten die zijn uitgevoerd in het kader van de Europese faciliteit voor financiële stabiliteit en het Europees stabiliteitsmechanisme;

f)

leningen, al dan niet in samenhang met de uitgifte, de aankoop, de verkoop of de overdracht van effecten of andere financiële instrumenten;

g)

arbeidsovereenkomsten;

h)

diensten inzake civiele verdediging, civiele bescherming en risicopreventie die worden verleend door non-profitorganisaties en -verenigingen en onder de CPV-codes vallen 75250000-3, 75251000-0, 75251100-1, 75251110-4, 75251120-7, 75252000-7, 75222000-8, 98113100-9 en 85143000-3 behalve ziekenvervoer per ambulance;

i)

openbaar personenvervoer per trein of metro;

j)

opdrachten voor diensten inzake politieke campagnes die onder de volgende CPV-codes vallen: 79341400-0, 92111230-3 en 92111240-6, indien gegund door een politieke partij in het kader van een verkiezingscampagne.

Artikel 11

Op basis van een alleenrecht gegunde opdrachten voor diensten

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten voor diensten die door een aanbestedende dienst worden gegund aan een andere aanbestedende dienst of aan een samenwerkingsverband van aanbestedende diensten op basis van een alleenrecht dat deze uit hoofde van met het VWEU verenigbare, wettelijke of bekendgemaakte bestuursrechtelijke bepalingen genieten.

Artikel 12

Overheidsopdrachten tussen entiteiten in de overheidssector

1.

Een overheidsopdracht die door een aanbestedende dienst aan een andere privaat- of publiekrechtelijke rechtspersoon wordt gegund, valt buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de aanbestedende dienst oefent op die rechtspersoon toezicht uit zoals op zijn eigen diensten;

b)

meer dan 80 % van de activiteiten van de gecontroleerde rechtspersoon wordt uitgeoefend in de vorm van taken die hem zijn toegewezen door de controlerende aanbestedende dienst of door andere, door diezelfde aanbestedende dienst gecontroleerde rechtspersonen, en

c)

er is geen directe participatie van privékapitaal in de gecontroleerde rechtspersoon, ►C1 met uitzondering van geen controlerende of blokkerende macht opleverende vormen van participatie van privékapitaal, vereist krachtens de nationale regelgeving, in overeenstemming met de verdragen, die geen beslissende invloed uitoefenen op de gecontroleerde rechtspersoon.

Een aanbestedende dienst wordt geacht op een rechtspersoon toezicht zoals op zijn eigen diensten uit te oefenen in de zin van de eerste alinea, onder a), indien hij zowel op strategische doelstellingen als op belangrijke beslissingen van de gecontroleerde rechtspersoon een beslissende invloed uitoefent. Dit toezicht kan ook worden uitgeoefend door een andere rechtspersoon, die zelf op dezelfde wijze door de aanbestedende dienst wordt gecontroleerd.

▼C2

2.
Lid 1 is eveneens van toepassing wanneer een gecontroleerde rechtspersoon die een aanbestedende dienst is, een opdracht gunt aan zijn aanbestedende dienst of aan een andere rechtspersoon die door dezelfde aanbestedende dienst wordt gecontroleerd, mits er geen directe participatie van privékapitaal is in de rechtspersoon aan wie de overheidsopdracht wordt gegund, met uitzondering van geen controlerende of blokkerende macht opleverende vormen van participatie van privékapitaal, vereist krachtens de nationale wet- en regelgeving, in overeenstemming met de Verdragen, die geen beslissende invloed uitoefenen op de gecontroleerde rechtspersoon.

▼B

3.

Een aanbestedende dienst die op een privaat- of publiekrechtelijke rechtspersoon geen controle uitoefent in de zin van lid 1, kan niettemin zonder deze richtlijn toe te passen een overheidsopdracht gunnen aan die rechtspersoon, indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de aanbestedende dienst oefent samen met andere aanbestedende diensten op die rechtspersoon toezicht uit zoals op hun eigen diensten;

b)

meer dan 80 % van de activiteiten van die rechtspersoon behelst de uitvoering van taken die haar zijn toegewezen door de controlerende aanbestedende diensten of door andere, door diezelfde aanbestedende diensten gecontroleerde rechtspersonen, en

c)

er is geen directe participatie van privékapitaal in de gecontroleerde rechtspersoon, ►C1 met uitzondering van geen controlerende of blokkerende macht opleverende vormen van participatie van privékapitaal, vereist krachtens de nationale wet- en regelgeving, in overeenstemming met de verdragen, die geen beslissende invloed uitoefenen op de gecontroleerde rechtspersoon.

Voor de toepassing van punt a) van de eerste alinea oefenen de aanbestedende diensten gezamenlijk toezicht uit over een rechtspersoon indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

i)

de besluitvormingsorganen van de gecontroleerde rechtspersoon zijn samengesteld uit vertegenwoordigers van alle deelnemende aanbestedende diensten; individuele vertegenwoordigers kunnen verscheidene of alle deelnemende aanbestedende diensten vertegenwoordigen;

ii)

deze aanbestedende diensten zijn in staat gezamenlijk beslissende invloed uit te oefenen op de strategische doelstellingen en belangrijke beslissingen van de gecontroleerde rechtspersoon, en

iii)

de gecontroleerde rechtspersoon streeft geen belangen na die in strijd zijn met de belangen van de controlerende aanbestedende diensten.

4.

Een opdracht die uitsluitend tussen twee of meer aanbestedende diensten wordt gegund valt buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn wanneer aan elk van de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

a)

de opdracht voorziet in of geeft uitvoering aan samenwerking tussen de deelnemende aanbestedende diensten om te bewerkstelligen dat de openbare diensten die zij moeten uitvoeren, worden verleend met het oog op de verwezenlijking van hun gemeenschappelijke doelstellingen;

b)

de invulling van die samenwerking berust uitsluitend op overwegingen in verband met het openbaar belang, en

c)

de deelnemende aanbestedende diensten nemen op de open markt niet meer dan 20 % van de onder die samenwerking vallende activiteiten voor hun rekening.

5.
Het percentage van de activiteiten als bedoeld in lid 1, eerste alinea, onder b), lid 3, eerste alinea, onder b), en lid 4, onder c), wordt bepaald aan de hand van de gemiddelde totale omzet, of een geschikte alternatieve op activiteit gebaseerde maatstaf zoals de kosten die door de betrokken rechtspersoon of de aanbestedende dienst zijn gemaakt met betrekking tot diensten, leveringen en werken over de laatste drie jaren voorafgaand aan de gunning van de opdracht.

Wanneer in verband met de datum van oprichting van of aanvang van de bedrijfsactiviteiten van die rechtspersoon of aanbestedende dienst, of in verband met een reorganisatie van zijn activiteiten, de omzet of een alternatieve op activiteit gebaseerde maatstaf zoals gemaakte kosten, over de laatste drie jaren niet beschikbaar of niet langer relevant is, volstaat het om met name middels bedrijfsprognoses aan te tonen dat de meting van de activiteit aannemelijk is.



Afdeling 4

Specifieke situaties



Onderafdeling 1

Gesubsidieerde opdrachten en onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten

Artikel 13

Door aanbestedende diensten gesubsidieerde opdrachten

Deze richtlijn is van toepassing op het plaatsen van de volgende opdrachten:

a)

opdrachten voor werken die voor meer dan 50 % rechtstreeks door aanbestedende diensten worden gesubsidieerd en waarvan de geraamde waarde, exclusief btw, gelijk is aan of groter is dan ►M4 5 382 000 EUR, ingeval deze opdrachten betrekking hebben op een van de volgende activiteiten:

i)

civieltechnische werkzaamheden als genoemd in bijlage II,

ii)

bouwwerken voor ziekenhuizen, inrichtingen voor sportbeoefening, recreatie en vrijetijdsbesteding, school- en universiteitsgebouwen en gebouwen met een administratieve bestemming;

b)

opdrachten voor diensten die voor meer dan 50 % rechtstreeks door aanbestedende diensten worden gesubsidieerd, waarvan de geraamde waarde, exclusief btw, gelijk is aan of groter is dan ►M4 215 000 EUR en die verband houden met een opdracht voor werken als bedoeld onder a).

De aanbestedende diensten die de subsidies in de zin van de eerste alinea, onder a) en b), toekennen, zorgen ervoor dat deze richtlijn wordt nageleefd indien zij de opdracht niet zelf gunnen of hem in naam van en voor rekening van andere instanties gunnen.

Artikel 14

Onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten

Deze richtlijn is uitsluitend van toepassing op overheidsopdrachten voor diensten van onderzoek en ontwikkeling die vallen onder de CPV-codes 73000000-2 tot en met 73120000-9, 73300000-5, 73420000-2 en 73430000-5, mits aan de beide volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de baten komen uitsluitend toe aan de aanbestedende dienst voor gebruik ervan in de uitoefening van zijn eigen werkzaamheden, en

b)

de verleende dienst wordt volledig door de aanbestedende dienst betaald.



Onderafdeling 2

Aanbestedingen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn

Artikel 15

Defensie en veiligheid

1.

Deze richtlijn is van toepassing op het plaatsen van overheidsopdrachten en op het uitschrijven van prijsvragen op defensie- en veiligheidsgebied, met uitzondering van:

a)

opdrachten die binnen het toepassingsgebied van Richtlijn 2009/81/EG vallen;

b)

opdrachten waarop Richtlijn 2009/81/EG krachtens de artikelen 8, 12 en 13 daarvan niet van toepassing is.

2.
Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen die niet anderszins op grond van lid 1 zijn uitgezonderd, voor zover de bescherming van de essentiële veiligheidsbelangen van een lidstaat niet kan worden gewaarborgd door minder ingrijpende maatregelen, bijvoorbeeld door eisen te stellen ter bescherming van het vertrouwelijke karakter van de informatie die de aanbestedende dienst in een aanbestedingsprocedure overeenkomstig deze richtlijn beschikbaar stelt.

Voorts is deze richtlijn overeenkomstig artikel 346, lid 1, onder a), VWEU, niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen die niet anderszins op grond van lid 1 van dit artikel zijn uitgezonderd, voor zover de toepassing van deze richtlijn een lidstaat ertoe zou verplichten informatie ter beschikking te stellen waarvan hij de openbaarmaking in strijd acht met zijn essentiële veiligheidsbelangen.

3.
Wanneer de aanbesteding en de uitvoering van de overheidsopdracht of prijsvraag geheim zijn verklaard of overeenkomstig de in een lidstaat geldende wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen gepaard moeten gaan met bijzondere veiligheidsmaatregelen, is deze richtlijn niet van toepassing, indien die lidstaat heeft besloten dat de essentiële belangen niet kunnen worden gewaarborgd met minder ingrijpende maatregelen, zoals die als bedoeld in lid 2, eerste alinea.

Artikel 16

Gemengde opdrachten waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn

1.
In het geval van gemengde opdrachten die zowel betrekking hebben op aanbestedingen die onder deze richtlijn vallen als op aanbestedingen die onder artikel 346 VWEU of Richtlijn 2009/81/EG vallen, is dit artikel van toepassing.
2.
Indien de verschillende onderdelen van een bepaalde overheidsopdracht objectief gezien deelbaar zijn, kunnen de aanbestedende diensten besluiten om voor de afzonderlijke onderdelen afzonderlijke opdrachten te gunnen, dan wel één algemene opdracht te gunnen.

Indien de aanbestedende diensten besluiten afzonderlijke opdrachten voor afzonderlijke delen te plaatsen, wordt het besluit betreffende de wettelijke regeling die voor elk van de afzonderlijke opdrachten moet gelden, genomen op grond van de kenmerken van het betreffende afzonderlijke deel.

Indien de aanbestedende diensten besluiten één algemene opdracht te plaatsen, gelden voor de bepaling van de toepasselijke wettelijke regeling de volgende criteria:

a)

wanneer een bepaald onderdeel van een opdracht onder artikel 346 VWEU valt, kan de opdracht zonder toepassing van deze richtlijn worden gegund, mits de gunning van één algemene opdracht op objectieve gronden gerechtvaardigd is;

b)

wanneer een bepaald onderdeel van een opdracht onder Richtlijn 2009/81/EG valt, kan de opdracht overeenkomstig die richtlijn worden gegund, mits de gunning van één algemene opdracht op objectieve gronden gerechtvaardigd is. Dit punt laat de drempels en uitzonderingen van die richtlijn onverlet.

Het besluit één algemene opdracht te plaatsen is evenwel niet bedoeld om opdrachten uit te zonderen van de toepassing van deze richtlijn of Richtlijn 2009/81/EG.

3.
Lid 2, derde alinea, onder a), is van toepassing op gemengde overheidsopdrachten waarop in andere gevallen punt a) en punt b) van die alinea van toepassing zouden kunnen zijn.
4.
Indien de verschillende onderdelen van een bepaalde opdracht objectief gezien niet deelbaar zijn, kan de opdracht zonder toepassing van deze richtlijn worden gegund indien zij elementen bevat waarop artikel 346 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing is; in andere gevallen kan zij overeenkomstig Richtlijn 2009/81/EG worden gegund.

Artikel 17

Overheidsopdrachten en prijsvragen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn en die overeenkomstig internationale regels worden gegund of uitgeschreven

1.

Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten of prijsvragen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn, die de aanbestedende dienst verplicht is te plaatsen of uit te schrijven overeenkomstig andere aanbestedingsprocedures dan die welke onder deze richtlijn vallen, en waarin is voorzien bij:

a)

►C1 een overeenkomstig de verdragen tot stand gekomen internationale overeenkomst of afspraak tussen een lidstaat en één of meer derde landen of deelgebieden daarvan met betrekking tot werken, leveringen of diensten die bestemd zijn voor de gezamenlijke verwezenlijking of exploitatie van een project door de ondertekenende staten;

b)

een internationale overeenkomst of regeling betreffende de legering van strijdkrachten die betrekking heeft op ondernemingen in een lidstaat of in een derde land;

c)

een internationale organisatie.

Alle overeenkomsten of regelingen, bedoeld in punt a) van de eerste alinea van dit lid, worden gemeld aan de Commissie, die het in artikel 89 genoemde Raadgevend Comité inzake overheidsopdrachten kan raadplegen.

2.
Deze richtlijn is niet van toepassing op overheidsopdrachten en prijsvragen waaraan defensie- of veiligheidsaspecten verbonden zijn, die door de aanbestedende dienst volgens de aanbestedingsregels van een internationale organisatie of internationale financiële instelling worden gegund en volledig door deze organisatie of instelling worden gefinancierd. In het geval van overheidsopdrachten en prijsvragen die voor het grootste deel mede door een internationale organisatie of een internationale financiële instelling gefinancierd worden, komen de partijen overeen welke aanbestedingsprocedures worden toegepast.



HOOFDSTUK II

Algemene regels

Artikel 18

Aanbestedingsbeginselen

1.
Aanbestedende diensten behandelen ondernemers op gelijke en niet-discriminerende wijze en handelen op een transparante en proportionele wijze.

Overheidsopdrachten worden niet opgesteld met het doel om deze uit te sluiten van het toepassingsgebied van de richtlijn of om de mededinging op kunstmatige wijze te beperken. De mededinging wordt geacht kunstmatig te zijn beperkt indien de aanbesteding is ontworpen met het doel bepaalde ondernemers ten onrechte te bevoordelen of te benadelen.

2.
De lidstaten nemen passende maatregelen om te waarborgen dat de ondernemers bij de uitvoering van de overheidsopdrachten voldoen aan de toepasselijke verplichtingen op het gebied van het milieu-, sociaal en arbeidsrecht uit hoofde van het Unierecht, nationale recht of collectieve arbeidsovereenkomsten of uit hoofde van de in bijlage X vermelde bepalingen van internationaal milieu-, sociaal en arbeidsrecht.

Artikel 19

Ondernemers

1.
Ondernemers die krachtens de wetgeving van de lidstaat waar zij zijn gevestigd, gerechtigd zijn de betrokken dienst te leveren, mogen niet worden afgewezen louter op grond van het feit dat zij krachtens de wetgeving van de lidstaat waar de opdracht wordt gegund, een natuurlijke persoon dan wel een rechtspersoon moeten zijn.

Met betrekking tot overheidsopdrachten voor diensten en werken alsmede overheidsopdrachten voor leveringen die bijkomende diensten of plaatsings- en installatiewerkzaamheden inhouden, kan van rechtspersonen echter worden geëist dat zij in de inschrijving of in het verzoek tot deelname de namen en de desbetreffende beroepskwalificaties vermelden van de personen die met de uitvoering van de opdracht worden belast.

2.
Combinaties van ondernemers, waaronder tijdelijke samenwerkingsverbanden, mogen deelnemen aan aanbestedingsprocedures. Een aanbestedende dienst kan niet eisen dat zij voor het indienen van een inschrijving of een verzoek tot deelname een bepaalde rechtsvorm aannemen.

Indien nodig kunnen aanbestedende diensten in de aanbestedingsstukken verduidelijken op welke wijze combinaties van ondernemers aan de vereisten op het gebied van economische en financiële draagkracht en technische en beroepsbekwaamheid als bedoeld in artikel 58 moeten voldoen, mits deze gerechtvaardigd zijn op basis van objectieve gronden en evenredig zijn. De lidstaten kunnen standaardvoorwaarden opstellen voor de wijze waarop combinaties van ondernemers aan deze eisen moeten voldoen.

Alle aan combinaties van ondernemers opgelegde voorwaarden voor uitvoering van een opdracht, die afwijkend zijn van de voorwaarden die aan individuele deelnemers zijn opgelegd, moeten eveneens op objectieve gronden berusten en dienen proportioneel te zijn.

3.
Niettegenstaande lid 2 mogen aanbestedende diensten van groepen van ondernemingen eisen dat zij een bepaalde rechtsvorm aannemen nadat de opdracht aan hen is gegund, voor zover dit nodig is voor de goede uitvoering van de opdracht.

Artikel 20

Voorbehouden opdrachten

1.
De lidstaten kunnen het recht om deel te nemen aan aanbestedingsprocedures voorbehouden aan sociale werk plaatsen en aan ►C1 ondernemers die de maatschappelijke en professionele integratie van gehandicapten of kansarmen tot hoofddoel hebben, of de uitvoering van deze opdrachten voorbehouden in het kader van programma’s voor beschermde arbeid, mits ten minste 30 % van de werknemers van deze werkplaatsen, ondernemingen of programma’s gehandicapte of kansarme werknemers zijn.
2.
In de oproep tot mededinging wordt naar dit artikel verwezen.

Artikel 21

Vertrouwelijkheid

1.
Tenzij anders bepaald in deze richtlijn of in het nationale recht waaraan de aanbestedende dienst is onderworpen, in het bijzonder de wetgeving inzake de toegang tot informatie, en onverminderd de verplichtingen inzake de bekendmaking van gegunde overheidsopdrachten en de informatieverstrekking aan gegadigden en inschrijvers overeenkomstig de artikelen 50 en 55, maakt een aanbestedende dienst de informatie die hem door een ondernemer als vertrouwelijk is verstrekt, met inbegrip van — zij het niet uitsluitend — de fabrieks- of bedrijfsgeheimen en de vertrouwelijke aspecten van de inschrijving, niet bekend.
2.
De aanbestedende dienst kan aan een ondernemer eisen stellen die tot doel hebben de vertrouwelijke aard van de informatie die hij beschikbaar stelt, gedurende de aanbestedingsprocedure te beschermen.

Artikel 22

Regels betreffende de communicatiemiddelen

1.
De lidstaten zorgen ervoor dat alle communicatie en informatie-uitwisseling op grond van deze richtlijn, met name elektronische inschrijving, plaatsvindt met behulp van elektronische communicatiemiddelen overeenkomstig de voorschriften van dit artikel. De voor communicatie langs elektronische weg te gebruiken instrumenten en middelen en de technische kenmerken daarvan moeten niet-discriminerend en algemeen beschikbaar zijn alsmede interoperabel met algemeen gebruikte ICT en mogen de toegang van ondernemers tot de aanbestedingsprocedure niet beperken.

Niettegenstaande de eerste alinea zijn de aanbestedende diensten in de volgende gevallen niet verplicht het gebruik van elektronische communicatiemiddelen bij de inschrijvingsprocedure te verlangen:

a)

wegens de gespecialiseerde aard van de aanbesteding zijn voor het gebruik van elektronische communicatiemiddelen niet algemeen beschikbare gespecialiseerde instrumenten, middelen of bestandsformaten nodig;

b)

de applicaties voor ondersteuning van de bestandformaten die geschikt zijn voor de omschrijving van de inschrijvingen gebruiken bestandsformaten die niet door andere open of algemeen beschikbare toepassingen kunnen worden verwerkt, of zijn onderworpen aan een eigendomsgebonden licentieregeling en kunnen niet door de aanbestedende dienst als downloads of gebruik op afstand beschikbaar worden gesteld;

c)

voor het gebruik van elektronische communicatiemiddelen is gespecialiseerde kantoorapparatuur nodig waarover de aanbestedende diensten doorgaans niet beschikken;

d)

voor de aanbestedingsstukken is de indiening vereist van fysieke of schaalmodellen die niet langs elektronische weg kunnen worden verzonden.

Mededelingen waarvoor op grond van de tweede alinea geen elektronische communicatiemiddelen worden gebruikt, geschieden per post of via een andere geschikte vervoerder, of per post of een andere geschikte vervoerder en elektronisch.

Niettegenstaande de eerste alinea van dit lid zijn de aanbestedende diensten niet verplicht het gebruik van elektronische communicatiemiddelen bij de inschrijvingsprocedure voor te schrijven, voor zover het gebruik van andere dan elektronische communicatiemiddelen nodig is, hetzij vanwege een inbreuk op de beveiliging van die elektronische communicatiemiddelen, hetzij voor de bescherming van de bijzonder gevoelige aard van de informatie waarvoor een dermate hoog beschermingsniveau nodig is dat dit niveau niet afdoende kan worden verzekerd via elektronische instrumenten en middelen die algemeen beschikbaar zijn voor de ondernemers of hun via alternatieve toegangsmiddelen in de zin van lid 5 ter beschikking kunnen worden gesteld.

Aanbestedende diensten die voor de inschrijvingsprocedure overeenkomstig de tweede alinea van dit lid andere dan elektronische communicatiemiddelen vereisen, moeten in het proces-verbaal als bedoeld in artikel 84 dit vereiste motiveren. In voorkomend geval geven de aanbestedende diensten in het proces-verbaal aan waarom het gebruik van andere dan elektronische communicatiemiddelen nodig is geacht bij de toepassing van de vierde alinea van dit lid.

2.
Niettegenstaande lid 1 mag mondelinge communicatie worden gebruikt voor andere mededelingen dan die betreffende de essentiële elementen van een aanbestedingsprocedure, mits de inhoud van de mondelinge communicatie voldoende gedocumenteerd wordt. In dit verband omvatten de essentiële elementen van een aanbestedingsprocedure de aanbestedingsstukken, verzoeken tot deelname, bevestigingen van belangstelling en inschrijvingen. Met name wordt mondelinge communicatie met de inschrijvers die van grote invloed kan zijn op de inhoud en beoordeling van de inschrijvingen, voldoende en met passende middelen gedocumenteerd, zoals door middel van schriftelijke of auditieve registratie of samenvatting van de voornaamste elementen van de communicatie.
3.
Bij elke mededeling, uitwisseling en opslag van informatie zorgen de aanbestedende diensten ervoor dat de integriteit van de gegevens en de vertrouwelijkheid van de inschrijvingen en verzoeken tot deelname gewaarborgd zijn. Zij nemen pas na het verstrijken van de uiterste termijn voor de indiening kennis van de inhoud van de inschrijvingen en verzoeken tot deelname.
4.
Voor overheidsopdrachten voor werken en prijsvragen mogen de lidstaten eisen dat gebruik wordt gemaakt van gespecialiseerde elektronische instrumenten, zoals elektronische bouwwerkinformatiemodellen of soortgelijke. In dergelijke gevallen bieden de aanbestedende diensten alternatieve toegangsmiddelen, zoals bepaald in lid 5, totdat die instrumenten algemeen beschikbaar worden in de zin van lid 1, eerste alinea, tweede zin.
5.
Aanbestedende diensten kunnen, indien noodzakelijk, het gebruik van niet algemeen beschikbare hulpmiddelen en instrumenten verplicht stellen, mits de aanbestedende diensten alternatieve toegangsmiddelen aanbieden.

Aanbestedende diensten worden geacht passende alternatieve toegangsmiddelen aan te bieden in de volgende gevallen:

a)

zij bieden kosteloos onbeperkte en volledige, rechtstreekse toegang langs elektronische weg tot deze hulpmiddelen en instrumenten vanaf de datum van de bekendmaking van de aankondiging overeenkomstig bijlage VIII of vanaf de datum van verzending van de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling. De aankondiging of de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling vermeldt het internetadres waar deze hulpmiddelen en instrumenten toegankelijk zijn;

b)

zij zorgen ervoor dat inschrijvers die geen toegang hebben tot de hulpmiddelen en instrumenten, of buiten hun toedoen niet in staat zijn ze binnen de gestelde termijnen te verkrijgen, toegang hebben tot de aanbestedingsprocedure met behulp van tijdelijke tokens die kosteloos op het internet beschikbaar zijn; dan wel

c)

zij ondersteunen een alternatief kanaal voor elektronische indiening van inschrijvingen.

6.

In aanvulling op de voorschriften van bijlage IV zijn de volgende regels van toepassing op instrumenten en middelen voor elektronische toezending en ontvangst van inschrijvingen, alsmede voor de elektronische ontvangst van verzoeken tot deelname:

a)

de belanghebbende partijen moeten kunnen beschikken over informatie betreffende de specificaties voor de elektronische indiening van inschrijvingen en verzoeken tot deelname, inclusief encryptie en tijdstempeldiensten;

b)

de lidstaten, of de aanbestedende diensten die handelen binnen een algemeen kader dat door de betrokken lidstaat is vastgesteld, bepalen het vereiste veiligheidsniveau voor de elektronische communicatiemiddelen die in de verschillende fasen van de specifieke aanbestedingsprocedure worden gebruikt; dit niveau staat in verhouding tot de risico’s;

c)

indien de lidstaten, of de aanbestedende diensten die handelen binnen een algemeen kader dat door de betrokken lidstaat is vastgesteld, tot de conclusie komen dat de omvang van het risico, beoordeeld krachtens punt b) van dit lid, van die aard is dat geavanceerde elektronische handtekeningen in de zin van Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad (6) vereist zijn, aanvaarden de aanbestedende diensten geavanceerde elektronische handtekeningen die gebaseerd zijn op een gekwalificeerd certificaat, met inachtneming of deze certificaten worden aangeleverd door een aanbieder van certificeringsdiensten, die zich bevindt op de vertrouwenslijst waarin Beschikking 2009/767/EG van de Commissie (7) voorziet, al dan niet met een veilig middel voor het aanmaken van een handtekening aangemaakt, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan:

i)

de aanbestedende diensten stellen het vereiste formaat voor geavanceerde handtekeningen vast op basis van de bij Besluit 2011/130/EU (8) van de Commissie vastgestelde formaten en treffen de nodige maatregelen om deze formaten technisch te kunnen verwerken; indien een verschillend formaat elektronische handtekening wordt gebruikt, bevat de elektronische handtekening of de elektronische documentdrager informatie over de bestaande valideringsmogelijkheden, onder de verantwoordelijkheid van de lidstaat. De valideringsmogelijkheden stellen de aanbestedende dienst in staat de ontvangen elektronische handtekening op het internet, kosteloos en op een wijze die begrijpelijk is voor anderstaligen als een door een gekwalificeerd certificaat ondersteunde geavanceerde elektronische handtekening te valideren.

De lidstaten bieden informatie over de verlener van de valideringsdiensten aan de Commissie, die de van de lidstaten ontvangen informatie op het internet openbaar maakt;

ii)

indien een inschrijving wordt ondertekend met ondersteuning van een gekwalificeerd certificaat dat in de vertrouwenslijst is opgenomen, mogen de aanbestedende diensten geen bijkomende eisen stellen die het gebruik van die handtekeningen door inschrijvers kunnen belemmeren.

Met betrekking tot documenten die in het kader van een aanbestedingsprocedure worden gebruikt, en die door een bevoegde autoriteit van een lidstaat of door een andere afgevende entiteit worden ondertekend, kan de bevoegde afgevende autoriteit of entiteit het vereiste formaat voor geavanceerde handtekeningen vaststellen volgens de voorschriften van artikel 1, lid 2, van Besluit 2011/130/EU. Zij nemen de nodige maatregelen om deze formaten technisch te kunnen verwerken door de vereiste informatie voor de verwerking van de handtekening in het betrokken document op te nemen. Dergelijke documenten moeten in de elektronische handtekening of in de elektronische documentdrager informatie aanreiken over de bestaande valideringsmogelijkheden waarmee de ontvangen elektronische handtekening op het internet en kosteloos kan worden gevalideerd op een wijze die begrijpelijk is voor anderstaligen.

7.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging, ten gevolge van technische ontwikkelingen, van de in bijlage IV vastgestelde technische details en kenmerken.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in lid 1, tweede alinea, punten a) tot en met d), van dit artikel opgenomen lijsten indien het voortzetten van de uitzonderingen op het gebruik van elektronische communicatiemiddelen vanwege de technologische ontwikkelingen niet langer passend is, of, uitzonderlijk, indien vanwege de technologische ontwikkelingen nieuwe uitzonderingen moeten worden voorzien.

Teneinde, vooral in een grensoverschrijdende context, de interoperabiliteit van technische formaten en proces- en berichtnormen te waarborgen, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 87 bij gedelegeerde handeling het gebruik van zulke specifieke technische normen verplicht te stellen, met name met betrekking tot het gebruik van elektronische inschrijving, elektronische catalogi en middelen voor elektronische authenticatie, indien de technische normen uitvoerig zijn getoetst en hun bruikbaarheid in de praktijk is bewezen. Voordat het gebruik van een technische norm verplicht wordt gesteld, gaat de Commissie zorgvuldig na welke kosten daarmee gemoeid zijn, met name voor de aanpassing van bestaande oplossingen voor e-aanbestedingen, onder meer infrastructuur, processen of software.

Artikel 23

Nomenclaturen

1.
Bij verwijzing naar nomenclaturen met betrekking tot het plaatsen van overheidsopdrachten wordt gebruikgemaakt van de „gemeenschappelijke woordenlijst overheidsopdrachten”, hierna CPV (Common Procurement Vocabulary) genoemd, die is vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 2195/2002.
2.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 bij gedelegeerde handeling de in deze richtlijn bedoelde CPV-referentienummers aan te passen, indien veranderingen in de CPV-nomenclatuur moeten worden overgenomen in deze richtlijn en dit geen wijziging van het toepassingsgebied van deze richtlijn inhoudt.

Artikel 24

Belangenconflicten

De lidstaten zorgen ervoor dat de aanbestedende diensten passende maatregelen nemen om belangenconflicten tijdens aanbestedingsprocedures doeltreffend te voorkomen, te onderkennen en op te lossen, teneinde vervalsing van de mededinging te vermijden en gelijke behandeling van alle ondernemers te verzekeren.

Het begrip belangenconflicten omvat ten minste iedere situatie waarin personeelsleden van de aanbestedende dienst of van een namens de aanbestedende dienst optredende aanbieder van aanbestedingsdiensten, die betrokken zijn bij de uitvoering van de aanbestedingsprocedure of invloed kunnen hebben op het resultaat van deze procedure, direct of indirect, financiële, economische of andere persoonlijke belangen hebben die geacht kunnen worden hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid bij de aanbestedingsprocedure in het gedrang te brengen.



TITEL II

VOORSCHRIFTEN INZAKE OVERHEIDSOPDRACHTEN



HOOFDSTUK I

Procedures

Artikel 25

Voorwaarden met betrekking tot de GPA-overeenkomst en andere internationale overeenkomsten

Voor zover de bijlagen 1, 2, 4 en 5 en de algemene opmerkingen bij aanhangsel I van de Europese Unie bij de GPA-overeenkomst inzake overheidsopdrachten en de andere internationale overeenkomsten waardoor de Unie gebonden is, van toepassing zijn, geven aanbestedende diensten aan werken, leveringen, diensten en ondernemers van de ondertekenende partijen van deze overeenkomsten geen minder gunstige behandeling dan die welke zij aan werken, leveringen, diensten en ondernemers van de Unie geven.

Artikel 26

Keuze van de procedure

1.
Bij de plaatsing van overheidsopdrachten volgen de aanbestedende diensten de met deze richtlijn in overeenstemming gebrachte nationale procedures mits, onverminderd artikel 32, een oproep tot mededinging overeenkomstig deze richtlijn is bekendgemaakt.
2.
De lidstaten bepalen dat de aanbestedende diensten openbare of niet-openbare procedures mogen toepassen, zoals bij deze richtlijn geregeld.
3.
De lidstaten bepalen dat, overeenkomstig deze richtlijn, aanbestedende diensten innovatiepartnerschappen mogen toepassen.
4.

►C1 De lidstaten bepalen dat de aanbestedende diensten in de volgende gevallen gebruik kunnen maken van een mededingingsprocedure met onderhandeling of een concurrentiegerichte dialoog:

a)

met betrekking tot werken, leveringen of diensten die aan één of meer van de volgende criteria voldoen:

i)

er kan niet worden voorzien in de behoeften van de aanbestedende dienst zonder aanpassing van gemakkelijk beschikbare oplossingen;

ii)

het betreft onder meer ontwerp- of innovatieve oplossingen;

iii)

de opdracht kan niet worden gegund zonder voorafgaande onderhandelingen, wegens specifieke omstandigheden die verband houden met de aard, de complexiteit of de juridische en financiële voorwaarden of wegens de daaraan verbonden risico’s;

iv)

de technische specificaties kunnen door de aanbestedende dienst niet nauwkeurig genoeg worden vastgesteld op basis van een norm, Europese technische beoordelingen, een gemeenschappelijke technische specificatie of een technisch referentiekader in de zin van de punten 2 tot en met 5 van bijlage VII;

b)

met betrekking tot werken, leveringen of diensten waarvoor in het kader van een openbare of niet-openbare procedure alleen onregelmatige of onaanvaardbare inschrijvingen worden ingediend. In dergelijke gevallen hoeven de aanbestedende diensten geen aankondiging van een opdracht te publiceren, indien zij tot de procedure uitsluitend alle inschrijvers toelaten die aan de criteria van artikel 57 tot en met 64 voldoen en die gedurende de voorafgaande openbare of niet-openbare procedure inschrijvingen hebben ingediend die aan de formele eisen van de aanbestedingsprocedure voldeden.

Met name inschrijvingen die niet voldoen aan de vereisten in de aanbestedingsstukken, die te laat zijn binnengekomen, waarbij aantoonbaar sprake is van ongeoorloofde afspraken of corruptie, of die door de aanbestedende dienst als abnormaal laag zijn beoordeeld, worden onregelmatig geacht. Met name inschrijvingen van inschrijvers die niet over de vereiste kwalificaties beschikken, en inschrijvingen waarvan de prijs het door de aanbestedende dienst begrote bedrag, vastgesteld en gedocumenteerd vóór de aanvang van de aanbestedingsprocedure, overschrijdt, worden als onaanvaardbaar beschouwd.

5.
De oproep tot mededinging geschiedt door middel van een aankondiging van opdracht overeenkomstig artikel 49.

Indien de opdracht wordt geplaatst in een niet-openbare procedure of een mededingingsprocedure met onderhandeling, kunnen de lidstaten, niettegenstaande de eerste alinea, bepalen dat niet-centrale aanbestedende diensten of specifieke categorieën daarvan de oproep tot mededinging door middel van een vooraankondiging overeenkomstig artikel 48, lid 2, kunnen uitbrengen.

Indien de oproep tot mededinging geschiedt door middel van een vooraankondiging overeenkomstig artikel 48, lid 2, worden de ondernemers die hun belangstelling kenbaar hebben gemaakt na de bekendmaking van de vooraankondiging, uitgenodigd hun belangstelling schriftelijk te bevestigen door middel van een „uitnodiging tot bevestiging van belangstelling” overeenkomstig artikel 54.

6.
De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende diensten in de in artikel 32 uitdrukkelijk vermelde bijzondere gevallen en omstandigheden een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking van een oproep tot mededinging mogen volgen. De lidstaten staan het gebruik van deze procedure niet toe in andere dan de in artikel 32 bedoelde gevallen.

Artikel 27

Openbare procedure

1.
In een openbare procedure kan elke belangstellende ondernemer naar aanleiding van een oproep tot mededinging een inschrijving doen.

De termijn voor ontvangst van de inschrijvingen bedraagt ten minste vijfendertig dagen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht.

De inschrijving moet vergezeld gaan van de door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor de kwalitatieve selectie.

2.

Indien de aanbestedende diensten een vooraankondiging hebben bekendgemaakt die niet als oproep tot mededinging is gebruikt, kan de in lid 1, tweede alinea, bepaalde minimumtermijn voor ontvangst van de inschrijvingen tot vijftien dagen worden verkort, mits aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de vooraankondiging bevatte alle informatie die de aankondiging van de opdracht overeenkomstig deel B, afdeling I, van bijlage V moet bevatten, voor zover zij beschikbaar was op het tijdstip dat de vooraankondiging werd bekendgemaakt;

b)

de vooraankondiging was ten minste vijfendertig dagen en ten hoogste twaalf maanden vóór de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht ter bekendmaking verzonden.

3.
De aanbestedende dienst kan, wanneer het in een urgente situatie welke door de aanbestedende dienst naar behoren is onderbouwd, niet haalbaar blijkt de in lid 1, tweede alinea, bepaalde termijnen in acht te nemen, een termijn vaststellen die niet minder bedraagt dan vijftien dagen na de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht.
4.
De aanbestedende dienst kan de in lid 1, tweede alinea, bepaalde termijn voor ontvangst van inschrijvingen met vijf dagen verkorten indien hij erin toestemt dat inschrijvingen overeenkomstig artikel 22, lid 1, eerste alinea, en artikel 22, leden 5 en 6, langs elektronische weg worden ingediend.

Artikel 28

Niet-openbare procedure

1.
In een niet-openbare procedure kan elke ondernemer naar aanleiding van een oproep tot mededinging een verzoek tot deelname indienen die de in bijlage V, deel B of deel C, bedoelde informatie bevat, door verstrekking van de door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor de kwalitatieve selectie.

De termijn voor ontvangst van de verzoeken tot deelname bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht of, indien een vooraankondiging als oproep tot mededinging wordt gebruikt, vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling.

2.
Alleen de ondernemers die na beoordeling van de verstrekte informatie door de aanbestedende dienst daartoe worden verzocht, kunnen een inschrijving doen. De aanbestedende dienst kan overeenkomstig artikel 65 het aantal geschikte gegadigden die tot deelneming aan de procedure worden uitgenodigd, beperken.

De termijn voor ontvangst van de inschrijvingen bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot inschrijving.

3.

Indien de aanbestedende dienst een vooraankondiging heeft bekendgemaakt die niet als oproep tot mededinging gold, kan de in lid 2, tweede alinea, bepaalde minimumtermijn voor ontvangst van de inschrijvingen tot tien dagen worden verkort, mits aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de vooraankondiging bevatte alle informatie als voorgeschreven in deel B, afdeling I, van bijlage V, voor zover die informatie beschikbaar was op het tijdstip dat de vooraankondiging werd bekendgemaakt;

b)

de vooraankondiging was ten minste vijfendertig dagen en ten hoogste twaalf maanden vóór de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht ter bekendmaking verzonden.

4.
De lidstaten kunnen bepalen dat alle of bepaalde categorieën niet-centrale aanbestedende diensten de termijn voor ontvangst van de inschrijvingen in onderlinge overeenstemming met de geselecteerde gegadigden kunnen bepalen, mits alle geselecteerde gegadigden evenveel tijd krijgen om hun inschrijving voor te bereiden en in te dienen. Is er geen overeenstemming over de termijn voor ontvangst van de inschrijvingen, dan bedraagt deze ten minste tien dagen vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot inschrijving.
5.
De in lid 2 van dit artikel genoemde termijn voor ontvangst van de inschrijvingen kan met vijf dagen worden verkort, indien de aanbestedende dienst erin toestemt dat de inschrijvingen overeenkomstig artikel 22, leden 1, 5 en 6, langs elektronische weg worden ingediend.
6.

Blijkt het in het geval van een urgente situatie, welke door de aanbestedende dienst naar behoren is onderbouwd niet haalbaar de in dit artikel bepaalde termijnen in acht te nemen, dan kan de aanbestedende dienst:

a)

een termijn voor ontvangst van de verzoeken tot deelname van ten minste vijftien dagen bepalen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht;

b)

een termijn voor ontvangst van de inschrijvingen van ten minste tien dagen bepalen, te rekenen vanaf de verzend datum van de uitnodiging tot inschrijving.

Artikel 29

Mededingingsprocedure met onderhandeling

1.
Bij mededingingsprocedures met onderhandeling mogen alle ondernemers een verzoek tot deelname indienen naar aanleiding van een oproep tot mededinging die de in bijlage V, deel B en C, beschreven informatie bevat, door de door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor de kwalitatieve selectie te verstrekken.

De aanbestedende diensten bepalen in de aanbestedingsstukken het voorwerp van de opdracht door de vereisten en de vereiste kenmerken van de werken, leveringen of diensten te beschrijven en de gunningscriteria vast te leggen. Ze geven tevens aan welke elementen van de beschrijving de minimumeisen zijn waaraan alle inschrijvingen moeten voldoen.

De verschafte informatie is voldoende nauwkeurig om de ondernemers in staat te stellen de aard en omvang van de aanbesteding te bepalen en over hun deelname aan de procedure te beslissen.

De termijn voor ontvangst van de verzoeken tot deelname bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht of, ingeval een vooraankondiging als oproep tot mededinging geldt, vanaf de verzend datum van de uitnodiging tot bevestiging van belang stelling. De termijn voor ontvangst van de eerste inschrijving bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzend datum van de uitnodiging. Artikel 28, leden 3 tot en met 6, is van toepassing.

2.
Alleen de ondernemers die na de beoordeling van de verstrekte informatie daartoe door de aanbestedende dienst worden uitgenodigd, kunnen een eerste inschrijving indienen. Deze vormt de basis voor verdere onderhandelingen. De aanbestedende dienst kan, overeenkomstig artikel 65, het aantal geschikte gegadigden die tot deelneming aan de procedure worden uitgenodigd, beperken.
3.
Tenzij in lid 4 anders is bepaald, wordt door de aanbestedende dienst met de inschrijvers over hun eerste en over elke daaropvolgende inschrijving, met uitzondering van de definitieve inschrijving in de zin van lid 7, onderhandeld, om de inhoud ervan te verbeteren.

Over de minimumeisen en de gunningscriteria wordt niet onderhandeld.

4.
►C1 De aanbestedende dienst kan een opdracht gunnen op basis van de oorspronkelijke inschrijving zonder onderhandeling, indien hij in de aankondiging van de opdracht of de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling heeft vermeld zich daartoe de mogelijkheid voor te behouden.
5.
Tijdens de onderhandelingen waarborgt de aanbestedende dienst de gelijke behandeling van alle inschrijvers. Hiertoe verstrekt hij geen informatie op een discriminerende wijze waardoor bepaalde inschrijvers kunnen worden bevoordeeld. Zij stellen alle inschrijvers wier inschrijving niet is afgewezen overeenkomstig lid 6 schriftelijk in kennis van eventuele andere wijzigingen in de technische specificaties of andere aanbestedingsstukken dan die waarbij de minimumeisen worden vastgesteld. Na deze wijzigingen bieden de aanbestedende diensten de inschrijvers voldoende tijd om hun inschrijvingen naar aanleiding van deze wijzigingen, indien nodig, aan te passen en opnieuw in te dienen.

Overeenkomstig artikel 21 maakt de aanbestedende dienst de vertrouwelijke inlichtingen die een aan de onderhandelingen deelnemende gegadigde of inschrijver heeft verstrekt, niet zonder diens toestemming aan de andere deelnemers bekend. Deze toestemming mag geen algemene strekking hebben, maar moet verwijzen naar de beoogde bekendmaking van specifieke inlichtingen.

6.
De mededingingsprocedure met onderhandeling kan in opeenvolgende fasen verlopen, zodat het aantal inschrijvingen waarover moet worden onderhandeld wordt beperkt door toepassing van de gunningscriteria uit de aankondiging van de opdracht, de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling of een ander aanbestedingsstuk. De aanbestedende dienst geeft in de aankondiging van de opdracht, de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling of een ander aanbestedingsstuk aan of hij van deze mogelijkheid gebruik zal maken.
7.
Indien de aanbestedende dienst voornemens is de onderhandelingen af te sluiten, stelt hij de resterende inschrijvers daarvan in kennis en stelt hij een gemeenschappelijke termijn vast voor de indiening van nieuwe of aangepaste inschrijvingen. De aanbestedende dienst controleert of de definitieve inschrijvingen voldoen aan de minimumeisen en overeenstemmen met artikel 56, lid 1, beoordeelt de definitieve inschrijvingen aan de hand van de gunningscriteria en gunt de opdracht overeenkomstig de artikelen 66 tot en met 69.

Artikel 30

Concurrentiegerichte dialoog

1.
In de concurrentiegerichte dialoog kan elke ondernemer naar aanleiding van de aankondiging van een opdracht een verzoek tot deelname indienen door de door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor de kwalitatieve selectie te verstrekken.

De termijn voor ontvangst van de verzoeken tot deelname bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht.

Alleen de ondernemers die na de beoordeling van de verstrekte informatie daartoe door de aanbestedende dienst worden uitgenodigd, kunnen aan de dialoog deelnemen. De aanbestedende dienst kan overeenkomstig artikel 65 het aantal geschikte gegadigden die tot deelneming aan de procedure worden uitgenodigd, beperken. De opdracht wordt uitsluitend gegund op grond van het gunningscriterium van de beste prijs-kwaliteitsverhouding, overeenkomstig artikel 67, lid 2.

2.
De behoeften en eisen van de aanbestedende dienst worden in de aankondiging van de opdracht aangegeven en in die aankondiging en/of in een beschrijvend document nader uitgewerkt. Tevens worden in deze documenten de gekozen gunningscriteria aangegeven en nader uitgewerkt, en een indicatief tijdschema aangegeven.
3.
De aanbestedende dienst treedt overeenkomstig de toepasselijke bepalingen van de artikelen 56 tot en met 66 in dialoog met de geselecteerde deelnemers, om na te gaan en te bepalen met welke middelen het best in zijn behoeften kan worden voorzien. Tijdens deze dialoog kan hij met de geselecteerde deelnemers alle aspecten van de aanbesteding bespreken.

Tijdens de dialoog waarborgt de aanbestedende dienst de gelijke behandeling van alle deelnemers. Hiertoe verstrekt hij geen informatie op een discriminerende wijze waardoor bepaalde deelnemers kunnen worden bevoordeeld.

Overeenkomstig artikel 21 maakt de aanbestedende dienst de voorgestelde oplossingen of andere vertrouwelijke inlichtingen die een aan de dialoog deelnemende gegadigde of inschrijver heeft verstrekt, niet zonder diens toestemming aan de andere deelnemers bekend. Deze toestemming mag geen algemene strekking hebben, maar moet verwijzen naar de beoogde bekendmaking van specifieke inlichtingen.

4.
De concurrentiegerichte dialoog kan in opeenvolgende fasen verlopen, zodat het aantal in de dialoogfase te bespreken oplossingen wordt beperkt door toepassing van de gunningscriteria uit de aankondiging van de opdracht of in het beschrijvend document. De aanbestedende dienst vermeldt in de aankondiging van de opdracht of in het beschrijvende document of hij van deze mogelijkheid gebruik zal maken.
5.
De aanbestedende dienst zet de dialoog voort totdat hij kan aangeven met welke oplossing of oplossingen in zijn behoeften kan worden voorzien.
6.
Nadat de aanbestedende dienst heeft verklaard dat de dialoog is afgesloten en de resterende deelnemers daarvan op de hoogte heeft gesteld, verzoekt hij ieder van hen hun definitieve inschrijving op basis van de tijdens de dialoog gepresenteerde en nader toegelichte oplossing of oplossingen in te dienen. Deze inschrijvingen bevatten alle vereiste en noodzakelijke elementen voor de uitvoering van het project.

De aanbestedende diensten kunnen verzoeken om de inschrijvingen te verduidelijken, te preciseren of nauwkeuriger te omschrijven. De toelichting, precisering, nadere omschrijving of aanvullende informatie mag echter geen wijziging van de inschrijving of van de aanbesteding inhouden op essentiële punten, daaronder begrepen de in de aankondiging van de opdracht of in het beschrijvend document vermelde behoeften en eisen, indien daardoor de mededinging verstoord dreigt te worden of discriminatie dreigt te ontstaan.

7.
De aanbestedende dienst beoordeelt de ontvangen inschrijvingen op basis van de in de aankondiging van de opdracht of in het beschrijvend document vastgestelde gunningscriteria.

Op verzoek van de aanbestedende dienst kunnen met de inschrijver die overeenkomstig artikel 67 als de inschrijving met de als beste prijs-kwaliteitsverhouding is aangewezen, onderhandelingen worden gevoerd om de in de inschrijving vervatte financiële toezeggingen of andere voorwaarden te bevestigen en de voorwaarden van de opdracht af te ronden, mits dit de essentiële aspecten van de inschrijving of van de, met inbegrip van de in de aankondiging van de opdracht of het beschrijvend document vermelde behoeften en voorschriften, materieel ongewijzigd laat en niet tot vervalsing van de mededinging of discriminatie kan leiden.

8.
De aanbestedende dienst kan voorzien in prijzengeld of vergoedingen aan de deelnemers aan de dialoog.

Artikel 31

Innovatiepartnerschap

1.
Bij een innovatiepartnerschap kan elke ondernemer naar aanleiding van de aankondiging van een opdracht een verzoek tot deelname indienen door verstrekking van de door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor de kwalitatieve selectie.

De aanbestedende dienst geeft in de aanbestedingsstukken aan dat er behoefte is aan innovatieve producten, diensten of werken, en dat met de aanschaf van reeds op de markt beschikbare producten, diensten of werken niet in die behoefte kan worden voorzien. Ze geven aan welke elementen van deze beschrijving de minimumeisen zijn waaraan alle inschrijvingen moeten voldoen. Dit wordt voldoende duidelijk aangegeven zodat ondernemers kennis kunnen nemen van de aard en de strekking van de gevraagde oplossing en kunnen besluiten al dan niet om deelneming aan de procedure te verzoeken.

De aanbestedende dienst kan besluiten het innovatiepartnerschap met één partner te sluiten, dan wel met verschillende partners die afzonderlijke onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten voor hun rekening nemen.

De termijn voor ontvangst van verzoeken tot deelname bedraagt minimaal dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht. Alleen de ondernemers die na de beoordeling van de verstrekte informatie daartoe door de aanbestedende dienst worden uitgenodigd, kunnen aan de procedure deelnemen. De aanbestedende dienst kan overeenkomstig artikel 65 het aantal geschikte gegadigden dat tot deelneming aan de procedure worden uitgenodigd, beperken. De opdracht wordt uitsluitend gegund op grond van het criterium van de beste prijs-kwaliteitsverhouding in overeenstemming met artikel 67.

2.
Het innovatiepartnerschap dient te zijn gericht op de ontwikkeling van innovatieve producten, diensten of werken en de daaropvolgende aankoop van de daaruit resulterende leveringen, diensten of werken, mits deze voldoen aan de prestatieniveaus die tussen de aanbestedende diensten en de deelnemers zijn afgesproken en onder de maximumkosten blijven.

Het innovatiepartnerschap zal worden gestructureerd in opeenvolgende fasen die de reeks stappen in het onderzoeks- en innovatieproces volgen, hetgeen de fabricage van goederen, de verlening van diensten of de voltooiing van werken kan omvatten. In het innovatiepartnerschap worden tussentijdse, door de partners te bereiken doelen bepaald, en wordt voorzien in betaling van de vergoeding in passende termijnen.

De aanbestedende dienst kan op basis van deze doelen na elke fase besluiten het innovatiepartnerschap te beëindigen of, bij een innovatiepartnerschap met verschillende partners, het aantal partners te verminderen door individuele opdrachten in te trekken, mits de aanbestedende dienst in de aanbestedingsstukken heeft aangegeven dat hij van die mogelijkheden gebruik kan maken, alsmede de voorwaarden daarvoor.

3.
Tenzij in dit artikel anders bepaald, wordt door de aanbestedende dienst met de inschrijvers over hun eerste en over elke daaropvolgende inschrijving, met uitzondering van de definitieve inschrijving, onderhandeld om de inhoud ervan te verbeteren.

Over de minimumeisen en de gunningscriteria wordt niet onderhandeld.

4.
Tijdens de onderhandelingen waarborgen de aanbestedende diensten de gelijke behandeling van alle inschrijvers. Hiertoe verstrekken zij geen informatie op een discriminerende wijze waardoor bepaalde inschrijvers kunnen worden bevoordeeld. Zij stellen alle inschrijvers wier inschrijving niet is afgewezen overeenkomstig lid 5 schriftelijk in kennis van eventuele andere wijzigingen in de technische specificaties of andere aanbestedingsstukken dan die waarbij de minimumeisen worden vastgesteld. Na deze wijzigingen bieden de aanbestedende diensten de inschrijvers voldoende tijd om hun inschrijvingen naar aanleiding van deze wijzigingen, indien nodig, aan te passen en opnieuw in te dienen.

Overeenkomstig artikel 21 maken de aanbestedende diensten de vertrouwelijke inlichtingen die een aan de onderhandelingen deelnemende gegadigde of inschrijver heeft verstrekt, niet zonder diens toestemming aan de andere deelnemers bekend. Deze toestemming mag geen algemene strekking hebben, maar moet verwijzen naar de beoogde bekendmaking van specifieke inlichtingen.

5.
Er kunnen tijdens procedures voor innovatiepartnerschappen in opeenvolgende fasen onderhandelingen plaatsvinden om het aantal inschrijvingen waarover moet worden onderhandeld te beperken door middel van het toepassen van de gunningscriteria die in de aankondiging van de opdracht, de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling of de aanbestedingsstukken zijn vermeld. De aanbestedende diensten geven in de aankondiging van de opdracht, de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling of in de aanbestedingsstukken aan of zij van deze mogelijkheid gebruik zullen maken.
6.
Bij het selecteren van de gegadigden hanteren de aanbestedende diensten in het bijzonder criteria inzake het potentieel van de kandidaten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling en hun vermogen om vernieuwende oplossingen te ontwikkelen en toe te passen.

Alleen de ondernemers die na beoordeling van de gevraagde informatie door de aanbestedende dienst daartoe worden uitgenodigd, kunnen projecten voor onderzoek en ontwikkeling indienen die voldoen aan de door de aanbestedende dienst vastgestelde behoeften en waaraan niet door bestaande oplossingen kan worden voldaan.

In de aanbestedingsstukken bepaalt de aanbestedende dienst welke regelingen op de intellectuele-eigendomsrechten van toepassing zijn. Bij innovatiepartnerschappen met meer partners mag de aanbestedende dienst voorgestelde oplossingen of andere door een partner in het kader van het partnerschap meegedeelde vertrouwelijke inlichtingen, overeenkomstig artikel 21, niet aan de andere partners zonder de instemming van die partner bekendmaken. Deze toestemming mag geen algemene strekking hebben, maar moet verwijzen naar de beoogde bekendmaking van specifieke inlichtingen.

7.
De aanbestedende dienst ziet erop toe dat de structuur van het partnerschap en in het bijzonder de duur en de waarde van de verschillende fasen een afspiegeling zijn van de innovatiegraad van de voorgestelde oplossing en de reeks van onderzoeks- en innovatieactiviteiten die vereist zijn voor de ontwikkeling van een innovatieve en nog niet op de markt beschikbare oplossing. De geraamde waarde van de leveringen, diensten of werken mag niet buiten verhouding staan tot de investering voor de ontwikkeling ervan.

Artikel 32

Gebruik van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking

1.
De lidstaten kunnen voorschrijven dat, in de in de leden 2 tot en met 5 bepaalde specifieke gevallen en omstandigheden, de aanbestedende diensten overheidsopdrachten kunnen gunnen volgens een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
2.

De onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking voor overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten kan worden gevolgd in elk van de volgende gevallen:

a)

indien in het kader van een openbare of niet-openbare procedure geen of geen geschikte inschrijvingen of geen of geen geschikte verzoeken tot deelname zijn ingediend, mits de oorspronkelijke voorwaarden van de opdracht niet wezenlijk worden gewijzigd en de Commissie op haar verzoek een verslag wordt overgelegd.

De inschrijving wordt ongeschikt bevonden als zij niet relevant is voor de opdracht, omdat zij, zonder ingrijpende wijzigingen, kennelijk niet voorziet in de in de aanbestedingsstukken omschreven behoeften en eisen van de aanbestedende dienst. Een verzoek tot deelname wordt niet geschikt geacht wanneer de betrokken onderneming overeenkomstig artikel 57 moet of kan worden uitgesloten, of niet aan de overeenkomstig artikel 58 door de aanbestedende dienst bepaalde selectiecriteria voldoet;

b)

indien de werken, leveringen of diensten alleen door een bepaalde ondernemer kunnen worden verricht, om een van de volgende redenen:

i)

de aanbesteding heeft als doel het vervaardigen of verwerven van een uniek kunstwerk of het leveren van een artistieke prestatie;

ii)

mededinging ontbreekt om technische redenen;

iii)

uitsluitende rechten, met inbegrip van intellectuele- eigendomsrechten, moeten worden beschermd.

De in de punten ii) en iii) genoemde uitzonderingen gelden alleen als er geen redelijk alternatief of substituut bestaat en het ontbreken van mededinging niet het gevolg is van kunstmatige beperking van de voorwaarden van de opdracht;

c)

in strikt noodzakelijke gevallen waarin het vanwege dwingende spoed als gevolg van gebeurtenissen die door de aanbestedende dienst niet konden worden voorzien het onmogelijk is ►C1 de gestelde termijnen voor openbare procedures, niet-openbare procedures en mededingingsprocedures met onderhandeling in acht te nemen. De ter rechtvaardiging van de onverwijlde spoed ingeroepen omstandigheden mogen in geen geval aan de aanbestedende diensten te wijten zijn.

3.

Voor overheidsopdrachten voor leveringen kan de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking worden gevolgd:

a)

indien het producten betreft die uitsluitend voor onderzoek, proefneming, studie of ontwikkeling worden vervaardigd; de op grond van dit punt gegunde opdrachten omvatten echter niet de productie in grote hoeveelheden met het oog op commerciële haalbaarheid of om de kosten van onderzoek en ontwikkeling terug te verdienen;

b)

voor aanvullende leveringen door de oorspronkelijke leverancier die bestemd zijn hetzij voor de gedeeltelijke vernieuwing van leveringen of installaties, hetzij voor de uitbreiding van bestaande leveringen of installaties, indien verandering van leverancier de aanbestedende dienst ertoe zou verplichten leveringen te verwerven met andere technische eigenschappen, zodat incompatibiliteit ontstaat of zich onevenredige technische moeilijkheden bij het gebruik en het onderhoud voordoen; ►C1 de looptijd van deze opdrachten en nabestellingen is in de regel niet langer dan drie jaar;

c)

voor op een grondstoffenmarkt genoteerde en aangekochte goederen;

d)

voor aankopen van leveringen of diensten tegen bijzonder gunstige voorwaarden, hetzij bij een leverancier die definitief zijn handelsactiviteiten stopzet, hetzij bij de curator in geval van een faillissement, een vonnis, of een in de nationale wetgeving of regelgeving bestaande procedure van dezelfde aard.

4.
De onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking kan worden gevolgd voor overheidsopdrachten voor diensten, indien de opdracht voortvloeit uit een overeenkomstig deze richtlijn uitgeschreven prijsvraag en volgens de voorschriften van de prijsvraag moet worden gegund aan de winnaar of aan een van de winnaars van de prijsvraag; in het laatstgenoemde geval moeten alle winnaars worden uitgenodigd aan de onderhandelingen deel te nemen.
5.
De onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking kan worden gevolgd voor nieuwe werken of diensten, bestaande uit de herhaling van soortgelijke werken of diensten die door dezelfde aanbestedende diensten zijn toevertrouwd aan de ondernemer waaraan een oorspronkelijke opdracht werd gegund, mits deze werken of diensten overeenstemmen met een basisproject waarvoor de oorspronkelijke opdracht volgens een procedure overeenkomstig artikel 26, lid 1, is gegund. Het basisproject dient de omvang van de aanvullende werken of diensten evenals de voorwaarden waaronder deze worden gegund, te vermelden.

Bij de oproep tot mededinging voor de aanbesteding van het eerste project wordt aangekondigd dat deze procedure kan worden toegepast, en bij de toepassing van artikel 4 wordt door de aanbestedende dienst het geraamde totaalbedrag voor de daaropvolgende werken of diensten in aanmerking genomen.

Van deze procedure kan slechts gedurende een termijn van drie jaar volgende op de oorspronkelijke opdracht gebruik worden gemaakt.



HOOFDSTUK II

Technieken en instrumenten voor elektronische en samengestelde aanbesteding

Artikel 33

Raamovereenkomsten

1.
Aanbestedende diensten kunnen raamovereenkomsten sluiten, mits zij de in deze richtlijn voorgeschreven procedures toepassen.

Een raamovereenkomst is een overeenkomst tussen één of meer aanbestedende diensten en één of meer ondernemers met het doel voor een bepaalde periode de voorwaarden inzake te gunnen opdrachten vast te leggen, met name wat de prijs en, in voorkomend geval, de beoogde hoeveelheid betreft.

De looptijd van een raamovereenkomst mag niet langer zijn dan vier jaar, behalve in uitzonderingsgevallen die naar behoren gemotiveerd zijn, met name op grond van het voorwerp van de raamovereenkomst.

2.
Opdrachten die gebaseerd zijn op een raamovereenkomst, worden gegund volgens de in dit lid en de leden 3 en 4 voorgeschreven procedures.

Die procedures kunnen alleen worden toegepast tussen de aanbestedende diensten die duidelijk daarvoor zijn aangewezen in de oproep tot mededinging of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling, en de ondernemers die partij waren bij de gesloten raamovereenkomst.

In opdrachten die op een raamovereenkomst zijn gebaseerd, mogen in geen geval wezenlijke wijzigingen worden aangebracht met betrekking tot de in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden, met name in het in lid 3 bedoelde geval.

3.
Als er een raamovereenkomst met één enkele ondernemer wordt gesloten, worden de op die raamovereenkomst gebaseerde opdrachten gegund volgens de in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden.

Voor de gunning van dergelijke opdrachten kunnen de aanbestedende diensten de ondernemer die partij is bij de raamovereenkomst, schriftelijk raadplegen en hem, indien nodig, verzoeken zijn inschrijving aan te vullen.

4.

Wanneer een raamovereenkomst met meer dan één ondernemer wordt gesloten, wordt die raamovereenkomst uitgevoerd op een van de volgende wijzen:

a)

volgens de voorwaarden van de raamovereenkomst, zonder dat de opdracht opnieuw voor mededinging wordt opengesteld, wanneer de overeenkomst alle voorwaarden bevat met betrekking tot de uitvoering van de betrokken werken, leveringen of diensten alsmede de objectieve voorwaarden ter bepaling van de ondernemers die deze als partij bij de raamovereenkomst zullen uitvoeren; laatstbedoelde voorwaarden worden vermeld in de aanbestedingsstukken voor de raamovereenkomst;

b)

wanneer de raamovereenkomst alle voorwaarden bevat voor de levering van de betrokken werken, leveringen en diensten, ten dele zonder opnieuw tot mededinging op te roepen overeenkomstig punt a) en ten dele met een nieuwe oproep tot mededinging tussen de ondernemers die partij zijn bij de raamovereenkomst overeenkomstig punt c), wanneer de aanbestedende diensten deze mogelijkheid in de aanbestedingsstukken voor de raamovereenkomst hebben vermeld. De keuze of specifieke werken, leveringen of diensten worden verkregen na een nieuwe oproep tot mededinging dan wel rechtstreeks volgens de voorwaarden van de raamovereenkomst, wordt gemaakt aan de hand van objectieve criteria, die in de aanbestedingsstukken voor de raamovereenkomst worden opgenomen. In deze aanbestedingsstukken wordt ook aangegeven welke voorwaarden aan een nieuwe oproep tot mededinging kunnen worden onderworpen.

De mogelijkheden als voorzien in de eerste alinea van dit punt gelden tevens voor elk perceel van een raamovereenkomst waarvoor in de raamovereenkomst de voorwaarden zijn vastgelegd met betrekking tot de uitvoering van de werken, diensten en leveringen, ongeacht de vraag of alle voorwaarden met betrekking tot de uitvoering van de werken, diensten en leveringen in kwestie in het kader van andere percelen, zijn vastgelegd;

c)

wanneer de raamovereenkomst niet alle voorwaarden bevat met betrekking tot de uitvoering van de werken, leveringen of diensten, door de opdracht opnieuw voor mededinging open te stellen voor de ondernemers die partij zijn bij de raamovereenkomst.

5.

De in lid 4, onder b) en c), bedoelde mededinging geschiedt volgens dezelfde voorwaarden als die welke voor de gunning van de raamovereenkomst gelden en, wanneer nodig, volgens nader gespecificeerde voorwaarden, en, in voorkomend geval, volgens andere voorwaarden die zijn vermeld in de aanbestedingsstukken van de raamovereenkomst, overeenkomstig de volgende procedure:

a)

voor elke te gunnen opdracht raadplegen de aanbestedende diensten schriftelijk de ondernemers die in staat zijn de opdracht uit te voeren;

b)

de aanbestedende diensten stellen een voldoende lange termijn vast voor de indiening van inschrijvingen voor elke specifieke opdracht, rekening houdend met elementen zoals de complexiteit van het voorwerp van de opdracht en de benodigde tijd voor de toezending van de inschrijvingen;

c)

de inschrijvingen worden schriftelijk ingediend en de inhoud ervan wordt niet vrijgegeven totdat de gestelde indieningstermijn is verstreken;

d)

de aanbestedende diensten gunnen elke opdracht aan de inschrijver die op grond van de in de aanbestedingsstukken van de raamovereenkomst vastgestelde gunningscriteria de beste inschrijving heeft ingediend.

Artikel 34

Dynamische aankoopsystemen

1.
Voor aankopen voor courant gebruik, waarvan de kenmerken wegens de algemene beschikbaarheid op de markt voldoen aan hun behoeften, kunnen de aanbestedende diensten gebruikmaken van een dynamisch aankoopsysteem. Het dynamische aankoopsysteem wordt beheerd als een volledig elektronisch proces, dat gedurende de gehele geldigheidstermijn van het aankoopsysteem openstaat voor elke ondernemer die voldoet aan de selectiecriteria. Het kan worden ingedeeld in categorieën van producten, werken of diensten die objectief worden vastgesteld op basis van de kenmerken van de opdracht in de bewuste categorie. Die kenmerken kunnen ook verwijzen naar de maximaal toegestane omvang van de latere specifieke opdrachten of naar een specifiek geografisch gebied waarin latere specifieke opdrachten zullen worden uitgevoerd.
2.
Aanbestedende diensten volgen bij het aanbesteden op basis van een dynamisch aankoopsysteem de regels van de niet-openbare procedure. Alle gegadigden die aan de selectiecriteria voldoen, worden tot het systeem toegelaten en het aantal tot het systeem toe te laten gegadigden wordt niet beperkt overeenkomstig artikel 65. Indien de aanbestedende diensten het systeem in categorieën van producten, werken of diensten hebben ingedeeld overeenkomstig lid 1 van dit artikel, vermelden zij de toepasselijke selectiecriteria voor elke categorie.

Niettegenstaande artikel 28 gelden de volgende termijnen:

a)

de termijn voor ontvangst van de verzoeken tot deelname bedraagt ten minste dertig dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht of, indien een vooraankondiging als oproep tot mededinging wordt gebruikt, vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling. Er zijn geen verdere termijnen voor de ontvangst van de verzoeken tot deelname wanneer de uitnodiging tot inschrijving voor de eerste specifieke opdracht in het kader van het dynamische aankoopsysteem is verzonden;

b)

de minimumtermijn voor de ontvangst van inschrijvingen bedraagt ten minste tien dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot inschrijving. In voorkomend geval is artikel 28, lid 4, van toepassing. Artikel 28, leden 3 en 5, zijn niet van toepassing.

3.
Voor alle communicatie in het kader van een dynamisch aankoopsysteem wordt alleen gebruikgemaakt van elektronische middelen overeenkomstig artikel 22, leden 1, 3, 5 en 6.
4.

Voor de gunning van opdrachten in een dynamisch aankoopsysteem gaan de aanbestedende diensten te werk als volgt:

a)

zij maken een oproep tot mededinging bekend en geven daarbij aan dat het om een dynamisch aankoopsysteem gaat;

b)

zij vermelden in de aanbestedingsstukken ten minste de aard en de geraamde hoeveelheid van de beoogde aankopen, alsmede alle nodige informatie omtrent het dynamisch aankoopsysteem, inclusief op welke wijze het dynamisch aankoopsysteem functioneert, de gebruikte elektronische apparatuur en de nadere technische bepalingen en specificaties voor de verbinding;

c)

zij geven elke verdeling in categorieën van producten, werken of diensten aan en de kenmerken daarvan;

d)

zij bieden, zolang het systeem geldig is, vrije, rechtstreekse en volledige toegang tot de aanbestedingsstukken overeenkomstig artikel 53.

5.
De aanbestedende diensten verlenen elke ondernemer tijdens de gehele geldigheidstermijn van het dynamische aankoopsysteem de mogelijkheid te verzoeken om deelneming aan het systeem onder de voorwaarden van lid 2. Zij verrichten hun beoordeling van deze verzoeken volgens de selectiecriteria binnen tien werkdagen volgend op de ontvangst. Waar dit gerechtvaardigd is, kan die termijn in individuele gevallen tot vijftien werkdagen worden verlengd, met name gezien de noodzaak aanvullende documentatie te bestuderen of anderszins te controleren of aan de selectiecriteria wordt voldaan.

Niettegenstaande de eerste alinea kunnen de aanbestedende diensten, voor zover de uitnodiging tot inschrijving voor de eerste specifieke aanbesteding in het kader van het dynamische aankoopsysteem niet is toegezonden, de evaluatieperiode verlengen, op voorwaarde dat er tijdens de verlengde evaluatie periode geen uitnodiging tot inschrijving wordt uitgeschreven. De aanbestedende diensten geven in de aanbestedingsstukken de duur van de door hen voorgenomen verlenging aan.

De aanbestedende diensten delen de betrokken ondernemer zo spoedig mogelijk mee of hij al dan niet is toegelaten tot het dynamische aankoopsysteem.

6.
De aanbestedende diensten nodigen overeenkomstig artikel 54 alle toegelaten deelnemers uit om op elke specifieke aanbesteding in het dynamisch aankoopsysteem in te schrijven. Wanneer het dynamisch aankoopsysteem in categorieën van werken, producten, of diensten is ingedeeld, nodigen de aanbestedende diensten alle deelnemers die zijn toegelaten tot de categorie waarop de betrokken specifieke aanbesteding betrekking heeft, uit een inschrijving in te dienen.

Zij gunnen de opdracht aan de inschrijver die de beste inschrijving heeft ingediend op basis van de gunningscriteria als bepaald in de aankondiging van de opdracht voor het dynamisch aankoopsysteem, of wanneer een vooraankondiging wordt gebruikt als oproep tot mededinging, in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling. Deze criteria kunnen in voorkomend geval worden gepreciseerd in de uitnodiging tot inschrijving.

7.
Aanbestedende diensten kunnen op ieder moment tijdens de geldigheidstermijn van het dynamische aankoopsysteem van toegelaten deelnemers verlangen dat zij binnen vijf werkdagen vanaf de datum van indiening van het verzoek, een herziene en geactualiseerde eigen verklaring als bedoeld in artikel 59, lid 1, overleggen.

Artikel 59, leden 4 tot en met 6, zijn gedurende de gehele geldigheidstermijn van het dynamisch aankoopsysteem van toepassing.

8.

De aanbestedende diensten vermelden de geldigheidstermijn van het dynamisch aankoopsysteem in de oproep tot mededinging. Zij brengen de Commissie op de hoogte van elke verandering in de geldigheidstermijn, met gebruik van de volgende standaardformulieren:

a)

wanneer de geldigheidstermijn wordt gewijzigd zonder dat het systeem wordt beëindigd: het formulier dat aanvankelijk is gebruikt voor de oproep tot mededinging voor het dynamisch aankoopsysteem;

b)

wanneer het systeem wordt beëindigd, een aankondiging gegunde opdracht als bedoeld in artikel 50.

9.
Aan de ondernemers of partijen die geïnteresseerd zijn in of partij zijn bij het dynamisch aankoopsysteem mogen voorafgaand of tijdens de geldigheidstermijn van het dynamisch aankoopsysteem geen kosten in rekening worden gebracht.

Artikel 35

Elektronische veilingen

1.
De aanbestedende diensten kunnen elektronische veilingen gebruiken waarin nieuwe, verlaagde prijzen, en/of nieuwe waarden voor bepaalde elementen van de inschrijvingen worden voorgesteld.

Hiertoe structureren aanbestedende diensten de elektronische veilingen als een zich herhalend elektronisch proces dat plaatsvindt na de eerste volledige beoordeling van de inschrijvingen en dat een klassering op basis van automatische beoordelingsmethoden mogelijk maakt.

Aangezien bepaalde overheidsopdrachten voor diensten en bepaalde overheidsopdrachten voor werken die intellectuele prestaties tot voorwerp van de opdracht hebben, zoals het ontwerpen van werken, niet op basis van automatische evaluatie kunnen worden ingedeeld, mogen voor deze opdrachten geen elektronische veilingen worden gebruikt.

2.
Bij openbare en niet-openbare procedures of bij mededingingsprocedures met onderhandeling kunnen de aanbestedende diensten, wanneer de inhoud van de aanbestedingsstukken, en met name de technische specificaties, nauwkeurig kan worden opgesteld, besluiten de gunning van een opdracht te laten voorafgaan door een elektronische veiling.

Onder dezelfde omstandigheden kan een elektronische veiling worden gebruikt bij het opnieuw tot mededinging oproepen van de partijen bij een raamovereenkomst, als bedoeld in artikel 33, lid 4, onder b) of onder c), alsmede bij de oproep tot mededinging voor opdrachten die worden gegund in het kader van het dynamisch aankoopsysteem als bedoeld in artikel 34.

3.

De elektronische veiling is gebaseerd op een van de volgende elementen van de inschrijvingen:

a)

alleen de prijzen, wanneer de opdracht louter op basis van de prijs wordt gegund;

b)

op de prijzen en/of de waarden van de elementen van de inschrijvingen zoals aangegeven in de aanbestedingsstukken wanneer de opdracht wordt gegund op basis van de economisch meest voordelige inschrijving of aan de inschrijver met de laagste kostprijs op basis van kosteneffectiviteit.

4.
De aanbestedende diensten die een elektronische veiling houden, maken daarvan melding in de aankondiging van de opdracht of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling. De aanbestedingsstukken bevatten ten minste de in bijlage VI genoemde informatie.
5.
Alvorens tot de elektronische veiling over te gaan, verrichten de aanbestedende diensten een eerste volledige beoordeling van de inschrijvingen aan de hand van het gunningscriterium of de gunningscriteria en de weging die daartoe is vastgesteld.

Een inschrijving wordt als ontvankelijk beschouwd indien die is ingediend door een inschrijver die niet is uitgesloten uit hoofde van artikel 57 en voldoet aan de selectiecriteria, en wiens inschrijving overeenstemt met de technische specificaties en niet onregelmatig of onaanvaardbaar of ongeschikt is.

Met name inschrijvingen die niet voldoen aan de vereisten in de aanbestedingsstukken, die te laat zijn binnengekomen, waarbij aantoonbaar sprake is van ongeoorloofde afspraken of corruptie, of die door de aanbestedende dienst als abnormaal laag zijn beoordeeld, worden onregelmatig geacht. Met name inschrijvingen van inschrijvers die niet over de vereiste kwalificaties beschikken, en inschrijvingen waarvan de prijs het door de aanbestedende dienst begrote bedrag, vastgesteld en gedocumenteerd vóór de aanvang van de aanbestedingsprocedure, overschrijdt, worden als onaanvaardbaar beschouwd.

De inschrijving wordt ongeschikt bevonden als zij niet relevant is voor de opdracht, omdat zij, zonder ingrijpende wijzigingen, kennelijk niet voorziet in de in de aanbestedingsstukken omschreven behoeften en eisen van de aanbestedende dienst. Een verzoek tot deelname wordt niet geschikt geacht wanneer de betrokken onderneming overeenkomstig artikel 57 moet of kan worden uitgesloten, of niet aan de overeenkomstig artikel 58 door de aanbestedende dienst bepaalde selectiecriteria voldoet.

Alle inschrijvers die een ontvankelijke inschrijving hebben ingediend, worden tegelijkertijd via elektronische weg uitgenodigd om aan de elektronische veiling deel te nemen, door op het vermelde tijdstip overeenkomstig de in de uitnodiging vermelde instructies gebruik te maken van de verbindingen. De elektronische veiling kan in een aantal opeenvolgende fasen verlopen. Zij vangt op zijn vroegst twee werkdagen na de datum van verzending van de uitnodigingen aan.

6.
De uitnodiging gaat vergezeld van het resultaat van de volledige beoordeling van de betrokken inschrijving, uitgevoerd overeenkomstig de in artikel 67, lid 5, eerste alinea, bedoelde weging.

De uitnodiging vermeldt eveneens de wiskundige formule die tijdens de elektronische veiling zal worden gebruikt om de automatische herklasseringen te bepalen op basis van de ingediende nieuwe prijzen en/of nieuwe waarden. ►C1 Behoudens in gevallen waarin de economisch voordeligste inschrijving uitsluitend op basis van de prijs wordt bepaald, houdt deze formule rekening met het gewicht dat aan alle vastgestelde criteria is toegekend om de economisch voordeligste inschrijving te bepalen, zoals in de aankondiging van de opdracht of in andere aanbestedingsstukken is aangegeven. Daartoe moeten eventuele marges vooraf in een bepaalde waarde worden uitgedrukt.

Wanneer varianten zijn toegestaan, moeten voor elke variant afzonderlijke formules worden verstrekt.

7.
In elke fase van de elektronische veiling verstrekken de aanbestedende diensten aan alle inschrijvers onmiddellijk ten minste voldoende informatie om hen in staat te stellen op elk moment hun respectieve klassering te kennen en kunnen zij ook andere informatie betreffende andere ingediende prijzen of waarden verstrekken indien dit vooraf is vermeld. Zij kunnen tevens op ieder ogenblik meedelen hoeveel inschrijvers aan die fase van de veiling deelnemen. Zij mogen echter hoe dan ook in geen enkele fase van de elektronische veiling de identiteit van de inschrijvers bekendmaken.
8.

De aanbestedende diensten kunnen de elektronische veiling op één of meer van de onderstaande wijzen afsluiten:

a)

op het vooraf aangegeven tijdstip;

b)

wanneer zij geen nieuwe prijzen of nieuwe waarden meer ontvangen die voldoen aan de voorschriften inzake minimumverschillen, mits zij vooraf hebben aangegeven welke termijn zij na ontvangst van de laatste aanbieding in acht zullen nemen alvorens de elektronische veiling te sluiten, of

c)

wanneer het vooraf aangegeven aantal fasen in de veiling volledig is doorlopen.

Wanneer de aanbestedende diensten voornemens zijn de elektronische veiling overeenkomstig punt c) van de eerste alinea af te sluiten, in voorkomend geval in combinatie met de in punt b) van die alinea bepaalde regelingen, vermeldt de uitnodiging tot deelneming aan de veiling het tijdschema voor elke fase van de veiling.

9.
Na de sluiting van de elektronische veiling gunnen de aanbestedende diensten de opdracht overeenkomstig artikel 67, op basis van de resultaten van de elektronische veiling.

Artikel 36

Elektronische catalogi

1.
Wanneer het gebruik van elektronische communicatiemiddelen verplicht is, kunnen de aanbestedende diensten verlangen dat de inschrijvingen in de vorm van een elektronische catalogus worden ingediend of een elektronische catalogus bevatten.

De lidstaten kunnen het gebruik van elektronische catalogi verplicht stellen bij bepaalde typen aanbestedingen.

Inschrijvingen die in de vorm van een elektronische catalogus worden ingediend, kunnen vergezeld gaan van andere documenten ter aanvulling van de inschrijving.

2.
Elektronische catalogi worden door de gegadigden of inschrijvers opgesteld met het oog op deelneming aan een specifieke aanbestedingsprocedure in overeenstemming met de technische specificaties en het formaat zoals door de aanbestedende dienst is vastgesteld.

Voorts voldoen elektronische catalogi aan de voorschriften inzake elektronische communicatiemiddelen alsmede aan alle aanvullende voorschriften als vastgesteld door de aanbestedende dienst overeenkomstig artikel 22.

3.

Wanneer de indiening van inschrijvingen in de vorm van elektronische catalogi wordt aanvaard dan wel verplicht is gesteld, gaan de aanbestedende diensten te werk als volgt:

a)

zij vermelden dit in de aankondiging van de opdracht of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling wanneer een vooraankondiging wordt gebruikt als een oproep tot mededinging;

b)

zij verstrekken in de aanbestedingsstukken alle nodige informatie overeenkomstig artikel 22, lid 6, betreffende het formaat, de gebruikte elektronische apparatuur en de nadere technische bepalingen voor de verbinding en specificaties voor de catalogus.

4.

Wanneer een raamovereenkomst met meer dan één ondernemer is gesloten na indiening van de inschrijvingen in de vorm van elektronische catalogi, kunnen de aanbestedende diensten bepalen dat voor specifieke opdrachten opnieuw tot mededinging wordt opgeroepen op basis van bijgewerkte catalogi. In een dergelijk geval gebruiken de aanbestedende diensten een van de volgende methoden:

a)

zij verzoeken de inschrijvers hun elektronische catalogi, na aanpassing aan de eisen van de betrokken opdracht, opnieuw in te dienen, of

b)

zij delen de inschrijvers mee dat zij voornemens zijn uit de reeds ingediende elektronische catalogi de nodige informatie te verzamelen om inschrijvingen op te maken die aan de vereisten van de betrokken opdracht aangepast zijn, mits dat gebruik van deze methode in de aanbestedingsstukken voor de raamovereenkomst is aangekondigd.

5.
Indien een aanbestedende dienst voor specifieke opdrachten overeenkomstig lid 4, onder b), opnieuw oproept tot mededinging, deelt hij aan de inschrijvers de datum en het tijdstip mede, waarop hij voornemens is de nodige informatie te verzamelen voor nieuwe inschrijvingen die aan de eisen van de betrokken specifieke opdracht aangepast zijn, en geeft hij inschrijvers de mogelijkheid om het zodanig verzamelen van informatie te weigeren.

De aanbestedende diensten voorzien in een toereikende termijn tussen de mededeling en het daadwerkelijk verzamelen van de informatie.

Vóór de gunning van de opdracht, leggen de aanbestedende diensten de verzamelde informatie over aan de betrokken inschrijver zodat deze kan betwisten of bevestigen dat de aldus samengestelde inschrijving geen materiële fouten bevat.

6.
Aanbestedende diensten mogen opdrachten op grond van een dynamisch aankoopsysteem gunnen op basis van de eis dat inschrijvingen voor een specifieke opdracht in de vorm van een elektronische catalogus moeten worden ingediend.

De aanbestedende diensten kunnen opdrachten ook gunnen op grond van een dynamisch aankoopsysteem overeenkomstig lid 4, onder b), en lid 5, mits het verzoek om deelname aan het dynamische aankoopsysteem vergezeld gaat van een elektronische catalogus in overeenstemming met de technische specificaties en formaat zoals vastgesteld door de aanbestedende dienst. Deze catalogus wordt vervolgens aangevuld door de gegadigden, wanneer zij in kennis zijn gesteld van het voornemen van de aanbestedende dienst om inschrijvingen op te stellen door middel van de procedures als bepaald in punt b) van lid 4.

Artikel 37

Gecentraliseerde aankoopactiviteiten en aankoopcentrales

1.
De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende diensten leveringen en/of diensten kunnen inkopen van ►C1 een aankoopcentrale die gecentraliseerde aankoopactiviteiten aanbiedt als bedoeld in artikel 2, lid 1, punt 14, onder a).

De lidstaten kunnen ook bepalen dat de aanbestedende diensten werken, leveringen en diensten kunnen verkrijgen via opdrachten die door een aankoopcentrale worden gegund, door gebruik te maken van door die centrale geëxploiteerde dynamische aankoopsystemen of, in de mate als aangegeven in artikel 33, lid 2, tweede alinea, door gebruik te maken van een raamovereenkomst die is gesloten door een aankoopcentrale die de in artikel 2, lid 1, punt 14), onder b), bedoelde gecentraliseerde aankoopactiviteit verricht. Wanneer een door een aankoopcentrale geëxploiteerd dynamisch aankoopsysteem door andere aanbestedende diensten mag worden gebruikt, wordt dit vermeld in de oproep tot mededinging voor het opzetten van het dynamische aankoopsysteem.

Met betrekking tot de eerste en de tweede alinea kunnen de lidstaten bepalen dat bepaalde aanbestedingen dienen te worden gedaan door gebruik te maken van aankoopcentrales of één of meer welbepaalde aankoopcentrales.

2.
Een aanbestedende dienst voldoet aan zijn verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn wanneer hij leveringen of diensten verwerft bij een aankoopcentrale die de gecentraliseerde aankoopactiviteit als bedoeld in artikel 2, lid 1, punt 14, onder a), aanbiedt.

Een aanbestedende dienst voldoet eveneens aan zijn verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn wanneer hij werken, leveringen of diensten aankoopt door gebruik te maken van door de aankoopcentrale gegunde opdrachten, door gebruik te maken van door die centrale geëxploiteerde dynamische aankoopsystemen of, in de mate als aangegeven in artikel 33, lid 2, tweede alinea, door gebruik te maken van een raamovereenkomst die wordt gesloten door de aankoopcentrale die de artikel 2, lid 1, punt 14), onder b), bedoelde gecentraliseerde aankoopactiviteiten aanbiedt.

De betrokken aanbestedende dienst is evenwel verantwoordelijk voor de nakoming van de verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn met betrekking tot de delen die hij zelf verricht, zoals:

a)

gunnen van een opdracht in het kader van een dynamisch aankoopsysteem dat door een aankoopcentrale wordt geëxploiteerd;

b)

een nieuwe oproep tot mededinging doen uitgaan op grond van een raamovereenkomst die door een aankoopcentrale is gesloten;

c)

conform artikel 33, lid 4, onder a) of b), vaststellen welke van de ondernemers die partij zijn bij de raamovereenkomst, een gegeven taak uitvoert op grond van een door een aankoopcentrale gesloten raamovereenkomst.

3.
Voor alle aanbestedingsprocedures van een aankoopcentrale worden elektronische communicatiemiddelen gebruikt overeenkomstig de voorschriften van artikel 22.
4.
Aanbestedende diensten mogen, zonder toepassing van de in deze richtlijn vervatte procedures, een overheidsopdracht voor diensten betreffende gecentraliseerde aankoopactiviteiten aan een aankoopcentrale gunnen.

Dergelijke overheidsopdrachten voor diensten mogen ook het verrichten van aanvullende aankoopactiviteiten omvatten.

Artikel 38

Occasionele gezamenlijke aanbestedingen

1.
Twee of meer aanbestedende diensten kunnen overeenkomen bepaalde specifieke aanbestedingen gezamenlijk te verrichten.
2.
Wanneer een volledig aanbestedingsprocedure gezamenlijk wordt uitgevoerd namens en voor rekening van alle betrokken aanbestedende diensten, zijn zij gezamenlijk verantwoordelijk voor het nakomen van hun verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn. Dit geldt ook wanneer een aanbestedende dienst de procedure beheert en optreedt namens zichzelf en de andere betrokken aanbestedende diensten.

Als de uitvoering van een aanbestedingsprocedure niet in zijn geheel wordt uitgevoerd namens en voor rekening van de betrokken aanbestedende diensten, zijn zij alleen gezamenlijk verantwoordelijk voor de gezamenlijk uitgevoerde delen. Elke aanbestedende dienst is als enige verantwoordelijk voor het nakomen van zijn verplichtingen op grond van deze richtlijn met betrekking tot de delen die hij in eigen naam en voor eigen rekening uitvoert.

Artikel 39

Gunnen van opdrachten door aanbestedende diensten van verschillende lidstaten

1.
Onverminderd artikel 12 kunnen aanbestedende diensten van verschillende lidstaten gezamenlijk overheidsopdrachten gunnen door gebruik te maken van één van de in dit artikel bepaalde middelen.

De aanbestedende diensten maken geen gebruik van de in dit artikel voorziene middelen om de toepassing te vermijden van dwingende publiekrechtelijke bepalingen overeenkomstig het Unierecht waaraan zij in de lidstaat onderworpen zijn.

2.
Een lidstaat verbiedt zijn aanbestedende diensten niet gebruik te maken van gecentraliseerde aankoopactiviteiten die door in een andere lidstaat gevestigde aankoopcentrales worden aangeboden.

Voor gecentraliseerde aankoopactiviteiten, aangeboden door een aankoopcentrale die gevestigd is in een andere lidstaat dan de aanbestedende dienst, kunnen de lidstaten evenwel bepalen dat hun aanbestedende diensten alleen gebruik mogen maken van de gecentraliseerde aankoopactiviteiten als omschreven in artikel 2, lid 1, punt 14), onder a) of b).

3.
Het verschaffen van gecentraliseerde aankoopactiviteiten door een in een andere lidstaat gevestigde aankoopcentrale geschiedt overeenkomstig de nationale bepalingen van de lidstaat waar de aankoopcentrale is gevestigd.

De nationale bepalingen van de lidstaat waar de aankoopcentrale is gevestigd, zijn ook van toepassing op:

a)

het gunnen van een overheidsopdracht in het kader van een dynamisch aankoopsysteem;

b)

het doen uitgaan van een nieuwe oproep tot mededinging in het kader van een raamovereenkomst;

c)

het conform artikel 33, lid 4, onder a) of b), bepalen welke ondernemers die partij zijn bij de raamovereenkomst, een bepaalde taak uitvoeren.

4.

Verschillende aanbestedende diensten uit verschillende lidstaten kunnen gezamenlijk een overheidsopdracht gunnen, een raamovereenkomst sluiten of een dynamisch aankoopsysteem exploiteren. Zij kunnen eveneens, in de mate als aangegeven in artikel 33, lid 2, tweede alinea, opdrachten gunnen op basis van de raamovereenkomst of het dynamische aankoopsysteem. Tenzij de noodzakelijke elementen zijn geregeld door een tussen de betrokken lidstaten gesloten internationale overeenkomst, sluiten de deelnemende aanbestedende diensten een overeenkomst die het volgende bepaalt:

a)

de verantwoordelijkheden van de partijen en de relevante toepasselijke nationale bepalingen;

b)

de interne organisatie van de aanbestedingsprocedure, met inbegrip van het beheer van de procedure, de verdeling van de aan te besteden werken, leveringen of diensten en de sluiting van opdrachten.

Een deelnemende aanbestedende dienst voldoet aan zijn verplichtingen op grond van deze richtlijn wanneer hij werken, leveringen of diensten verwerft van een aanbestedende dienst die voor de aanbestedingsprocedure verantwoordelijk is. Bij het vaststellen van de verantwoordelijkheden en het toepasselijke nationale recht als bedoeld in punt a) kunnen de aanbestedende diensten onder hen bijzondere verantwoordelijkheden verdelen en bepalen welke de relevante toepasselijke bepalingen van het nationale recht van elke betrokken lidstaat zijn. De verdeling van verantwoordelijkheden en het toepasselijke nationale recht worden voor gezamenlijk gegunde overheidsopdrachten in de aanbestedingsstukken vermeld.

5.

Wanneer verscheidene aanbestedende diensten uit verschillende lidstaten een gezamenlijke entiteit hebben opgericht, inclusief een Europese groepering voor territoriale samenwerking overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1082/2006 van het Europees Parlement en de Raad (9) of andere entiteiten naar Unierecht, komen de deelnemende aanbestedende diensten bij besluit van het bevoegde orgaan van de gezamenlijke organisatie overeen welke nationale aanbestedingsregels van een van de volgende lidstaten van toepassing zijn:

a)

de nationale bepalingen van de lidstaat waar de gezamenlijke entiteit zijn statutaire zetel heeft;

b)

de nationale bepalingen van de lidstaat waar de gezamenlijke entiteit zijn activiteiten uitoefent.

De in de eerste alinea bedoelde overeenkomst kan voor onbepaalde tijd gelden indien de oprichtingsakte van de gezamenlijke entiteit daarin voorziet, of beperkt zijn tot een bepaalde termijn of tot een aantal soorten opdrachten of tot één of meer individuele plaatsingen van opdrachten.



HOOFDSTUK III

Verloop van de procedure



Afdeling 1

Voorbereiding

Artikel 40

Voorafgaande marktconsultaties

Vóór de aanvang van een aanbestedingsprocedure kunnen aanbestedende diensten, ter voorbereiding van de aanbesteding, marktconsultaties houden om de ondernemers op de hoogte te brengen van hun aanbestedingsplannen en voorwaarden.

Met dit doel kunnen aanbestedende diensten bijvoorbeeld advies van onafhankelijke deskundigen of instanties of van marktdeelnemers inwinnen of ontvangen dat kan worden gebruikt bij de planning en uitvoering van de aanbestedingsprocedure, mits dit advies niet leidt tot vervalsing van de mededinging en geen aanleiding geeft tot schending van de beginselen van non-discriminatie en transparantie.

Artikel 41

Voorafgaande betrokkenheid van gegadigden of inschrijvers

Wanneer een gegadigde of inschrijver of een met een gegadigde of inschrijver verbonden onderneming de aanbestedende dienst of diensten heeft geadviseerd, al dan niet in het kader van artikel 40, of anderszins betrokken is geweest bij de voorbereiding van de aanbestedingsprocedure, neemt de aanbestedende dienst passende maatregelen om ervoor te zorgen dat de mededinging niet wordt vervalst door de deelneming van die gegadigde of inschrijver.

Deze maatregelen omvatten de mededeling aan andere gegadigden en inschrijvers van relevante informatie die is uitgewisseld in het kader van of ten gevolge van de betrokkenheid van de gegadigde of inschrijver bij de voorbereiding van de aanbestedingsprocedure, alsmede de vaststelling van passende termijnen voor de ontvangst van inschrijvingen. De betrokken gegadigde of inschrijver wordt slechts van de aanbestedingsprocedure uitgesloten indien er geen andere middelen zijn om de naleving van het beginsel gelijke behandeling te verzekeren.

Alvorens te worden uitgesloten, moeten gegadigden of inschrijvers de kans krijgen te bewijzen dat hun betrokkenheid bij de voorbereiding van de aanbestedingsprocedure de mededinging niet kan verstoren. De maatregelen worden in het krachtens artikel 84 vereiste individuele verslag vermeld.

Artikel 42

Technische specificaties

1.
De technische specificaties als omschreven in punt 1 van bijlage VII worden uitgeschreven in de aanbestedingsstukken. In de technische specificaties worden de voor een werk, dienst of levering gestelde kenmerken voorgeschreven.

Die kenmerken kunnen ook verband houden met het specifieke proces of de specifieke methode van productie of uitvoering van de gevraagde werken, leveringen of diensten of met een specifiek proces van een ander stadium van de levenscyclus ervan, zelfs wanneer deze factoren niet tot de materiële essentie van de werken, leveringen of diensten behoren, mits zij met het voorwerp van de opdracht verbonden en in verhouding tot de waarde en de doelstellingen ervan zijn.

De technische specificaties kunnen tevens bepalen of de overdracht van intellectuele-eigendomsrechten vereist zal zijn.

Voor alle aanbestedingen die zijn bedoeld voor gebruik door natuurlijke personen, hetzij door het grote publiek, hetzij door het personeel van de aanbestedende dienst, moeten deze technische specificaties, uitgezonderd in behoorlijk gemotiveerde gevallen, zodanig worden opgesteld dat rekening wordt gehouden met de criteria inzake toegankelijkheid voor personen met een handicap of de geschiktheid van het ontwerp voor alle gebruikers.

Indien middels een rechtshandeling van de Unie verplichte toegankelijkheidsvoorschriften zijn vastgesteld, worden de technische specificaties voor zover het de criteria voor toegankelijkheid van personen met een handicap of het ontwerp voor alle gebruikers betreft, bepaald door een verwijzing naar de desbetreffende criteria.

2.
De technische specificaties bieden inschrijvers gelijke toegang tot de aanbestedingsprocedures en mogen er niet toe leiden dat ongerechtvaardigde belemmeringen voor de openstelling van overheidsopdrachten voor mededinging worden opgeworpen.
3.

Onverminderd dwingende nationale technische voorschriften, voor zover deze met het recht van de Unie verenigbaar zijn, worden de technische specificaties opgesteld op een van de volgende wijzen:

a)

aan de hand van prestatie- of functionele eisen, inclusief milieukenmerken, mits de parameters zo nauwkeurig zijn dat de inschrijvers het voorwerp van de opdracht kunnen bepalen en de aanbestedende diensten de opdracht kunnen gunnen;

b)

onder verwijzing naar de technische specificaties en, in volgorde van voorkeur, de nationale normen waarin Europese normen zijn omgezet, de Europese technische beoordelingen, de gemeenschappelijke technische specificaties, internationale normen, andere door de Europese normalisatie-instellingen opgestelde technische referentiesystemen, of, bij gebreke van dit alles, de nationale normen, de nationale technische goedkeuringen dan wel de nationale technische specificaties inzake het ontwerpen, het berekenen en het uitvoeren van de werken en het gebruik van de leveringen; elke verwijzing gaat vergezeld van de woorden „of gelijkwaardig”;

c)

aan de hand van de onder a) bedoelde prestatie- of functionele eisen, waarbij onder aanname van overeenstemming met deze prestatie-eisen en functionele eisen wordt verwezen naar de onder b) bedoelde technische specificaties;

d)

onder verwijzing naar de onder b) bedoelde technische specificaties voor bepaalde kenmerken, en naar de onder a) bedoelde prestatie- of functionele eisen voor andere kenmerken.

4.
Behalve indien dit door het voorwerp van de opdracht gerechtvaardigd is, mag in de technische specificaties geen melding worden gemaakt van een bepaald fabricaat of een bepaalde herkomst of van een bijzondere werkwijze die kenmerkend is voor de producten of diensten van een bepaalde ondernemer, en evenmin van een merk, een octrooi of een type, een bepaalde oorsprong of een bepaalde productie, waardoor bepaalde ondernemingen of bepaalde producten worden bevoordeeld of geëlimineerd. Deze vermelding is bij wijze van uitzondering toegestaan wanneer een voldoende nauwkeurige en begrijpelijke omschrijving van het voorwerp van de opdracht krachtens lid 3 niet mogelijk is. Een dergelijke vermelding of verwijzing gaat vergezeld van de woorden „of gelijkwaardig”.
5.
Wanneer een aanbestedende dienst gebruikmaakt van de mogelijkheid te verwijzen naar de in lid 3, onder b), genoemde technische specificaties, wijst hij een inschrijving niet af op grond van het feit dat de aangeboden werken, leveringen of diensten niet overeenstemmen met de betrokken technische specificaties, wanneer de inschrijver in zijn inschrijving met elk passend middel, inclusief de in artikel 44 bedoelde bewijsmiddelen, aantoont dat de voorgestelde oplossingen op gelijkwaardige wijze voldoen aan de in de technische specificaties gestelde eisen.
6.
Wanneer een aanbestedende dienst gebruikmaakt van de in lid 3, onder a), geboden mogelijkheid de technische specificaties in termen van prestatie- of functionele eisen vast te stellen, wijst hij een inschrijving voor werken, leveringen of diensten niet af als zij voldoet aan een nationale norm waarbij een Europese norm is omgezet, een Europese technische goedkeuring, een gemeenschappelijke technische specificatie, een internationale norm, een door een Europees normalisatieorgaan ingesteld technisch verwijzingssysteem, wanneer deze specificaties betrekking hebben op de door de aanbestedende dienst vastgestelde prestatie- of functionele eisen.

De inschrijver bewijst in zijn inschrijving met elk passend middel, waaronder de in artikel 44 bedoelde middelen, dat het werk, de levering of de dienst dat/die in overeenstemming is met de norm, voldoet aan de prestatie- of functionele eisen van de aanbestedende dienst.

Artikel 43

Keurmerken

1.

Wanneer de aanbestedende diensten het voornemen hebben werken, leveringen of diensten met specifieke milieu-, sociale of andere kenmerken aan te kopen kunnen zij, in de technische specificaties, de gunningscriteria of de contractvoorwaarden betreffende de uitvoering van de opdracht, een specifiek keurmerk eisen als bewijs dat de werken, diensten of leveringen overeenstemmen met de vereiste voorschriften, mits aan alle volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de keurmerkeisen hebben alleen betrekking op criteria die verband houden met het voorwerp van de opdracht en zijn geschikt voor de omschrijving van de kenmerken van de werken, leveringen of diensten die het voorwerp van de opdracht vormen;

b)

de keurmerkeisen zijn gebaseerd op objectief controleerbare en niet-discriminerende criteria;

c)

het keurmerk is vastgesteld in een open en transparante procedure waaraan alle belanghebbenden, inclusief overheidsinstanties, consumenten, sociale partners, fabrikanten, distributeurs en niet-gouvernementele organisaties kunnen deelnemen;

d)

het keurmerk is voor alle betrokken partijen toegankelijk;

e)

de keurmerkeisen worden vastgesteld door een derde partij waarover de ondernemer die het keurmerk aanvraagt, geen beslissende invloed uitoefent.

Indien de aanbestedende diensten niet eisen dat de werken, leveringen of diensten aan alle keurmerkeisen voldoen, geven zij aan welke keurmerkeisen worden bedoeld.

Aanbestedende diensten die een specifiek keurmerk eisen, aanvaarden alle keurmerken die bevestigen dat de werken, leveringen of diensten aan gelijkwaardige keurmerkeisen voldoen.

Indien een ondernemer, om redenen die hem niet aangerekend kunnen worden, aantoonbaar niet de mogelijkheid heeft gehad het door de aanbestedende dienst aangegeven specifieke keurmerk of een gelijkwaardig keurmerk binnen de gestelde termijnen te verwerven, aanvaardt de aanbestedende dienst andere geschikte bewijsmiddelen, zoals een technisch dossier van de fabrikant, mits de betrokken ondernemer aantoont dat de door hem te leveren werken, leveringen of diensten voldoen aan het door de aanbestedende dienst aangegeven specifieke keurmerk of aan de specifieke eisen.

2.
Wanneer een keurmerk aan de voorwaarden van lid 1, onder b), c) en d) en e), voldoet maar eveneens eisen stelt die geen verband houden met het voorwerp van de opdracht, eisen de aanbestedende diensten niet het keurmerk als zodanig maar kunnen zij de technische specificaties vaststellen onder verwijzing naar de gedetailleerde technische specificaties van dat keurmerk, of indien noodzakelijk, delen daarvan die verband houden met het voorwerp van de opdracht en geschikt zijn voor de omschrijving van de kenmerken van dit voorwerp.

Artikel 44

Testverslagen, certificatie en andere bewijsmiddelen

1.
De aanbestedende diensten kunnen eisen dat ondernemers een testverslag of certificaat van een conformiteitsbeoordelingsinstantie verstrekken als bewijs van overeenstemming met de voorschriften of criteria die zijn neergelegd in de technische specificaties, de gunningscriteria of de contractvoorwaarden.

Wanneer aanbestedende diensten eisen dat certificaten van een specifieke conformiteitsbeoordelingsinstantie worden overgelegd, worden door hen ook certificaten van andere gelijkwaardige conformiteitsbeoordelingsinstanties aanvaard.

Een conformiteitsbeoordelingsinstantie in de zin van dit lid is een instantie die conformiteitsbeoordelingsactiviteiten verricht, zoals ijken, testen, certificeren en inspecteren, en geaccrediteerd is overeenkomstig Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad (10).

2.
Aanbestedende diensten aanvaarden andere dan de in lid 1 bedoelde geschikte bewijsmiddelen, zoals een technisch dossier van de fabrikant, wanneer de betrokken ondernemer geen toegang had tot de in lid 1 bedoelde certificaten of testverslagen of deze niet binnen de desbetreffende termijnen kon verkrijgen, mits het ontbreken van toegang de betrokken ondernemer niet valt aan te rekenen, op voorwaarde dat de betrokken ondernemer daarbij aantoont dat de door hem geleverde werken, leveringen of diensten voldoen aan de voorschriften of criteria van de technische specificaties, de gunningscriteria of de contractvoorwaarden.
3.
De lidstaten verstrekken andere lidstaten op hun verzoek alle informatie met betrekking tot de middelen en documenten die overeenkomstig artikel 42, lid 6, artikel 43 en de leden 1 en 2 van dit artikel zijn overgelegd. De bevoegde instanties van de lidstaat van vestiging van de ondernemer verstrekken deze informatie overeenkomstig artikel 86.

Artikel 45

Varianten

1.
Aanbestedende diensten kunnen inschrijvers toestaan of van hen verlangen varianten in te dienen. Zij vermelden in de aankondiging van de opdracht, of als een vooraankondiging als oproep tot mededinging wordt gebruikt, in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling, of zij varianten toestaan of verlangen. Varianten zijn zonder een dergelijke vermelding niet toegestaan. Varianten zijn verbonden met het voorwerp van de opdracht.
2.
Aanbestedende diensten die varianten toestaan of eisen, vermelden in de aanbestedingsstukken aan welke minimumeisen deze varianten moeten voldoen, alsmede specifieke eisen met betrekking tot hoe zij moeten worden ingediend, en vermelden met name of varianten slechts kunnen worden ingediend wanneer ook een inschrijving die geen variant is, is ingediend. Voorts garanderen zij dat de gekozen gunningscriteria kunnen worden toegepast op varianten die aan deze minimumvoorschriften voldoen, en op conforme inschrijvingen die geen varianten zijn.
3.
De aanbestedende diensten houden alleen rekening met de varianten die aan de gestelde minimumeisen voldoen.

Bij procedures voor het gunnen van opdrachten voor leveringen of diensten mogen de aanbestedende diensten die varianten hebben toegestaan of geëist, een variant niet afwijzen uitsluitend omdat deze, mocht hij worden gekozen, tot een opdracht voor diensten in plaats van een opdracht voor leveringen, dan wel tot een opdracht voor leveringen in plaats van een opdracht voor diensten zou leiden.

Artikel 46

Verdeling van opdrachten in percelen

1.
Aanbestedende diensten kunnen besluiten een opdracht te gunnen in de vorm van afzonderlijke percelen en kunnen de omvang en het voorwerp van deze percelen bepalen.

►C1 Met uitzondering van opdrachten die krachtens lid 4 van dit artikel moeten worden verdeeld, vermelden de aanbestedende diensten de voornaamste redenen voor hun besluit de opdracht niet in percelen op te delen; deze redenen worden in de aanbestedingsstukken of in het in artikel 84 bedoelde proces-verbaal opgenomen.

2.
De aanbestedende diensten vermelden in de aankondiging van de opdracht of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling, of inschrijvingen mogen worden ingediend voor één, meer of alle percelen.

De aanbestedende diensten mogen, zelfs indien er inschrijvingen mogen worden ingediend voor meer of alle percelen, het aantal aan één inschrijver te gunnen percelen beperken, mits het maximumaantal percelen per inschrijver in de aankondiging van de opdracht of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling is aangegeven. Aanbestedende diensten vermelden in de aanbestedingsstukken de objectieve en niet-discriminerende criteria of regels die zij voornemens zijn toe te passen om te bepalen welke percelen zullen worden gegund indien de toepassing van de gunningscriteria zou leiden tot de gunning van meer percelen dan het maximumaantal aan een zelfde inschrijver.

3.
De lidstaten kunnen bepalen dat, indien meer dan één perceel aan dezelfde inschrijver kan worden gegund, de aanbestedende diensten opdrachten kunnen gunnen voor een combinatie van percelen of voor alle percelen wanneer zij in de aankondiging van de opdracht of in de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling hebben gespecificeerd dat zij zich daartoe de mogelijkheid voorbehouden en aangeven welke percelen of groepen van percelen kunnen worden gecombineerd.
4.
De lidstaten kunnen de tweede alinea van lid 1 implementeren door het verplicht te stellen opdrachten als afzonderlijke percelen te gunnen onder voorwaarden die overeenkomstig het nationale recht dienen te worden bepaald, met inachtneming van het Unierecht. In deze omstandigheden zijn de eerste alinea van lid 2, en, in voorkomend geval, lid 3 van toepassing.

Artikel 47

Vaststelling van termijnen

1.
Bij de vaststelling van de termijnen voor de verzoeken tot deelname en de ontvangst van inschrijvingen moeten aanbestedende diensten rekening houden met de complexiteit van de opdracht en met de tijd die nodig is voor de voorbereiding van inschrijvingen, onverminderd de in de artikelen 27 tot en met 31 vastgestelde minimumtermijnen.
2.
Wanneer inschrijvingen slechts kunnen plaatsvinden na een bezoek van de locatie of na inzage ter plaatse van de documenten waarop die aanbestedingsstukken steunen, worden de termijnen voor ontvangst van de inschrijvingen, die langer zijn dan de in de artikelen 27 tot en met 31 vastgelegde minimumtermijnen, vastgesteld, zodat alle betrokken ondernemers de gelegenheid hebben kennis te nemen van alle nodige gegevens voor het opstellen van de inschrijvingen.
3.

Aanbestedende diensten verlengen de termijnen voor ontvangst van de inschrijvingen opdat alle betrokken ondernemers kunnen beschikken over alle nodige gegevens voor het opstellen van de inschrijvingen, in de volgende gevallen:

a)

indien, om welke reden dan ook, aanvullende informatie, hoewel tijdig aangevraagd door de ondernemer, niet uiterlijk zes dagen voor de voor de ontvangst van inschrijvingen gestelde termijn is verstrekt. ►C1 In het geval van de versnelde procedure als bedoeld in artikel 27, lid 3, en artikel 28, lid 6, bedraagt deze termijn vier dagen;

b)

indien de aanbestedingsstukken aanzienlijk zijn gewijzigd.

De duur van de verlenging dient evenredig te zijn aan het belang van de informatie of wijziging.

Indien de aanvullende informatie niet tijdig aangevraagd is of het belang daarvan gelet op het opstellen van de inschrijvingen onbetekenend is, hoeven de aanbestedende diensten de termijnen niet te verlengen.



Afdeling 2

Bekendmaking en transparantie

Artikel 48

Vooraankondigingen

1.
Aanbestedende diensten kunnen hun voornemens met betrekking tot geplande aanbestedingen te kennen geven door een vooraankondiging te publiceren. Deze aankondigingen bevatten de in bijlage V, deel B, afdeling I, omschreven informatie. Zij worden bekendgemaakt door het Bureau voor publicaties van de Europese Unie of door de aanbestedende diensten via hun „kopersprofiel” overeenkomstig punt 2, onder b), van bijlage VIII. Wanneer de vooraankondiging door de aanbestedende diensten wordt gepubliceerd via hun kopersprofiel, zenden deze een aankondiging van bekendmaking naar het Bureau voor publicaties van de Europese Unie via hun kopersprofiel overeenkomstig bijlage VIII. De vooraankondigingen bevatten de in bijlage V, deel A, omschreven informatie.
2.

Bij niet-openbare procedures en mededingingsprocedures met onderhandeling kunnen niet-centrale aanbestedende diensten een vooraankondiging gebruiken als oproep tot mededinging overeenkomstig artikel 26, lid 5, mits de aankondiging aan alle volgende voorwaarden voldoet:

a)

zij verwijst specifiek naar leveringen, werken of diensten waarop de te gunnen opdracht betrekking heeft;

b)

zij vermeldt dat de opdracht zal worden gegund door middel van een niet-openbare procedure of een mededingingsprocedure met onderhandeling zonder verdere bekendmaking van een oproep en nodigt de belangstellende ondernemers uit hun belangstelling kenbaar te maken;

c)

zij bevat, naast de informatie als vermeld in bijlage V, deel B, afdeling I, de informatie als vermeld in bijlage V, deel B, afdeling II;

d)

zij is minimaal 35 dagen en maximaal twaalf maanden vóór de datum van verzending van de in artikel 54, lid 1, bedoelde uitnodiging ter bekendmaking toegezonden.

Dergelijke aankondigingen worden niet bekendgemaakt in een kopersprofiel. De eventuele aanvullende bekendmaking op nationaal niveau uit hoofde van artikel 52, indien die er is, kan evenwel worden gedaan via een kopersprofiel.

De periode waarop de vooraankondiging betrekking heeft, is maximaal twaalf maanden te rekenen vanaf de datum waarop de vooraankondiging voor bekendmaking is verzonden. In het geval van overheidsopdrachten voor sociale en andere specifieke diensten, kan de vooraankondiging als bedoeld in artikel 75, lid 1, onder b), betrekking hebben op een periode die meer dan twaalf maanden bedraagt.

Artikel 49

Aankondigingen van opdrachten

Aankondigingen van opdrachten worden voor alle procedures gebruikt als oproep tot mededinging, onverminderd artikel 26, lid 5, tweede alinea, en artikel 32. Die aankondigingen van opdrachten bevatten de informatie als vermeld in bijlage V, deel C, en worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 51.

Artikel 50

Aankondigingen gegunde opdracht

1.
Uiterlijk 30 dagen na de sluiting van een overeenkomst of van een raamovereenkomst conform het besluit tot gunning of sluiting, sturen de aanbestedende diensten een aankondiging gegunde opdracht over de resultaten van de aanbestedingsprocedure.

Deze aankondigingen bevatten de in bijlage V, deel D, bedoelde informatie en worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 51.

2.
Wanneer de oproep tot mededinging voor de betrokken opdracht is verricht door middel van een vooraankondiging en de aanbestedende dienst heeft besloten geen verdere opdrachten te gunnen gedurende de periode waarop de vooraankondiging betrekking heeft, wordt dit specifiek vermeld in de aankondiging van de gegunde opdracht.

In het geval van overeenkomstig artikel 33 gesloten raamovereenkomsten zijn de aanbestedende diensten niet verplicht een aankondiging betreffende de resultaten van de aanbestedingsprocedure te versturen voor elke opdracht die op deze overeenkomst is gebaseerd. De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende diensten aankondigingen over de resultaten van de aanbestedingsprocedure in verband met opdrachten op grond van de raamovereenkomst per kwartaal moeten bundelen. In dat geval versturen de aanbestedende diensten de gebundelde aankondigingen binnen 30 dagen na het einde van elk kwartaal.

3.
De aanbestedende diensten versturen binnen 30 dagen na de gunning van iedere opdracht op basis van een dynamisch aankoopsysteem een aankondiging van de gegunde opdrachten. Deze aankondigingen kunnen echter per kwartaal worden gebundeld. In dat geval versturen de aanbestedende diensten de gebundelde aankondigingen binnen 30 dagen na het einde van elk kwartaal.
4.
Bepaalde informatie aangaande de gunning van de opdracht of de sluiting van de raamovereenkomst behoeft niet voor bekendmaking te worden vrijgegeven indien de openbaarmaking ervan rechtshandhaving in de weg zou staan, of op andere wijze in strijd zou zijn met het openbare belang, schade zou berokkenen aan de rechtmatige commerciële belangen van een bepaalde publieke of particuliere ondernemer, of afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen ondernemers.

Artikel 51

Opmaak en wijze van bekendmaking van aankondigingen

1.
De in de artikelen 48, 49 en 50 bedoelde aankondigingen bevatten de in bijlage V genoemde informatie, in de vorm van standaardformulieren, met inbegrip van standaardformulieren voor correcties.

De Commissie stelt deze standaardformulieren vast door middel van uitvoeringshandelingen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 89, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.

2.
De in de artikelen 48, 49 en 50 bedoelde aankondigingen worden opgesteld, met elektronische middelen aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie gezonden en overeenkomstig bijlage VIII bekendgemaakt. Aankondigingen worden uiterlijk vijf dagen na verzending bekendgemaakt. De kosten voor de bekendmaking van de aankondigingen door het Bureau voor publicaties van de Europese Unie worden gedragen door de Unie.
3.
De in de artikelen 48, 49 en 50 bedoelde aankondigingen worden onverkort bekendgemaakt in de door de aanbestedende dienst gekozen officiële taal/talen van de instellingen van de Unie. Alleen de tekst in deze taalversie of taalversies is authentiek. Een samenvatting met de belangrijke gegevens van elke aankondiging wordt in de andere officiële talen van de instellingen van de Unie bekendgemaakt.
4.

Het Bureau voor publicaties van de Europese Unie zorgt voor herhaalde bekendmaking van de volledige tekst en de samenvatting van vooraankondigingen als bedoeld in artikel 48, lid 2, en oproepen tot mededinging waarbij een dynamisch aankoopsysteem wordt opgezet als bedoeld in artikel 34, lid 4, onder a):

a)

in het geval van vooraankondigingen, gedurende twaalf maanden of tot de ontvangst van een aankondiging van een gegunde opdracht overeenkomstig artikel 50, waarin wordt vermeld dat er geen verdere opdrachten worden gegund gedurende de periode van twaalf maanden waarop de oproep tot mededinging betrekking heeft. In het geval van overheidsopdrachten voor sociale en andere specifieke diensten, wordt voortgegaan met de publicatie van de vooraankondiging bedoeld in artikel 75, lid 1, onder b), tot het einde van de oorspronkelijk aangegeven geldigheidstermijn of tot de ontvangst van een aankondiging gegunde opdracht overeenkomstig artikel 50 waarin staat dat geen verdere opdrachten zullen worden gegund gedurende de periode waarop de oproep tot mededinging betrekking heeft;

b)

in het geval van oproepen tot mededinging waarbij een dynamisch aankoopsysteem wordt opgezet, voor de geldigheidsduur van het dynamisch aankoopsysteem.

5.
De aanbestedende diensten moeten de verzenddatum van de aankondigingen kunnen bewijzen.

Het Bureau voor publicaties van de Europese Unie verstrekt de aanbestedende dienst een bevestiging van ontvangst van de aankondiging en van bekendmaking van de verzonden informatie, met vermelding van de datum van bekendmaking. Deze bevestiging vormt het bewijs van de bekendmaking.

6.
Aanbestedende diensten kunnen aankondigingen van opdrachten voor werken, leveringen of diensten bekendmaken die niet onder de in deze richtlijn voorgeschreven bekendmakingsvoorschriften vallen, mits deze aankondigingen in elektronische vorm aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie worden gezonden in het formaat en op de wijze als omschreven in bijlage VIII.

Artikel 52

Bekendmaking op nationaal niveau

1.
De in de artikelen 48, 49 en 50 bedoelde aankondigingen en de inhoud daarvan worden op nationaal niveau niet bekendgemaakt voordat zij overeenkomstig artikel 51 zijn bekendgemaakt. Bekendmaking kan in ieder geval op nationaal niveau geschieden indien de aanbestedende diensten niet binnen 48 uur na de bevestiging van ontvangst van de aankondiging overeenkomstig artikel 51 zijn geïnformeerd over de bekendmaking.
2.
Aankondigingen die op nationaal niveau worden bekendgemaakt, mogen geen andere informatie bevatten dan de informatie in de aankondigingen die aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie worden toegezonden of via een kopersprofiel worden bekendgemaakt, en moeten de datum van toezending aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie of van de bekendmaking via het kopersprofiel vermelden.
3.
Vooraankondigingen worden niet via het kopersprofiel bekendgemaakt voordat de kennisgeving van de bekendmaking in deze vorm aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie is verzonden; zij vermelden de datum van deze verzending.

Artikel 53

Elektronische beschikbaarheid van aanbestedingsstukken

1.
De aanbestedende diensten bieden met elektronische middelen kosteloze, rechtstreekse en volledige toegang tot de aanbestedingsstukken vanaf de datum van bekendmaking van een aankondiging overeenkomstig artikel 51 of vanaf de datum waarop een uitnodiging tot bevestiging van belangstelling is verzonden. De tekst van de aankondiging of van deze uitnodiging tot bevestiging van belangstelling vermeldt het internetadres waar deze aanbestedingsstukken toegankelijk zijn.

Wanneer geen kosteloze vrije, rechtstreekse en volledige toegang langs elektronische weg tot bepaalde aanbestedingsstukken kan worden geboden om een van de in de in artikel 22, lid 1, tweede alinea, vermelde redenen, kunnen de aanbestedende diensten in de aankondiging of in de uitnodiging tot bevestiging van de belangstelling aangeven dat de betreffende aanbestedingsstukken zullen worden toegezonden met andere middelen dan langs elektronische weg overeenkomstig het bepaalde in lid 2 van dit artikel. In een dergelijk geval wordt de termijn voor de indiening van de inschrijvingen met vijf dagen verlengd, behalve in behoorlijk gemotiveerde dringende gevallen als bedoeld in artikel 27, lid 3, artikel 28, lid 6, en artikel 29, lid 1, vierde alinea.

Wanneer geen kosteloze vrije, rechtstreekse en volledige toegang langs elektronische weg tot bepaalde aanbestedingsstukken kan worden geboden omdat aanbestedende diensten voornemens zijn artikel 21, lid 2, van deze richtlijn toe te passen, vermelden zij in de aankondiging of in de uitnodiging tot bevestiging van de belangstelling welke maatregelen ter bescherming van het vertrouwelijke karakter van de informatie zij eisen en hoe toegang kan worden verkregen tot de betrokken documenten. In dat geval wordt de termijn voor de indiening van de inschrijvingen met vijf dagen verlengd, behalve in behoorlijk gemotiveerde dringende gevallen als bedoeld in artikel 27, lid 3, artikel 28, lid 6, en artikel 29, lid 1, vierde alinea.

2.
De aanbestedende diensten verstrekken alle inschrijvers die aan de aanbestedingsprocedure deelnemen nadere informatie over de specificaties en de ondersteunende documenten, mits tijdig aangevraagd, uiterlijk zes dagen vóór de uiterste datum van ontvangst van de inschrijvingen. In het geval van de versnelde openbare procedure als bedoeld in artikel 27, lid 3, en artikel 28, lid 6, bedraagt deze termijn vier dagen.

Artikel 54

Uitnodigingen aan gegadigden

1.
Bij niet-openbare procedures, concurrentiegerichte dialogen, innovatiepartnerschappen en mededingingsprocedures met onderhandeling nodigen de aanbestedende diensten de daartoe uitgekozen gegadigden gelijktijdig en schriftelijk uit om een inschrijving in te dienen, of in het geval van een concurrentiegerichte dialoog, tot deelneming aan de dialoog.

Wanneer een vooraankondiging is gebruikt als oproep tot mededinging overeenkomstig artikel 48, lid 2, nodigen de aanbestedende diensten de ondernemers die hun belangstelling kenbaar hebben gemaakt, gelijktijdig en schriftelijk uit om hun voortdurende belangstelling te bevestigen.

2.
De uitnodigingen bedoeld in lid 1 van dit artikel bevatten een verwijzing naar het elektronische adres waarop de aanbestedingsdocumenten rechtstreeks langs elektronische weg toegankelijk zijn. De uitnodigingen gaan vergezeld van de aanbestedingsstukken, wanneer deze documenten niet vrij, rechtstreeks, volledig en kosteloos toegankelijk zijn om de in artikel 53, lid 1, tweede of de derde alinea, genoemde redenen en nog niet anderszins beschikbaar zijn. Daarnaast bevatten de in lid 1 van dit artikel bedoelde uitnodigingen de in bijlage IX voorgeschreven informatie.

Artikel 55

Informatieverstrekking aan gegadigden en inschrijvers

1.
Aanbestedende diensten stellen elke gegadigde en inschrijver zo spoedig mogelijk in kennis van besluiten inzake de sluiting van een raamovereenkomst, gunning van een opdracht of toelating tot een dynamisch aankoopsysteem, met inbegrip van de redenen waarom zij hebben besloten geen raamovereenkomst te sluiten, een opdracht na oproep tot mededinging niet te gunnen of de procedure te heropenen, of geen dynamisch aankoopsysteem in te stellen.
2.

Op verzoek van de betrokken gegadigde of inschrijver informeren aanbestedende diensten zo spoedig mogelijk en in elk geval binnen 15 dagen na ontvangst van een schriftelijk verzoek:

a)

iedere afgewezen gegadigde over de redenen voor de afwijzing van zijn verzoek tot deelname;

b)

iedere afgewezen inschrijver over de redenen voor de afwijzing van zijn inschrijving, inclusief voor de in artikel 42, leden 5 en 6, bedoelde gevallen, de redenen voor het besluit inzake niet-gelijkwaardigheid of het besluit dat de werken, leveringen of diensten niet aan de prestatie- of functionele eisen voldoen;

c)

iedere inschrijver die een ontvankelijke inschrijving heeft ingediend, over de kenmerken en relatieve voordelen van de geselecteerde inschrijving, alsmede over de naam van de begunstigde inschrijver of de partijen bij de raamovereenkomst;

d)

iedere inschrijver die een ontvankelijke inschrijving heeft ingediend, over het verloop en de voortgang van de onderhandelingen en de dialoog met de inschrijvers.

3.
Aanbestedende diensten kunnen besluiten dat bepaalde informatie als bedoeld in de leden 1 en 2 betreffende de gunning van de opdracht, de sluiting van de raamovereenkomst of de toelating tot het dynamisch aankoopsysteem niet wordt meegedeeld indien de openbaarmaking van dergelijke informatie de rechtshandhaving in de weg zou staan, in strijd zou zijn met het openbare belang, schade zou berokkenen aan de rechtmatige commerciële belangen van een bepaalde publieke of particuliere ondernemer, of afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen ondernemers.



Afdeling 3

Selectie van deelnemers en gunning van opdrachten

Artikel 56

Algemene beginselen

1.

Opdrachten worden gegund op basis van criteria als vastgesteld overeenkomstig de artikelen 67 tot en met 69, mits de aanbestedende dienst er overeenkomstig de artikelen 59 tot en met 61 op heeft toegezien dat aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de inschrijving voldoet aan de eisen, voorwaarden en criteria als vermeld in de aankondiging van de opdracht of de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling en in de aanbestedingsdocumenten, indien van toepassing met inachtneming van artikel 45;

b)

de inschrijving is afkomstig van een inschrijver die niet is uitgesloten van deelname overeenkomstig artikel 57 en die voldoet aan de overeenkomstig artikel 58 door de aanbestedende dienst vastgestelde selectiecriteria en, in voorkomend geval, de niet-discriminerende regels en criteria als bedoeld in artikel 65.

Aanbestedende diensten kunnen besluiten een opdracht niet te gunnen aan de inschrijver die de economisch meest voordelige inschrijving heeft ingediend, wanneer zij hebben vastgesteld dat de inschrijving niet voldoet aan de in artikel 18, lid 2, genoemde toepasselijke verplichtingen.

2.
In openbare procedures kunnen aanbestedende diensten besluiten tot onderzoek van de inschrijvingen over te gaan voorafgaand aan de controle op het ontbreken van gronden tot uitsluiting en het voldoen van de selectiecriteria overeenkomstig artikelen 57 tot en met 64. Wanneer zij van deze mogelijkheid gebruikmaken, zien zij erop toe dat de verificatie van het ontbreken van redenen voor uitsluiting en het voldoen aan de selectiecriteria op onpartijdige en transparante wijze plaatsvindt zodat er geen opdracht wordt gegund aan een inschrijver die had moeten worden uitgesloten overeenkomstig artikel 57 of die niet voldoet aan de selectiecriteria van de aanbestedende dienst.

De lidstaten kunnen besluiten het gebruik van de in de eerste alinea bedoelde procedure uit te sluiten of te beperken tot bepaalde soorten aanbestedingen of bepaalde omstandigheden.

3.
Wanneer de door de ondernemers in te dienen informatie of documentatie onvolledig of onjuist is of lijkt te zijn of wanneer specifieke documenten ontbreken, kunnen de aanbestedende diensten, tenzij het nationale recht dat deze richtlijn uitvoert anders bepaalt; de betrokken ondernemers verzoeken die informatie of documentatie binnen een passende termijn in te dienen, aan te vullen, te verduidelijken of te vervolledigen, mits dergelijke verzoeken worden gedaan met volledige inachtneming van de beginselen van gelijke behandeling en transparantie.
4.
De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 87 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de lijst in bijlage X, wanneer dit noodzakelijk is, tot toevoeging van nieuwe internationale overeenkomsten die door alle lidstaten zijn geratificeerd of wanneer de bestaande internationale overeenkomsten waarnaar wordt verwezen niet langer door alle lidstaten zijn geratificeerd of anderszins zijn gewijzigd, bijvoorbeeld wat betreft de werkingssfeer, de inhoud of de benaming ervan.



Onderafdeling 1

Kwaliteitscriteria voor de selectie

Artikel 57

Uitsluitingsgronden

1.

Aanbestedende diensten sluiten een ondernemer uit van deelname aan een aanbestedingsprocedure wanneer zij hebben vastgesteld, door verificatie overeenkomstig de artikelen 59, 60 en 61, of anderszins ervan op de hoogte zijn dat deze ondernemer bij onherroepelijk vonnis veroordeeld is om een van de volgende redenen:

a)

deelneming aan een criminele organisatie in de zin van artikel 2 van Kaderbesluit 2008/841/JBZ van de Raad (11);

b)

omkoping in de zin van artikel 3 van de Overeenkomst ter bestrijding van corruptie waarbij ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de lidstaten van de Europese Unie betrokken zijn (12) en van artikel 2, lid 1, van Kaderbesluit 2003/568/JBZ van de Raad (13), alsmede corruptie als omschreven in het nationale recht van de aanbestedende dienst of de ondernemer;

c)

fraude in de zin van artikel 1 van de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen (14);

d)

terroristische misdrijven of strafbare feiten in verband met terroristische activiteiten in de zin van respectievelijk de artikelen 1 en 3 van Kaderbesluit 2002/475/JBZ van de Raad (15), dan wel uitlokking van, medeplichtigheid aan of poging tot het plegen van een dergelijk misdrijf of strafbaar feit als bedoeld in artikel 4 van genoemd kaderbesluit;

e)

witwassen van geld en financiering van terrorisme in de zin van artikel 1 van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad (16);

f)

kinderarbeid en andere vormen van mensenhandel in de zin van artikel 2 van Richtlijn 2011/36/EU van het Europees Parlement en de Raad (17).

De verplichting tot uitsluiting van een ondernemer is ook van toepassing wanneer de bij onherroepelijk vonnis veroordeelde persoon lid is van het bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan van deze ondernemer of daarin vertegenwoordigings-, beslissings- of controlebevoegdheid heeft.

2.
Een ondernemer wordt uitgesloten van deelname aan een aanbestedingsprocedure wanneer de aanbestedende dienst ervan op de hoogte is dat de ondernemer niet voldoet aan zijn verplichtingen tot betaling van belastingen of sociale premies en wanneer dit is vastgesteld bij een rechterlijke of administratieve beslissing die onherroepelijk en bindend is overeenkomstig de wettelijke bepalingen van het land waar hij is gevestigd of van de lidstaat van de aanbestedende dienst.

Voorts mogen aanbestedende diensten een ondernemer uitsluiten, of door lidstaten worden verplicht dat te doen, van deelname aan een aanbestedingsprocedure wanneer de aanbestedende dienst met elk passend middel kan aantonen dat de ondernemer niet voldoet aan zijn verplichtingen tot betaling van belastingen of socialezekerheidsbijdragen.

Dit lid is niet langer van toepassing indien de ondernemer zijn verplichtingen is nagekomen door verschuldigde belastingen of socialezekerheidsbijdragen, met inbegrip van lopende rente of boeten, indien toepasselijk, te betalen of een bindende regeling tot betaling daarvan aan te gaan.

3.
De lidstaten kunnen bij wijze van uitzondering voorzien in een afwijking van de verplichte uitsluiting als bepaald in de leden 1 en 2 om dwingende redenen van algemeen belang, zoals de volksgezondheid of de bescherming van het milieu.

De lidstaten kunnen ook voorzien in een afwijking van de verplichte uitsluiting als bepaald in lid 2, wanneer een uitsluiting kennelijk onevenredig zou zijn, met name wanneer slechts kleine bedragen aan belastingen of socialezekerheidsbijdragen niet zijn betaald of wanneer de ondernemer na de schending van zijn verplichtingen tot betaling van belastingen of socialezekerheidsbijdragen van het precieze verschuldigde bedrag op de hoogte was gebracht op een tijdstip waarop hij niet in de mogelijkheid verkeerde de in lid 2, derde alinea, genoemde maatregelen te treffen ►C1 vóór het verstrijken van de termijn voor het indienen van een verzoek tot deelname, of, in openbare procedures, de termijn voor het indienen van inschrijvingen.

4.

De aanbestedende diensten kunnen elke ondernemer van deelname aan een aanbestedingsprocedure uitsluiten, of daartoe door de lidstaten worden verplicht, indien voldaan is aan één van de volgende voorwaarden:

a)

indien de aanbestedende dienst met elk passend middel aantoont dat de in artikel 18, lid 2, genoemde toepasselijke verplichtingen zijn geschonden;

b)

wanneer de ondernemer failliet is of in insolventie of liquidatie verkeert, wanneer zijn activa worden beheerd door een curator of door de rechtbank, wanneer hij een regeling met schuldeisers heeft getroffen, wanneer de werkzaamheden zijn gestaakt of wanneer de onderneming in een andere vergelijkbare toetsand verkeert ingevolge een soortgelijke procedure uit hoofde van nationale wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen;

c)

wanneer de aanbestedende dienst op enige passende wijze aannemelijk kan maken dat de ondernemer in de uitoefening van zijn beroep een ernstige fout heeft begaan, waardoor zijn integriteit in twijfel kan worden getrokken;

d)

wanneer de aanbestedende dienst over voldoende plausibele aanwijzingen beschikt om te concluderen dat de ondernemer met andere ondernemers overeenkomsten heeft gesloten die gericht zijn op vervalsing van de mededinging;

e)

wanneer een belangenconflict in de zin van artikel 24 niet effectief kan worden verholpen met andere minder ingrijpende maatregelen;

f)

wanneer zich wegens de eerdere betrokkenheid van de onderneming bij de voorbereiding van de aanbestedingsprocedure een vervalsing van de mededinging als bedoeld in artikel 41 heeft voorgedaan die niet met minder ingrijpende maatregelen kan worden verholpen;

g)

wanneer de ondernemer blijk heeft gegeven van aanzienlijke of voortdurende tekortkomingen bij de uitvoering van een wezenlijk voorschrift tijdens een eerdere overheidsopdracht, ►C1 een eerdere opdracht met een aanbestedende instantie of een eerdere concessieovereenkomst en dit geleid heeft tot vroegtijdige beëindiging van die eerdere opdracht, schadevergoeding of andere vergelijkbare sancties;

h)

wanneer de ondernemer zich in ernstige mate schuldig heeft gemaakt aan valse verklaringen bij het verstrekken van de informatie die nodig is voor de controle op het ontbreken van gronden voor uitsluiting of de naleving van de selectiecriteria, of die informatie heeft achtergehouden, of niet in staat was de ondersteunende documenten die vereist zijn op grond van artikel 59 over te leggen, of

i)

wanneer de ondernemer heeft getracht om het besluitvormingsproces van de aanbestedende dienst onrechtmatig te beïnvloeden, om vertrouwelijke informatie te verkrijgen die hem onrechtmatige voordelen in de aanbestedingsprocedure kan bezorgen, ►C1 of om nalatig misleidende informatie te verstrekken die een belangrijke invloed kan hebben op besluiten inzake uitsluiting, selectie en plaatsing.

Niettegenstaande punt b) van de eerste alinea, kunnen de lidstaten eisen of voorzien in de mogelijkheid dat de aanbestedende dienst een ondernemer niet uitsluit wanneer deze in een van de in dat punt genoemde situaties verkeert, indien de aanbestedende dienst vastgesteld heeft dat de ondernemer in kwestie in staat zal zijn de opdracht uit te voeren, rekening houdend met de toepasselijke nationale regels en voorschriften betreffende de continuïteit van de activiteit in de onder b) beschreven gevallen.

5.
Aanbestedende diensten sluiten op ieder moment tijdens de procedure een ondernemer uit wanneer blijkt dat deze, ►C1 wegens vóór of tijdens de procedure verrichte of nagelaten handelingen, in een van de omstandigheden verkeert als bedoeld in de leden 1 en 2.

Aanbestedende diensten kunnen op ieder moment tijdens de procedure een ondernemer van deelname aan een aanbestedingsprocedure uitsluiten, of door lidstaten worden verplicht dat te doen, wanneer blijkt dat deze, wegens vóór of tijdens de procedure verrichte of nagelaten handelingen, in een van de omstandigheden verkeert als bedoeld in lid 4.

6.
Elke ondernemer die in een van de in de leden 1 en 4 bedoelde situaties verkeert, mag bewijzen dat de maatregelen die de ondernemer heeft genomen voldoende zijn om zijn betrouwbaarheid aan te tonen ondanks de toepasselijke uitsluitingsgrond. Als dat bewijs toereikend wordt geacht, wordt de betrokken ondernemer niet uitgesloten van de aanbestedingsprocedure.

►C1 Hiertoe bewijst de ondernemer dat hij eventuele schade als gevolg van strafrechtelijke inbreuken of fouten heeft betaald of heeft toegezegd te zullen vergoeden, dat hij de feiten en omstandigheden heeft opgehelderd door actief mee te werken met de onderzoekende autoriteiten en dat hij concrete technische, organisatorische en personeelsmaatregelen heeft genomen die geschikt zijn om verdere strafrechtelijke inbreuken of fouten te voorkomen.

De door de ondernemers genomen maatregelen worden beoordeeld met inachtneming van de ernst en ►C1 de bijzondere omstandigheden van de strafrechtelijke inbreuken of de fout. Wanneer de maatregelen onvoldoende worden geacht, worden aan de ondernemer de redenen daarvoor medegedeeld.

Een ondernemer die bij onherroepelijk vonnis is uitgesloten van deelneming aan aanbestedingsprocedures of procedures voor de gunning van concessies mag gedurende de duur van de uitsluiting als gevolg van dat vonnis geen gebruik kunnen maken van de in dit lid geboden mogelijkheid in de lidstaten waar het vonnis van kracht is.

7.
De lidstaten bepalen bij wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen en met inachtneming van het Unierecht de voorwaarden voor de toepassing van dit artikel. Zij bepalen met name de maximumduur van de uitsluiting als de ondernemer geen in lid 6 omschreven maatregelen heeft getroffen om zijn betrouwbaarheid aan te tonen. Wanneer de duur van de uitsluiting niet is vastgesteld bij onherroepelijk vonnis, mag deze niet langer zijn dan vijf jaar vanaf de datum van de veroordeling bij onherroepelijk vonnis in de gevallen bedoeld in lid 1, en drie jaar na de datum van de betrokken gebeurtenis in de gevallen bedoeld in lid 4.

Artikel 58

Selectiecriteria

1.

Selectiecriteria kunnen betrekking hebben op:

a)

geschiktheid om de beroepsactiviteit uit te oefenen;

b)

de economische en financiële draagkracht;

c)

de technische en beroepsbekwaamheid.

De aanbestedende diensten mogen alleen de criteria bedoeld in de leden 2, 3 en 4 als voorwaarden voor deelname opleggen aan ondernemers. De aanbestedende diensten beperken eventuele voorwaarden tot die welke kunnen garanderen dat een gegadigde of inschrijver over de juridische en financiële middelen en de technische bekwaamheden en beroepsbekwaamheden beschikt om de te gunnen opdracht uit te voeren. Alle voorwaarden houden verband met en staan in verhouding tot het voorwerp van de opdracht.

2.
Met betrekking tot de geschiktheid om de beroepsactiviteit uit te oefenen kunnen aanbestedende diensten van ondernemers eisen dat zij zijn ingeschreven bij een van de in de lidstaat van vestiging bijgehouden beroeps- of handelsregisters, als omschreven in bijlage XI, of dat zij voldoen aan andere eisen in die bijlage.

Bij aanbestedingsprocedures voor diensten kan de aanbestedende dienst, voor zover ondernemers moeten beschikken over een bepaalde vergunning of lid moeten zijn van een bepaalde organisatie om in hun land van herkomst de betrokken dienst te verlenen, van deze ondernemers verlangen dat zij het bewijs leveren van die vergunning of dat lidmaatschap.

3.
Met betrekking tot de economische en financiële draagkracht, kunnen de aanbestedende diensten eisen stellen om ervoor te zorgen dat ondernemers over de nodige economische en financiële draagkracht beschikken om het contract uit te voeren. Daartoe kunnen de aanbestedende diensten met name eisen dat de ondernemers een bepaalde minimumjaaromzet hebben, met inbegrip van een minimumomzet op het gebied waarop de opdracht betrekking heeft. Voorts kunnen de aanbestedende diensten verlangen dat de ondernemers informatie verstrekken over hun jaarrekeningen, bijvoorbeeld over de verhouding tussen de activa en de passiva. Zij kunnen tevens een passend niveau voor de verzekering tegen beroepsrisico’s verlangen.

De minimumjaaromzet die van de ondernemers kan worden verlangd, bedraagt maximaal twee keer de geraamde waarde van de opdracht, behalve in naar behoren gemotiveerde omstandigheden, bijvoorbeeld in verband met de bijzondere risico’s die kleven aan de aard van de werken, diensten of producten. De aanbestedende dienst vermeldt in de aanbestedingsstukken of in het proces-verbaal in de zin van artikel 84 de voornaamste redenen voor het opleggen van een dergelijke eis.

De verhouding tussen activa en passiva, bijvoorbeeld, mag in aanmerking worden genomen indien de aanbestedende dienst in de aanbestedingsstukken opgave doet van de methoden en criteria hiervoor. Deze methoden en criteria moeten transparant, objectief en niet-discriminerend zijn.

Wanneer een opdracht in percelen is onderverdeeld, geldt dit artikel voor elk afzonderlijk perceel. Echter, de aanbestedende dienst kan de eis van een verplichte minimumjaaromzet voor ondernemers voorts vaststellen ten aanzien van groepen percelen, ingeval de begunstigde inschrijver verschillende percelen gegund krijgt die tegelijkertijd moeten worden uitgevoerd.

Wanneer op een raamovereenkomst gebaseerde opdrachten na een nieuwe oproep tot mededinging worden gegund, wordt de minimumjaaromzet als bedoeld in de tweede alinea van dit lid, berekend op basis van de verwachte maximumomvang van specifieke opdrachten die tegelijkertijd worden uitgevoerd, of als deze niet bekend is, op basis van de geraamde waarde van de raamovereenkomst. In het geval van dynamische aankoopsystemen, wordt de vereiste minimumjaaromzet als bedoeld in de tweede alinea berekend op basis van de verwachte maximumomvang van specifieke opdrachten die volgens dat systeem worden gegund.

4.
Met betrekking tot de technische bekwaamheid en beroepsbekwaamheid kunnen aanbestedende diensten eisen opleggen opdat ondernemers over de noodzakelijke personele en technische middelen en ervaring beschikken om de opdracht volgens een passende kwaliteitsnorm uit te voeren.

De aanbestedende diensten kunnen met name eisen dat de ondernemers een voldoende mate van ervaring hebben die kan worden aangetoond met geschikte referenties inzake in het verleden uitgevoerde opdrachten. Een aanbestedende dienst kan ervan uitgaan dat een ondernemer niet over de vereiste beroepsbekwaamheid beschikt wanneer hij heeft vastgesteld dat de ondernemer conflicterende belangen heeft die negatief kunnen uitwerken op de uitvoering van de overeenkomst.

In aanbestedingsprocedures voor leveringen waarvoor plaatsings- of installatiewerkzaamheden nodig zijn, dan wel voor diensten of werken, kan de beroepsbekwaamheid van de ondernemers om de dienst te verlenen of de installatie of de werkzaamheden uit te voeren worden beoordeeld op grond van hun vaardigheden, doeltreffendheid, ervaring en betrouwbaarheid.

5.
Aanbestedende diensten vermelden in de aankondiging van de opdracht of de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling de vereiste deelnemingsvoorwaarden, eventueel in de vorm van minimumeisen inzake bekwaamheid, samen met de geschikte bewijsmiddelen daarvoor.

Artikel 59

Uniform Europees Aanbestedingsdocument

1.

Op het ogenblik van de indiening van de verzoeken tot deelname of de inschrijvingen, aanvaarden de aanbestedende diensten — als voorlopig bewijs ter vervanging van door overheidsinstanties of derden afgegeven certificaten die bevestigen dat de betrokken ondernemer aan alle volgende voorwaarden voldoet — het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA), bestaande uit een bijgewerkte eigen verklaring:

a)

hij bevindt zich niet in een van de situaties als bedoeld in artikel 57, waardoor ondernemers kunnen of moeten worden uitgesloten;

b)

hij voldoet aan de toepasselijke selectiecriteria als vastgesteld overeenkomstig artikel 58;

c)

hij voldoet, indien van toepassing, aan de objectieve regels en criteria als vastgesteld overeenkomstig artikel 65.

Indien de ondernemer overeenkomstig artikel 63 een beroep doet op de draagkracht van andere entiteiten bevat het UEA ook de in de eerste alinea van dit lid genoemde gegevens ten aanzien van die entiteiten.

Het UEA bestaat uit een formele verklaring van de ondernemer dat de betrokken grond tot uitsluiting niet van toepassing is en/of dat aan het selectiecriterium is voldaan en bevat de relevante informatie die door de aanbestedende dienst wordt verlangd. Voorts vermeldt het UEA welke overheidsinstantie of derde verantwoordelijk is voor het vaststellen van de bewijsstukken en bevat zij een formele verklaring dat de ondernemer in staat zal zijn om op verzoek en onverwijld die bewijsstukken te leveren.

Indien de aanbestedende dienst het bewijsstuk rechtstreeks kan verkrijgen door raadpleging van een databank conform lid 5, bevat het UEA ook de daartoe vereiste informatie, zoals het internetadres van de databank, alle identificatiegegevens en, in voorkomend geval, de benodigde verklaring van instemming.

Ondernemers kunnen het reeds in een vorige aanbestedingsprocedure gebruikte UEA opnieuw gebruiken, mits zij bevestigen dat de daarin opgenomen gegevens nog steeds correct zijn.

2.
Het UEA wordt opgesteld op basis van een standaardformulier. De Commissie stelt dat standaardformulier op door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 89, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure.

Het UEA wordt uitsluitend in elektronische vorm verstrekt.

3.
Niettegenstaande artikel 92 evalueert de Commissie de resultaten van het gebruik van het UEA, daarbij rekening houdend met de technische ontwikkeling van databanken in de lidstaten en het verslag dat het Europees Parlement en de Raad daarover drie jaar na de vaststelling van de richtlijn uiterlijk op 18 april 2017 zullen opstellen.

De Commissie zal in voorkomend geval voorstellen doen om de grensoverschrijdende toegang tot deze databanken en het gebruik van certificaten en getuigschriften in de interne markt te optimaliseren.

4.
Een aanbestedende dienst kan inschrijvers en gegadigden tijdens de procedure te allen tijde verzoeken de vereiste ondersteunende documenten geheel of gedeeltelijk in te dienen wanneer dit noodzakelijk is voor het goede verloop van de procedure.

Vóór de gunning van de opdracht, verzoekt de aanbestedende dienst, behalve voor opdrachten die zijn gebaseerd op overeenkomstig artikel 33, lid 3, of artikel 33, lid 4, onder a), gesloten raamovereenkomsten, de inschrijver die zij heeft besloten de opdracht te gunnen de actuele ondersteunende documenten overeenkomstig artikel 60 en, in voorkomend geval, artikel 62 over te leggen. De aanbestedende dienst kan ondernemers verzoeken de overeenkomstig de artikelen 60 en 62 ontvangen certificaten aan te vullen of te verduidelijken.

5.
Niettegenstaande lid 4 zijn de ondernemers niet verplicht ondersteunende documenten of andere bewijsstukken over te leggen indien en voor zover de aanbestedende dienst de certificaten of de relevante informatie rechtstreeks kan verkrijgen door raadpleging van een gratis toegankelijke nationale databank in elke lidstaat, zoals een nationaal aanbestedingsregister, een digitaal bedrijfsdossier, een systeem voor digitale documentopslag of een voorselectiesysteem.

Niettegenstaande lid 4 zijn ondernemers niet verplicht ondersteunende documenten over te leggen indien de aanbestedende dienst die de opdracht heeft gegund of die de raamovereenkomst heeft gesloten, deze documenten reeds heeft.

Voor de toepassing van de eerste alinea zien de lidstaten erop toe dat de databanken die relevante informatie over ondernemers bevatten en die door hun aanbestedende diensten kunnen worden geraadpleegd, ook kunnen ook worden geraadpleegd, onder dezelfde voorwaarden, door de aanbestedende diensten van andere lidstaten.

6.
De lidstaten zorgen voor een volledige en geactualiseerde lijst van databanken met relevante informatie over ondernemers in e-Certis, die door de aanbestedende overheden van andere lidstaten kan worden geraadpleegd. De lidstaten stellen andere lidstaten op verzoek alle informatie in verband met de in dit artikel bedoelde databanken ter beschikking.

Artikel 60

Bewijsmiddelen

1.
Aanbestedende diensten kunnen verlangen dat de certificaten, verklaringen en andere bewijsstukken bedoeld in de leden 2, 3 en 4 van dit artikel en bijlage XII worden voorgelegd om aan te tonen dat gronden voor uitsluiting als bedoeld in artikel 57 ontbreken en dat de selectiecriteria overeenkomstig artikel 58 zijn vervuld.

Aanbestedende diensten verlangen geen andere bewijsmiddelen dan die bedoeld in dit artikel en in artikel 62. In verband met artikel 63 kunnen ondernemers gebruikmaken van alle passende middelen om ten aanzien van de aanbestedende dienst te bewijzen dat zij de nodige middelen tot hun beschikking zullen hebben.

2.

Als voldoende bewijs dat de ondernemer niet verkeert in een van de in artikel 57 bedoelde situaties, wordt door de aanbestedende diensten aanvaard:

a)

voor lid 1 van dat artikel, een uittreksel uit het desbetreffende register, bijvoorbeeld gerechtelijke documenten of, bij gebreke daarvan, een gelijkwaardig document dat is afgegeven door een bevoegde rechterlijke of administratieve instantie van de lidstaat of het land van oorsprong of het land waar de ondernemer is gevestigd, waaruit blijkt dat aan de betrokken eisen is voldaan;

b)

voor de leden 2 en 4, onder b), van dat artikel, een door de bevoegde instantie van de betrokken lidstaat of het betrokken land afgegeven getuigschrift.

Wanneer dergelijke documenten of getuigschriften niet door de desbetreffende lidstaat of het betrokken land worden uitgegeven, of indien deze documenten niet alle in artikel 57, leden 1 en 2, en lid 4, onder b), bedoelde gevallen dekken, kunnen zij worden vervangen door een verklaring onder ede of, in lidstaten of landen waar niet voorzien is in verklaringen onder ede, door een plechtige verklaring die door betrokkene wordt afgelegd ten overstaan van een bevoegde rechterlijke of administratieve instantie, een notaris of een bevoegde beroepsorganisatie van de lidstaat of het land van herkomst of de lidstaat of het land waar de ondernemer gevestigd is.

Een lidstaat verstrekt, in voorkomend geval, een officiële verklaring dat de in dit lid bedoelde documenten of getuigschriften niet zijn afgegeven of dat zij niet alle gevallen bedoeld in de leden 1 en 2, en lid 4, onder b), van artikel 57 dekken. Die officiële verklaringen worden beschikbaar gesteld via de online-databank van certificaten (e-Certis), bedoeld in artikel 61.

3.
Het bewijs van de economische en financiële draagkracht van een ondernemer kan in het algemeen worden geleverd door één of meer van de in bijlage XII, deel I, bedoelde referenties.

Wanneer de ondernemer om gegronde redenen niet in staat is de door de aanbestedende dienst gevraagde referenties over te leggen, kan hij zijn economische en financiële draagkracht aantonen met andere documenten die de aanbestedende dienst geschikt acht.

4.
De technische bekwaamheid van de ondernemer kan worden aangetoond op één of meer van de wijzen bedoeld in bijlage XII, deel II, naargelang de aard, de hoeveelheid of het belang en het gebruik van de werken, leveringen of diensten.
5.
Op verzoek stellen de lidstaten aan de andere lidstaten alle informatie ter beschikking over de in artikel 57 genoemde uitsluitingsgronden, de geschiktheid om de beroepsactiviteit uit te oefenen, en de financiële draagkracht en technische bekwaamheid van de inschrijvers bedoeld in artikel 58, alsmede alle inlichtingen over de bewijsmiddelen bedoeld in dit artikel.

Artikel 61

Onlinedatabank van certificaten (e-Certis)

1.
Ter vereenvoudiging van grensoverschrijdende inschrijvingen zorgen de lidstaten ervoor dat de informatie inzake certificaten en andere vormen van bewijsstukken die in e-Certis is opgeslagen, voortdurend wordt geactualiseerd.
2.
Aanbestedende diensten maken gebruik van e-Certis en zij stellen hoofdzakelijk die typen van certificaten of bewijsstukken verplicht die in e-Certis beschikbaar zijn.
3.
De Commissie stellen alle taalversies van het UEA ter beschikking in e-Certis.

Artikel 62

Kwaliteitsnormen en normen inzake milieubeheer

1.
Ingeval aanbestedende diensten de overlegging eisen van een door een onafhankelijke instantie opgestelde verklaring dat de ondernemer voldoet aan bepaalde kwaliteitsnormen, met inbegrip van normen inzake toegankelijkheid voor gehandicapten, verwijzen zij naar regelingen voor kwaliteitsbewaking op basis van de desbetreffende Europese normenreeks die door geaccrediteerde instanties overeenkomstig de Europese normenreeks zijn gecertificeerd. Zij erkennen gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instellingen. Zij aanvaarden eveneens andere bewijzen inzake gelijkwaardige kwaliteitsgaranties wanneer de betrokken ondernemer die certificaten niet binnen de gestelde termijnen kan verkrijgen om redenen die niet aan hem toe te schrijven zijn, mits de ondernemer het bewijs levert dat de voorgestelde maatregelen op het gebied van de kwaliteitsbewaking aan de kwaliteitsnormen te voldoen.
2.
Wanneer aanbestedende diensten de overlegging eisen van een door een onafhankelijke instantie opgestelde verklaring dat de ondernemer voldoet aan bepaalde systemen of normen inzake milieubeheer, verwijzen zij naar het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) van de Unie of enig ander milieubeheersysteem als erkend overeenkomstig artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1221/2009 of andere normen inzake milieubeheer op basis van de toepasselijke Europese of internationale normen die door geaccrediteerde instanties zijn gecertificeerd. Zij erkennen gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instellingen.

▼C1

Indien een ondernemer aantoonbaar geen toegang heeft tot een dergelijk certificaat of, om redenen die hem niet aangerekend kunnen worden, niet de mogelijkheid heeft gehad het certificaat binnen de gestelde termijnen te verwerven, aanvaardt de aanbestedende dienst ook andere passende bewijzen van maatregelen inzake milieubeheer, mits de ondernemer aantoont dat deze maatregelen gelijkwaardig zijn aan die welke krachtens het toepasselijke milieubeheersysteem of de norm vereist zijn.

▼B

3.
Desgevraagd stellen de lidstaten andere lidstaten overeenkomstig artikel 86 informatie ter beschikking met betrekking tot de stukken die als bewijs van naleving van de in leden 1 en 2 bedoelde kwaliteits- en milieunormen zijn overgelegd.

Artikel 63

Beroep op de draagkracht van andere entiteiten

1.
Met betrekking tot de in artikel 58, lid 3, bedoelde criteria inzake economische en financiële draagkracht en de in artikel 58, lid 4, bedoelde criteria inzake technische bekwaamheid en beroepsbekwaamheid kan een ondernemer zich, in voorkomend geval en voor een bepaalde opdracht, beroepen op de draagkracht van andere entiteiten, ongeacht de juridische aard van zijn banden met die entiteiten. Wat betreft de criteria inzake de onderwijs- en beroepskwalificaties in bijlage XII, deel II, onder f), of inzake de relevante beroepservaring, mogen ondernemers zich evenwel slechts beroepen op de draagkracht van andere entiteiten wanneer laatstgenoemde de werken of diensten waarvoor die draagkracht vereist is, zal verrichten. Wanneer een ondernemer zich op de draagkracht van andere entiteiten wil beroepen, toont hij ten behoeve van de aanbestedende dienst aan dat hij zal kunnen beschikken over de nodige middelen, bijvoorbeeld door overlegging van een verbintenis daartoe van deze andere entiteiten.

De aanbestedende dienst gaat overeenkomstig de artikelen 59, 60 en 61 na of de entiteiten op wier draagkracht de ondernemer zich wil beroepen, aan de selectiecriteria voldoen of dat er redenen zijn voor uitsluiting volgens artikel 57. De aanbestedende dienst eist dat de ondernemer een entiteit die niet voldoet aan een betrokken selectiecriterium, of waartegen dwingende gronden tot uitsluiting bestaan, vervangt. De aanbestedende dienst kan eisen, of kan door de lidstaat worden opgelegd te eisen dat de ondernemer een entiteit waarbij er niet-verplichte uitsluitingsgronden aanwezig zijn, vervangt.

Indien een ondernemer een beroep doet op de draagkracht van andere entiteiten voor het vervullen van de economische en financiële criteria, kan de aanbestedende dienst eisen dat de ondernemer en die entiteiten hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de uitvoering van de opdracht.

Onder dezelfde voorwaarden kan een combinatie van ondernemers als bedoeld in artikel 19, lid 2, zich beroepen op de draagkracht van de deelnemers aan de combinatie of van andere entiteiten.

2.
In het geval van opdrachten voor werken, diensten en plaatsings- of installatiewerkzaamheden in het kader van een opdracht voor diensten kunnen aanbestedende diensten eisen dat bepaalde kritieke taken rechtstreeks door de inschrijver zelf worden verricht, of wanneer de inschrijving door een combinatie van ondernemers als bedoeld in artikel 19, lid 2, is ingediend, door een deelnemer aan die combinatie.

Artikel 64

Officiële lijsten van erkende ondernemingen en certificering door publiekrechtelijke of privaatrechtelijke instellingen

1.
De lidstaten kunnen officiële lijsten van erkende aannemers, leveranciers of dienstverleners vaststellen en bijhouden of zorgen voor een certificering door instellingen die voldoen aan de Europese certificeringsnormen in de zin van bijlage VII.

Zij verstrekken de Commissie en de andere lidstaten het adres van de certificeringsinstelling of de instantie die belast is met de officiële lijsten, waarnaar verzoeken dienen te worden verzonden.

2.
De lidstaten passen de voorwaarden voor inschrijving op de in lid 1 bedoelde officiële lijsten en de voorwaarden voor afgifte van certificaten door de certificeringsinstellingen aan volgens deze onderafdeling.

De lidstaten passen deze voorwaarden eveneens aan volgens artikel 63, voor verzoeken tot inschrijving van ondernemers die deel uitmaken van een groep en die gebruikmaken van middelen die hun door andere ondernemingen van de groep ter beschikking worden gesteld. In die gevallen moeten deze ondernemers bewijzen ten overstaan van de instantie die de officiële lijst vaststelt, dat zij gedurende de volledige geldigheidstermijn van het bewijs van inschrijving op de officiële lijst over die middelen zullen beschikken, en dat deze ondernemingen voor dezelfde periode blijven voldoen aan de voorschriften op het gebied van de kwalitatieve selectie als vervat op de officiële lijst of het certificaat waarop deze ondernemers zich voor hun inschrijving beroepen.

3.
De ondernemers die op een officiële lijst zijn opgenomen of in het bezit zijn van een certificaat, kunnen bij elke opdracht een door de bevoegde autoriteit afgegeven bewijs van inschrijving of het door de bevoegde certificeringsinstelling afgegeven certificaat aan de aanbestedende dienst overleggen.

Op dit bewijs of certificaat worden de referenties vermeld op grond waarvan de inschrijving van die ondernemers op de officiële lijst of certificering mogelijk was, alsmede de classificatie op deze lijst.

4.
De door de bevoegde autoriteit gecertificeerde inschrijving op een officiële lijst of het door de certificeringsinstelling afgegeven certificaat vormt een vermoeden van geschiktheid met betrekking tot de eisen voor kwalitatieve selectie zoals vervat in de officiële lijst of het certificaat.
5.
De informatie die uit de inschrijving op een officiële lijst of de certificering kan worden afgeleid, kan niet zonder motivering ter discussie worden gesteld. Met betrekking tot de betaling van socialezekerheidsbijdragen en belastingen en heffingen kan van elke ingeschreven ondernemer bij elke te gunnen opdracht een aanvullend certificaat worden geëist.

Lid 3 en de eerste alinea van het onderhavige lid worden door de aanbestedende diensten van de andere lidstaten alleen toegepast ten gunste van ondernemers die zijn gevestigd in de lidstaat die de officiële lijst heeft opgesteld.

6.
De in de officiële lijst of het certificaat vereiste bewijzen voor het voldoen aan de criteria voor kwalitatieve selectie moeten stroken met artikel 60 en, indien van toepassing, met artikel 62. Voor inschrijving van ondernemers uit andere lidstaten op een officiële lijst of voor de certificering van die ondernemers mogen geen andere bewijzen of verklaringen worden gevraagd dan die van nationale ondernemers worden gevraagd.

Ondernemers kunnen te allen tijde verzoeken om inschrijving op een officiële lijst of om afgifte van een certificaat. Zij worden binnen een betrekkelijk korte termijn in kennis gesteld van het besluit van de met de opstelling van de officiële lijst belaste autoriteit of van de bevoegde certificeringsinstelling.

7.
Inschrijving op een lijst of certificering kan niet aan ondernemers uit andere lidstaten worden opgelegd als voorwaarde voor deelneming aan een overheidsopdracht. De aanbestedende diensten erkennen gelijkwaardige certificaten van de in andere lidstaten gevestigde instellingen. Zij aanvaarden ook andere gelijkwaardige bewijsmiddelen.
8.
De lidstaten stellen andere lidstaten op verzoek alle informatie ter beschikking die betrekking heeft op de documenten die zijn overgelegd als bewijs dat de ondernemers voldoen aan de eisen voor inschrijving op de officiële lijst van erkende ondernemingen of als bewijs dat ondernemers uit een andere lidstaat over een gelijkwaardige certificering beschikken.



Onderafdeling 2

beperking van het aantal gegadigden, inschrijvingen en oplossingen

Artikel 65

Beperking van het aantal in andere opzichten gekwalificeerde gegadigden die worden uitgenodigd tot deelneming

1.
Bij niet-openbare procedures, mededingingsprocedures met onderhandeling, concurrentiegerichte dialogen en innovatiepartnerschappen kunnen de aanbestedende diensten het aantal aan de selectiecriteria beantwoordende gegadigden die zij tot indiening van een inschrijving of tot een dialoog zullen uitnodigen, beperken op voorwaarde dat het minimumaantal gekwalificeerde gegadigden overeenkomstig lid 2 voorhanden is.
2.
De aanbestedende diensten vermelden in de aankondiging van de opdracht of de uitnodiging tot bevestiging van belangstelling de objectieve en niet-discriminerende criteria of regels die zij voornemens zijn te hanteren, alsmede het minimum- en in voorkomend geval het maximumaantal gegadigden dat zij voornemens zijn uit te nodigen.

Bij niet-openbare procedures bedraagt het minimumaantal gegadigden vijf. Bij mededingingsprocedures met onderhandeling, concurrentiegerichte dialogen en innovatiepartnerschappen bedraagt het minimumaantal gegadigden drie. Het aantal uitgenodigde gegadigden moet in elk geval volstaan om daadwerkelijke mededinging te waarborgen.

De aanbestedende diensten nodigen een aantal gegadigden uit dat ten minste gelijk is aan het vereiste minimumaantal. Wanneer het aantal gegadigden dat aan de selectiecriteria en de minimumvoorschriften inzake bekwaamheid voldoet, echter lager is dan het in artikel 58, lid 5, bedoelde minimumaantal, kan de aanbestedende dienst de procedure voortzetten door de gegadigden met de vereiste bekwaamheden uit te nodigen. De aanbestedende dienst kan tot dezelfde procedure geen ondernemers toelaten die niet om deelneming hebben verzocht, of gegadigden die niet over de vereiste bekwaamheden beschikken.

Artikel 66

Beperking van het aantal inschrijvingen en oplossingen

Wanneer de aanbestedende diensten gebruikmaken van de in artikel 29, lid 6, bedoelde mogelijkheid tot beperking van het aantal tot onderhandelingen toegelaten inschrijvingen of van de in artikel 30, lid 4, bedoelde mogelijkheid tot beperking van het aantal te bespreken oplossingen, passen zij de in de aanbestedingsstukken vermelde gunningscriteria toe. In de slotfase moet het bereikte aantal een daadwerkelijke mededinging kunnen waarborgen voor zover er voldoende inschrijvers, oplossingen of gekwalificeerde gegadigden zijn.



Onderafdeling 3

Gunning van de opdracht

Artikel 67

Gunningscriteria

1.
Onverminderd de nationale wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende de prijs van bepaalde leveringen of de vergoeding van bepaalde diensten, baseren de aanbestedende diensten de gunning van overheidsopdrachten op de economisch meest voordelige inschrijving.
2.

De economisch meest voordelige inschrijving uit het oogpunt van de aanbestedende dienst wordt vastgesteld op basis van de prijs of de kosten, op basis van kosteneffectiviteit, zoals de levenscycluskosten, overeenkomstig artikel 68, waarbij onder meer de beste prijs-kwaliteitsverhouding in aanmerking kan worden genomen, te bepalen op basis van criteria, waaronder kwalitatieve, milieu- en/of sociale aspecten, die verband houden met het voorwerp van de betrokken opdracht. Het kan bijvoorbeeld gaan om de volgende criteria:

a)

kwaliteit, waaronder technische verdienste, esthetische en functionele kenmerken, toegankelijkheid, geschiktheid van het ontwerp voor alle gebruikers, sociale, milieu- en innovatieve kenmerken, de handel en de voorwaarden waaronder deze plaatsvindt;

b)

de organisatie, de kwalificatie en de ervaring van het personeel voor de uitvoering van de opdracht, wanneer de kwaliteit van dat personeel een aanzienlijke invloed kan hebben op het niveau van de uitvoering van de opdracht, of

c)

klantenservice en technische bijstand, alsmede leveringsvoorwaarden zoals leveringsdatum, de leveringswijze en leveringsperiode of termijn voor voltooiing.

Het kostenelement kan ook de vorm aannemen van een vaste prijs of vaste kosten op basis waarvan de ondernemers zullen concurreren op kwaliteitscriteria alleen.

De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende diensten de prijs of de kosten niet als enige gunningscriterium mogen hanteren of de toepassing ervan beperken tot bepaalde categorieën aanbestedende diensten of bepaalde soorten opdrachten.

3.

Gunningscriteria worden geacht verband te houden met het voorwerp van de overheidsopdracht wanneer zij betrekking hebben op de in het kader van die opdracht te verrichten werken, leveringen of diensten, in alle opzichten en in elk stadium van hun levenscyclus, met inbegrip van factoren die te maken hebben met:

a)

het specifieke productieproces, het aanbieden of de verhandeling van deze werken, leveringen of diensten, of

b)

een specifiek proces voor een andere fase van hun levenscyclus,

zelfs wanneer deze factoren geen deel uitmaken van hun materiële basis.

4.
Gunningscriteria mogen er niet toe leiden dat de aanbestedende dienst onbeperkte keuzevrijheid heeft. Zij waarborgen de mogelijkheid van daadwerkelijke mededinging en gaan vergezeld van specificaties aan de hand waarvan de door de inschrijvers verstrekte informatie daadwerkelijk kan worden getoetst om te beoordelen hoe goed de inschrijvingen aan de gunningscriteria voldoen. In geval van twijfel, controleren de aanbestedende diensten effectief de juistheid van de door de inschrijvers verstrekte informatie en bewijsmiddelen.
5.
De aanbestedende dienst specificeert in de aanbestedingsstukken het relatieve gewicht dat hij voor de bepaling van de economisch meest voordelige inschrijving aan elk van de gekozen criteria toekent, behalve wanneer deze uitsluitend op basis van de prijs wordt bepaald.

Dit relatieve gewicht kan worden uitgedrukt in een marge met een passend verschil tussen minimum en maximum.

Wanneer weging om objectieve redenen niet mogelijk is, vermeldt de aanbestedende dienst de criteria in afnemende volgorde van belangrijkheid.

Artikel 68

Levenscycluskosten

1.

Levenscycluskosten hebben voor zover relevant betrekking op alle of een deel van de volgende kosten gedurende de levenscyclus van een product, dienst of werk:

a)

kosten gedragen door de aanbestedende dienst of andere gebruikers, zoals:

i)

kosten in verband met de verwerving,

ii)

gebruikskosten, zoals kosten voor verbruik van energie en andere hulpbronnen,

iii)

onderhoudskosten,

iv)

kosten volgend uit het einde van de levenscyclus, zoals inzamelings- en recyclingkosten;

b)

kosten toegerekend aan externe milieueffecten, die verband houden met het product, de dienst of de werken gedurende de levenscyclus, mits hun geldwaarde kan worden bepaald en gecontroleerd; dergelijke kosten kunnen de kosten van de broeikasgasemissies en andere verontreinigende emissies en andere kosten voor bestrijding van klimaatverandering omvatten.

2.
►C1 Wanneer aanbestedende diensten de kosten ramen aan de hand van een levenscycluskostenberekening, vermelden zij in de aanbestedingsstukken de door de inschrijvers te verstrekken gegevens en de methoden die de aanbestedende dienst zal gebruiken om de levenscycluskosten op basis van deze gegevens te bepalen.

De methode die wordt gebruikt voor de raming van de aan externe milieueffecten toegerekende kosten dient aan alle volgende voorwaarden te voldoen:

a)

zij is gebaseerd op objectief controleerbare en niet-discriminerende criteria. Met name wanneer zij is niet is bedoeld voor herhaalde of voortdurende toepassing zal zij bepaalde ondernemers niet ten onrechte bevoordelen of benadelen;

b)

zij is toegankelijk voor alle betrokken partijen;

c)

de vereiste gegevens kunnen met een redelijke inspanning worden verstrekt door normaal zorgvuldige ondernemers, met inbegrip van ondernemers uit derde landen die partij zijn bij de GPA-overeenkomst of andere internationale overeenkomsten waaraan de Unie gebonden is.

3.
Wanneer een gemeenschappelijke methode voor de berekening van de levenscycluskosten verplicht is op grond van een wetgevingshandeling van de Unie, wordt die gemeenschappelijke methode toegepast voor de raming van de levenscycluskosten.

Een lijst van deze wetgevingshandelingen, en waar nodig gedelegeerde handelingen en aanvullende handelingen, is opgenomen in bijlage XIII. De Commissie is bevoegd voor het overeenkomstig artikel 87 vaststellen van gedelegeerde handelingen betreffende het actualiseren van deze lijst, wanneer actualisering van de lijst noodzakelijk is vanwege de goedkeuring van nieuwe wetgeving die een gemeenschappelijke methode verplicht maakt, of vanwege de intrekking of wijziging van bestaande rechtshandelingen.

Artikel 69

Abnormaal lage inschrijvingen

1.
De aanbestedende dienst verplicht ondernemers ertoe de in de inschrijving voorgestelde prijs of kosten nader toe te lichten wanneer de inschrijving in verhouding tot de werken, leveringen of diensten abnormaal laag lijkt te zijn.
2.

De in lid 1 bedoelde toelichtingen kunnen met name betrekking hebben op:

a)

de doelmatigheid van het fabricageproces, van de geleverde diensten of van de bouwmethode;

b)

de gekozen technische oplossingen of uitzonderlijk gunstige omstandigheden waarvan de inschrijver bij de levering van de producten, het verrichten van de diensten of de uitvoering van de werken gebruik kan maken;

c)

de originaliteit van de door de inschrijver voorgestelde werken, leveringen of diensten;

d)

het vervullen van de in artikel 18, lid 2, genoemde verplichtingen;

e)

het vervullen van de in artikel 71 genoemde verplichtingen;

f)

de eventuele ontvangst van staatssteun door de inschrijver.

3.
De aanbestedende dienst beoordeelt de verstrekte informatie in overleg met de inschrijver. Hij kan de inschrijving alleen afwijzen wanneer het lage niveau van de aangerekende prijzen of kosten niet genoegzaam wordt gestaafd door het verstrekte bewijsmateriaal, rekening houdend met de in lid 2 bedoelde elementen.

De aanbestedende diensten wijzen de inschrijving af wanneer zij hebben vastgesteld dat de inschrijving abnormaal laag is omdat zij niet voldoet aan de in artikel 18, lid 2, genoemde toepasselijke verplichtingen.

4.
►C1 Wanneer een aanbestedende dienst constateert dat een inschrijving abnormaal laag is doordat de inschrijver staatssteun heeft gekregen, kan de inschrijving alleen op die grond worden afgewezen na overleg met de inschrijver wanneer deze niet binnen een door de aanbestedende dienst gestelde toereikende termijn kan aantonen dat de betrokken steun verenigbaar met de interne markt is in de zin van artikel 107 VWEU. Wanneer de aanbestedende dienst in een dergelijke situatie een inschrijving afwijst, stelt hij de Commissie daarvan in kennis.
5.
De lidstaten verlenen door middel van administratieve samenwerking andere lidstaten op verzoek toegang tot alle informatie waarover zij beschikken, zoals wet- en regelgeving, algemeen verbindende collectieve arbeidsovereenkomsten en nationale technische normen, over de bewijzen en stukken die met betrekking tot de in lid 2 bedoelde gegevens worden overgelegd.



HOOFDSTUK IV

Uitvoering van de opdracht

Artikel 70

Voorwaarden waaronder de opdracht wordt uitgevoerd

Aanbestedende diensten kunnen speciale voorwaarden verbinden aan de uitvoering van een opdracht, mits zij verband houden met het voorwerp van de opdracht in de zin van artikel 67, lid 3, en vermeld zijn in de oproep tot mededinging of in de aanbestedingsstukken. ►C1 Deze voorwaarden kunnen verband houden met economische, innovatie- of milieugerelateerde dan wel sociale of arbeidsgerelateerde overwegingen.

Artikel 71

Onderaanneming

1.
De bevoegde nationale instanties, die handelen binnen hun verantwoordelijkheid en bevoegdheid, zorgen er door middel van passende maatregelen voor dat onderaannemers de in artikel 18, lid 2, bedoelde verplichtingen naleven.
2.
In de aanbestedingsstukken kan de aanbestedende dienst de inschrijver verzoeken, of hij kan door een lidstaat worden verplicht hem te verzoeken, in zijn inschrijving aan te geven welk gedeelte van de opdracht hij eventueel voornemens is aan derden in onderaanneming te geven en welke onderaannemers hij voorstelt.
3.
De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende dienst verschuldigde betalingen op verzoek van de onderaannemer en wanneer de aard van de opdracht dit mogelijk maakt, rechtstreeks aan de onderaannemer overmaakt voor werken, leveringen of diensten aan de ondernemer aan wie de opdracht is gegund (de hoofdaannemer). Dergelijke maatregelen kunnen onder meer bestaan in passende mechanismen waardoor de hoofdaannemer zich kan verzetten tegen onverschuldigde betalingen. Regelingen betreffende deze wijze van betaling worden in de aanbestedingsdocumenten omschreven.
4.
►C1 De leden 1 tot en met 3 laten de vraag naar de aansprakelijkheid van de hoofdaannemer onverlet.
5.
In het geval van overheidsopdrachten voor werken en in het geval van overheidsopdrachten voor diensten die ter plaatse onder rechtstreeks toezicht van de aanbestedende dienst moeten worden verleend, na de gunning van de opdracht en ten laatste wanneer met de uitvoering van de opdracht wordt begonnen, verlangt de aanbestedende dienst van de hoofdaannemer dat hij aan de aanbestedende dienst de volgende gegevens verstrekt: naam, contactgegevens en wettelijke vertegenwoordigers van zijn onderaannemers die bij de uitvoering van de werken of het verrichten van de diensten betrokken zijn, voor zover deze gegevens op dat moment bekend zijn. De aanbestedende dienst verlangt van de hoofdaannemer dat deze hem tijdens de looptijd van de opdracht in kennis stelt van alle wijzigingen in deze gegevens, alsmede van de vereiste gegevens betreffende eventuele nieuwe onderaannemers die hij nadien bij de uitvoering van de werken of de verlening van de diensten zal betrekken.

Niettegenstaande de eerste alinea kunnen de lidstaten de verplichting om de vereiste gegevens te verstrekken rechtstreeks aan de hoofdaannemer opleggen.

Indien zulks noodzakelijk is voor de toepassing van lid 6, onder b), van dit artikel worden bij de vereiste gegevens eigen verklaringen van de onderaannemers gevoegd, als bepaald in artikel 59. De uitvoeringsmaatregelen in de zin van lid 8 van dit artikel kunnen bepalen dat onderaannemers die na de gunning van de opdracht worden voorgesteld, in plaats van de eigen verklaring de certificaten en andere ondersteunende documenten overleggen.

De eerste alinea is niet van toepassing op leveranciers.

De aanbestedende diensten kunnen de in de eerste alinea genoemde verplichtingen uitbreiden of door lidstaten worden verplicht deze te uit te breiden, bijvoorbeeld tot:

a)

opdrachten voor leveringen, opdrachten voor diensten andere dan die welke ter plaatse onder rechtstreeks toezicht van de aanbestedende dienst moeten worden verleend, of tot bij de opdrachten voor werken of diensten betrokken leveranciers;

b)

onderaannemers van de onderaannemers van de hoofdaannemer of verderop in de keten van onderaannemers.

6.

Ter voorkoming van inbreuken op de in artikel 18, lid 2, genoemde verplichtingen kunnen passende maatregelen worden getroffen zoals:

a)

Indien het nationaal recht van een lidstaat voorziet in een mechanisme van hoofdelijke aansprakelijkheid van de onderaannemers en de hoofdaannemer, zorgt de betrokken lidstaat ervoor dat de toepasselijke regels in overeenstemming met de in artikel 18, lid 2, genoemde voorwaarden worden toegepast.

b)

De aanbestedende diensten kunnen, conform de artikelen 59, 60 en 61, controleren, of door de lidstaten verplicht worden te controleren, of er gronden voor uitsluiting van onderaannemers in de zin van artikel 57 voorhanden zijn. In die gevallen verlangt de aanbestedende dienst dat de ondernemer overgaat tot de vervanging van een onderaannemer over wie in het onderzoek gronden tot verplichte uitsluiting aan het licht zijn gekomen. De aanbestedende dienst kan eisen of door een lidstaat worden verplicht te eisen dat de ondernemer overgaat tot vervanging van een onderaannemer over wie in het onderzoek gronden tot niet-verplichte uitsluiting aan het licht zijn gekomen.

7.
De lidstaten kunnen in hun nationaal recht voorzien in strengere aansprakelijkheidsvoorschriften of voorschriften betreffende rechtstreekse betalingen aan onderaannemers, bijvoorbeeld door te voorzien in rechtstreekse betalingen aan onderaannemers zonder dat deze aannemers om rechtstreekse betalingen moeten verzoeken.
8.
De lidstaten die ervoor gekozen hebben te voorzien in maatregelen uit hoofde van de leden 3, 5 of 6 bepalen in hun wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen en met inachtneming van het Unierecht onder welke voorwaarden deze maatregelen ten uitvoer kunnen worden gelegd. Daarbij kunnen de lidstaten de toepassing ervan beperken, bijvoorbeeld tot bepaalde soorten opdrachten, bepaalde categorieën aanbestedende diensten of ondernemers of bepaalde bedragen.

Artikel 72

Wijziging van opdrachten gedurende de looptijd

1.

Opdrachten en raamovereenkomsten kunnen in overeenstemming met deze richtlijn zonder nieuwe aanbestedingsprocedure worden gewijzigd in de volgende gevallen:

a)

wanneer de wijzigingen, ongeacht de geldelijke waarde ervan, in de oorspronkelijke aanbestedingsstukken zijn aangebracht ►C1 in duidelijke, nauwkeurige en ondubbelzinnige herzieningsclausules, waaronder eventueel prijsherzieningsclausules of opties. Deze clausules omschrijven de omvang en de aard van mogelijke wijzigingen of opties alsmede de voorwaarden waaronder deze kunnen worden gebruikt. Zij voorzien niet in wijzigingen of opties die de algemene aard van de opdracht of raamovereenkomst kunnen veranderen;

b)

voor door de oorspronkelijke aannemer te verrichten aanvullende werken, diensten of leveringen die noodzakelijk zijn geworden en die niet in de oorspronkelijke aanbesteding waren opgenomen, indien een verandering van aannemer:

i)

niet mogelijk is om economische of technische redenen, zoals wanneer de aanvullende goederen of diensten uitwisselbaar of interoperabel moeten zijn met bestaande uitrusting, diensten of installaties die in het kader van de oorspronkelijke opdracht zijn verworven, en

ii)

tot aanzienlijk ongemak of aanzienlijke kostenstijgingen zou leiden voor de aanbestedende dienst.

Prijsverhogingen mogen evenwel niet hoger zijn dan 50 % van de waarde van de oorspronkelijke opdracht. Indien er verscheidene opeenvolgende wijzigingen worden doorgevoerd, geldt deze beperking voor de waarde van elke wijziging. Dergelijke opeenvolgende wijzigingen mogen niet worden gebruikt om deze richtlijn te omzeilen;

c)

indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:

i)

de behoefte aan wijziging is het gevolg van omstandigheden die een zorgvuldige aanbestedende dienst niet kon voorzien;

ii)

de wijziging brengt geen verandering in de algemene aard van de opdracht;

iii)

de prijsverhogingen zijn niet hoger dan 50 % van de waarde van de oorspronkelijke opdracht of raamovereenkomst. Indien er verscheidene opeenvolgende wijzigingen worden doorgevoerd, geldt deze beperking voor de waarde van elke wijziging. Dergelijke opeenvolgende wijzigingen mogen niet worden gebruikt om deze richtlijn te omzeilen;

d)

wanneer een nieuwe aannemer de aannemer aan wie de aanbestedende dienst de opdracht aanvankelijk had gegund, vervangt ten gevolge van:

i)

een ondubbelzinnige herzieningsclausule of optie overeenkomstig punt a);

ii)

rechtsopvolging onder algemene of gedeeltelijke titel in de positie van de aanvankelijke aannemer, ten gevolge van herstructurering van de onderneming, onder meer door overname, fusie, acquisitie of insolventie, door een andere ondernemer die voldoet aan de aanvankelijk vastgestelde criteria voor kwalitatieve selectie, mits dit geen andere wezenlijke wijzigingen in de opdracht meebrengt en niet is bedoeld om de toepassing van deze richtlijn te omzeilen, of

iii)

het feit dat de aanbestedende dienst zelf de verplichtingen van de hoofdaannemer ten aanzien van zijn onderaannemers opneemt, ►C1 indien overeenkomstig artikel 71 in nationale wetgeving in deze mogelijkheid is voorzien;

e)

indien de wijzigingen, ongeacht de waarde ervan, niet wezenlijk zijn in de zin van lid 4.

▼C1

De aanbestedende diensten die in de onder de punten b) en c) van dit lid genoemde gevallen een opdracht hebben gewijzigd, doen hiervan mededeling in het Publicatieblad van de Europese Unie. Een dergelijke mededeling bevat de in bijlage V, deel G, bedoelde informatie en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 51.

▼B

2.

Voorts, en zonder dat onderzocht moet worden of de in lid 4, onder a) tot en met d), genoemde voorwaarden vervuld zijn, kunnen opdrachten ook zonder een nieuwe aanbestedingsprocedure in overeenstemming met deze richtlijn worden gewijzigd indien het bedrag waarmee de wijziging gepaard gaat lager is dan elk van de volgende bedragen:

i)

de in artikel 4 genoemde drempels, en

ii)

10 % van de waarde van de aanvankelijke opdracht voor leveringen en diensten en minder dan 15 % van de waarde van de aanvankelijke opdracht voor werken.

De wijziging mag de algemene aard van de opdracht of raamovereenkomst evenwel niet veranderen. Wanneer een aantal opeenvolgende wijzigingen plaatsvinden, wordt de waarde beoordeeld op basis van de netto-cumulatieve waarde van de opeenvolgende wijzigingen.

3.
Voor de berekening van de in lid 2 en lid 1, onder b) en c), vermelde prijs wordt — voor zover de opdracht in een indexeringsclausule voorziet — de geactualiseerde prijs als referentiewaarde gehanteerd.
4.

Een wijziging van een opdracht of een raamovereenkomst tijdens de looptijd wordt als wezenlijk beschouwd in de zin van lid 1, onder e), wanneer de opdracht of raamovereenkomst hierdoor materieel verschilt van de oorspronkelijke opdracht of raamovereenkomst. Onverminderd de leden 1 en 2 wordt een wijziging geacht wezenlijk te zijn wanneer aan één of meer van de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de wijziging voorziet in voorwaarden die, als zij deel van de aanvankelijke aanbestedingsprocedure hadden uitgemaakt, de toelating van andere dan de aanvankelijk geselecteerde gegadigden en de gunning van de opdracht aan een andere inschrijver mogelijk zouden hebben gemaakt dan wel bijkomende deelnemers aan de aanbestedingsprocedure zouden hebben aangetrokken;

b)

de wijziging verandert het economische evenwicht van de opdracht of de raamovereenkomst ten gunste van de opdrachtnemer op een wijze die niet is voorzien in de oorspronkelijke opdracht of raamovereenkomst;

c)

de wijziging leidt tot een aanzienlijke verruiming van het toepassingsgebied van de opdracht of raamovereenkomst;

d)

een nieuwe aannemer in de plaats is gekomen van de aannemer aan wie de aanbestedende dienst de opdracht aanvankelijk had gegund in andere dan de in lid 1, onder d), genoemde gevallen.

5.
Voor andere wijzigingen dan de in de leden 1 en 2 genoemde wijzigingen die tijdens de looptijd van een overheidsopdracht of een raamovereenkomst dienen te worden aangebracht, is een nieuwe aanbestedingsprocedure overeenkomstig deze richtlijn nodig.

Artikel 73

Beëindiging van opdrachten

De lidstaten dragen er zorg voor dat de aanbestedende diensten de mogelijkheid hebben, ten minste in de volgende omstandigheden en onder de voorwaarden bepaald door het toepasselijke nationale recht, een overheidsopdracht te beëindigen tijdens de looptijd, wanneer:

a)

de opdracht ingrijpend is gewijzigd waardoor een nieuwe aanbestedingsprocedure zou vereist geweest zijn op grond van artikel 72;

b)

de aannemer, op het moment van de gunning van de opdracht, in een van de situaties als bedoeld in artikel 57, lid 1, verkeerde en derhalve uitgesloten had moeten worden van de aanbestedingsprocedure;

c)

de opdracht niet aan de aannemer had mogen worden gegund wegens een ernstige inbreuk op de verplichtingen uit hoofde van de Verdragen en deze richtlijn, welke inbreuk door het Hof van Justitie van de Europese Unie als zodanig is aangemerkt in een procedure overeenkomstig artikel 258 VWEU.



TITEL III

BIJZONDERE AANBESTEDINGSREGELINGEN



HOOFDSTUK I

Sociale diensten en andere specifieke diensten

Artikel 74

Gunning van opdrachten voor sociale en andere specifieke diensten

De in bijlage XIV opgesomde overheidsopdrachten voor sociale en andere specifieke diensten worden gegund in overeenstemming met dit hoofdstuk wanneer de waarde van de opdracht gelijk is aan of hoger dan de in artikel 4, onder d), vastgestelde drempel.

Artikel 75

Bekendmaking van aankondigingen

1.

Aanbestedende diensten die voornemens zijn om een overheidsopdracht te gunnen voor de in artikel 74 bedoelde diensten, maken hun voornemen hiertoe kenbaar op een van de volgende wijzen:

a)

door een aankondiging van een opdracht, met daarin de informatie als bedoeld in bijlage V, deel H, in overeenstemming met de in artikel 51 bedoelde standaardformulieren, of

b)

door een vooraankondiging, die voortdurend wordt bekendgemaakt en de in bijlage V, deel I, bedoelde informatie bevat. De vooraankondiging verwijst specifiek naar de soorten diensten waarop de te gunnen opdracht betrekking heeft. Er staat in vermeld dat de opdrachten worden gegund zonder verdere bekendmaking, en dat de belangstellende ondernemers worden verzocht hun belangstelling schriftelijk kenbaar te maken.

De eerste alinea is evenwel niet van toepassing wanneer een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking had kunnen worden gebruikt overeenkomstig artikel 32 betreffende het gunnen van overheidsopdrachten voor diensten.

2.
Aanbestedende diensten die een overheidsopdracht hebben gegund voor de diensten als bedoeld in artikel 74, maken de resultaten van de aanbestedingsprocedure bekend door middel van een aankondiging van een gegunde opdracht, die de informatie bedoeld in bijlage V, deel J, bevat, conform de in artikel 51 bedoelde standaardformulieren. Deze aankondigingen kunnen echter per kwartaal worden gebundeld. In dat geval worden de gebundelde aankondigingen binnen 30 dagen na het einde van elk kwartaal toegezonden.
3.
De Commissie stelt de standaardformulieren als bedoeld in de leden 1 en 2 van dit artikel vast door middel van uitvoeringshandelingen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 89, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.
4.
De in dit artikel bedoelde aankondigingen worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 51.

Artikel 76

Beginselen van het gunnen van overheidsopdrachten

1.
De lidstaten stellen nationale regels voor het gunnen van opdrachten op grond van dit hoofdstuk op, om ervoor te zorgen dat de aanbestedende diensten de beginselen van transparantie en gelijke behandeling van ondernemers naleven. Het staat de lidstaten vrij te bepalen welke procedurele regels van toepassing zijn mits deze regels de aanbestedende diensten de mogelijkheid geven rekening te houden met de specifieke kenmerken van de betrokken diensten.
2.
De lidstaten zorgen ervoor dat aanbestedende diensten rekening kunnen houden met de noodzaak de kwaliteit, continuïteit, toegankelijkheid, betaalbaarheid, beschikbaarheid en volledigheid van de diensten, de specifieke behoeften van verschillende categorieën gebruikers, met inbegrip van achtergestelde en kwetsbare groepen, de betrokkenheid en inspraak van gebruikers en de innovatie te verzekeren. De lidstaten kunnen ook bepalen dat de keuze van de dienstenaanbieder geschiedt op basis van de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitsverhouding, rekening houdend met de kwaliteits- en duurzaamheidscriteria voor sociale diensten.

Artikel 77

Voorbehouden opdrachten voor bepaalde diensten

1.
De lidstaten kunnen bepalen dat de aanbestedende diensten de deelname aan procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten uitsluitend voor die diensten op het gebied van gezondheid, sociale en culturele diensten bedoeld in artikel 74, die vallen onder de CPV-codes 75121000-0, 75122000-7, 75123000-4, 79622000-0, 79624000-4, 79625000-1, 80110000-8, 80300000-7, 80420000-4, 80430000-7, 80511000-9, 80520000-5, 80590000-6, van 85000000-9 tot en met 85323000-9, 92500000-6, 92600000-7, 98133000-4, 98133110-8 aan bepaalde organisaties mag voorbehouden.
2.

Een organisatie als bedoeld in lid 1 moet aan alle hierna volgende voorwaarden voldoen:

a)

haar doel is het vervullen van een opdracht van algemeen belang die verband houdt met de in lid 1 bedoelde diensten;

b)

winsten worden opnieuw geïnvesteerd met het oogmerk het doel van de organisatie te behartigen. Wanneer winsten worden uitgekeerd of herverdeeld, dan moet dit op grond van participatieve overwegingen geschieden;

c)

de beheers- of eigendomsstructuren van de organisatie die de opdracht uitvoert, zijn gebaseerd op werknemersaandeelhouderschap of beginselen van participatie, of vergen de actieve participatie van werknemers, gebruikers of belanghebbenden, en

d)

door de betrokken aanbestedende dienst is uit hoofde van dit artikel in de laatste drie jaar aan de organisatie geen opdracht voor de diensten in kwestie gegund.

3.
De opdracht heeft een maximale looptijd van drie jaar.
4.
In de oproep tot mededinging wordt naar dit artikel verwezen.
5.
Niettegenstaande artikel 92 evalueert de Commissie de effecten van dit artikel en brengt zij daarover uiterlijk op 18 april 2019 verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad.



HOOFDSTUK II

Regels inzake prijsvragen voor ontwerpen

Artikel 78

Toepassingsgebied

Dit hoofdstuk heeft betrekking op:

a)

prijsvragen die als onderdeel van een procedure voor het gunnen van overheidsopdrachten voor diensten worden uitgeschreven;

b)

prijsvragen met prijzengeld of betalingen aan de deelnemers.

In de in het eerste lid, onder a), van dit artikel bedoelde gevallen wordt de in artikel 4 genoemde drempel berekend op basis van de geraamde waarde van de overheidsopdracht voor diensten, exclusief btw, met inbegrip van het eventuele prijzengeld of de eventuele vergoeding aan de deelnemers.

In de in punt b) van de eerste alinea van dit artikel bedoelde gevallen betreft de drempel het totale bedrag van het prijzengeld en de betalingen, met inbegrip van de geraamde waarde exclusief btw van de overheidsopdracht voor diensten die later kan worden gegund overeenkomstig artikel 32, lid 4, indien de aanbestedende dienst in de aankondiging van de prijsvraag zijn voornemen heeft geuit die opdracht te gunnen.

Artikel 79

Aankondigingen

1.
Aanbestedende diensten die voornemens zijn een prijsvraag uit te schrijven, maken hun voornemen daartoe bekend in een aankondiging van een prijsvraag.

Wanneer zij het voornemen hebben een vervolgopdracht voor diensten te gunnen overeenkomstig artikel 32, lid 4, wordt dit in de aankondiging van de prijsvraag vermeld.

2.
Aanbestedende diensten die een prijsvraag hebben uitgeschreven, zenden overeenkomstig artikel 51 een aankondiging betreffende de resultaten van de prijsvraag en moeten de datum van verzending kunnen aantonen.

Indien openbaarmaking van de gegevens over de uitslag van de prijsvraag de handhaving van de wet in de weg zou staan, in strijd zou zijn met het openbare belang, schade zou berokkenen aan de rechtmatige commerciële belangen van een bepaalde, publieke of particuliere, onderneming, of afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen dienstverleners, behoeven deze gegevens niet te worden bekendgemaakt.

3.
De in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde aankondigingen worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 51, leden 2 tot en met 6, en artikel 52. Zij bevatten de in bijlage V, deel E, respectievelijk F, bedoelde informatie in het formaat van standaardformulieren.

De Commissie stelt de standaardformulieren vast door middel van uitvoeringshandelingen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 89, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld.

Artikel 80

Regels voor de organisatie van prijsvragen en de selectie van deelnemers

1.
Voor het organiseren van prijsvragen passen de aanbestedende diensten procedures toe die zijn aangepast aan de bepalingen van titel I en dit hoofdstuk.
2.

De toelating van deelnemers tot prijsvragen mag niet worden beperkt:

a)

tot het grondgebied van een lidstaat of een deel daarvan;

b)

op grond van het feit dat de deelnemers, ingevolge de wetgeving van de lidstaat waar de prijsvraag wordt uitgeschreven, hetzij natuurlijke personen hetzij rechtspersonen moeten zijn.

3.
Bij prijsvragen met een beperkt aantal deelnemers stellen de aanbestedende diensten duidelijke en niet-discriminerende selectiecriteria vast. In elk geval moet het aantal gegadigden die tot deelneming aan de prijsvraag worden uitgenodigd, toereikend zijn om daadwerkelijke mededinging te waarborgen.

Artikel 81

Samenstelling van de jury

De jury bestaat uitsluitend uit natuurlijke personen die onafhankelijk zijn van de deelnemers aan de prijsvraag. Wanneer van de deelnemers aan een prijsvraag een bijzondere beroepskwalificatie wordt geëist, moet ten minste een derde van de juryleden deze kwalificatie of een gelijkwaardige kwalificatie bezitten.

Artikel 82

Beslissingen van de jury

1.
De jury is autonoom in haar beslissingen en adviezen.
2.
De jury onderzoekt de projecten op basis van door de gegadigden anoniem ingediende ontwerpen en uitsluitend op grond van de criteria die in de aankondiging van de prijsvraag zijn vermeld.
3.
Zij stelt een door haar leden ondertekend verslag op met de op basis van de merites van elk project vastgestelde rangorde van de projecten, vergezeld van opmerkingen en punten die verduidelijking behoeven.
4.
De anonimiteit moet worden geëerbiedigd totdat het advies of de beslissing van de jury bekend is.
5.
De gegadigden kunnen zo nodig worden uitgenodigd om door de jury in haar notulen vermelde vragen te beantwoorden teneinde duidelijkheid te verschaffen omtrent bepaalde aspecten van de projecten.
6.
Van de dialoog tussen de leden van de jury en de gegadigden worden volledige notulen opgesteld.



TITEL IV

BESTUUR

Artikel 83

Handhaving

1.
Met het oog op een correcte en efficiënte uitvoering zien de lidstaten erop toe dat ten minste de in dit artikel genoemde taken worden verricht door één of meer autoriteiten, instanties of structuren. Zij stellen de Commissie in kennis van alle autoriteiten, instanties of structuren die bevoegd zijn voor deze taken.
2.
De lidstaten zorgen ervoor dat de toepassing van de regels voor overheidsopdrachten wordt gecontroleerd.

Wanneer toezichthoudende autoriteiten of structuren op eigen initiatief of na ontvangst van informatie specifieke schendingen of systemische problemen vaststellen, zijn zij bevoegd die problemen te signaleren aan de nationale auditautoriteiten, rechterlijke instanties of andere bevoegde autoriteiten of structuren, zoals de Ombudsman, de nationale parlementen of hun commissies.

3.
De resultaten van de monitoringactiviteiten op grond van lid 2 worden aan het publiek beschikbaar gesteld door middel van passende informatiemiddelen. Deze resultaten worden ook de Commissie ter beschikking gesteld. Deze kunnen bijvoorbeeld geïntegreerd worden in de in de tweede alinea van dit lid bedoelde toezichtrapporten.

De lidstaten dienen uiterlijk op 18 april 2017 en vervolgens elke drie jaar bij de Commissie een toezichtrapport in met, indien van toepassing, informatie over de meest voorkomende factoren die tot verkeerde toepassing of rechtsonzekerheid leiden, met inbegrip van mogelijke structurele of terugkerende problemen bij de toepassing van de regels, de mate van mkb-deelname aan overheidsopdrachten, en de preventie, opsporing en adequate melding van gevallen van aanbestedingsfraude, corruptie, belangenverstrengeling, en andere ernstige onregelmatigheden.

De Commissie kan de lidstaten ten hoogste om de drie jaar verzoeken informatie te verstrekken over de praktische uitvoering van het nationale strategische beleid inzake overheidsopdrachten.

Voor de toepassing van dit lid en lid 5 van dit artikel geldt voor „mkb” de definitie van kleine en middelgrote ondernemingen in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie (18).

Op basis van de uit hoofde van dit lid ontvangen gegevens brengt de Commissie regelmatig een verslag uit over de tenuitvoerlegging van en de beste praktijken inzake nationaal beleid met betrekking tot overheidsopdrachten in de interne markt.

4.

De lidstaten dragen er zorg voor dat:

a)

informatie over en richtsnoeren voor de uitleg en toepassing van de wetgeving van de Unie inzake het plaatsen van overheidsopdrachten gratis beschikbaar zijn, teneinde de aanbestedende diensten en ondernemers, met name mkb's, te helpen bij de correcte toepassing van de voorschriften van de Unie inzake plaatsen van overheidsopdrachten, en

b)

ondersteuning ter beschikking staat van de aanbestedende diensten met het oog op de planning en de uitvoering van aanbestedingsprocedures.

5.
De lidstaten stellen, onverminderd de algemene procedures en werkmethoden die door de Commissie voor haar communicatie en contacten met de lidstaten zijn vastgesteld, een aanspreekpunt in voor de samenwerking met de Commissie wat betreft de toepassing van de wetgeving inzake overheidsopdrachten.
6.

De aanbestedende diensten houden, tenminste gedurende de looptijd van de opdracht, kopieën bij van alle gesloten overeenkomsten met een waarde van ten minste:

a)

1 000 000 EUR voor opdrachten voor leveringen of diensten;

b)

10 000 000 EUR voor opdrachten voor werken.

De aanbestedende diensten verlenen toegang tot deze opdrachten; de toegang tot specifieke documenten of specifieke informatie kan echter worden geweigerd voor zover en onder de voorwaarden bepaald in het toepasselijke Unierecht of de toepasselijke nationale voorschriften inzake toegang tot documenten en gegevensbescherming.

Artikel 84

Proces-verbalen van procedures voor het gunnen van opdrachten

1.

Aanbestedende diensten stellen over elke opdracht en raamovereenkomst die onder deze richtlijn valt en telkens wanneer een dynamisch aankoopsysteem wordt ingevoerd, een proces-verbaal op, dat tenminste het volgende bevat:

a)

de naam en het adres van de aanbestedende dienst, het voorwerp en de waarde van de opdracht, de raamovereenkomst of het dynamisch aankoopsysteem;

b)

indien van toepassing, de resultaten van de kwalitatieve selectie en/of beperking van het aantal deelnemers overeenkomstig de artikelen 65 en 66, namelijk:

i)

de namen van de geselecteerde gegadigden of inschrijvers met motivering van deze keuze;

ii)

de namen van de uitgesloten gegadigden of inschrijvers, met de motivering van hun uitsluiting;

c)

de redenen voor de afwijzing van abnormaal laag bevonden inschrijvingen;

d)

de naam van de begunstigde inschrijver en de motivering voor de keuze van deze inschrijving, alsmede, indien bekend, het gedeelte van de opdracht of de raamovereenkomst dat de begunstigde inschrijver voornemens is in onderaanneming aan derden te geven, en, indien deze op dat moment bekend zijn, de namen van de voornaamste onderaannemers van de aannemer, in voorkomend geval;

e)

bij mededingingsprocedures door onderhandelingen en bij concurrentiegerichte dialogen, de omstandigheden als bedoeld in artikel 26, welke de toepassing van deze procedures rechtvaardigen;

f)

voor onderhandelingsprocedures zonder voorafgaande bekendmaking, de in artikel 32 bedoelde omstandigheden die het gebruik van deze procedure rechtvaardigen;

g)

waar van toepassing, de redenen voor het besluit van de aanbestedende dienst om een opdracht niet te gunnen, een raamovereenkomst niet te sluiten of een dynamisch aankoopsysteem niet in te voeren;

h)

waar van toepassing, de redenen voor het gebruik van andere dan elektronische communicatiemiddelen bij het indienen van inschrijvingen;

i)

in voorkomend geval, vastgestelde belangenconflicten en de in dit verband genomen maatregelen.

Dit proces-verbaal is niet vereist voor opdrachten die zijn gebaseerd op overeenkomstig artikel 33, lid 3, of artikel 33, lid 4, onder a), gesloten raamovereenkomsten.

Voor zover de krachtens artikel 50 of artikel 75, lid 2, opgestelde aankondiging gegunde opdracht de in dit lid vereiste gegevens bevat, kunnen aanbestedende diensten verwijzen naar die aankondiging.

2.
De aanbestedende diensten documenteren het verloop van alle aanbestedingssprocedures, ongeacht of deze al dan niet elektronisch worden verricht. Daartoe zien zij erop toe dat zij voldoende documentatie bijhouden om de besluiten in alle stadia van de aanbestedingsprocedure te kunnen motiveren, zoals documentatie over communicatie met ondernemers en interne beraadslagingen, het opstellen van de aanbestedingsstukken, eventuele dialoog of onderhandelingen en selectie en gunning van de opdracht. De documentatie wordt ten minste gedurende drie jaar bewaard vanaf de datum van gunning van de opdracht.
3.
Het proces-verbaal, of de hoofdpunten ervan, worden desgevraagd aan de Commissie of de in artikel 83 bedoelde bevoegde autoriteiten, instanties of structuren meegedeeld.

Artikel 85

Nationale verslaglegging en statistische informatie

1.
De Commissie evalueert de kwaliteit en de volledigheid van de gegevens die kunnen worden ontleend aan de in de artikelen 48, 49, 50, 75 en 79 bedoelde aankondigingen die worden gepubliceerd overeenkomstig bijlage VIII.

Wanneer de in de eerste alinea van dit lid bedoelde kwaliteit en volledigheid van de gegevens niet voldoen aan de in de artikel 48, lid 1, artikel 49, artikel 50, lid 1, artikel 75, lid 2, en artikel 79, lid 3, vastgelegde verplichtingen, verzoekt de Commissie de betrokken lidstaat om aanvullende informatie. De betrokken lidstaat verstrekt de door de Commissie verzochte ontbrekende statistische informatie binnen een redelijke termijn.

2.
De lidstaten doen de Commissie uiterlijk op 18 april 2017 en vervolgens elke drie jaar een statistisch rapport toekomen voor overheidsopdrachten die onder deze richtlijn zouden vallen indien de waarde hoger zou liggen dan de in artikel 4 vastgestelde toepasselijke drempel, waarbij een raming wordt gegeven van de gezamenlijke totale waarde van deze aanbestedingen in de betrokken periode. Deze raming kan met name worden gebaseerd op gegevens die beschikbaar zijn op grond van nationale publicatievoorschriften of op steekproeven.

Dit rapport mag deel uitmaken van het in artikel 83, lid 3, bedoelde rapport.

3.
De lidstaten stellen de Commissie informatie ter beschikking over hun institutionele organisatie met betrekking tot de uitvoering, controle en naleving van deze richtlijn, alsmede over nationale initiatieven om voorlichting en bijstand te verlenen bij de uitvoering van de aanbestedingsregels van de Unie of een antwoord te formuleren op de uitdagingen die zich bij de uitvoering van deze regels aandienen.

Deze informatie mag deel uitmaken van het in artikel 83, lid 3, bedoelde rapport.

Artikel 86

Administratieve samenwerking

1.
De lidstaten verlenen elkaar wederzijdse bijstand en nemen maatregelen met het oog op daadwerkelijke onderlinge samenwerking teneinde uitwisseling van informatie over de in de artikelen 42, 43, 44, 57, 59, 60, 62, 64 en 69 bedoelde onderwerpen te verzekeren. Zij zien toe op de vertrouwelijkheid van de door hen uitgewisselde informatie.
2.
De bevoegde autoriteiten van alle betrokken lidstaten wisselen informatie uit met inachtneming van de voorschriften inzake bescherming van persoonsgegevens als bedoeld in Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad (19) en Richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad (20).
3.
Teneinde te testen of het gebruik van het informatiesysteem interne markt (IMI), ingesteld bij Verordening (EU) nr. 1024/2012 geschikt is voor de uitwisseling van de onder deze richtlijn vallende gegevens wordt uiterlijk op 18 april 2015 een proefproject opgezet.



TITEL V

GEDELEGEERDE BEVOEGDHEDEN, UITVOERINGSBEVOEGDHEDEN EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 87

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

1.
De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.
2.
De in de artikelen 6, 22, 23, 56 en 68 bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van 17 april 2014.
3.
De in de artikelen 6, 22, 23, 56 en 68 bedoelde bevoegdheidsdelegatie kan te allen tijde door het Europees Parlement of de Raad worden ingetrokken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.
4.
Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, stelt zij het Europees Parlement en de Raad daarvan gelijktijdig in kennis.
5.
Een overeenkomstig de artikelen 6, 22, 23, 56 en 68 vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van de termijn van twee maanden de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Deze termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

Artikel 88

Spoedprocedure

1.
Overeenkomstig dit artikel vastgestelde gedelegeerde handelingen treden onverwijld in werking en zijn van toepassing zolang geen bezwaar wordt gemaakt overeenkomstig lid 2. In de kennisgeving van de gedelegeerde handeling aan het Europees Parlement en de Raad wordt vermeld om welke redenen gebruik wordt gemaakt van de spoedprocedure.
2.
Het Europees Parlement of de Raad kan overeenkomstig de in artikel 87, lid 5, bedoelde procedure bezwaar maken tegen een gedelegeerde handeling. In dit geval trekt de Commissie de handeling onverwijld in na de kennisgeving van het besluit waarbij het Europees Parlement of de Raad bezwaar maakt.

Artikel 89

Comitéprocedure

1.
De Commissie wordt bijgestaan door het Raadgevend Comité inzake overheidsopdrachten, dat is ingesteld bij Besluit 71/306/EEG van de Raad (21). Dit comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011.
2.
Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 4 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.
3.
Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Artikel 90

Omzetting en overgangsbepalingen

1.
De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op 18 april 2016 aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee.
2.
Niettegenstaande lid 1 van dit artikel kunnen de lidstaten de toepassing van artikel 22, lid 1, uitstellen tot 18 oktober 2018, behalve wanneer het gebruik van elektronische middelen verplicht is krachtens artikel 34, artikel 35, artikel 36, artikel 37, lid 3, artikel 51, lid 2, of artikel 53.

Niettegenstaande lid 1 van dit artikel kunnen de lidstaten de toepassing van artikel 22, lid 1, voor aankoopcentrales uitstellen tot 18 april 2017.

Wanneer een lidstaat besluit tot uitstel van de toepassing van artikel 22, lid 1, bepaalt die lidstaat dat de aanbestedende diensten kunnen kiezen tussen de volgende communicatiemiddelen voor alle communicatie en uitwisseling van informatie:

a)

langs elektronische weg overeenkomstig artikel 22;

b)

post of een andere geschikte vervoerder;

c)

fax;

d)

een combinatie van deze middelen.

3.
Niettegenstaande lid 1 van dit artikel kunnen de lidstaten de toepassing van de tweede alinea van artikel 59, lid 2, uitstellen tot 18 april 2018.
4.
Niettegenstaande lid 1 van dit artikel kunnen de lidstaten de toepassing van de tweede alinea van artikel 59, lid 5, uitstellen tot 18 oktober 2018.
5.
Niettegenstaande lid 1 van dit artikel kunnen de lidstaten de toepassing van artikel 61, lid 2, uitstellen tot 18 oktober 2018.
6.
Wanneer de lidstaten de in leden 1 tot en met 5, bedoelde bepalingen vaststellen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking ervan. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
7.
De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 91

Intrekkingen

Richtlijn 2004/18/EG wordt ingetrokken met ingang van 18 april 2016.

Verwijzingen naar de ingetrokken richtlijn gelden als verwijzingen naar de onderhavige richtlijn en worden gelezen volgens de concordantietabel in bijlage XV.

Artikel 92

Evaluatie

De Commissie evalueert de economische gevolgen voor de interne markt, met name betreffende factoren zoals het grensoverschrijdende plaatsen van overheidsopdrachten en transactiekosten, die voortvloeien uit de toepassing van de in artikel 4 vastgestelde drempelwaarden en brengt daarover uiterlijk op 18 april 2019 verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad.

De Commissie zal waar mogelijk en waar passend overwegen tijdens de volgende onderhandelingsronde een verhoging van de krachtens de GPA-overeenkomst geldende drempelwaarden voor te stellen. Bij een wijziging van de krachtens de GPA-overeenkomst geldende drempelwaarden wordt het verslag, in voorkomend geval, gevolgd door een voorstel voor een rechtshandeling tot wijziging van de in deze richtlijn vastgestelde drempelwaarden.

Artikel 93

Inwerkingtreding

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 94

Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.




BIJLAGE I

CENTRALE OVERHEIDSINSTANTIES

BELGIË



1. Services publics fédéraux (Ministères):

1. Federale Overheidsdiensten (Ministeries):

SPF Chancellerie du Premier Ministre

FOD Kanselarij van de eerste minister

SPF Personnel et Organisation

FOD Kanselarij Personeel en Organisatie

SPF Budget et Contrôle de la Gestion

FOD Budget en Beheerscontrole

SPF Technologie de l’Information et de la Communication (Fedict)

FOD Informatie- en Communicatietechnologie (Fedict)

SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement

FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

SPF Intérieur

FOD Binnenlandse Zaken

SPF Finances

FOD Financiën

SPF Mobilité et transports

FOD Mobiliteit en Vervoer

SPF Emploi, Travail et Concertation sociale

FOD Werkgelegenheid, Arbeid en sociaal overleg

SPF Sécurité Sociale et Institutions Publiques de Sécurité Sociale

FOD Sociale Zekerheid en Openbare Instellingen van sociale Zekerheid

SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement

FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu

SPF Justice

FOD Justitie

SPF Economie, PME, Classes moyennes et Énergie

FOD Economie, Kmo, Middenstand en Energie

Ministère de la Défense

Ministerie van Landsverdediging

Service public de Programmation Intégration sociale, Lutte contre la pauvreté et Economie sociale

Programmatorische Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie, Armoedebestrijding en Sociale Economie

Service public fédéral de Programmation Développement durable

Programmatorische Federale Overheidsdienst Duurzame Ontwikkeling

Service public fédéral de Programmation Politique scientifique

Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid

2. Régie des Bâtiments

2. Regie der Gebouwen

Office national de Sécurité sociale

Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

L’Institut national d’Assurances sociales pour Travailleurs indépendants

Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen

Institut national d’Assurance Maladie-Invalidité

Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering

Office national des Pensions

Rijksdienst voor Pensioenen

Caisse auxiliaire d’Assurance Maladie-Invalidité

Hulpkas voor Ziekte-en Invaliditeitsverzekering

Fonds des Maladies professionnelles

Fonds voor Beroepsziekten

Office national de l’Emploi

Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening

BULGARIJE

Администрация на Народното събрание

Aдминистрация на Президента

Администрация на Министерския съвет

Конституционен съд

Българска народна банка

Министерство на външните работи

Министерство на вътрешните работи

Министерство на държавната администрация и административната реформа

Министерство на извънредните ситуации

Министерство на земеделието и храните

Министерство на здравеопазването

Министерство на икономиката и енергетиката

Министерство на културата

Министерство на образованието и науката

Министерство на околната среда и водите

Министерство на отбраната

Министерство на правосъдието

Министерство на регионалното развитие и благоустройството

Министерство на транспорта

Министерство на труда и социалната политика

Министерство на финансите

Staatsagentschappen, staatscommissies, uitvoerende agentschappen en andere staatsautoriteiten die bij wet of bij besluit van de Raad van ministers zijn opgericht en een functie hebben die verband houdt met de uitoefening van de uitvoerende macht:

Агенция за ядрено регулиране

Висшата атестационна комисия

Държавна комисия за енергийно и водно регулиране

Държавна комисия по сигурността на информацията

Комисия за защита на конкуренцията

Комисия за защита на личните данни

Комисия за защита от дискриминация

Комисия за регулиране на съобщенията

Комисия за финансов надзор

Патентно ведомство на Република България

Сметна палата на Република България

Агенция за приватизация

Агенция за следприватизационен контрол

Български институт по метрология

Държавна агенция „Архиви”

Държавна агенция „Държавен резерв и военновременни запаси”

Държавна агенция „Национална сигурност”

Държавна агенция за бежанците

Държавна агенция за българите в чужбина

Държавна агенция за закрила на детето

Държавна агенция за информационни технологии и съобщения

Държавна агенция за метрологичен и технически надзор

Държавна агенция за младежта и спорта

Държавна агенция по горите

Държавна агенция по туризма

Държавна комисия по стоковите борси и тържища

Институт по публична администрация и европейска интеграция

Национален статистически институт

Национална агенция за оценяване и акредитация

Националната агенция за професионално образование и обучение

Национална комисия за борба с трафика на хора

Агенция „Митници”

Агенция за държавна и финансова инспекция

Агенция за държавни вземания

Агенция за социално подпомагане

Агенция за хората с увреждания

Агенция по вписванията

Агенция по геодезия, картография и кадастър

Агенция по енергийна ефективност

Агенция по заетостта

Агенция по обществени поръчки

Българска агенция за инвестиции

Главна дирекция „Гражданска въздухоплавателна администрация”

Дирекция „Материално-техническо осигуряване и социално обслужване” на Министерство на вътрешните работи

Дирекция „Оперативно издирване” на Министерство на вътрешните работи

Дирекция „Финансово-ресурсно осигуряване” на Министерство на вътрешните работи

Дирекция за национален строителен контрол

Държавна комисия по хазарта

Изпълнителна агенция „Автомобилна администрация”

Изпълнителна агенция „Борба с градушките”

Изпълнителна агенция „Българска служба за акредитация”

Изпълнителна агенция „Военни клубове и информация”

Изпълнителна агенция „Главна инспекция по труда”

Изпълнителна агенция „Държавна собственост на Министерството на отбраната”

Изпълнителна агенция „Железопътна администрация”

Изпълнителна агенция „Изпитвания и контролни измервания на въоръжение, техника и имущества”

Изпълнителна агенция „Морска администрация”

Изпълнителна агенция „Национален филмов център”

Изпълнителна агенция „Пристанищна администрация”

Изпълнителна агенция „Проучване и поддържане на река Дунав”

Изпълнителна агенция „Социални дейности на Министерството на отбраната”

Изпълнителна агенция за икономически анализи и прогнози

Изпълнителна агенция за насърчаване на малките и средни предприятия

Изпълнителна агенция по лекарствата

Изпълнителна агенция по лозата и виното

Изпълнителна агенция по околна среда

Изпълнителна агенция по почвените ресурси

Изпълнителна агенция по рибарство и аквакултури

Изпълнителна агенция по селекция и репродукция в животновъдството

Изпълнителна агенция по сортоизпитване, апробация и семеконтрол

Изпълнителна агенция по трансплантация

Изпълнителна агенция по хидромелиорации

Комисията за защита на потребителите

Контролно-техническата инспекция

Национален център за информация и документация

Национален център по радиобиология и радиационна защита

Национална агенция за приходите

Национална ветеринарномедицинска служба

Национална служба „Полиция”

Национална служба „Пожарна безопасност и защита на населението”

Национална служба за растителна защита

Национална служба за съвети в земеделието

Национална служба по зърното и фуражите

Служба „Военна информация”

Служба „Военна полиция”

Фонд „Републиканска пътна инфраструктура”

Авиоотряд 28

TSJECHIË

Ministerstvo dopravy

Ministerstvo financí

Ministerstvo kultury

Ministerstvo obrany

Ministerstvo pro místní rozvoj

Ministerstvo práce a sociálních věcí

Ministerstvo průmyslu a obchodu

Ministerstvo spravedlnosti

Ministerstvo školství, mládeže a tělovýchovy

Ministerstvo vnitra

Ministerstvo zahraničních věcí

Ministerstvo zdravotnictví

Ministerstvo zemědělství

Ministerstvo životního prostředí

Poslanecká sněmovna PČR

Senát PČR

Kancelář prezidenta

Český statistický úřad

Český úřad zeměměřičský a katastrální

Úřad průmyslového vlastnictví

Úřad pro ochranu osobních údajů

Bezpečnostní informační služba

Národní bezpečnostní úřad

Česká akademie věd

Vězeňská služba

Český báňský úřad

Úřad pro ochranu hospodářské soutěže

Správa státních hmotných rezerv

Státní úřad pro jadernou bezpečnost

Česká národní banka

Energetický regulační úřad

Úřad vlády České republiky

Ústavní soud

Nejvyšší soud

Nejvyšší správní soud

Nejvyšší státní zastupitelství

Nejvyšší kontrolní úřad

Kancelář Veřejného ochránce práv

Grantová agentura České republiky

Státní úřad inspekce práce

Český telekomunikační úřad

DENEMARKEN

Folketinget

Rigsrevisionen

Statsministeriet

Udenrigsministeriet

Beskæftigelsesministeriet

5 styrelser og institutioner (5 bureaus en instellingen)

Domstolsstyrelsen

Finansministeriet

5 styrelser og institutioner (5 bureaus en instellingen)

Forsvarsministeriet

5 styrelser og institutioner (5 bureaus en instellingen)

Ministeriet for Sundhed og Forebyggelse

Adskillige styrelser og institutioner, herunder Statens Serum Institut (verscheidene bureaus en instellingen, waaronder het Statens Serum Institut)

Justitsministeriet

Rigspolitichefen, anklagemyndigheden samt 1 direktorat og et antal styrelser (politiedienst, de openbare aanklager, 1 directoraat en een aantal bureaus)

Kirkeministeriet

10 stiftsøvrigheder (10 diocesane diensten)

Kulturministeriet (ministerie van Cultuur)

4 styrelser samt et antal statsinstitutioner (4 bureaus en een aantal instellingen)

Miljøministeriet

5 styrelser (5 bureaus)

Ministeriet for Flygtninge, Invandrere og Integration

1 styrelse (1 bureau)

Ministeriet for Fødevarer, Landbrug og Fiskeri

4 direktorater og institutioner (4 directoraten en instellingen)

Ministeriet for Videnskab, Teknologi og Udvikling

Adskillige styrelser og institutioner, Forskningscenter Risø og Statens uddannelsesbygninger (verscheidene bureaus en instellingen waaronder nationaal onderzoekscentrum Risoe en de nationale onderzoeks- en onderwijsinstituten)

Skatteministeriet

1 styrelse og institutioner (1 bureau en verscheidene instellingen)

Velfærdsministeriet

3 styrelse og institutioner (3 bureaus en verscheidene instellingen)

Transportministeriet

7 styrelser og institutioner, herunder Øresundsbrokonsortiet (7 bureaus en instellingen, waaronder Øresundsbrokonsortiet)

Undervisningsministeriet

3 styrelser, 4 undervisningsinstitutioner og 5 andre institutioner (3 bureaus, 4 onderwijsinstellingen, 5 andere instellingen)

Økonomi- og Erhvervsministeriet

Adskilligestyrelser og institutioner (verscheidene bureaus en instellingen)

Klima- og Energiministeriet

3 styrelse og institutioner (3 bureaus en instellingen)

DUITSLAND

Auswärtiges Amt

Bundeskanzleramt

Bundesministerium für Arbeit und Soziales

Bundesministerium für Bildung und Forschung

Bundesministerium für Ernährung, Landwirtschaft und Verbraucherschutz

Bundesministerium der Finanzen

Bundesministerium des Innern (alleen burgerlijke goederen)

Bundesministerium für Gesundheit

Bundesministerium für Familie, Senioren, Frauen und Jugend

Bundesministerium der Justiz

Bundesministerium für Verkehr, Bau und Stadtentwicklung

Bundesministerium für Wirtschaft und Technologie

Bundesministerium für wirtschaftliche Zusammenarbeit und Entwicklung

Bundesministerium der Verteidigung (geen militaire goederen)

Bundesministerium für Umwelt, Naturschutz und Reaktorsicherheit

ESTLAND

Vabariigi Presidendi Kantselei;

Eesti Vabariigi Riigikogu;

Eesti Vabariigi Riigikohus;

Riigikontroll;

Õiguskantsler;

Riigikantselei;

Rahvusarhiiv;

Haridus- ja Teadusministeerium;

Justiitsministeerium;

Kaitseministeerium;

Keskkonnaministeerium;

Kultuuriministeerium;

Majandus- ja Kommunikatsiooniministeerium;

Põllumajandusministeerium;

Rahandusministeerium;

Siseministeerium;

Sotsiaalministeerium;

Välisministeerium;

Keeleinspektsioon;

Riigiprokuratuur;

Teabeamet;

Maa-amet;

Keskkonnainspektsioon;

Metsakaitse- ja Metsauuenduskeskus;

Muinsuskaitseamet;

Patendiamet;

Tarbijakaitseamet;

Riigihangete Amet;

Taimetoodangu Inspektsioon;

Põllumajanduse Registrite ja Informatsiooni Amet;

Veterinaar- ja Toiduamet;

Konkurentsiamet;

Maksu -ja Tolliamet;

Statistikaamet;

Kaitsepolitseiamet;

Kodakondsus- ja Migratsiooniamet;

Piirivalveamet;

Politseiamet;

Eesti Kohtuekspertiisi Instituut;

Keskkriminaalpolitsei;

Päästeamet;

Andmekaitse Inspektsioon;

Ravimiamet;

Sotsiaalkindlustusamet;

Tööturuamet;

Tervishoiuamet;

Tervisekaitseinspektsioon;

Tööinspektsioon;

Lennuamet;

Maanteeamet;

Veeteede Amet;

Julgestuspolitsei;

Kaitseressursside Amet;

Kaitseväe Logistikakeskus;

Tehnilise Järelevalve Amet.

IERLAND

President’s Establishment

Houses of the Oireachtas — [parlement]

Department of theTaoiseach — [minister-president]

Central Statistics Office

Department of Finance

Office of the Comptroller and Auditor General

Office of the Revenue Commissioners

Office of Public Works

State Laboratory

Office of the Attorney General

Office of the Director of Public Prosecutions

Valuation Office

Office of the Commission for Public Service Appointments

Public Appointments Service

Office of the Ombudsman

Chief State Solicitor’s Office

Department of Justice, Equality and Law Reform

Courts Service

Prisons Service

Office of the Commissioners of Charitable Donations and Bequests

Department of the Environment, Heritage and Local Government

Department of Education and Science

Department of Communications, Energy and Natural Resources

Department of Agriculture, Fisheries and Food

Department of Transport

Department of Health and Children

Department of Enterprise, Trade and Employment

Department of Arts, Sports and Tourism

Department of Defence

Department of Foreign Affairs

Department of Social and Family Affairs

Department of Community, Rural and Gaeltacht — [Gaelic speaking regions] Affairs

Arts Council

National Gallery.

GRIEKENLAND

Υπουργείο Εσωτερικών;

Υπουργείο Εξωτερικών;

Υπουργείο Οικονομίας και Οικονομικών;

Υπουργείο Ανάπτυξης;

Υπουργείο Δικαιοσύνης;

Υπουργείο Εθνικής Παιδείας και Θρησκευμάτων;

Υπουργείο Πολιτισμού;

Υπουργείο Υγείας και Κοινωνικής Αλληλεγγύης;

Υπουργείο Περιβάλλοντος, Χωροταξίας και Δημοσίων Έργων;

Υπουργείο Απασχόλησης και Κοινωνικής Προστασίας;

Υπουργείο Μεταφορών και Επικοινωνιών;

Υπουργείο Αγροτικής Ανάπτυξης και Τροφίμων;

Υπουργείο Εμπορικής Ναυτιλίας, Αιγαίου και Νησιωτικής Πολιτικής;

Υπουργείο Μακεδονίας- Θράκης;

Γενική Γραμματεία Επικοινωνίας;

Γενική Γραμματεία Ενημέρωσης;

Γενική Γραμματεία Νέας Γενιάς;

Γενική Γραμματεία Ισότητας;

Γενική Γραμματεία Κοινωνικών Ασφαλίσεων;

Γενική Γραμματεία Απόδημου Ελληνισμού;

Γενική Γραμματεία Βιομηχανίας;

Γενική Γραμματεία Έρευνας και Τεχνολογίας;

Γενική Γραμματεία Αθλητισμού;

Γενική Γραμματεία Δημοσίων Έργων;

Γενική Γραμματεία Εθνικής Στατιστικής Υπηρεσίας Ελλάδος;

Εθνικό Συμβούλιο Κοινωνικής Φροντίδας;

Οργανισμός Εργατικής Κατοικίας;

Εθνικό Τυπογραφείο;

Γενικό Χημείο του Κράτους;

Ταμείο Εθνικής Οδοποιίας;

Εθνικό Καποδιστριακό Πανεπιστήμιο Αθηνών;

Αριστοτέλειο Πανεπιστήμιο Θεσσαλονίκης;

Δημοκρίτειο Πανεπιστήμιο Θράκης;

Πανεπιστήμιο Αιγαίου;

Πανεπιστήμιο Ιωαννίνων;

Πανεπιστήμιο Πατρών;

Πανεπιστήμιο Μακεδονίας;

Πολυτεχνείο Κρήτης;

Σιβιτανίδειος Δημόσια Σχολή Τεχνών και Επαγγελμάτων;

Αιγινήτειο Νοσοκομείο;

Αρεταίειο Νοσοκομείο;

Εθνικό Κέντρο Δημόσιας Διοίκησης;

Οργανισμός Διαχείρισης Δημοσίου Υλικού;

Οργανισμός Γεωργικών Ασφαλίσεων;

Οργανισμός Σχολικών Κτιρίων;

Γενικό Επιτελείο Στρατού;

Γενικό Επιτελείο Ναυτικού;

Γενικό Επιτελείο Αεροπορίας;

Ελληνική Επιτροπή Ατομικής Ενέργειας;

Γενική Γραμματεία Εκπαίδευσης Ενηλίκων;

Υπουργείο Εθνικής Άμυνας;

Γενική Γραμματεία Εμπορίου.

SPANJE

Presidencia de Gobierno

Ministerio de Asuntos Exteriores y de Cooperación

Ministerio de Justicia

Ministerio de Defensa

Ministerio de Economía y Hacienda

Ministerio del Interior

Ministerio de Fomento

Ministerio de Educación, Política Social y Deportes

Ministerio de Industria, Turismo y Comercio

Ministerio de Trabajo e Inmigración

Ministerio de la Presidencia

Ministerio de Administraciones Públicas

Ministerio de Cultura

Ministerio de Sanidad y Consumo

Ministerio de Medio Ambiente y Medio Rural y Marino

Ministerio de Vivienda

Ministerio de Ciencia e Innovación

Ministerio de Igualdad

FRANKRIJK

1. Ministeries

Services du Premier ministre

Ministère chargé de la santé, de la jeunesse et des sports

Ministère chargé de l’intérieur, de l’outre-mer et des collectivités territoriales

Ministère chargé de la justice

Ministère chargé de la défense

Ministère chargé des affaires étrangères et européennes

Ministère chargé de l’éducation nationale

Ministère chargé de l’économie, des finances et de l’emploi

Secrétariat d’Etat aux transports

Secrétariat d’Etat aux entreprises et au commerce extérieur

Ministère chargé du travail, des relations sociales et de la solidarité

Ministère chargé de la culture et de la communication

Ministère chargé du budget, des comptes publics et de la fonction publique

Ministère chargé de l’agriculture et de la pêche

Ministère chargé de l’enseignement supérieur et de la recherche

Ministère chargé de l’écologie, du développement et de l’aménagement durables

Secrétariat d’Etat à la fonction publique

Ministère chargé du logement et de la ville

Secrétariat d’Etat à la coopération et à la francophonie

Secrétariat d’Etat à l’outre-mer

Secrétariat d’Etat à la jeunesse, des sports et de la vie associative

Secrétariat d’Etat aux anciens combattants

Ministère chargé de l’immigration, de l’intégration, de l’identité nationale et du co-développement

Secrétariat d’Etat en charge de la prospective et de l’évaluation des politiques publiques

Secrétariat d’Etat aux affaires européennes

Secrétariat d’Etat aux affaires étrangères et aux droits de l’homme

Secrétariat d’Etat à la consommation et au tourisme

Secrétariat d’Etat à la politique de la ville

Secrétariat d’Etat à la solidarité

Secrétariat d’Etat en charge de l’industrie et de la consommation

Secrétariat d’Etat en charge de l’emploi

Secrétariat d’Etat en charge du commerce, de l’artisanat, des PME, du tourisme et des services

Secrétariat d’Etat en charge de l’écologie

Secrétariat d’Etat en charge du développement de la région-capitale

Secrétariat d’Etat en charge de l’aménagement du territoire

2. Instellingen, onafhankelijke diensten en gerechtelijke instanties

Présidence de la République

Assemblée Nationale

Sénat

Conseil constitutionnel

Conseil économique et social

Conseil supérieur de la magistrature

Agence française contre le dopage

Autorité de contrôle des assurances et des mutuelles

Autorité de contrôle des nuisances sonores aéroportuaires

Autorité de régulation des communications électroniques et des postes

Autorité de sûreté nucléaire

Autorité indépendante des marchés financiers

Comité national d’évaluation des établissements publics à caractère scientifique, culturel et professionnel

Commission d’accès aux documents administratifs

Commission consultative du secret de la défense nationale

Commission nationale des comptes de campagne et des financements politiques

Commission nationale de contrôle des interceptions de sécurité

Commission nationale de déontologie de la sécurité

Commission nationale du débat public

Commission nationale de l’informatique et des libertés

Commission des participations et des transferts

Commission de régulation de l’énergie

Commission de la sécurité des consommateurs

Commission des sondages

Commission de la transparence financière de la vie politique

Conseil de la concurrence

Conseil des ventes volontaires de meubles aux enchères publiques

Conseil supérieur de l’audiovisuel

Défenseur des enfants

Haute autorité de lutte contre les discriminations et pour l’égalité

Haute autorité de santé

Médiateur de la République

Cour de justice de la République

Tribunal des Conflits

Conseil d’Etat

Cours administratives d’appel

Tribunaux administratifs

Cour des Comptes

Chambres régionales des Comptes

Cours et tribunaux de l’ordre judiciaire (Cour de Cassation, Cours d’Appel, Tribunaux d’instance et Tribunaux de grande instance)

3. Nationale publieke instellingen

Académie de France à Rome

Académie de marine

Académie des sciences d’outre-mer

Académie des technologies

Agence centrale des organismes de sécurité sociale (ACOSS)

Agence de biomédicine

Agence pour l’enseignement du français à l’étranger

Agence française de sécurité sanitaire des aliments

Agence française de sécurité sanitaire de l’environnement et du travail

Agence Nationale pour la cohésion sociale et l’égalité des chances

Agence nationale pour la garantie des droits des mineurs

Agences de l’eau

Agence Nationale de l’Accueil des Etrangers et des migrations

Agence nationale pour l’amélioration des conditions de travail (ANACT)

Agence nationale pour l’amélioration de l’habitat (ANAH)

Agence Nationale pour la Cohésion Sociale et l’Egalité des Chances

Agence nationale pour l’indemnisation des français d’outre-mer (ANIFOM)

Assemblée permanente des chambres d’agriculture (APCA)

Bibliothèque publique d’information

Bibliothèque nationale de France

Bibliothèque nationale et universitaire de Strasbourg

Caisse des Dépôts et Consignations

Caisse nationale des autoroutes (CNA)

Caisse nationale militaire de sécurité sociale (CNMSS)

Caisse de garantie du logement locatif social

Casa de Velasquez

Centre d’enseignement zootechnique

Centre d’études de l’emploi

Centre d’études supérieures de la sécurité sociale

Centres de formation professionnelle et de promotion agricole

Centre hospitalier des Quinze-Vingts

Centre international d’études supérieures en sciences agronomiques (Montpellier Sup Agro)

Centre des liaisons européennes et internationales de sécurité sociale

Centre des Monuments Nationaux

Centre national d’art et de culture Georges Pompidou

Centre national des arts plastiques

Centre national de la cinématographie

Centre National d’Etudes et d’expérimentation du machinisme agricole, du génie rural, des eaux et des forêts (CEMAGREF)

Centre national du livre

Centre national de documentation pédagogique

Centre national des œuvres universitaires et scolaires (CNOUS)

Centre national professionnel de la propriété forestière

Centre National de la Recherche Scientifique (C.N.R.S)

Centres d’éducation populaire et de sport (CREPS)

Centres régionaux des œuvres universitaires (CROUS)

Collège de France

Conservatoire de l’espace littoral et des rivages lacustres

Conservatoire National des Arts et Métiers

Conservatoire national supérieur de musique et de danse de Paris

Conservatoire national supérieur de musique et de danse de Lyon

Conservatoire national supérieur d’art dramatique

École centrale de Lille

École centrale de Lyon

École centrale des arts et manufactures

École française d’archéologie d’Athènes

École française d’Extrême-Orient

École française de Rome

École des hautes études en sciences sociales

École du Louvre

École nationale d’administration

École nationale de l’aviation civile (ENAC)

École nationale des Chartes

École nationale d’équitation

École Nationale du Génie de l’Eau et de l’environnement de Strasbourg

Écoles nationales d’ingénieurs

École nationale d’ingénieurs des industries des techniques agricoles et alimentaires de Nantes

Écoles nationales d’ingénieurs des travaux agricoles

École nationale de la magistrature

Écoles nationales de la marine marchande

École nationale de la santé publique (ENSP)

École nationale de ski et d’alpinisme

École nationale supérieure des arts décoratifs

École nationale supérieure des arts et techniques du théâtre

École nationale supérieure des arts et industries textiles Roubaix

Écoles nationales supérieures d’arts et métiers

École nationale supérieure des beaux-arts

École nationale supérieure de céramique industrielle

École nationale supérieure de l’électronique et de ses applications (ENSEA)

École nationale supérieure du paysage de Versailles

École Nationale Supérieure des Sciences de l’information et des bibliothécaires

École nationale supérieure de la sécurité sociale

Écoles nationales vétérinaires

École nationale de voile

Écoles normales supérieures

École polytechnique

École technique professionnelle agricole et forestière de Meymac (Corrèze)

École de sylviculture Crogny (Aube)

École de viticulture et d’œnologie de la Tour- Blanche (Gironde)

École de viticulture — Avize (Marne)

Établissement national d’enseignement agronomique de Dijon

Établissement national des invalides de la marine (ENIM)

Établissement national de bienfaisance Koenigswarter

Établissement public du musée et du domaine national de Versailles

Fondation Carnegie

Fondation Singer-Polignac

Haras nationaux

Hôpital national de Saint-Maurice

Institut des hautes études pour la science et la technologie

Institut français d’archéologie orientale du Caire

Institut géographique national

Institut National de l’origine et de la qualité

Institut national des hautes études de sécurité

Institut de veille sanitaire

Institut National d’enseignement supérieur et de recherche agronomique et agroalimentaire de Rennes

Institut National d’Etudes Démographiques (I.N.E.D)

Institut National d’Horticulture

Institut National de la jeunesse et de l’éducation populaire

Institut national des jeunes aveugles — Paris

Institut national des jeunes sourds — Bordeaux

Institut national des jeunes sourds — Chambéry

Institut national des jeunes sourds — Metz

Institut national des jeunes sourds — Paris

Institut national de physique nucléaire et de physique des particules (I.N.P.N.P.P)

Institut national de la propriété industrielle

Institut National de la Recherche Agronomique (I.N.R.A)

Institut National de la Recherche Pédagogique (I.N.R.P)

Institut National de la Santé et de la Recherche Médicale (I.N.S.E.R.M)

Institut national d’histoire de l’art (I.N.H.A.)

Institut national de recherches archéologiques préventives

Institut National des Sciences de l’Univers

Institut National des Sports et de l’Education Physique

Institut national supérieur de formation et de recherche pour l’éducation des jeunes handicapés et les enseignements inadaptés

Instituts nationaux polytechniques

Instituts nationaux des sciences appliquées

Institut national de recherche en informatique et en automatique (INRIA)

Institut national de recherche sur les transports et leur sécurité (INRETS)

Institut de Recherche pour le Développement

Instituts régionaux d’administration

Institut des Sciences et des Industries du vivant et de l’environnement (Agro Paris Tech)

Institut supérieur de mécanique de Paris

Institut Universitaires de Formation des Maîtres

Musée de l’armée

Musée Gustave-Moreau

Musée national de la marine

Musée national J.-J.-Henner

Musée du Louvre

Musée du Quai Branly

Muséum National d’Histoire Naturelle

Musée Auguste-Rodin

Observatoire de Paris

Office français de protection des réfugiés et apatrides

Office National des Anciens Combattants et des Victimes de Guerre (ONAC)

Office national de la chasse et de la faune sauvage

Office National de l’eau et des milieux aquatiques

Office national d’information sur les enseignements et les professions (ONISEP)

Office universitaire et culturel français pour l’Algérie

Ordre national de la Légion d’honneur

Palais de la découverte

Parcs nationaux

Universités

4. Andere nationale openbare instellingen

Union des groupements d’achats publics (UGAP)

Agence Nationale pour l’emploi (A.N.P.E)

Caisse Nationale des Allocations Familiales (CNAF)

Caisse Nationale d’Assurance Maladie des Travailleurs Salariés (CNAMS)

Caisse Nationale d’Assurance-Vieillesse des Travailleurs Salariés (CNAVTS)

KROATIË

Hrvatski sabor

Predsjednik Republike Hrvatske

Ured predsjednika Republike Hrvatske

Ured predsjednika Republike Hrvatske po prestanku obnašanja dužnosti

Vlada Republike Hrvatske

uredi Vlade Republike Hrvatske

Ministarstvo gospodarstva

Ministarstvo regionalnog razvoja i fondova Europske unije

Ministarstvo financija

Ministarstvo obrane

Ministarstvo vanjskih i europskih poslova

Ministarstvo unutarnjih poslova

Ministarstvo pravosuđa

Ministarstvo uprave

Ministarstvo poduzetništva i obrta

Ministarstvo rada i mirovinskog sustava

Ministarstvo pomorstva, prometa i infrastrukture

Ministarstvo poljoprivrede

Ministarstvo turizma

Ministarstvo zaštite okoliša i prirode

Ministarstvo graditeljstva i prostornog uređenja

Ministarstvo branitelja

Ministarstvo socijalne politike i mladih

Ministarstvo zdravlja

Ministarstvo znanosti, obrazovanja i sporta

Ministarstvo kulture

državne upravne organizacije

uredi državne uprave u županijama

Ustavni sud Republike Hrvatske

Vrhovni sud Republike Hrvatske

sudovi

Državno sudbeno vijeće

državna odvjetništva

Državnoodvjetničko vijeće

pravobraniteljstva

Državna komisija za kontrolu postupaka javne nabave

Hrvatska narodna banka

državne agencije i uredi

Državni ured za reviziju

ITALIË

Organen die aankopen doen

Presidenza del Consiglio dei Ministri

Ministero degli Affari Esteri

Ministero dell’Interno

Ministero della Giustizia e Uffici giudiziari (esclusi i giudici di pace)

Ministero della Difesa

Ministero dell’Economia e delle Finanze

Ministero dello Sviluppo Economico

Ministero delle Politiche Agricole, Alimentari e Forestali

Ministero dell’Ambiente — Tutela del Territorio e del Mare

Ministero delle Infrastrutture e dei Trasporti

Ministero del Lavoro, della Salute e delle Politiche Sociali

Ministero dell’ Istruzione, Università e Ricerca

Ministero per i Beni e le Attività culturali, comprensivo delle sue articolazioni periferiche

Andere nationale publieke organen:

CONSIP (Concessionaria Servizi Informatici Pubblici)

CYPRUS

Προεδρία και Προεδρικό Μέγαρο

Γραφείο Συντονιστή Εναρμόνισης

Υπουργικό Συμβούλιο

Βουλή των Αντιπροσώπων

Δικαστική Υπηρεσία

Νομική Υπηρεσία της Δημοκρατίας

Ελεγκτική Υπηρεσία της Δημοκρατίας

Επιτροπή Δημόσιας Υπηρεσίας

Επιτροπή Εκπαιδευτικής Υπηρεσίας

Γραφείο Επιτρόπου Διοικήσεως

Επιτροπή Προστασίας Ανταγωνισμού

Υπηρεσία Εσωτερικού Ελέγχου

Γραφείο Προγραμματισμού

Γενικό Λογιστήριο της Δημοκρατίας

Γραφείο Επιτρόπου Προστασίας Δεδομένων Προσωπικού Χαρακτήρα

Γραφείο Εφόρου Δημοσίων Ενισχύσεων

Αναθεωρητική Αρχή Προσφορών

Υπηρεσία Εποπτείας και Ανάπτυξης Συνεργατικών Εταιρειών

Αναθεωρητική Αρχή Προσφύγων

Υπουργείο Άμυνας

Υπουργείο Γεωργίας, Φυσικών Πόρων και Περιβάλλοντος

Τμήμα Γεωργίας

Κτηνιατρικές Υπηρεσίες

Τμήμα Δασών

Τμήμα Αναπτύξεως Υδάτων

Τμήμα Γεωλογικής Επισκόπησης

Μετεωρολογική Υπηρεσία

Τμήμα Αναδασμού

Υπηρεσία Μεταλλείων

Ινστιτούτο Γεωργικών Ερευνών

Τμήμα Αλιείας και Θαλάσσιων Ερευνών

Υπουργείο Δικαιοσύνης και Δημοσίας Τάξεως

Αστυνομία

Πυροσβεστική Υπηρεσία Κύπρου

Τμήμα Φυλακών

Υπουργείο Εμπορίου, Βιομηχανίας και Τουρισμού

Τμήμα Εφόρου Εταιρειών και Επίσημου Παραλήπτη

Υπουργείο Εργασίας και Κοινωνικών Ασφαλίσεων

Τμήμα Εργασίας

Τμήμα Κοινωνικών Ασφαλίσεων

Τμήμα Υπηρεσιών Κοινωνικής Ευημερίας

Κέντρο Παραγωγικότητας Κύπρου

Ανώτερο Ξενοδοχειακό Ινστιτούτο Κύπρου

Ανώτερο Τεχνολογικό Ινστιτούτο

Τμήμα Επιθεώρησης Εργασίας

Τμήμα Εργασιακών Σχέσεων

Υπουργείο Εσωτερικών

Επαρχιακές Διοικήσεις

Τμήμα Πολεοδομίας και Οικήσεως

Τμήμα Αρχείου Πληθυσμού και Μεταναστεύσεως

Τμήμα Κτηματολογίου και Χωρομετρίας

Γραφείο Τύπου και Πληροφοριών

Πολιτική Άμυνα

Υπηρεσία Μέριμνας και Αποκαταστάσεων Εκτοπισθέντων

Υπηρεσία Ασύλου

Υπουργείο Εξωτερικών

Υπουργείο Οικονομικών

Τελωνεία

Τμήμα Εσωτερικών Προσόδων

Στατιστική Υπηρεσία

Τμήμα Κρατικών Αγορών και Προμηθειών

Τμήμα Δημόσιας Διοίκησης και Προσωπικού

Κυβερνητικό Τυπογραφείο

Τμήμα Υπηρεσιών Πληροφορικής

Υπουργείο Παιδείας και Πολιτισμού

Υπουργείο Συγκοινωνιών και Έργων

Τμήμα Δημοσίων Έργων

Τμήμα Αρχαιοτήτων

Τμήμα Πολιτικής Αεροπορίας

Τμήμα Εμπορικής Ναυτιλίας

Τμήμα Οδικών Μεταφορών

Τμήμα Ηλεκτρομηχανολογικών Υπηρεσιών

Τμήμα Ηλεκτρονικών Επικοινωνιών

Υπουργείο Υγείας

Φαρμακευτικές Υπηρεσίες

Γενικό Χημείο

Ιατρικές Υπηρεσίες και Υπηρεσίες Δημόσιας Υγείας

Οδοντιατρικές Υπηρεσίες

Υπηρεσίες Ψυχικής Υγείας

LETLAND

Ministeries, staatssecretariaten en instellingen die daaronder ressorteren

Aizsardzības ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Ārlietu ministrija un tas padotībā esošās iestādes

Bērnu un ģimenes lietu ministrija un tās padotībā esošas iestādes

Ekonomikas ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Finanšu ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Iekšlietu ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Izglītības un zinātnes ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Kultūras ministrija un tas padotībā esošās iestādes

Labklājības ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Reģionālās attīstības un pašvaldības lietu ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Satiksmes ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Tieslietu ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Veselības ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Vides ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Zemkopības ministrija un tās padotībā esošās iestādes

Īpašu uzdevumu ministra sekretariāti un to padotībā esošās iestādes

Satversmes aizsardzības birojs

Andere centrale overheidsinstellingen

Augstākā tiesa

Centrālā vēlēšanu komisija

Finanšu un kapitāla tirgus komisija

Latvijas Banka

Prokuratūra un tās pārraudzībā esošās iestādes

Saeimas kanceleja un tās padotībā esošās iestādes

Satversmes tiesa

Valsts kanceleja un tās padotībā esošās iestādes

Valsts kontrole

Valsts prezidenta kanceleja

Tiesībsarga birojs

Nacionālā radio un televīzijas padome

Citas valsts iestādes, kuras nav ministriju padotībā (andere centrale overheidsinstellingen die niet onder een ministerie ressorteren)

LITOUWEN

Prezidentūros kanceliarija

Seimo kanceliarija

Instellingen die verantwoording verschuldigd zijn aan de Seimas [het parlement]: Lietuvos mokslo taryba;

Seimo kontrolierių įstaiga;

Valstybės kontrolė;

Specialiųjų tyrimų tarnyba;

Valstybės saugumo departamentas;

Konkurencijos taryba;

Lietuvos gyventojų genocido ir rezistencijos tyrimo centras;

Vertybinių popierių komisija;

Ryšių reguliavimo tarnyba;

Nacionalinė sveikatos taryba;

Etninės kultūros globos taryba;

Lygių galimybių kontrolieriaus tarnyba;

Valstybinė kultūros paveldo komisija;

Vaiko teisių apsaugos kontrolieriaus įstaiga;

Valstybinė kainų ir energetikos kontrolės komisija;

Valstybinė lietuvių kalbos komisija;

Vyriausioji rinkimų komisija;

Vyriausioji tarnybinės etikos komisija;

Žurnalistų etikos inspektoriaus tarnyba.

Vyriausybės kanceliarija

Instellingen die verantwoording verschuldigd zijn aan de Vyriausybės [de regering]:

Ginklų fondas;

Informacinės visuomenės plėtros komitetas;

Kūno kultūros ir sporto departamentas;

Lietuvos archyvų departamentas;

Mokestinių ginčų komisija;

Statistikos departamentas;

Tautinių mažumų ir išeivijos departamentas;

Valstybinė tabako ir alkoholio kontrolės tarnyba;

Viešųjų pirkimų tarnyba;

Narkotikų kontrolės departamentas;

Valstybinė atominės energetikos saugos inspekcija;

Valstybinė duomenų apsaugos inspekcija;

Valstybinė lošimų priežiūros komisija;

Valstybinė maisto ir veterinarijos tarnyba;

Vyriausioji administracinių ginčų komisija;

Draudimo priežiūros komisija;

Lietuvos valstybinis mokslo ir studijų fondas;

Lietuvių grįžimo į Tėvynę informacijos centras

Konstitucinis Teismas

Lietuvos bankas

Aplinkos ministerija

Instellingen die vallen onder het Aplinkos ministerija [ministerie van Milieu]:

Generalinė miškų urėdija;

Lietuvos geologijos tarnyba;

Lietuvos hidrometeorologijos tarnyba;

Lietuvos standartizacijos departamentas;

Nacionalinis akreditacijos biuras;

Valstybinė metrologijos tarnyba;

Valstybinė saugomų teritorijų tarnyba;

Valstybinė teritorijų planavimo ir statybos inspekcija.

Finansų ministerija

Instellingen die vallen onder het Finansų ministerija [ministerie van Financiën]:

Muitinės departamentas;

Valstybės dokumentų technologinės apsaugos tarnyba;

Valstybinė mokesčių inspekcija;

Finansų ministerijos mokymo centras.

Krašto apsaugos ministerija

Instellingen die vallen onder het Krašto apsaugos ministerijos [ministerie van Defensie]:

Antrasis operatyvinių tarnybų departamentas;

Centralizuota finansų ir turto tarnyba;

Karo prievolės administravimo tarnyba;

Krašto apsaugos archyvas;

Krizių valdymo centras;

Mobilizacijos departamentas;

Ryšių ir informacinių sistemų tarnyba;

Infrastruktūros plėtros departamentas;

Valstybinis pilietinio pasipriešinimo rengimo centras.

Lietuvos kariuomenė

Krašto apsaugos sistemos kariniai vienetai ir tarnybos

Kultūros ministerija

Instellingen die vallen onder het Kultūros ministerijos [ministerie van Cultuur]:

Kultūros paveldo departamentas;

Valstybinė kalbos inspekcija.

Socialinės apsaugos ir darbo ministerija

Instellingen die vallen onder het Socialinės apsaugos ir darbo ministerijos [ministerie van Sociale Zekerheid en Werk]:

Garantinio fondo administracija;

Valstybės vaiko teisių apsaugos ir įvaikinimo tarnyba;

Lietuvos darbo birža;

Lietuvos darbo rinkos mokymo tarnyba;

Trišalės tarybos sekretoriatas;

Socialinių paslaugų priežiūros departamentas;

Darbo inspekcija;

Valstybinio socialinio draudimo fondo valdyba;

Neįgalumo ir darbingumo nustatymo tarnyba;

Ginčų komisija;

Techninės pagalbos neįgaliesiems centras;

Neįgaliųjų reikalų departamentas.

Susisiekimo ministerija

Instellingen die vallen onder het Susisiekimo ministerijos [ministerie van Transport en Communicatie]:

Lietuvos automobilių kelių direkcija;

Valstybinė geležinkelio inspekcija;

Valstybinė kelių transporto inspekcija;

Pasienio kontrolės punktų direkcija.

Sveikatos apsaugos ministerija

Instellingen die vallen onder het Sveikatos apsaugos ministerijos [ministerie van Volksgezondheid]:

Valstybinė akreditavimo sveikatos priežiūros veiklai tarnyba;

Valstybinė ligonių kasa;

Valstybinė medicininio audito inspekcija;

Valstybinė vaistų kontrolės tarnyba;

Valstybinė teismo psichiatrijos ir narkologijos tarnyba;

Valstybinė visuomenės sveikatos priežiūros tarnyba;

Farmacijos departamentas;

Sveikatos apsaugos ministerijos Ekstremalių sveikatai situacijų centras;

Lietuvos bioetikos komitetas;

Radiacinės saugos centras.

Švietimo ir mokslo ministerija

Instellingen die vallen onder het Švietimo ir mokslo ministerijos [ministerie van Onderwijs en Wetenschappen]:

Nacionalinis egzaminų centras;

Studijų kokybės vertinimo centras.

Teisingumo ministerija

Instellingen die vallen onder het Teisingumo ministerijos [ministerie van Justitie]:

Kalėjimų departamentas;

Nacionalinė vartotojų teisių apsaugos taryba;

Europos teisės departamentas

Ūkio ministerija

Instellingen die onder het Ūkio ministerija [ministerie van Economische Zaken] vallen:

Įmonių bankroto valdymo departamentas;

Valstybinė energetikos inspekcija;

Valstybinė ne maisto productų inspekcija;

Valstybinis turizmo departamentas

žsienio reikalų ministerija

Diplomatinės atstovybės ir konsulinės įstaigos užsienyje bei atstovybės prie tarptautinių organizacijų

Vidaus reikalų ministerija

Instellingen die vallen onder het Vidaus reikalų ministerijos [ministerie van Binnenlandse Zaken]:

Asmens dokumentų išrašymo centras;

Finansinių nusikaltimų tyrimo tarnyba;

Gyventojų registro tarnyba;

Policijos departamentas;

Priešgaisrinės apsaugos ir gelbėjimo departamentas;

Turto valdymo ir ūkio departamentas;

Vadovybės apsaugos departamentas;

Valstybės sienos apsaugos tarnyba;

Valstybės tarnybos departamentas;

Informatikos ir ryšių departamentas;

Migracijos departamentas;

Sveikatos priežiūros tarnyba;

Bendrasis pagalbos centras.

Žemės ūkio ministerija

Instellingen die vallen onder het Žemės ūkio ministerijos [ministerie van Landbouw]:

Nacionalinė mokėjimo agentūra;

Nacionalinė žemės tarnyba;

Valstybinė augalų apsaugos tarnyba;

Valstybinė gyvulių veislininkystės priežiūros tarnyba;

Valstybinė sėklų ir grūdų tarnyba;

Žuvininkystės departamentas

Teismai [rechtbanken]:

Lietuvos Aukščiausiasis Teismas;

Lietuvos apeliacinis teismas;

Lietuvos vyriausiasis administracinis teismas;

apygardų teismai;

apygardų administraciniai teismai;

apylinkių teismai;

Nacionalinė teismų administracija

Generalinė prokuratūra

Andere centrale overheidsentiteiten (institucijos [instellingen], įstaigos [instanties], tarnybos [agentschappen]):

Aplinkos apsaugos agentūra;

Valstybinė aplinkos apsaugos inspekcija;

Aplinkos projektų valdymo agentūra;

Miško genetinių išteklių, sėklų ir sodmenų tarnyba;

Miško sanitarinės apsaugos tarnyba;

Valstybinė miškotvarkos tarnyba;

Nacionalinis visuomenės sveikatos tyrimų centras;

Lietuvos aids centras;

Nacionalinis organų transplantacijos biuras;

Valstybinis patologijos centras;

Valstybinis psichikos sveikatos centras;

Lietuvos sveikatos informacijos centras;

Slaugos darbuotojų tobulinimosi ir specializacijos centras;

Valstybinis aplinkos sveikatos centras;

Respublikinis mitybos centras;

Užkrečiamųjų ligų profilaktikos ir kontrolės centras;

Trakų visuomenės sveikatos priežiūros ir specialistų tobulinimosi centras;

Visuomenės sveikatos ugdymo centras;

Muitinės kriminalinė tarnyba;

Muitinės informacinių sistemų centras;

Muitinės laboratorija;

Muitinės mokymo centras;

Valstybinis patentų biuras;

Lietuvos teismo ekspertizės centras;

Centrinė hipotekos įstaiga;

Lietuvos metrologijos inspekcija;

Civilinės aviacijos administracija;

Lietuvos saugios laivybos administracija;

Transporto investicijų direkcija;

Valstybinė vidaus vandenų laivybos inspekcija;

Pabėgėlių priėmimo centras

LUXEMBURG

Ministère d’Etat

Ministère des Affaires Etrangères et de l’Immigration

Ministère de l’Agriculture, de la Viticulture et du Développement Rural

Ministère des Classes moyennes, du Tourisme et du Logement

Ministère de la Culture, de l’Enseignement Supérieur et de la Recherche

Ministère de l’Economie et du Commerce extérieur

Ministère de l’Education nationale et de la Formation professionnelle

Ministère de l’Egalité des chances

Ministère de l’Environnement

Ministère de la Famille et de l’Intégration

Ministère des Finances

Ministère de la Fonction publique et de la Réforme administrative

Ministère de l’Intérieur et de l’Aménagement du territoire

Ministère de la Justice

Ministère de la Santé

Ministère de la Sécurité sociale

Ministère des Transports

Ministère du Travail et de l’Emploi

Ministère des Travaux publics

HONGARIJE

Egészségügyi Minisztérium

Földművelésügyi és Vidékfejlesztési Minisztérium

Gazdasági és Közlekedési Minisztérium

Honvédelmi Minisztérium

Igazságügyi és Rendészeti Minisztérium

Környezetvédelmi és Vízügyi Minisztérium

Külügyminisztérium

Miniszterelnöki Hivatal

Oktatási és Kulturális Minisztérium

Önkormányzati és Területfejlesztési Minisztérium

Pénzügyminisztérium

Szociális és Munkaügyi Minisztérium

Központi Szolgáltatási Főigazgatóság

MALTA

Uffiċċju tal-Prim Ministru [kabinet van de minister-president]

Ministeru ghall-Familja u Solidarjeta’ Socjali [ministerie van Gezinsbeleid en Maatschappelijke Solidariteit]

Ministeru ta’ l-Edukazzjoni Zghazagh u Impjieg (ministerie van Onderwijs, Jeugdzaken en Werkgelegenheid]

Ministeru tal-Finanzi [ministerie van Financiën]

Ministeru tar-Riżorsi u l-Infrastruttura [ministerie voor Hulpbronnen en Infrastructuur]

Ministeru tat-Turiżmu u Kultura [ministerie voor Toerisme en Cultuur]

Ministeru tal-Ġustizzja u l-Intern [miniserie van Justitie en Binnenlandse Zaken]

Ministeru għall-Affarijiet Rurali u l-Ambjent [ministerie voor Plattelandszaken en Milieu]

Ministeru għal Għawdex [ministerie voor Gozo]

Ministeru tas-Sahha, 1-Anzjani u Kura fil-Kommunita’ [ministerie van Volksgezondheid, Ouderen en Gemeenschapszorg]

Ministeru ta’ l-Affarijiet Barranin [ministerie van Buitenlandse Zaken]

Ministeru għall-Investimenti, Industrija u Teknologija ta’ Informazzjoni [ministerie van Investeringen, Industrie en Informatietechnologie]

Ministeru għall-Kompetittivà u Komunikazzjoni [ministerie van Concurrentie en Communicatie]

Ministeru għall-Iżvilupp Urban u Toroq [ministerie van Stadsontwikkeling en Wegen]

NEDERLAND

Ministerie van Algemene Zaken

Bestuursdepartement

Bureau van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid

Rijksvoorlichtingsdienst

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Bestuursdepartement

Centrale Archiefselectiedienst (CAS)

Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD)

Agentschap Basisadministratie Persoonsgegevens en Reisdocumenten (BPR)

Agentschap Korps Landelijke Politiediensten

Ministerie van Buitenlandse Zaken

Directoraat-generaal Regiobeleid en Consulaire Zaken (DGRC)

Directoraat-generaal Politieke Zaken (DGPZ)

Directoraat-generaal Internationale Samenwerking (DGIS)

Directoraat-generaal Europese Samenwerking (DGES)

Centrum tot Bevordering van de Import uit Ontwikkelingslanden (CBI)

Centrale diensten ressorterend onder de secretaris-generaal en de plaatsvervangend secretaris-generaal (S/PlvS)

Buitenlandse Posten (ieder afzonderlijk)

Ministerie van Defensie

Bestuursdepartement

Commando Diensten Centra (CDC)

Defensie Telematica Organisatie (DTO)

Centrale directie van de Defensie Vastgoed Dienst

De afzonderlijke regionale directies van de Defensie Vastgoed Dienst

Defensie Materieel Organisatie (DMO)

Landelijk Bevoorradingsbedrijf van de Defensie Materieel Organisatie

Logistiek Centrum van de Defensie Materieel Organisatie

Marinebedrijf van de Defensie Materieel Organisatie

Defensie Pijpleiding Organisatie (DPO)

Ministerie van Economische Zaken

Bestuursdepartement

Centraal Planbureau (CPB)

SenterNovem

Staatstoezicht op de Mijnen (SodM)

Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa)

Economische Voorlichtingsdienst (EVD)

Agentschap Telecom

Kenniscentrum Professioneel & Innovatief Aanbesteden, Netwerk voor Overheidsopdrachtgevers (PIANOo)

Regiebureau Inkoop Rijksoverheid

Octrooicentrum Nederland

Consumentenautoriteit

Ministerie van Financiën

Bestuursdepartement

Belastingdienst Automatiseringscentrum

Belastingdienst

de afzonderlijke Directies der Rijksbelastingen

Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (incl. Economische Controle dienst (ECD))

Belastingdienst Opleidingen

Dienst der Domeinen

Ministerie van Justitie

Bestuursdepartement

Dienst Justitiële Inrichtingen

Raad voor de Kinderbescherming

Centraal Justitie Incasso Bureau

Openbaar Ministerie

Immigratie en Naturalisatiedienst

Nederlands Forensisch Instituut

Dienst Terugkeer & Vertrek

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Bestuursdepartement

Dienst Regelingen (DR)

Agentschap Plantenziektenkundige Dienst (PD)

Algemene Inspectiedienst (AID)

Dienst Landelijk Gebied (DLG)

Voedsel en Waren Autoriteit (VWA)

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

Bestuursdepartement

Inspectie van het Onderwijs

Erfgoedinspectie

Centrale Financiën instellingen

Nationaal Archief

Adviesraad voor Wetenschaps- en Technologiebeleid

Onderwijsraad

Raad voor Cultuur

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Bestuursdepartement

Inspectie Werk en Inkomen

Agentschap SZW

Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Bestuursdepartement

Directoraat-Generaal Transport en Luchtvaart

Directoraat-generaal Personenvervoer

Directoraat-generaal Water

Centrale diensten

Shared services Organisatie Verkeer en Waterstaat

Koninklijke Nederlandse Meteorologisch Instituut KNMI

Rijkswaterstaat, Bestuur

De afzonderlijke regionale Diensten van Rijkswaterstaat

De afzonderlijke specialistische diensten van Rijkswaterstaat

Adviesdienst Geo-Informatie en ICT

Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV)

Bouwdienst

Corporate Dienst

Data ICT Dienst

Dienst Verkeer en Scheepvaart

Dienst Weg- en Waterbouwkunde (DWW)

Rijksinstituut voor Kunst en Zee (RIKZ)

Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling (RIZA)

Waterdienst

Inspectie Verkeer en Waterstaat, Hoofddirectie

Port state Control

Directie Toezichtontwikkeling Communicatie en Onderzoek (TCO)

Europese Toezichthouder Beheer Eenheid Lucht

Europese Toezichthouder Beheer Eenheid Water

Europese Toezichthouder Beheer Eenheid Land

Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Bestuursdepartement

Directoraat-generaal Wonen, Wijken en Integratie

Directoraat-generaal Ruimte

Directoraat-general Milieubeheer

Rijksgebouwendienst

VROM Inspectie

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Bestuursdepartement

Inspectie Gezondheidsbescherming, Waren en Veterinaire Zaken

Inspectie Gezondheidszorg

Inspectie Jeugdhulpverlening en Jeugdbescherming

Rijksinstituut voor de Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Sociaal en Cultureel Planbureau

Agentschap t.b.v. het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Raad van State

Algemene Rekenkamer

Nationale Ombudsman

Kanselarij der Nederlandse Orden

Kabinet der Koningin

Raad voor de rechtspraak en de Rechtbanken

OOSTENRIJK

Bundeskanzleramt

Bundesministerium für europäische und internationale Angelegenheiten

Bundesministerium für Finanzen

Bundesministerium für Gesundheit, Familie und Jugend

Bundesministerium für Inneres

Bundesministerium für Justiz

Bundesministerium für Landesverteidigung

Bundesministerium für Land- und Forstwirtschaft, Umwelt und Wasserwirtschaft

Bundesministerium für Soziales und Konsumentenschutz

Bundesministerium für Unterricht, Kunst und Kultur

Bundesministerium für Verkehr, Innovation und Technologie

Bundesministerium für Wirtschaft und Arbeit

Bundesministerium für Wissenschaft und Forschung

Österreichische Forschungs- und Prüfzentrum Arsenal Gesellschaft m.b.H

Bundesbeschaffung G.m.b.H

Bundesrechenzentrum G.m.b.H

POLEN

Kancelaria Prezydenta RP

Kancelaria Sejmu RP

Kancelaria Senatu RP

Kancelaria Prezesa Rady Ministrów

Sąd Najwyższy

Naczelny Sąd Administracyjny

Wojewódzkie sądy administracyjne

Sądy powszechne — rejonowe, okręgowe i apelacyjne

Trybunał Konstytucyjny

Najwyższa Izba Kontroli

Biuro Rzecznika Praw Obywatelskich

Biuro Rzecznika Praw Dziecka

Biuro Ochrony Rządu

Biuro Bezpieczeństwa Narodowego

Centralne Biuro Antykorupcyjne

Ministerstwo Pracy i Polityki Społecznej

Ministerstwo Finansów

Ministerstwo Gospodarki

Ministerstwo Rozwoju Regionalnego

Ministerstwo Kultury i Dziedzictwa Narodowego

Ministerstwo Edukacji Narodowej

Ministerstwo Obrony Narodowej

Ministerstwo Rolnictwa i Rozwoju Wsi

Ministerstwo Skarbu Państwa

Ministerstwo Sprawiedliwości

Ministerstwo Infrastruktury

Ministerstwo Nauki i Szkolnictwa Wyższego

Ministerstwo Środowiska

Ministerstwo Spraw Wewnętrznych i Administracji

Ministerstwo Spraw Zagranicznych

Ministerstwo Zdrowia

Ministerstwo Sportu i Turystyki

Urząd Komitetu Integracji Europejskiej

Urząd Patentowy Rzeczypospolitej Polskiej

Urząd Regulacji Energetyki

Urząd do Spraw Kombatantów i Osób Represjonowanych

Urząd Transportu Kolejowego

Urząd Dozoru Technicznego

Urząd Rejestracji Produktów Leczniczych, Wyrobów Medycznych i Produktów Biobójczych

Urząd do Spraw Repatriacji i Cudzoziemców

Urząd Zamówień Publicznych

Urząd Ochrony Konkurencji i Konsumentów

Urząd Lotnictwa Cywilnego

Urząd Komunikacji Elektronicznej

Wyższy Urząd Górniczy

Główny Urząd Miar

Główny Urząd Geodezji i Kartografii

Główny Urząd Nadzoru Budowlanego

Główny Urząd Statystyczny

Krajowa Rada Radiofonii i Telewizji

Generalny Inspektor Ochrony Danych Osobowych

Państwowa Komisja Wyborcza

Państwowa Inspekcja Pracy

Rządowe Centrum Legislacji

Narodowy Fundusz Zdrowia

Polska Akademia Nauk

Polskie Centrum Akredytacji

Polskie Centrum Badań i Certyfikacji

Polska Organizacja Turystyczna

Polski Komitet Normalizacyjny

Zakład Ubezpieczeń Społecznych

Komisja Nadzoru Finansowego

Naczelna Dyrekcja Archiwów Państwowych

Kasa Rolniczego Ubezpieczenia Społecznego

Generalna Dyrekcja Dróg Krajowych i Autostrad

Państwowa Inspekcja Ochrony Roślin i Nasiennictwa

Komenda Główna Państwowej Straży Pożarnej

Komenda Główna Policji

Komenda Główna Straży Granicznej

Inspekcja Jakości Handlowej Artykułów Rolno-Spożywczych

Główny Inspektorat Ochrony Środowiska

Główny Inspektorat Transportu Drogowego

Główny Inspektorat Farmaceutyczny

Główny Inspektorat Sanitarny

Główny Inspektorat Weterynarii

Agencja Bezpieczeństwa Wewnętrznego

Agencja Wywiadu

Agencja Mienia Wojskowego

Wojskowa Agencja Mieszkaniowa

Agencja Restrukturyzacji i Modernizacji Rolnictwa

Agencja Rynku Rolnego

Agencja Nieruchomości Rolnych

Państwowa Agencja Atomistyki

Polska Agencja Żeglugi Powietrznej

Polska Agencja Rozwiązywania Problemów Alkoholowych

Agencja Rezerw Materiałowych

Narodowy Bank Polski

Narodowy Fundusz Ochrony Środowiska i Gospodarki Wodnej

aństwowy Fundusz Rehabilitacji Osób Niepełnosprawnych

Instytut Pamięci Narodowej — Komisja Ścigania Zbrodni Przeciwko Narodowi Polskiemu

Rada Ochrony Pamięci Walk i Męczeństwa

Służba Celna Rzeczypospolitej Polskiej

Państwowe Gospodarstwo Leśne „Lasy Państwowe”

Polska Agencja Rozwoju Przedsiębiorczości

Urzędy wojewódzkie

Samodzielne Publiczne Zakłady Opieki Zdrowotnej, jeśli ich organem założycielskim jest minister, centralny organ administracji rządowej lub wojewoda

PORTUGAL

Presidência do Conselho de Ministros

Ministério das Finanças e da Administração Pública

Ministério da Defesa Nacional

Ministério dos Negócios Estrangeiros

Ministério da Administração Interna

Ministério da Justiça

Ministério da Economia e da Inovação

Ministério da Agricultura, Desenvolvimento Rural e Pescas

Ministério da Educação

Ministério da Ciência, Tecnologia e do Ensino Superior

Ministério da Cultura

Ministério da Saúde

Ministério do Trabalho e da Solidariedade Social

Ministério das Obras Públicas, Transportes e Comunicações

Ministério do Ambiente, do Ordenamento do Território e do Desenvolvimento Regional

Presidença da Republica

Tribunal Constitucional

Tribunal de Contas

Provedoria de Justiça

ROEMENIË

Administrația Prezidențială

Senatul României

Camera Deputaților

Inalta Curte de Casație și Justiție

Curtea Constituțională

Consiliul Legislativ

Curtea de Conturi

Consiliul Superior al Magistraturii

Parchetul de pe lângă Inalta Curte de Casație și Justiție

Secretariatul General al Guvernului

Cancelaria primului ministru

Ministerul Afacerilor Externe

Ministerul Economiei și Finanțelor

Ministerul Justiției

Ministerul Apărării

Ministerul Internelor și Reformei Administrative

Ministerul Muncii, Familiei și Egalității de Șanse

Ministerul pentru Intreprinderi Mici și Mijlocii, Comerț, Turism și Profesii Liberale

Ministerul Agriculturii și Dezvoltării Rurale

Ministerul Transporturilor

Ministerul Dezvoltării, Lucrărilor Publice și Locuinței

Ministerul Educației Cercetării și Tineretului

Ministerul Sănătății Publice

Ministerul Culturii și Cultelor

Ministerul Comunicațiilor și Tehnologiei Informației

Ministerul Mediului și Dezvoltării Durabile

Serviciul Român de Informații

Serviciul de Informații Externe

Serviciul de Protecție și Pază

Serviciul de Telecomunicații Speciale

Consiliul Național al Audiovizualului

Consiliul Concurenței (CC)

Direcția Națională Anticorupție

Inspectoratul General de Poliție

Autoritatea Națională pentru Reglementarea și Monitorizarea Achizițiilor Publice

Consiliul Național de Soluționare a Contestațiilor

Autoritatea Națională de Reglementare pentru Serviciile Comunitare de Utilități Publice (ANRSC)

Autoritatea Națională Sanitară Veterinară și pentru Siguranța Alimentelor

Autoritatea Națională pentru Protecția Consumatorilor

Autoritatea Navală Română

Autoritatea Feroviară Română

Autoritatea Rutieră Română

Autoritatea Națională pentru Protecția Drepturilor Copilului

Autoritatea Națională pentru Persoanele cu Handicap

Autoritatea Națională pentru Turism

Autoritatea Națională pentru Restituirea Proprietăților

Autoritatea Națională pentru Tineret

Autoritatea Națională pentru Cercetare Științifică

Autoritatea Națională pentru Reglementare în Comunicații și Tehnologia Informației

Autoritatea Națională pentru Serviciile Societății Informaționale

Autoritatea Electorală Permanente

Agenția pentru Strategii Guvernamentale

Agenția Națională a Medicamentului

Agenția Națională pentru Sport

Agenția Națională pentru Ocuparea Forței de Muncă

Agenția Națională de Reglementare în Domeniul Energiei

Agenția Română pentru Conservarea Energiei

Agenția Națională pentru Resurse Minerale

Agenția Română pentru Investiții Străine

Agenția Națională pentru Întreprinderi Mici și Mijlocii și Cooperație

Agenția Națională a Funcționarilor Publici

Agenția Națională de Administrare Fiscală

Agenția de Compensare pentru Achiziții de Tehnică Specială

Agenția Națională Anti-doping

Agenția Nucleară

Agenția Națională pentru Protecția Familiei

Agenția Națională pentru Egalitatea de Șanse între Bărbați și Femei

Agenția Națională pentru Protecția Mediului

Agenția națională Antidrog

SLOVENIË

Predsednik Republike Slovenije

Državni zbor Republike Slovenije

Državni svet Republike Slovenije

Varuh človekovih pravic

Ustavno sodišče Republike Slovenije

Računsko sodišče Republike Slovenije

Državna revizijska komisja za revizijo postopkov oddaje javnih naročil

Slovenska akademija znanosti in umetnosti

Vladne službe

Ministrstvo za finance

Ministrstvo za notranje zadeve

Ministrstvo za zunanje zadeve

Ministrstvo za obrambo

Ministrstvo za pravosodje

Ministrstvo za gospodarstvo

Ministrstvo za kmetijstvo, gozdarstvo in prehrano

Ministrstvo za promet

Ministrstvo za okolje in prostor

Ministrstvo za delo, družino in socialne zadeve

Ministrstvo za zdravje

Ministrstvo za javno upravo

Ministrstvo za šolstvo in šport

Ministrstvo za visoko šolstvo, znanost in tehnologijo

Ministrstvo za kulturo

Vrhovno sodišče Republike Slovenije

višja sodišča

okrožna sodišča

okrajna sodišča

Vrhovno državno tožilstvo Republike Slovenije

Okrožna državna tožilstva

Državno pravobranilstvo

Upravno sodišče Republike Slovenije

Višje delovno in socialno sodišče

delovna sodišča

Davčna uprava Republike Slovenije

Carinska uprava Republike Slovenije

Urad Republike Slovenije za preprečevanje pranja denarja

Urad Republike Slovenije za nadzor prirejanja iger na srečo

Uprava Republike Slovenije za javna plačila

Urad Republike Slovenije za nadzor proračuna

Policija

Inšpektorat Republike Slovenije za notranje zadeve

Generalštab Slovenske vojske

Uprava Republike Slovenije za zaščito in reševanje

Inšpektorat Republike Slovenije za obrambo

Inšpektorat Republike Slovenije za varstvo pred naravnimi in drugimi nesrečami

Uprava Republike Slovenije za izvrševanje kazenskih sankcij

Urad Republike Slovenije za varstvo konkurence

Urad Republike Slovenije za varstvo potrošnikov

Tržni inšpektorat Republike Slovenije

Urad Republike Slovenije za intelektualno lastnino

Inšpektorat Republike Slovenije za elektronske komunikacije, elektronsko podpisovanje in pošto

Inšpektorat za energetiko in rudarstvo

Agencija Republike Slovenije za kmetijske trge in razvoj podeželja

Inšpektorat Republike Slovenije za kmetijstvo, gozdarstvo in hrano

Fitosanitarna uprava Republike Slovenije

Veterinarska uprava Republike Slovenije

Uprava Republike Slovenije za pomorstvo

Direkcija Republike Slovenije za caste

Prometni inšpektorat Republike Slovenije

Direkcija za vodenje investicij v javno železniško infrastrukturo

Agencija Republike Slovenije za okolje

Geodetska uprava Republike Slovenije

Uprava Republike Slovenije za jedrsko varstvo

Inšpektorat Republike Slovenije za okolje in prostor

Inšpektorat Republike Slovenije za delo

Zdravstveni inšpektorat

Urad Republike Slovenije za kemikalije

Uprava Republike Slovenije za varstvo pred sevanji

Urad Republike Slovenije za meroslovje

Urad za visoko šolstvo

Urad Republike Slovenije za mladino

Inšpektorat Republike Slovenije za šolstvo in šport

Arhiv Republike Slovenije

Inšpektorat Republike Slovenije za kulturo in medije

Kabinet predsednika Vlade Republike Slovenije

Generalni sekretariat Vlade Republike Slovenije

Služba vlade za zakonodajo

Služba vlade za evropske zadeve

Služba vlade za lokalno samoupravo in regionalno politiko

Urad vlade za komuniciranje

Urad za enake možnosti

Urad za verske skupnosti

Urad za narodnosti

Urad za makroekonomske analize in razvoj

Statistični urad Republike Slovenije

Slovenska obveščevalno-varnostna agencija

Protokol Republike Slovenije

Urad za varovanje tajnih podatkov

Urad za Slovence v zamejstvu in po svetu

Služba Vlade Republike Slovenije za razvoj

Informacijski pooblaščenec

Državna volilna komisija

SLOWAKIJE

Ministeries en andere centrale overheidsdiensten, als bedoeld in Wet nr. 575/2001 inzake de structuur van de werkzaamheden van de regering en centrale overheidsdiensten, als gewijzigd bij latere wetgeving:

Kancelária Prezidenta Slovenskej republiky

Národná rada Slovenskej republiky

Ministerstvo hospodárstva Slovenskej republiky

Ministerstvo financií Slovenskej republiky

Ministerstvo dopravy, pôšt a telekomunikácií Slovenskej republiky

Ministerstvo pôdohospodárstva Slovenskej republiky

Ministerstvo výstavby a regionálneho rozvoja Slovenskej republiky

Ministerstvo vnútra Slovenskej republiky

Ministerstvo obrany Slovenskej republiky

Ministerstvo spravodlivosti Slovenskej republiky

Ministerstvo zahraničných vecí Slovenskej republiky

Ministerstvo práce, sociálnych vecí a rodiny Slovenskej republiky

Ministerstvo životného prostredia Slovenskej republiky

Ministerstvo školstva Slovenskej republiky

Ministerstvo kultúry Slovenskej republiky

Ministerstvo zdravotníctva Slovenskej republiky

Úrad vlády Slovenskej republiky

Protimonopolný úrad Slovenskej republiky

Štatistický úrad Slovenskej republiky

Úrad geodézie, kartografie a katastra Slovenskej republiky

Úrad jadrového dozoru Slovenskej republiky

Úrad pre normalizáciu, metrológiu a skúšobníctvo Slovenskej republiky

Úrad pre verejné obstarávanie

Úrad priemyselného vlastníctva Slovenskej republiky

Správa štátnych hmotných rezerv Slovenskej republiky

Národný bezpečnostný úrad

Ústavný súd Slovenskej republiky

Najvyšši súd Slovenskej republiky

Generálna prokuratura Slovenskej republiky

Najvyšši kontrolný úrad Slovenskej republiky

Telekomunikačný úrad Slovenskej republiky

Úrad priemyselného vlastníctva Slovenskej republiky

Úrad pre finančný trh

Úrad na ochranu osobn ý ch udajov

Kancelária verejneho ochranu prav

FINLAND

Oikeuskanslerinvirasto — Justitiekanslersämbetet

Liikenne- Ja Viestintäministeriö — Kommunikationsministeriet

Ajoneuvohallintokeskus AKE — Fordonsförvaltningscentralen AKE

Ilmailuhallinto — Luftfartsförvaltningen

Ilmatieteen laitos — Meteorologiska institutet

Merenkulkulaitos — Sjöfartsverket

Merentutkimuslaitos — Havsforskningsinstitutet

Ratahallintokeskus RHK — Banförvaltningscentralen RHK

Rautatievirasto — Järnvägsverket

Tiehallinto — Vägförvaltningen

Viestintävirasto — Kommunikationsverket

Maa- ja metsätalousministeriö — Jord- och skogsbruksministeriet

Elintarviketurvallisuusvirasto — Livsmedelssäkerhetsverket

Maanmittauslaitos — Lantmäteriverket

Maaseutuvirasto — Landsbygdsverket

Oikeusministeriö — Justitieministeriet

Tietosuojavaltuutetun toimisto — Dataombudsmannens byrå

Tuomioistuimet — domstolar

Korkein oikeus — Högsta domstolen

Korkein hallinto-oikeus — Högsta förvaltningsdomstolen

Hovioikeudet — hovrätter

Käräjäoikeudet — tingsrätter

Hallinto-oikeudet -förvaltningsdomstolar

Markkinaoikeus — Marknadsdomstolen

Työtuomioistuin — Arbetsdomstolen

Vakuutusoikeus — Försäkringsdomstolen

Kuluttajariitalautakunta — Konsumenttvistenämnden

Vankeinhoitolaitos — Fångvårdsväsendet

HEUNI — Yhdistyneiden Kansakuntien yhteydessä toimiva Euroopan kriminaalipolitiikan instituutti — HEUNI — Europeiska institutet för kriminalpolitik, verksamt i anslutning till Förenta Nationerna

Konkurssiasiamiehen toimisto — Konkursombudsmannens byrå

Kuluttajariitalautakunta — Konsumenttvistenämnden

Oikeushallinnon palvelukeskus — Justitieförvaltningens servicecentral

Oikeushallinnon tietotekniikkakeskus — Justitieförvaltningens datateknikcentral

Oikeuspoliittinen tutkimuslaitos (Optula) — Rättspolitiska forskningsinstitutet

Oikeusrekisterikeskus — Rättsregistercentralen

Onnettomuustutkintakeskus — Centralen för undersökning av olyckor

Rikosseuraamusvirasto — Brottspåföljdsverket

Rikosseuraamusalan koulutuskeskus — Brottspåföljdsområdets utbildningscentral

Rikoksentorjuntaneuvosto Rådet för brottsförebyggande

Saamelaiskäräjät — Sametinget

Valtakunnansyyttäjänvirasto — Riksåklagarämbetet

Vankeinhoitolaitos — Fångvårdsväsendet

Opetusministeriö — Undervisningsministeriet

Opetushallitus — Utbildningsstyrelsen

Valtion elokuvatarkastamo — Statens filmgranskningsbyrå

Puolustusministeriö — Försvarsministeriet

Puolustusvoimat — Försvarsmakten

Sisäasiainministeriö — Inrikesministeriet

Väestörekisterikeskus — Befolkningsregistercentralen

Keskusrikospoliisi — Centralkriminalpolisen

Liikkuva poliisi — Rörliga polisen

Rajavartiolaitos — Gränsbevakningsväsendet

Lääninhallitukset — Länstyrelserna

Suojelupoliisi — Skyddspolisen

Poliisiammattikorkeakoulu — Polisyrkeshögskolan

Poliisin tekniikkakeskus — Polisens teknikcentral

Poliisin tietohallintokeskus — Polisens datacentral

Helsingin kihlakunnan poliisilaitos — Polisinrättningen i Helsingfors

Pelastusopisto — Räddningsverket

Hätäkeskuslaitos — Nödcentralsverket

Maahanmuuttovirasto — Migrationsverket

Sisäasiainhallinnon palvelukeskus — Inrikesförvaltningens servicecentral

Sosiaali- ja terveysministeriö — Social- och hälsovårdsministeriet

Työttömyysturvan muutoksenhakulautakunta — Besvärsnämnden för utkomstskyddsärenden

Sosiaaliturvan muutoksenhakulautakunta — Besvärsnämnden för socialtrygghet

Lääkelaitos — Läkemedelsverket

Terveydenhuollon oikeusturvakeskus — Rättsskyddscentralen för hälsovården

Säteilyturvakeskus — Strålsäkerhetscentralen

Kansanterveyslaitos — Folkhälsoinstitutet

Lääkehoidon kehittämiskeskus ROHTO — Utvecklingscentralen för läkemedelsbe-handling

Sosiaali- ja terveydenhuollon tuotevalvontakeskus — Social- och hälsovårdens producttill-synscentral

Sosiaali- ja terveysalan tutkimus- ja kehittämiskeskus Stakes — Forsknings- och utvecklingscentralen för social- och hälsovården Stakes

Vakuutusvalvontavirasto — Försäkringsinspektionen

Työ- ja elinkeinoministeriö — Arbets- och näringsministeriet

Kuluttajavirasto — Konsumentverket

Kilpailuvirasto — Konkurrensverket

Patentti- ja rekisterihallitus — Patent- och registerstyrelsen

Valtakunnansovittelijain toimisto — Riksförlikningsmännens byrå

Valtion turvapaikanhakijoiden vastaanottokeskukset- Statliga förläggningar för asylsökande

Energiamarkkinavirasto - Energimarknadsverket

Geologian tutkimuskeskus — Geologiska forskningscentralen

Huoltovarmuuskeskus — Försörjningsberedskapscentralen

Kuluttajatutkimuskeskus — Konsumentforskningscentralen

Matkailun edistämiskeskus (MEK) — Centralen för turistfrämjande

Mittatekniikan keskus (MIKES) — Mätteknikcentralen

Tekes — teknologian ja innovaatioiden kehittämiskeskus - Tekes — utvecklingscentralen för teknologi och innovationer

Turvatekniikan keskus (TUKES) — Säkerhetsteknikcentralen

Valtion teknillinen tutkimuskeskus (VTT) — Statens tekniska forskningscentral

Syrjintälautakunta — Nationella diskrimineringsnämnden

Työneuvosto — Arbetsrådet

Vähemmistövaltuutetun toimisto — Minoritetsombudsmannens byrå

Ulkoasiainministeriö — Utrikesministeriet

Valtioneuvoston Kanslia — Statsrådets Kansli

Valtiovarainministeriö — Finansministeriet

Valtiokonttori — Statskontoret

Verohallinto — Skatteförvaltningen

Tullilaitos — Tullverket

Tilastokeskus — Statistikcentralen

Valtiontaloudellinen tutkimuskeskus — Statens ekonomiska forskiningscentral

Ympäristöministeriö — Miljöministeriet

Suomen ympäristökeskus — Finlands miljöcentral

Asumisen rahoitus- ja kehityskeskus — Finansierings- och utvecklingscentralen för boendet

Valtiontalouden Tarkastusvirasto — Statens Revisionsverk

ZWEDEN

A

Affärsverket svenska kraftnät

Akademien för de fria konsterna

Alkohol- och läkemedelssortiments-nämnden

Allmänna pensionsfonden

Allmänna reklamationsnämnden

Ambassader

Ansvarsnämnd, statens

Arbetsdomstolen

Arbetsförmedlingen

Arbetsgivarverk, statens

Arbetslivsinstitutet

Arbetsmiljöverket

Arkitekturmuseet

Arrendenämnder

Arvsfondsdelegationen

Arvsfondsdelegationen

B

Banverket

Barnombudsmannen

Beredning för utvärdering av medicinsk metodik, statens

Bergsstaten

Biografbyrå, statens

Biografiskt lexikon, svenskt

Birgittaskolan

Blekinge tekniska högskola

Bokföringsnämnden

Bolagsverket

Bostadsnämnd, statens

Bostadskreditnämnd, statens

Boverket

Brottsförebyggande rådet

Brottsoffermyndigheten

C

Centrala studiestödsnämnden

D

Danshögskolan

Datainspektionen

Departementen

Domstolsverket

Dramatiska institutet

E

Ekeskolan

Ekobrottsmyndigheten

Ekonomistyrningsverket

Ekonomiska rådet

Elsäkerhetsverket

Energimarknadsinspektionen

Energimyndighet, statens

EU/FoU-rådet

Exportkreditnämnden

Exportråd, Sveriges

F

Fastighetsmäklarnämnden

Fastighetsverk, statens

Fideikommissnämnden

Finansinspektionen

Finanspolitiska rådet

Finsk-svenska gränsälvskommissionen

Fiskeriverket

Flygmedicincentrum

Folkhälsoinstitut, statens

Fonden för fukt- och mögelskador

Forskningsrådet för miljö, areella näringar och samhällsbyggande, Formas

Folke Bernadotte Akademin

Forskarskattenämnden

Forskningsrådet för arbetsliv och socialvetenskap

Fortifikationsverket

Forum för levande historia

Försvarets materielverk

Försvarets radioanstalt

Försvarets underrättelsenämnd

Försvarshistoriska museer, statens

Försvarshögskolan

Försvarsmakten

Försäkringskassan

G

Gentekniknämnden

Geologiska undersökning

Geotekniska institut, statens

Giftinformationscentralen

Glesbygdsverket

Grafiska institutet och institutet för högre kommunikation- och reklamutbildning

Granskningsnämnden för radio och TV

Granskningsnämnden för försvarsuppfinningar

Gymnastik- och Idrottshögskolan

Göteborgs universitet

H

Handelsflottans kultur- och fritidsråd

Handelsflottans pensionsanstalt

Handelssekreterare

Handelskamrar, auktoriserade

Handikappombudsmannen

Handikappråd, statens

Harpsundsnämnden

Haverikommission, statens

Historiska museer, statens

Hjälpmedelsinstitutet

Hovrätterna

Hyresnämnder

Häktena

Hälso- och sjukvårdens ansvarsnämnd

Högskolan Dalarna

Högskolan i Borås

Högskolan i Gävle

Högskolan i Halmstad

Högskolan i Kalmar

Högskolan i Karlskrona/Ronneby

Högskolan i Kristianstad

Högskolan i Skövde

Högskolan i Trollhättan/Uddevalla

Högskolan på Gotland

Högskolans avskiljandenämnd

Högskoleverket

Högsta domstolen

I

ILO kommittén

Inspektionen för arbetslöshetsförsäkringen

Inspektionen för strategiska producter

Institut för kommunikationsanalys, statens

Institut för psykosocial medicin, statens

Institut för särskilt utbildningsstöd, statens

Institutet för arbetsmarknadspolitisk utvärdering

Institutet för rymdfysik

Institutet för tillväxtpolitiska studier

Institutionsstyrelse, statens

Insättningsgarantinämnden

Integrationsverket

Internationella programkontoret för utbildningsområdet

J

Jordbruksverk, statens

Justitiekanslern

Jämställdhetsombudsmannen

Jämställdhetsnämnden

Järnvägar, statens

Järnvägsstyrelsen

K

Kammarkollegiet

Kammarrätterna

Karlstads universitet

Karolinska Institutet

Kemikalieinspektionen

Kommerskollegium

Konjunkturinstitutet

Konkurrensverket

Konstfack

Konsthögskolan

Konstnärsnämnden

Konstråd, statens

Konsulat

Konsumentverket

Krigsvetenskapsakademin

Krigsförsäkringsnämnden

Kriminaltekniska laboratorium, statens

Kriminalvården

Krisberedskapsmyndigheten

Kristinaskolan

Kronofogdemyndigheten

Kulturråd, statens

Kungl. Biblioteket

Kungl. Konsthögskolan

Kungl. Musikhögskolan i Stockholm

Kungl. Tekniska högskolan

Kungl. Vitterhets-, historie- och antikvitetsakademien

Kungl Vetenskapsakademin

Kustbevakningen

Kvalitets- och kompetensråd, statens

Kärnavfallsfondens styrelse

L

Lagrådet

Lantbruksuniversitet, Sveriges

Lantmäteriverket

Linköpings universitet

Livrustkammaren, Skoklosters slott och Hallwylska museet

Livsmedelsverk, statens

Livsmedelsekonomiska institutet

Ljud- och bildarkiv, statens

Lokala säkerhetsnämnderna vid kärnkraftverk

Lotteriinspektionen

Luftfartsverket

Luftfartsstyrelsen

Luleå tekniska universitet

Lunds universitet

Läkemedelsverket

Läkemedelsförmånsnämnden

Länsrätterna

Länsstyrelserna

Lärarhögskolan i Stockholm

M

Malmö högskola

Manillaskolan

Maritima muséer, statens

Marknadsdomstolen

Medlingsinstitutet

Meteorologiska och hydrologiska institut, Sveriges

Migrationsverket

Militärhögskolor

Mittuniversitetet

Moderna museet

Museer för världskultur, statens

Musikaliska Akademien

Musiksamlingar, statens

Myndigheten för handikappolitisk samordning

Myndigheten för internationella adoptionsfrågor

Myndigheten för skolutveckling

Myndigheten för kvalificerad yrkesutbildning

Myndigheten för nätverk och samarbete inom högre utbildning

Myndigheten för Sveriges nätuniversitet

Myndigheten för utländska investeringar i Sverige

Mälardalens högskola

N

Nationalmuseum

Nationellt centrum för flexibelt lärande

Naturhistoriska riksmuseet

Naturvårdsverket

Nordiska Afrikainstitutet

Notarienämnden

Nämnd för arbetstagares uppfinningar, statens

Nämnden för statligt stöd till trossamfund

Nämnden för styrelserepresentationsfrågor

Nämnden mot diskriminering

Nämnden för elektronisk förvaltning

Nämnden för RH anpassad utbildning

Nämnden för hemslöjdsfrågor

O

Oljekrisnämnden

Ombudsmannen mot diskriminering på grund av sexuell läggning

Ombudsmannen mot etnisk diskriminering

Operahögskolan i Stockholm

P

Patent- och registreringsverket

Patentbesvärsrätten

Pensionsverk, statens

Personregisternämnd statens, SPAR-nämnden

Pliktverk, Totalförsvarets

Polarforskningssekretariatet

Post- och telestyrelsen

Premiepensionsmyndigheten

Presstödsnämnden

R

Radio- och TV-verket

Rederinämnden

Regeringskansliet

Regeringsrätten

Resegarantinämnden

Registernämnden

Revisorsnämnden

Riksantikvarieämbetet

Riksarkivet

Riksbanken

Riksdagsförvaltningen

Riksdagens ombudsmän

Riksdagens revisorer

Riksgäldskontoret

Rikshemvärnsrådet

Rikspolisstyrelsen

Riksrevisionen

Rikstrafiken

Riksutställningar, Stiftelsen

Riksvärderingsnämnden

Rymdstyrelsen

Rådet för Europeiska socialfonden i Sverige

Räddningsverk, statens

Rättshjälpsmyndigheten

Rättshjälpsnämnden

Rättsmedicinalverket

S

Samarbetsnämnden för statsbidrag till trossamfund

Sameskolstyrelsen och sameskolor

Sametinget

SIS, Standardiseringen i Sverige

Sjöfartsverket

Skatterättsnämnden

Skatteverket

Skaderegleringsnämnd, statens

Skiljenämnden i vissa trygghetsfrågor

Skogsstyrelsen

Skogsvårdsstyrelserna

Skogs och lantbruksakademien

Skolverk, statens

Skolväsendets överklagandenämnd

Smittskyddsinstitutet

Socialstyrelsen

Specialpedagogiska institutet

Specialskolemyndigheten

Språk- och folkminnesinstitutet

Sprängämnesinspektionen

Statistiska centralbyrån

Statskontoret

Stockholms universitet

Stockholms internationella miljöinstitut

Strålsäkerhetsmyndigheten

Styrelsen för ackreditering och teknisk kontroll

Styrelsen för internationellt utvecklingssamarbete, SIDA

Styrelsen för Samefonden

Styrelsen för psykologiskt försvar

Stängselnämnden

Svenska institutet

Svenska institutet för europapolitiska studier

Svenska ESF rådet

Svenska Unescorådet

Svenska FAO kommittén

Svenska Språknämnden

Svenska Skeppshypotekskassan

Svenska institutet i Alexandria

Sveriges författarfond

Säkerhetspolisen

Säkerhets- och integritetsskyddsnämnden

Södertörns högskola

T

Taltidningsnämnden

Talboks- och punktskriftsbiblioteket

Teaterhögskolan i Stockholm

Tingsrätterna

Tjänstepensions och grupplivnämnd, statens

Tjänsteförslagsnämnden för domstolsväsendet

Totalförsvarets forskningsinstitut

Totalförsvarets pliktverk

Tullverket

Turistdelegationen

U

Umeå universitet

Ungdomsstyrelsen

Uppsala universitet

Utlandslönenämnd, statens

Utlänningsnämnden

Utrikesförvaltningens antagningsnämnd

Utrikesnämnden

Utsädeskontroll, statens

V

Valideringsdelegationen

Valmyndigheten

Vatten- och avloppsnämnd, statens

Vattenöverdomstolen

Verket för förvaltningsutveckling

Verket för högskoleservice

Verket för innovationssystem (VINNOVA)

Verket för näringslivsutveckling (NUTEK)

Vetenskapsrådet

Veterinärmedicinska anstalt, statens

Veterinära ansvarsnämnden

Väg- och transportforskningsinstitut, statens

Vägverket

Vänerskolan

Växjö universitet

Växtsortnämnd, statens

Å

Åklagarmyndigheten

Åsbackaskolan

Ö

Örebro universitet

Örlogsmannasällskapet

Östervångsskolan

Överbefälhavaren

Överklagandenämnden för högskolan

Överklagandenämnden för nämndemanna-uppdrag

Överklagandenämnden för studiestöd

Överklagandenämnden för totalförsvaret

VERENIGD KONINKRIJK

Cabinet Office

Office of the Parliamentary Counsel

Central Office of Information

Charity Commission

Crown Estate Commissioners (Vote Expenditure Only)

Crown Prosecution Service

Department for Business, Enterpriseand Regulatory Reform

Competition Commission

Gas and Electricity Consumers’ Council

Office of Manpower Economics

Department for Children, Schools and Families

Department of Communities and Local Government

Rent Assessment Panels

Department for Culture, Media and Sport

British Library

British Museum

Commission for Architecture and the Built Environment

The Gambling Commission

Historic Buildings and Monuments Commission for England(English Heritage)

Imperial War Museum

Museums, Libraries and Archives Council

National Gallery

National Maritime Museum

National Portrait Gallery

Natural History Museum

Science Museum

Tate Gallery

Victoria andAlbertMuseum

Wallace Collection

Department for Environment, Food and Rural Affairs

Agricultural Dwelling House Advisory Committees

Agricultural Land Tribunals

Agricultural Wages Board and Committees

Cattle Breeding Centre

Countryside Agency

Plant Variety Rights Office

Royal Botanic Gardens, Kew

Royal Commission on Environmental Pollution

Department of Health

Dental Practice Board

National Health Service Strategic Health Authorities

NHS Trusts

Prescription Pricing Authority

Department for Innovation, Universities and Skills

Higher Education Funding Council forEngland

National Weights and Measures Laboratory

Patent Office

Department for International Development

Department of the Procurator General and Treasury Solicitor

Legal Secretariat to the Law Officers

Department for Transport

Maritime and Coastguard Agency

Department for Work and Pensions

Disability Living Allowance Advisory Board

Independent Tribunal Service

Medical Boards and Examining Medical Officers (War Pensions)

Occupational Pensions Regulatory Authority

Regional Medical Service

Social Security Advisory Committee

Export Credits Guarantee Department

Foreign and Commonwealth Office

WiltonParkConference Centre

Government Actuary’s Department

Government Communications Headquarters

Home Office

HM Inspectorate of Constabulary

House of Commons

House of Lords

Ministry of Defence

Defence Equipment & Support

Meteorological Office

Ministry of Justice

Boundary Commission forEngland

Combined Tax Tribunal

Council on Tribunals

Court of Appeal — Criminal

Employment Appeals Tribunal

Employment Tribunals

HMCS Regions, Crown, County and Combined Courts (England and Wales)

Immigration Appellate Authorities

Immigration Adjudicators

Immigration Appeals Tribunal

Lands Tribunal

Law Commission

Legal Aid Fund (England and Wales)

Office of the Social Security Commissioners

Parole Board and Local Review Committees

Pensions Appeal Tribunals

Public Trust Office

Supreme Court Group (England and Wales)

Transport Tribunal

The National Archives

National Audit Office

National Savings and Investments

NationalSchoolof Government

Northern IrelandAssembly Commission

Northern IrelandCourt Service

Coroners Courts

County Courts

Court of Appeal and High Court of Justice inNorthern Ireland

Crown Court

Enforcement of Judgements Office

Legal Aid Fund

Magistrates’ Courts

Pensions Appeals Tribunals

Northern Ireland, Department for Employment and Learning

Northern Ireland, Department for Regional Development

Northern Ireland, Department for Social Development

Northern Ireland, Department of Agriculture and Rural Development

Northern Ireland, Department of Culture, Arts and Leisure

Northern Ireland, Department of Education

Northern Ireland, Department of Enterprise, Trade and Investment

Northern Ireland, Department of the Environment

Northern Ireland, Department of Finance and Personnel

Northern Ireland, Department of Health, Social Services and Public Safety

Northern Ireland, Office of the First minister and Deputy First minister

Northern IrelandOffice

Crown Solicitor’s Office

Department of the Director of Public Prosecutions forNorthern Ireland

Forensic Science Laboratory ofNorthern Ireland

Office of the Chief Electoral Officer forNorthern Ireland

Police Service ofNorthern Ireland

Probation Board forNorthern Ireland

State Pathologist Service

Office of Fair Trading

Office for National Statistics

National Health Service Central Register

Office of the Parliamentary Commissioner for Administration and Health Service Commissioners

Paymaster General’s Office

Postal Business of the Post Office

Privy Council Office

Public Record Office

HM Revenue and Customs

The Revenue and Customs Prosecutions Office

Royal Hospital, Chelsea

Royal Mint

Rural Payments Agency

Scotland, Auditor-General

Scotland, Crown Office and Procurator Fiscal Service

Scotland, General Register Office

Scotland, Queen’s and Lord Treasurer’s Remembrancer

Scotland, Registers of Scotland

The ScotlandOffice

The Scottish ministers

Architecture and Design Scotland

Crofters Commission

Deer Commission for Scotland

Lands Tribunal for Scotland

National Galleries of Scotland

National Library of Scotland

National Museums of Scotland

Royal Botanic Garden, Edinburgh

Royal Commission on the Ancient and Historical Monuments of Scotland

Scottish Further and Higher Education Funding Council

Scottish Law Commission

Community Health Partnerships

Special Health Boards

Health Boards

The Office of the Accountant of Court

High Court of Justiciary

Court of Session

HM Inspectorate of Constabulary

Parole Board for Scotland

Pensions Appeal Tribunals

Scottish Land Court

Sheriff Courts

Scottish Police Services Authority

Office of the Social Security Commissioners

The Private Rented Housing Panel and Private Rented Housing Committees

Keeper of the Records of Scotland

The Scottish Parliamentary Body Corporate

HM Treasury

Office of Government Commerce

United KingdomDebt Management Office

The Wales Office (Office of the Secretary of State for Wales)

The Welsh ministers

Higher Education Funding Council forWales

Local Government Boundary Commission forWales

The Royal Commission on the Ancient and Historical Monuments ofWales

Valuation Tribunals (Wales)

Welsh National Health Service Trusts and Local Health Boards

Welsh Rent Assessment Panels




BIJLAGE II

LIJST VAN WERKZAAMHEDEN IN DE ZIN VAN ARTIKEL 2, LID 1, PUNT 6, ONDER a)

Bij verschillen tussen CPV en NACE, is de CPV-nomenclatuur van toepassing.



NACE Rev. 1 (1)

CPV-code

SECTIE F

BOUWNIJVERHEID

Afdeling

Groep

Klasse

Benaming

Opmerkingen

45

Bouwnijverheid

Deze afdeling omvat:

— nieuwbouw, restauratiewerk en gewone reparaties.

45000000

45.1

Het bouwrijp maken van terreinen

45100000

45.11

Slopen van gebouwen; grondverzet

Deze klasse omvat:

— het slopen van gebouwen en andere bouwwerken;

— het ruimen van bouwterreinen;

— grondverzet: graven, ophogen, egaliseren en nivelleren van bouwterreinen, graven van sleuven en geulen, verwijderen van rotsen, grondverzet met behulp van explosieven enz.;

— het geschikt maken van terreinen voor mijnbouw:

— verwijderen van deklagen en overige werkzaamheden in verband met de ontsluiting van delfstoffen en de voorbereiding van de ontginning.

Deze klasse omvat voorts:

— de drainage van bouwterreinen;

— de drainage van land- en bosbouwgrond.

45110000

45.12

Proefboren en boren

Deze klasse omvat:

— het proefboren en het nemen van bodemmonsters ten behoeve van de bouw of voor geofysische, geologische of dergelijke doeleinden.

Deze klasse omvat niet:

— het boren van putten voor de aardolie- of aardgaswinning, zie 11.20;

— het boren van waterputten, zie 45.25;

— het delven van mijnschachten, zie 45.25;

— de aardolie- en aardgasexploratie en geofysisch, geologisch en seismisch onderzoek, zie 74.20.

45120000

45.2

Burgerlijke en utiliteitsbouw; weg- en waterbouw

45200000

45.21

Algemene bouwkundige en civieltechnische werken

Deze klasse omvat:

— de bouw van alle soorten gebouwen; de uitvoering van civieltechnische werken;

— bruggen, inclusief die voor verhoogde wegen, viaducten, tunnels en ondergrondse doorgangen;

— pijpleidingen, kabels en hoogspanningsleidingen over lange afstanden,

— pijpleidingen, kabels en hoogspanningsleidingen in de bebouwde kom;

— bijkomende werken;

— het monteren en optrekken van geprefabriceerde constructies ter plaatse.

Deze klasse omvat niet:

— diensten in verband met aardolie- en de aardgaswinning, zie 11.20;

— het optrekken van volledige geprefabriceerde constructies van zelfvervaardigde onderdelen, niet van beton, zie 20, 26, 28;

— bouwwerkzaamheden aan of in stadions, zwembaden, sporthallen, tennisbanen, golfterreinen en andere sportaccommodaties, andere dan het optrekken van gebouwen, zie 45.23;

— installatiewerkzaamheden, zie 45.3,

— de afwerking van gebouwen, zie 45.4;

— architecten en ingenieurs, zie 74.20;

— projectbeheer voor de bouw, zie 74.20.

45210000

met uitzondering van:

– 45213316

45220000

45231000

45232000

45.22

Dakbedekking en bouw van dakconstructies

Deze klasse omvat:

— de bouw van daken;

— dakbedekking;

— het waterdicht maken.

45261000

45.23

Bouw van autowegen en andere wegen, vliegvelden en sportfaciliteiten

Deze klasse omvat:

— de bouw van autowegen, straten en andere wegen en paden voor voertuigen en voetgangers;

— de bouw van spoorwegen;

— de bouw van start- en leningsbanen;

— bouwwerkzaamheden aan of in stadions, zwembaden, sporthallen, tennisbanen, golfterreinen en andere sportaccommodaties, andere dan het optrekken van gebouwen;

— het schilderen van markeringen op wegen en parkeerplaatsen.

Deze klasse omvat niet:

— voorafgaand grondverzet, zie 45.11.

45212212 en DA03

45230000

met uitzondering van:

– 45231000

– 45232000

– 45234115

45.24

Waterbouw

Deze klasse omvat

— het verrichten of aanleggen van:

— waterwegen, haven- en rivierwerken, jachthavens, sluizen enz.;

— dammen en dijken;

— baggerwerken;

— werkzaamheden onder water.

45240000

45.25

Overige gespecialiseerde werkzaamheden in de bouw

Deze klasse omvat:

— gespecialiseerde bouwwerkzaamheden ten behoeve van diverse bouwwerken, waarvoor specifieke ervaring of een speciale uitrusting nodig is;

— bouw van funderingen, inclusief heien;

— boren en aanleggen van waterputten, delven van mijnschachten;

— opbouw van niet-zelfvervaardigde elementen van staal;

— buigen van staal;

— metselen, inclusief zetten van natuursteen;

— optrekken en afbreken van steigers en werkplatforms, inclusief verhuur van steigers en werkplatforms;

— bouw van schoorstenen en industriële ovens.

Deze klasse omvat niet:

— de verhuur van steigers zonder optrekken en afbreken, zie 71.32.

45250000

45262000

45.3

Bouwinstallatie

45300000

45.31

Elektrische installatie

Deze klasse omvat:

de installatie in gebouwen en andere bouwwerken van:

— elektrische bedrading en toebehoren;

— telecommunicatiesystemen;

— elektrische verwarmingssystemen;

— antennes;

— brenalarmsystemen;

— inbraakalarmsystemen;

— liften en roltrappen;

— bliksemafleiders enz.

45213316

45310000

met uitzondering van:

– 45316000

45.32

Isolatie

Deze klasse omvat:

— het aanbrengen in gebouwen en andere bouwwerken van isolatiemateriaal (warmte, geluid, trillingen).

Deze klasse omvat niet:

— het waterdicht maken, zie 45.22.

45320000

45.33

Loodgieterswerk

Deze klasse omvat:

— de installatie in gebouwen en andere bouwwerken van:

— waterleidingen en artikelen voor sanitair gebruik;

— gasaansluitingen;

— apparatuur en leidingen voor verwarming, ventilatie, koeling en klimaatregeling;

— sprinklerinstallaties.

Deze klasse omvat niet:

— de installatie en reparatie van elektrische verwarmingsinstallaties, zie 45.31.

45330000

45.34

Overige bouwinstallatie

Deze klasse omvat:

— de installatie van verlichtings- en signaleringssystemen voor wegen, spoorwegen, luchthavens en havens;

— de installatie in en aan gebouwen en andere bouwwerken van toebehoren, niet elders geklasseerd.

45234115

45316000

45340000

45.4

Afwerking van gebouwen

45400000

45.41

Stukadoorswerk

Deze klasse omvat:

— het aanbrengen van pleister- en stukadoorswerk (inclusief het aanbrengen van een hechtgrond) aan de binnen- of buitenzijde van gebouwen en andere bouwwerken.

45410000

45.42

Schrijnwerk

Deze klasse omvat:

— het plaatsen van niet-zelfvervaardigde deuren, vensters, kozijnen, inbouwkeukens, trappen, winkelinrichtingen en dergelijke, van hout of van ander materiaal;

— de binnenafwerking, zoals plafonds, wandbekleding van hout, verplaatsbare tussenwanden enz.

Deze klasse omvat niet:

— het leggen van parket of andere houten vloerbedekking, zie 45.43.

45420000

45.43

Vloer- en wandafwerking

Deze klasse omvat:

— het aanbrengen in gebouwen en andere bouwwerken van:

— vloer- of wentegels van keramische stoffen, beton of gehouwen steen;

— parket en andere houten vloerbedekking;

— tapijt en vloerbedekking van linoleum, rubber of kunststof;

— vloerbedekking en wenbekleding van terrazzo, marmer, graniet of lei;

— behang.

45430000

45.44

Schilderen en glaszetten

Deze klasse omvat:

— het schilderen van het binnen- en buitenwerk van gebouwen;

— het schilderen van wegen- en waterbouwkundige werken;

— het aanbrengen van glas, spiegels enz.

Deze klasse omvat niet:

— de installatie van vensters, zie 45.42.

45440000

45.45

Overige werkzaamheden in verband met de afwerking van gebouwen

Deze klasse omvat:

— de installatie van particuliere zwembaden;

— gevelreiniging met behulp van stoom, door middel van zandstralen enz.;

— overige werkzaamheden in verband met de afwerking van gebouwen, n.e.g.

Deze klasse omvat niet:

— het reinigen van het interieur van gebouwen en andere bouwwerken, zie 74.70.

45212212 en DA04

45450000

45.5

Verhuur van bouw- of sloopmachines met bedieningspersoneel

45500000

45.50

Verhuur van bouw- of sloopmachines met bedieningspersoneel

Deze klasse omvat niet:

— de verhuur van bouw- en sloopmachines zonder bedieningspersoneel, zie 71.32.

45500000

(1)

Verordening (EEG) nr. 3037/90 van de Raad van 9 oktober 1990 betreffende de statistische nomenclatuur van de economische activiteiten in de Europese Gemeenschap (PB L 293 van 24.10.1990, blz. 1).




BIJLAGE III

LIJST VAN PRODUCTEN, ALS BEDOELD IN ARTIKEL 4, ONDER b), BETREFFENDE HET GUNNEN DOOR AANBESTEDENDE DIENSTEN VAN OPDRACHTEN OP HET GEBIED VAN DEFENSIE

De enige met het oog op deze richtlijn toepasselijke tekst is die van bijlage 1, onder 3), van de GPA-overeenkomst, waarop de volgende indicatieve lijst van producten is gebaseerd:



Hoofdstuk 25:

Zout, zwavel, aarde en steen, gips, kalk en cement

Hoofdstuk 26:

Ertsen, slakken en assen

Hoofdstuk 27:

Minerale brenstoffen, aardolie en distillatieproducten daarvan, bitumineuze stoffen, minerale was

met uitzondering van:

ex 27.10 : bijzondere motorbrenstoffen

Hoofdstuk 28:

Anorganische chemische producten; anorganische of organische verbindingen van edele metalen, van zeldzame aardmetalen, van radioactieve elementen, en van isotopen,

met uitzondering van:

ex 28.09 : explosieven

ex 28.13 : explosieven

ex 28.14 : traangas

ex 28.28 : explosieven

ex 28.32 : explosieven

ex 28.39 : explosieven

ex 28.50 : toxicologische producten

ex 28.51 : toxicologische producten

ex 28.54 : explosieven

Hoofdstuk 29:

Organische chemische producten

met uitzondering van:

ex 29.03 : explosieven

ex 29.04 : explosieven

ex 29.07 : explosieven

ex 29.08 : explosieven

ex 29.11 : explosieven

ex 29.12 : explosieven

ex 29.13 : toxicologische producten

ex 29.14 : toxicologische producten

ex 29.15 : toxicologische producten

ex 29.21 : toxicologische producten

ex 29.22 : toxicologische producten

ex 29.23 : toxicologische producten

ex 29.26 : explosieven

ex 29.27 : toxicologische producten

ex 29.29 : explosieven

Hoofdstuk 30:

Farmaceutische producten

Hoofdstuk 31:

Meststoffen

Hoofdstuk 32:

looizuur (tannine) en derivaten daarvan; kleur- en verfstoffen, verf en vernis en verfmiddelen; mastiek; inkt

Hoofdstuk 33:

Etherische oliën en harsaroma’s, parfumerieën, toiletartikelen en cosmetische producten

Hoofdstuk 34:

Zeep, organische tensioactieve producten; wasmiddelen, smeermiddelen, kunstwas, bereide was, poets- en onderhoudsmiddelen, kaarsen en dergelijke artikelen, modelleerpasta’s en tandtechnische waspreparaten

Hoofdstuk 35:

Eiwitstoffen; lijm, enzymen

Hoofdstuk 37:

Producten voor fotografie en cinematografie

Hoofdstuk 38:

Diverse producten van de chemische industrie,

met uitzondering van:

ex 38.19 : toxicologische producten

Hoofdstuk 39:

Kunststoffen (kunstharsen en andere kunststoffen, cellulose-esters en -ethers) en werken daarvan,

met uitzondering van:

ex 39.03 : explosieven

Hoofdstuk 40:

Rubber (natuurlijke en synthetische rubber en factis) en werken van rubber,

met uitzondering van:

ex 40.11 : kogelbestendige banden

Hoofdstuk 41:

Huiden en vellen (andere dan pelterijen), alsmede leder

Hoofdstuk 42:

Lederwaren; zadel- en tuigmakerswerk; reisartikelen, handassen en dergelijke bergingsmiddelen; werken van darmen (andere dan poil de Messine)

Hoofdstuk 43:

Pelterijen en bontwerk; namaakbont

Hoofdstuk 44:

Hout, houtskool en houtwaren

Hoofdstuk 45:

Kurk en kurkwaren

Hoofdstuk 46:

Vlechtwerk en mandenmakerswerk

Hoofdstuk 47:

Stoffen voor het vervaardigen van papier

Hoofdstuk 48:

Papier en karton; cellulose-, papier- en kartonwaren

Hoofdstuk 49:

Artikelen van de uitgeverij, van de pers of van een andere grafische industrie; geschreven of getypte teksten en plannen

Hoofdstuk 65:

Hoofddeksels en delen daarvan

Hoofdstuk 66:

Paraplu’s, parasols, wandelstokken, zwepen, rijzwepen, alsmede delen daarvan

Hoofdstuk 67:

Geprepareerde veren en geprepareerd dons en artikelen van veren of van dons, kunstbloemen, werken van mensenhaar

Hoofdstuk 68:

Werken van steen, van gips, van cement, van asbest, van mica en van dergelijke stoffen

Hoofdstuk 69:

Keramische producten

Hoofdstuk 70:

Glas en glaswerk

Hoofdstuk 71:

Echte parels, natuurlijke en andere edelstenen en halfedelstenen, edele metalen en metalen geplateerd met edele metalen, alsmede werken daarvan; fancybijouterieën

Hoofdstuk 73:

Gietijzer, ijzer en staal, alsmede werken daarvan

Hoofdstuk 74:

Koper en werken van koper

Hoofdstuk 75:

Nikkel en werken van nikkel

Hoofdstuk 76:

Aluminium en werken van aluminium

Hoofdstuk 77:

Magnesium en beryllium en werken daarvan

Hoofdstuk 78:

Lood en werken van lood

Hoofdstuk 79:

Zink en werken van zink

Hoofdstuk 80:

Tin en werken van tin

Hoofdstuk 81:

Andere onedele metalen, alsmede werken daarvan

Hoofdstuk 82:

Gereedschap; messenmakerswerk, lepels en vorken, van onedel metaal, delen van deze artikelen

met uitzondering van:

ex 82.05 : gereedschap

ex 82.07 : gereedschappen, onderdelen

Hoofdstuk 83:

Allerlei werken van onedele metalen

Hoofdstuk 84:

Stoomketels, machines, toestellen en mechanische werktuigen, alsmede delen daarvan

met uitzondering van:

ex 84.06 : motoren

ex 84.08 : andere voortstuwingsmiddelen

ex 84.45 : machines

ex 84.53 : automatische gegevensverwerkende machines

ex 84.55 : delen van machines van post 84.53

ex 84.59 : kernreactoren

Hoofdstuk 85:

Elektrische machines, apparaten en toestellen; alsmede delen daarvan,

met uitzondering van:

ex 85.13 : telecommunicatie

ex 85.15 : zendtoestellen

Hoofdstuk 86:

Rollend en ander materieel voor spoor- en tramwegen; niet elektrische signaal- en waarschuwingstoestellen voor het verkeer,

met uitzondering van:

ex 86.02 : elektrische gepantserde locomotieven

ex 86.03 : andere gepantserde locomotieven

ex 86.05 : gepantserde wagons

ex 86.06 : reparatiewagens

ex 86.07 : goederenwagens

Hoofdstuk 87:

Automobielen, tractoren, rijwielen, motorrijwielen en andere voertuigen, voor vervoer over land, alsmede delen daarvan,

met uitzondering van:

ex 87.08 : gevechtswagens en pantserauto’s

ex 87.01 : tractoren

ex 87.02 : militaire voertuigen

ex 87.03 : takelwagens

ex 87.09 : motorrijwielen

ex 87.14 : aanhangwagens

Hoofdstuk 89:

Scheepvaart

met uitzondering van:

ex 89.01A : oorlogsschepen

Hoofdstuk 90:

Optische instrumenten, apparaten en toestellen; instrumenten, apparaten en toestellen voor de fotografie en de cinematografie; meet-, verificatie-, controle- en precisie-instrumenten, -apparaten en -toestellen; medische en chirurgische instrumenten, apparaten en toestellen,

met uitzondering van:

ex 90.05 : binocles (dubbele kijkers)

ex 90.13 : diverse instrumenten, lasers

ex 90.14 : telemeters

ex 90.28 : elektrische of elektronische meetinstrumenten

ex 90.11 : microscopen

ex 90.17 : medische apparatuur

ex 90.18 : toestellen voor mechanische therapie

ex 90.19 : orthopedische toestellen

ex 90.20 : röntgentoestellen

Hoofdstuk 91:

Uurwerken

Hoofdstuk 92:

Muziekinstrumenten, toestellen voor het opnemen of het weergeven van geluid, toestellen voor het opnemen of het weergeven van geluid en beelden voor televisie; delen en toebehoren van deze instrumenten en toestellen

Hoofdstuk 94:

Meubelen (ook voor medisch of voor chirurgisch gebruik); artikelen voor bedden en dergelijke artikelen,

met uitzondering van:

ex 94.01A : zitmeubelen voor luchtvaartuigen

Hoofdstuk 95:

Stoffen geschikt om te worden gesneden of te worden gevormd, in bewerkte staat (werken daaronder begrepen)

Hoofdstuk 96:

Bezems en borstels, kwasten en penselen, poederdonsjes en zeven

Hoofdstuk 98:

Diverse werken




BIJLAGE IV

EISEN TEN AANZIEN VAN INSTRUMENTEN EN MIDDELEN VOOR DE ELEKTRONISCHE ONTVANGST VAN INSCHRIJVINGEN, VERZOEKEN TOT DEELNAME OF PLANNEN EN ONTWERPEN BIJ PRIJSVRAGEN

De instrumenten en middelen voor de elektronische ontvangst van inschrijvingen, verzoeken tot deelname en plannen en ontwerpen bij prijsvragen moeten door passende technische voorzieningen en procedures ten minste de waarborg bieden dat:

a)

het exacte tijdstip en de exacte datum van ontvangst van inschrijvingen, verzoeken tot deelname en plannen en ontwerpen precies kunnen worden vastgesteld;

b)

redelijkerwijs kan worden verzekerd dat niemand vóór de opgegeven uiterste data toegang kan hebben tot de op grond van onderhavige eisen verstrekte informatie;

c)

alleen de gemachtigde personen de data voor openbaarmaking van de ontvangen informatie kunnen vaststellen of wijzigen;

d)

tijdens de verschillende fasen van de aanbestedingsprocedure of van de prijsvraag alleen de gemachtigde personen toegang hebben tot de verstrekte informatie of een gedeelte daarvan;

e)

alleen de gemachtigde personen toegang tot de verstrekte informatie kunnen geven, en slechts na de opgegeven datum;

f)

de met toepassing van de onderhavige eisen ontvangen en openbaar gemaakte informatie slechts toegankelijk blijft voor de tot inzage gemachtigde personen;

g)

bij een inbreuk op de onder b), c), d), e) en f) bedoelde toegangsverboden of -voorwaarden, of een poging daartoe, redelijkerwijs kan worden gewaarborgd dat de inbreuk of de poging daartoe zonder problemen kan worden opgespoord.




BIJLAGE V

INLICHTINGEN DIE IN AANKONDIGINGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN

DEEL A

Inlichtingen die in aankondigingen van bekendmaking van een vooraankondiging via een kopersprofiel moeten worden opgenomen

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

3.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is, of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat of kan gaan.

4.

CPV-codes.

5.

Internetadres van het „kopersprofiel” (URL).

6.

Datum van verzending van de aankondiging van bekendmaking van de vooraankondiging in het kopersprofiel.

DEEL B

Inlichtingen die in vooraankondigingen moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 48)

I. Inlichtingen die in alle gevallen moet worden opgenomen

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

E-mail- of internetadres waar de aanbestedingsstukken vrij, rechtstreeks, volledig en gratis toegankelijk zijn.

Wanneer er geen kosteloze, rechtstreekse en volledige toegang is om de in artikel 53, lid 1, tweede en de derde alinea, genoemde redenen, is aangegeven hoe de aanbestedingsstukken kunnen worden geraadpleegd.

3.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

4.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat of kan gaan.

5.

CPV-codes. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

6.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

7.

Beknopte beschrijving van de aanbesteding: aard en omvang van werken, aard en hoeveelheid of waarde van leveringen, aard en omvang van diensten.

8.

Indien deze aankondiging niet als oproep tot mededinging wordt gebruikt, vermoedelijke datum of data voor bekendmaking van een aankondiging van een opdracht of aankondigingen van opdrachten ten aanzien van de in deze vooraankondiging bedoelde opdracht(en).

9.

Datum van verzending van de aankondiging.

10.

Overige relevante informatie.

11.

Vermelding of de opdracht onder de GPA-overeenkomst valt.

II. Aanvullende inlichtingen die moeten worden verstrekt wanneer de aankondiging dient als oproep tot mededinging (artikel 48, lid 2)

1.

Vermelding van het feit dat belangstellende leveranciers de dienst op de hoogte moeten brengen van hun belangstelling voor de opdracht(en).

2.

Aard van de procedure voor het gunnen (niet-openbare procedure, al dan niet met dynamisch aankoopsysteem, of mededingingsprocedure met onderhandelingen).

3.

Indien van toepassing, vermelding of:

a)

het om een raamovereenkomst gaat,

b)

het om een dynamisch aankoopsysteem gaat.

4.

Tijd voor de levering van producten, werken of diensten en looptijd van de opdracht voor zover al bekend.

5.

De voorwaarden voor deelneming, voor zover al bekend, waaronder:

a)

indien van toepassing, de vermelding dat het gaat om een overheidsopdracht die is voorbehouden aan sociale werkplaatsen of waarvan de uitvoering is voorbehouden in het kader van programma’s voor beschermde arbeid;

b)

indien van toepassing, vermelding of het verlenen van de dienst ingevolge wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen aan een bepaalde beroepsgroep is voorbehouden;

c)

een beknopte beschrijving van de selectiecriteria.

6.

Beknopte omschrijving van de voor gunning van de opdracht te gebruiken criteria voor zover al bekend.

7.

Geraamde totale omvang van de opdracht(en) voor zover al bekend; indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

8.

Uiterste data voor de ontvangst van de blijken van belangstelling.

9.

Adres waarnaar de blijken van belangstelling moeten worden verzonden.

10.

Taal of talen waarin de verzoeken tot deelname of inschrijvingen moeten worden ingediend.

11.

Indien van toepassing, vermelding of:

a)

elektronische indiening van inschrijvingen of verzoeken tot deelname vereist is/aanvaard wordt,

b)

er gebruik wordt gemaakt van elektronische orderplaatsing,

c)

er gebruik wordt gemaakt van elektronische facturering,

d)

elektronische betalingen worden aanvaard.

12.

Vermelding of de opdracht betrekking heeft op een project en/of programma dat met middelen van de Unie wordt gefinancierd.

13.

Naam en adres van de instantie die bevoegd is voor beroepsprocedures en eventueel bemiddelingsprocedures. Precieze aanduiding van de termijnen voor beroepsprocedures, of, in voorkomend geval, naam, adres, telefoonnummer, fax en e-mailadres van de dienst waar deze inlichtingen kunnen worden verkregen.

DEEL C

Inlichtingen die in aankondigingen van opdrachten moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 49)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

E-mail- of internetadres waar de aanbestedingsstukken vrij, rechtstreeks, volledig en gratis toegankelijk zijn.

Wanneer er geen kosteloze, rechtstreekse en volledige toegang is om de in artikel 53, lid 1, tweede en de derde alinea, genoemde redenen, is aangegeven hoe de aanbestedingsstukken kunnen worden geraadpleegd.

3.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

4.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat.

5.

CPV-codes. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

6.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

7.

Beschrijving van de aanbesteding: aard en omvang van werken, aard en hoeveelheid of waarde van leveringen, aard en omvang van diensten. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt. Indien van toepassing, beschrijving van eventuele opties.

8.

Geraamde totale orde van grootte van de opdracht/opdrachten; indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

9.

Toelating of verbod van varianten.

10.

Tijd voor de levering van leveringen, werken of diensten en, voor zover mogelijk, looptijd van de opdracht.

a)

Ingeval van raamovereenkomsten, beoogde looptijd van de raamovereenkomst, in voorkomend geval, onder vermelding van de redenen voor een looptijd van meer dan vier jaar; voor zover mogelijk, vermelding van waarde of orde van grootte en frequentie van de te gunnen opdrachten, aantal ondernemers dat zal deelnemen, en, in voorkomend geval het maximumaantal.

b)

Ingeval van een dynamisch aankoopsysteem, vermelding van de geplande duur van dat systeem; voor zover mogelijk, vermelding van waarde of orde van grootte en frequentie van de te gunnen opdrachten.

11.

Voorwaarden voor deelneming met inbegrip van:

a)

indien van toepassing, de vermelding dat het gaat om een overheidsopdracht die is voorbehouden aan sociale werkplaatsen of waarvan de uitvoering is voorbehouden in het kader van programma’s voor beschermde arbeid;

b)

indien van toepassing, vermelding of het verlenen van de dienst ingevolge wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen aan een bepaalde beroepsgroep is voorbehouden; verwijzing naar de desbetreffende wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen;

c)

een lijst en een beknopte omschrijving van de criteria betreffende de persoonlijke situatie van ondernemers die tot hun uitsluiting kunnen leiden en van selectiecriteria; eventueel vereiste specifieke minimumeisen ten aanzien van de bekwaamheid; vermelding van vereiste informatie (eigen verklaringen, documentatie).

12.

Het type gunningsprocedure; indien van toepassing, motivering van de toepassing van een versnelde procedure (in geval van een openbare procedure, een niet-openbare procedure of een mededingingsprocedure door onderhandelingen).

13.

Indien van toepassing, vermelding of:

a)

het om een raamovereenkomst gaat,

b)

het om een dynamisch aankoopsysteem gaat,

c)

er sprake is van een elektronische veiling (in geval van een openbare procedure, een niet-openbare procedure of een mededingingsprocedure met onderhandeling).

14.

Wanneer de opdracht in percelen moet worden verdeeld, vermelding van de mogelijkheid voor de ondernemers om voor één, meer en/of alle percelen in te schrijven; vermelding van elke mogelijke beperking van het aantal percelen dat aan één inschrijver kan worden gegund. Wanneer de opdracht niet in percelen is verdeeld, vermelding van de redenen daarvan, tenzij deze vermeld staan in het desbetreffende verslag.

15.

Voor de niet-openbare procedures, de mededingingsprocedures met onderhandeling, de concurrentiegerichte dialogen of de innovatiepartnerschappen waar gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid tot beperking van het aantal kandidaten voor het indienen van inschrijvingen, de dialoog of de onderhandelingen: minimumaantal en, in voorkomend geval, maximumaantal kandidaten en objectieve criteria voor de bepaling van het aantal kandidaten in kwestie.

16.

Voor de mededingingsprocedures met onderhandeling, de concurrentiegerichte dialogen of de innovatiepartnerschappen, indien van toepassing, vermelding van de toepassing van een procedure in achtereenvolgende fasen waarbij het aantal te bespreken oplossingen of ter onderhandeling openstaande inschrijvingen geleidelijk wordt beperkt.

17.

Indien van toepassing, de bijzondere voorwaarden voor de uitvoering van de opdracht.

18.

De criteria die moeten worden toegepast voor de voor de gunning van de opdracht(en). Behalve wanneer de meest voordelige inschrijving louter op basis van de prijs wordt bepaald, moeten de criteria voor de vaststelling van de economisch meest voordelige inschrijving en de weging ervan worden vermeld wanneer zij niet in het bestek, of, in geval van een concurrentiegerichte dialoog, in het beschrijvende document zijn opgenomen.

19.

Uiterste datum voor de ontvangst van de inschrijvingen (openbare procedures) of verzoeken tot deelname (niet-openbare procedures, mededingingsprocedures met onderhandeling, dynamische aankoopsystemen, concurrentiegerichte dialogen of innovatiepartnerschappen).

20.

Adres waar de inschrijvingen of verzoeken tot deelname naartoe moeten worden gestuurd.

21.

In geval van een openbare procedure:

a)

termijn gedurende welke de inschrijver zijn inschrijving gestand moet doen,

b)

dag, tijd en plaats voor de opening van de inschrijvingen,

c)

personen die bij de opening worden toegelaten.

22.

Taal of talen die moeten worden gebruikt bij inschrijvingen of verzoeken tot deelname.

23.

Indien van toepassing, vermelding of:

a)

elektronische indiening van inschrijvingen of verzoeken tot deelname wordt aanvaard,

b)

elektronische orderplaatsing wordt gebruikt,

c)

elektronische facturering wordt aanvaard,

d)

elektronische betalingen worden gebruikt.

24.

Vermelding of de opdracht betrekking heeft op een project en/of programma dat met middelen van de Unie wordt gefinancierd.

25.

Naam en adres van de instantie die bevoegd is voor beroepsprocedures en eventueel bemiddelingsprocedures. Preciseringen betreffende de termijnen voor beroepsprocedures of, in voorkomend geval, naam, adres, telefoonnummer, fax en e-mailadres van de dienst waar deze inlichtingen kunnen worden verkregen.

26.

Datum of data van en verwijzing(en) naar eerdere bekendmakingen in het Publicatieblad van de Europese Unie ten aanzien van de in deze aankondiging bekendgemaakte opdracht(en).

27.

Bij een serie periodiek terugkerende opdrachten, geraamde tijdstippen waarop vervolgaankondigingen worden bekendgemaakt.

28.

Datum van verzending van de aankondiging.

29.

Vermelding of de opdracht onder de GPA-overeenkomst valt.

30.

Overige relevante informatie.

DEEL D

Inlichtingen die in aankondigingen van gegunde opdrachten moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 50)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

3.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat.

4.

CPV-codes.

5.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten.

6.

Beschrijving van de aanbesteding: aard en omvang van werken, aard en hoeveelheid of waarde van leveringen, aard en omvang van diensten. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt. Indien van toepassing, beschrijving van eventuele opties.

7.

Het type gunningsprocedure; in geval van een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmakinghandel, motivering van de keuze van de procedure.

8.

Indien van toepassing, vermelding of:

a)

het om een raamovereenkomst ging,

b)

het om een dynamisch aankoopsysteem ging.

9.

De in artikel 67 bedoelde criteria die zijn toegepast voor de gunning van de opdracht(en). Indien van toepassing, vermelding van of er sprake was van gebruikmaking van een elektronische veiling (in geval van een openbare procedure, een niet-openbare procedure of een mededingingsprocedure met onderhandeling).

10.

Datum van sluiting van de overeenkomst(en) of van sluiting van de raamovereenkomst(en) in aansluiting op het besluit tot gunning of sluiting;

11.

Aantal ontvangen inschrijvingen ten aanzien van elke plaatsing, met inbegrip van:

a)

het aantal uit het midden- en kleinbedrijf ontvangen inschrijvingen,

b)

aantal ontvangen inschrijvingen uit een andere lidstaat of uit derde landen,

c)

het aantal elektronisch ontvangen inschrijvingen.

12.

Per gunning, naam, adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de begunstigde(n) met inbegrip van:

a)

informatie of de aangewezen inschrijver behoort tot het midden- en kleinbedrijf,

b)

informatie of de opdracht is gegund aan een combinatie van ondernemers (joint venture, consortium of andere).

13.

Waarde van de begunstigde inschrijving(en) of de hoogste en de laagste inschrijving die bij de gunning(en) in aanmerking zijn genomen.

14.

Indien van toepassing, voor elke gunning, gedeelte van de opdracht dat aan derden in onderaanbesteding kan worden gegeven en de waarde daarvan.

15.

Vermelding of de opdracht betrekking heeft op een project en/of programma dat met middelen van de Unie wordt gefinancierd.

16.

Naam en adres van de instantie die bevoegd is voor beroepsprocedures en eventueel bemiddelingsprocedures. Preciseringen betreffende de termijnen voor beroepsprocedures of, in voorkomend geval, naam, adres, telefoon- en faxnummers, en e-mailadres van de dienst waar deze informatie kan worden verkregen.

17.

Datum of data van en verwijzing(en) naar eerdere bekendmakingen in het Publicatieblad van de Europese Unie ten aanzien van de in deze aankondiging bekendgemaakte opdracht(en).

18.

Datum van verzending van de aankondiging.

19.

Overige relevante informatie.

DEEL E

Inlichtingen die in aankondigingen van prijsvragen moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 79, lid 1)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

E-mail- of internetadres waar de aanbestedingsstukken vrij, rechtstreeks, volledig en gratis toegankelijk zijn.

Wanneer er geen kosteloze, rechtstreekse en volledige toegang is om de in artikel 53, lid 1, tweede en de derde alinea, genoemde redenen, is aangegeven hoe de aanbestedingsstukken kunnen worden geraadpleegd.

3.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

4.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat.

5.

CPV-codes. Indien de opdracht in percelen is verdeeld, moet deze informatie voor elk perceel worden verstrekt.

6.

Omschrijving van de belangrijkste kenmerken van het project.

7.

Indien van toepassing, aantal en waarde van de prijzen.

8.

Type prijsvraag (openbaar of niet-openbaar).

9.

In geval van een openbare prijsvraag, uiterste datum voor de indiening van ontwerpen.

10.

In geval van een niet-openbare prijsvraag:

a)

beoogd aantal deelnemers,

b)

indien van toepassing, namen van reeds geselecteerde deelnemers,

c)

criteria voor selectie van de deelnemers,

d)

uiterste datum voor de verzoeken tot deelname.

11.

Indien van toepassing, vermelding dat de deelneming voorbehouden is aan een specifieke beroepsgroep.

12.

Criteria die bij de beoordeling van de ontwerpen zullen worden gehanteerd.

13.

Vermelding of het besluit van de jury voor de aanbestedende dienst bindend is.

14.

Indien van toepassing, aan alle deelnemers uit te betalen bedragen.

15.

Vermelding of de overheidsopdrachten naar aanleiding van de prijsvraag al dan niet zullen worden gegund aan de winnaar(s) van de prijsvraag.

16.

Datum van verzending van de aankondiging.

17.

Overige relevante informatie.

DEEL F

Inlichtingen die in aankondigingen van uitslagen van prijsvragen moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 79, lid 2)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

Type aanbestedende dienst en uitgeoefende hoofdactiviteit.

3.

Indien van toepassing, vermelding dat de aanbestedende dienst een aankoopcentrale is of dat het om een andere vorm van gezamenlijke aanbesteding gaat.

4.

CPV-codes.

5.

Omschrijving van de belangrijkste kenmerken van het project.

6.

Waarde van de prijzen.

7.

Type prijsvraag (openbaar of niet-openbaar).

8.

Criteria die bij de beoordeling van de ontwerpen zijn gehanteerd.

9.

Datum van het besluit van de jury.

10.

Aantal deelnemers.

a)

Aantal deelnemende uit het midden- en kleinbedrijf.

b)

Aantal buitenlandse deelnemers.

11.

Naam, adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de winnaar(s) van de prijsvraag en vermelding of de winnaar(s) afkomstig is/zijn uit het midden- en kleinbedrijf.

12.

Vermelding of de prijsvraag betrekking heeft op een project of programma dat met middelen van de Unie wordt gefinancierd.

13.

Datum of data van en verwijzing(en) naar eerdere bekendmakingen in het Publicatieblad van de Europese Unie ten aanzien van het project of de projecten waar deze aankondiging betrekking op heeft.

14.

Datum van verzending van de aankondiging.

15.

Overige relevante informatie.

DEEL G

Inlichtingen die in mededelingen inzake wijziging van een opdracht gedurende de looptijd ervan moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 72, lid 1)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst en, indien het een andere dienst betreft, van de dienst waar nadere inlichtingen kunnen worden verkregen.

2.

CPV-codes.

3.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten.

4.

Omschrijving van de aanbesteding voor en na de wijziging: aard en omvang van de werken, aard en hoeveelheid of waarde van leveringen, aard en omvang van diensten.

5.

Indien van toepassing, prijsstijging als gevolg van de wijziging.

6.

Omschrijving van de omstandigheden die de wijziging noodzakelijk maakten.

7.

Datum van de beslissing tot gunning van de opdracht.

8.

Indien van toepassing, naam, adres inclusief NUTS-code, telefoonnummer, fax, e-mail- en internetadres van de nieuwe ondernemer(s).

9.

Vermelding of de opdracht betrekking heeft op een project en/of programma dat met middelen van de Unie wordt gefinancierd.

10.

Naam en adres van de toezichtsinstantie en de instantie die bevoegd is voor beroepsprocedures en eventueel bemiddelingsprocedures. Preciseringen betreffende de termijn voor beroepsprocedures of, in voorkomend geval, naam, adres, telefoonnummer, fax en e-mailadres van de dienst waar deze inlichtingen kunnen worden verkregen.

11.

Datum of data van en verwijzing(en) naar eerdere bekendmakingen in het Publicatieblad van de Europese Unie ten aanzien van de opdracht(en) waar deze aankondiging betrekking op heeft.

12.

Datum van verzending van de aankondiging.

13.

Overige relevante informatie.

DEEL H

Inlichtingen die in aankondigingen van opdrachten ten aanzien van opdrachten voor sociale en andere specifieke diensten moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 75, lid 1)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst.

2.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten.

3.

Korte omschrijving van de opdracht, met inbegrip van CPV-codes.

4.

Voorwaarden voor deelneming met inbegrip van:

indien van toepassing, de vermelding dat de opdracht is voorbehouden aan sociale werkplaatsen of dat de uitvoering ervan is voorbehouden in het kader van programma’s voor beschermde arbeid;
indien van toepassing, vermelding of het verlenen van de dienst ingevolge wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen aan een bepaalde beroepsgroep is voorbehouden.
5.

Uiterste datum of data voor het opnemen van contact met de aanbestedende dienst met het oog op deelname.

6.

Beknopte omschrijving van de belangrijkste elementen van de toe te passen gunnings procedure.

DEEL I

Inlichtingen die in vooraankondigingen voor sociale en andere specifieke diensten moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 75, lid 1)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst.

2.

Beknopte omschrijving van de opdracht, met inbegrip van de geraamde totale waarde van de opdracht en CPV-codes.

3.

Voor zover bekend:

a)

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten;

b)

tijd voor de levering van goederen, werken of diensten en looptijd van de opdracht;

c)

voorwaarden voor deelneming met inbegrip van:

indien van toepassing, de vermelding dat het gaat om een overheidsopdracht die is voorbehouden aan sociale werkplaatsen of waarvan de uitvoering is voorbehouden in het kader van programma’s voor beschermde arbeid,
indien van toepassing, vermelding of het verlenen van de dienst ingevolge wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen aan een bepaalde beroepsgroep is voorbehouden,
d)

beknopte omschrijving van de belangrijkste elementen van de toe te passen gunningsprocedure.

4.

Vermelding van het feit dat belangstellende ondernemers de aanbestedende dienst in kennis moeten stellen van hun belangstelling voor de opdracht(en) en de termijnen voor de ontvangst van blijken van belangstelling en de plaats waarnaar de blijken van belangstelling verzonden moeten worden.

DEEL J

Inlichtingen die in aankondigingen van gegunde opdrachten ten aanzien van opdrachten voor sociale en andere specifieke diensten moeten worden opgenomen

(als bedoeld in artikel 75, lid 2)

1.

Naam, identificatienummer (indien de nationale wetgeving hierin voorziet), adres inclusief NUTS-code, e-mail- en internetadres van de aanbestedende dienst.

2.

Korte omschrijving van de opdracht, met inbegrip van CPV-codes.

3.

NUTS-code voor de hoofdlocatie van de werken in het geval van opdrachten voor werken of NUTS-code voor de hoofdplaats van levering of uitvoering voor opdrachten voor leveringen en diensten.

4.

Aantal ontvangen inschrijvingen.

5.

Betaalde prijs of prijzen (maximum/minimum).

6.

Per plaatsing, naam, adres inclusief NUTS-code, e-mail- en internetadres van de begunstigde(n).

7.

Overige relevante informatie.




BIJLAGE VI

INLICHTINGEN DIE IN DE AANBESTEDINGSSTUKKEN MET BETREKKING TOT ELEKTRONISCHE VEILINGEN MOETEN WORDEN OPGENOMEN

(artikel 35, lid 4)

Wanneer de aanbestedende diensten hebben besloten een elektronische veiling te houden, omvatten de aanbestedingsstukken ten minste de volgende bijzonderheden:

a)

de elementen waarvan de waarden vallen onder de elektronische veiling, voor zover deze elementen kwantificeerbaar zijn zodat ze kunnen worden uitgedrukt in cijfers of procenten;

b)

de eventuele limieten van de waarden die kunnen worden ingediend, zoals zij voortvloeien uit de specificaties van het voorwerp van de opdracht;

c)

de informatie die tijdens de elektronische veiling ter beschikking van de inschrijvers zal worden gesteld en, in voorkomend geval, het tijdstip waarop;

d)

relevante informatie betreffende het verloop van de elektronische veiling;

e)

de voorwaarden waaronder de inschrijvers een bod kunnen doen en met name de minimumverschillen die in voorkomend geval voor de biedingen vereist zijn;

f)

relevante informatie betreffende het gebruikte elektronische systeem en de nadere technische bepalingen en specificaties voor de verbinding.




BIJLAGE VII

DEFINITIE VAN ENKELE TECHNISCHE SPECIFICATIES

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

1.

„technische specificatie” :

heeft een van de volgende betekenissen

a)

in geval van overheidsopdrachten voor werken: alle technische voorschriften, met name die welke zijn opgenomen in de aanbestedingsstukken, die een omschrijving geven van de vereiste kenmerken van een materiaal, een product of een levering, zodat dit of deze beantwoordt aan het gebruik waarvoor het materiaal, product of de levering door de aanbestedende dienst is bestemd; tot deze kenmerken behoren ook het niveau van milieuvriendelijkheid en klimaatprestaties, een ontwerp dat aan alle vereisten voldoet (met inbegrip van de toegankelijkheid voor gehandicapten), en de conformiteitsbeoordeling, gebruiksgeschiktheid, veiligheid, of afmetingen, met inbegrip van kwaliteitsborgingsprocedures, terminologie, symbolen, proefnemingen en proefnemingsmethoden, verpakking, markering en etikettering, gebruiksaanwijzingen en productieprocessen en -methoden tijdens de verschillende stadia van de levenscyclus van de werken; deze kenmerken omvatten eveneens de voorschriften voor het ontwerpen en het berekenen van het werk, de voorwaarden voor proefnemingen, controle en oplevering van de werken, alsmede de bouwtechnieken of bouwwijzen en alle andere technische voorwaarden die de aanbestedende dienst bij algemene dan wel bijzondere maatregel kan voorschrijven met betrekking tot de voltooide werken en tot de materialen of bestendelen waaruit deze werken zijn samengesteld;

b)

in geval van overheidsopdrachten voor leveringen of voor diensten: een specificatie die voorkomt in een document ter omschrijving van de vereiste kenmerken van een product of dienst, zoals het niveau van kwaliteit, het niveau van milieuvriendelijkheid en klimaatprestaties, een ontwerp dat aan alle vereisten voldoet (met inbegrip van de toegankelijkheid voor gehandicapten) en de overeenstemmingsbeoordeling, gebruiksgeschiktheid, gebruik, veiligheid of afmetingen van het product, met inbegrip van de voor het product geldende voorschriften inzake handelsbenaming, terminologie, symbolen, proefnemingen en proefnemingsmethoden, verpakking, markering en etikettering, gebruiksaanwijzingen, productieprocessen en -methoden tijdens de verschillende stadia van de levenscyclus van de levering of dienst, en conformiteitsbeoordelingsprocedures;

2.

„norm” :

een door een erkende normalisatie-instelling vastgestelde technische specificatie voor herhaalde of voortdurende toepassing, waarvan de naleving niet verplicht is en die tot een van de volgende categorieën behoort

a)

internationale norm : een door een internationale normalisatie-instelling vastgestelde norm die ter beschikking van het publiek wordt gesteld;

b)

Europese norm : een door een Europese normalisatie-instelling vastgestelde norm die ter beschikking van het publiek wordt gesteld;

c)

nationale norm : een door een nationale normalisatie-instelling vastgestelde norm die ter beschikking van het publiek wordt gesteld;

3.

„Europese technische beoordeling” : de gedocumenteerde beoordeling van de prestaties van een bouwproduct met betrekking tot zijn essentiële kenmerken aan de hand van het respectieve Europees beoordelingsdocument, zoals omschreven in punt 12 van artikel 2 van Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad (22);

4.

„gemeenschappelijke technische specificatie” : een technische specificatie op het gebied van ICT die is opgesteld overeenkomstig de artikelen 13 en 14 van Verordening (EU) nr. 1025/2012;

5.

„technisch referentiekader” : is ieder ander document dan de Europese normen, dat door Europese normalisatie-instellingen is opgesteld volgens procedures die aan de ontwikkeling van de markt zijn aangepast.




BIJLAGE VIII

SPECIFICATIES BETREFFENDE DE BEKENDMAKING

1. Bekendmaking van aankondigingen

De in de artikelen 48, 49, 50, 75 en 79 bedoelde aankondigingen worden door de aanbestedende diensten aan het Bureau voor publicaties van de Europese Unie toegezonden en bekendgemaakt overeenkomstig de volgende regels:

De in de artikelen 48, 49, 50, 75 en 79 genoemde aankondigingen worden bekendgemaakt door het Bureau voor publicaties van de Europese Unie of door de aanbestedende diensten in geval van vooraankondigingen via een kopersprofiel overeenkomstig artikel 48, lid 1.

De aanbestedende diensten kunnen deze informatie bovendien in een „kopersprofiel” zoals bedoeld in punt 2, onder b), via het internet bekendmaken.

Het Bureau voor publicaties van de Europese Unie zendt de aanbestedende dienst de bevestiging van de bekendmaking zoals bedoeld in artikel 51, lid 5, tweede alinea.

2. Bekendmaking van aanvullende of extra informatie

a)

Tenzij anders is bepaald in artikel 53, lid 1, tweede en derde alinea, publiceren de aanbestedende diensten de aanbestedingsstukken in hun geheel op het internet.

b)

Het kopersprofiel kan vooraankondigingen, als bedoeld in artikel 48, lid 1, eerste alinea, bevatten alsmede informatie over lopende aanbestedingsprocedures, voorgenomen aankopen, gegunde opdrachten, geannuleerde procedures, alsmede alle nuttige algemene informatie, zoals het contactpunt, een telefoon- en faxnummer, een postadres en een e-mailadres. Het kopersprofiel kan ook vooraankondigingen bevatten als middel voor een oproep tot mededinging, die gepubliceerd worden op nationaal niveau overeenkomstig artikel 52.

3. Formaat en te volgen werkwijze voor de elektronische verzending van aankondigingen

Het formaat en de te volgen werkwijze voor de elektronische verzending van aankondigingen, zoals vastgesteld door de Commissie, zijn op te vragen op het internetadres „http://simap.europa.eu}”.




BIJLAGE IX

INHOUD VAN DE UITNODIGINGEN TOT INSCHRIJVING, TOT DEELNEMING AAN DE DIALOOG OF TOT BEVESTIGING VAN DE BELANGSTELLING ALS BEDOELD IN ARTIKEL 54

1.De uitnodiging tot inschrijving of tot deelneming aan de dialoog zoals bedoeld in artikel 54 moet ten minste het volgende bevatten:

a)

een verwijzing naar de bekendgemaakte oproep tot mededinging;

b)

de uiterste datum voor de ontvangst van de inschrijvingen, het adres waar deze moeten worden ingediend en de taal of talen waarin zij moeten worden gesteld;

c)

bij de concurrentiegerichte dialoog, de aanvangsdatum en het adres van de raadpleging, alsook de daarbij gebruikte taal of talen;

d)

opgave van de stukken die eventueel moeten worden bijgevoegd, hetzij ter staving van de door de inschrijver overeenkomstig de artikelen 59 en 60 en, waar van toepassing, artikel 62 verstrekte controleerbare verklaringen, hetzij ter aanvulling van de in die artikelen vermelde inlichtingen en zulks onder dezelfde voorwaarden als gesteld in de artikelen 59, 60 en 62;

e)

het relatieve gewicht van de gunningscriteria van de opdracht of, in voorkomend geval, de afnemende volgorde van belangrijkheid van de criteria, indien deze niet in de aankondiging van de opdracht, de uitnodiging tot bevestiging van de belangstelling, de technische specificatie of het beschrijvende document is vermeld.

Bij opdrachten die gegund worden op basis van een concurrentiegerichte dialoog of een innovatiepartnerschap, staan de onder b) bedoelde inlichtingen evenwel niet in de uitnodiging tot deelneming aan de dialoog of tot onderhandelingen, maar in de uitnodiging tot indiening van een inschrijving.

2.Wanneer er een oproep tot mededinging wordt gedaan door middel van een vooraankondiging, verzoeken de aanbestedende diensten nadien alle gegadigden hun belangstelling te bevestigen aan de hand van nadere gegevens betreffende de betrokken opdracht, alvorens met de selectie van de inschrijvers of deelnemers aan de onderhandelingen te beginnen.

Deze uitnodiging omvat ten minste de volgende gegevens:

a)

de aard en de hoeveelheid, met inbegrip van eventuele opties voor latere opdrachten en, waar mogelijk, een schatting van de termijn voor de uitoefening van deze opties; in het geval van periodiek terugkerende opdrachten, de aard en de hoeveelheid en, waar mogelijk, een schatting van de termijnen waarop de latere oproepen tot mededinging voor werken, leveringen of diensten worden bekendgemaakt;

b)

type procedure: niet-openbaar of mededingingsprocedure met onderhandeling;

c)

in voorkomend geval, de begin- of einddatum van de levering, de werken of de diensten;

d)

wanneer geen elektronische toegang kan worden verleend, het adres en de uiterste datum voor de indiening van verzoeken van aanbestedingsstukken alsmede de taal of talen waarin deze moeten worden gesteld;

e)

het adres van de aanbestedende dienst die de opdracht moet gunnen;

f)

de economische en technische eisen, de financiële waarborgen en de inlichtingen die van de ondernemers worden verlangd;

g)

de contractvorm van de opdracht waarop kan worden ingeschreven: aankoop, leasing, huur of huurkoop, of een combinatie van deze vormen; alsmede

h)

de gunningscriteria en de weging ervan, of, in voorkomend geval, de volgorde van belangrijkheid van die criteria, indien dit niet in de vooraankondiging, de technische specificatie of de uitnodiging tot inschrijving of tot onderhandelingen is vermeld.




BIJLAGE X

LIJST VAN INTERNATIONALE SOCIALE EN MILIEUOVEREENKOMSTEN, ALS BEDOELD IN ARTIKEL 18, LID 2

IAO-Verdrag 87 betreffende de vrijheid tot het oprichten van vakverenigingen en de bescherming van het vakverenigingsrecht;
IAO-Verdrag 98 betreffende de toepassing van de beginselen van het recht zich te organiseren en collectief te onderhandelen;
IAO-Verdrag 29 betreffende de gedwongen of verplichte arbeid;
IAO-Verdrag 105 betreffende de afschaffing van gedwongen arbeid;
IAO-Verdrag 138 betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces;
IAO-Verdrag 111 betreffende discriminatie in arbeid en beroep;
IAO-Verdrag 100 betreffende gelijke beloning;
IAO-Verdrag 182 over de ernstigste vormen van kinderarbeid;
Verdrag van Wenen ter bescherming van de ozonlaag en het Protocol van Montreal betreffende stoffen die de ozonlaag afbreken;
Verdrag van Bazel inzake de beheersing van de grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen en de verwijdering ervan (Verdrag van Bazel);
Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen (POP’s-Verdrag van Stockholm);
Verdrag inzake voorafgaande geïnformeerde toestemming voor bepaalde gevaarlijke chemische stoffen en pesticiden in de internationale handel (UNEP/FAO) (PIC-Verdrag), Rotterdam, 10 september 1998, en de 3 regionale protocollen.




BIJLAGE XI

REGISTERS (23)

De bedoelde beroeps- en handelsregisters, verklaringen en attesten voor elke lidstaat zijn:

voor België: „Handelsregister” — „Registre du commerce”, en, bij opdrachten voor diensten, „Beroepsorden” — „Ordres professionels”;
voor Bulgarije: „Търговски регистър”;
voor Tsjechië: „obchodní rejstřík”;
voor Denemarken: „Erhvervsstyrelsen”;
voor Duitsland: „Handelsregister”, „Henwerksrolle”, en bij opdrachten voor diensten, „Vereinsregister”, „Partnerschaftsregister” en „Mitgliedsverzeichnisse der Berufskammern der Länder”;
voor Estland: „Registrite ja Infosüsteemide Keskus”;
voor Ierland: een ondernemer kan worden verzocht een attest van de „Registrar of Companies” of de „Registrar of Friendly Societies” over te leggen of, bij ontstentenis daarvan, een attest waaruit blijkt dat hij onder ede heeft verklaard het betrokken beroep uit te oefenen in het land waar hij zich op een bepaalde plaats en onder een welbepaalde handelsnaam heeft gevestigd;
voor Griekenland: „Μητρώο Εργοληπτικών Επιχειρήσεων — ΜΕΕΠ” (het Register van erkende ondernemingen) van het ministerie voor Milieu, Ruimtelijke Ordening en Openbare Werken (Υ.ΠΕ.ΧΩ.Δ.Ε) bij opdrachten voor werken; „Βιοτεχνικό ή Εμπορικό ή Βιομηχανικό Επιμελητήριο” en „Μητρώο Κατασκευαστών Αμυντικού Υλικού” bij opdrachten voor leveringen; bij opdrachten voor diensten kan de dienstverlener worden verzocht een onder ede en ten overstaan van een notaris afgelegde verklaring over te leggen betreffende de uitoefening van het betrokken beroep; in de in de geldende wettelijke regeling bepaalde gevallen, voor het verlenen van de diensten voor onderzoek als bedoeld in bijlage I, het beroepsregister „Μητρώο Μελετητών”, alsmede „Μητρώο Γραφείων Μελετών”;
voor Spanje: „Registro Oficial de Licitadores y Empresas Clasificadas del Estado” voor opdrachten voor werken en diensten en bij opdrachten voor leveringen, „Registro Mercantil” of, in het geval niet-ingeschreven personen, een attest waaruit blijkt dat de betrokken persoon onder ede heeft verklaard het betrokken beroep uit te oefenen;
voor Frankrijk: „Registre du commerce” en „Répertoire des métiers”;
voor Kroatië, het „Sudski registar” en het „Obrtni registrar” of, voor bepaalde activiteiten, een certificaat waaruit blijkt dat de betrokken persoon de betrokken commerciele activiteit of het betrokken beroep mag uitoefenen;
voor Italië: „Registro della Camera di commercio, industria, agricoltura e artigianato”; bij opdrachten voor leveringen en diensten ook „Registro delle commissioni provinciali per l’artigianato” en, naast de reeds genoemde registers, „Consiglio nazionale degli ordini professionali” voor opdrachten voor diensten; bij opdrachten voor werken of diensten, „Albo nazionale dei gestori ambientali” naast de reeds genoemde registers;
voor Cyprus: overeenkomstig de „Registration en Audit of Civil Engineering en Building Contractors Law” kan de aannemer voor opdrachten voor werken worden verzocht een attest van de „Council for the Registration en Audit of Civil Engineering en Building Contractors (Συμβούλιο Εγγραφής και Ελέγχου Εργοληπτών Οικοδομικών και Τεχνικών Έργων)” over te leggen; bij opdrachten voor leveringen en diensten kan de leverancier of de dienstverlener worden verzocht een attest van de „Registrar of Companies en Official Receiver (Έφορος Εταιρειών και Επίσημος Παραλήπτης)” over te leggen of, bij ontstentenis daarvan, een attest waaruit blijkt dat de betrokkene onder ede heeft verklaard het betrokken beroep uit te oefenen in het land waar hij zich op een bepaalde plaats en onder een welbepaalde handelsnaam heeft gevestigd;
voor Letland: „Uzņēmumu reģistrs” („Ondernemingsregister”);
voor Litouwen: „Juridinių asmenų registras”;
voor Luxemburg: „Registre aux firmes” en „Rôle de la chambre des métiers”;
voor Hongarije: „Cégnyilvántartás”, „egyéni vállalkozók jegyzői nyilvántartása”, en, bij opdrachten voor diensten, sommige „szakmai kamarák nyilvántartása” of, voor bepaalde activiteiten, een attest waaruit blijkt dat de betrokken persoon gerechtigd is om de commerciële of beroepsactiviteit in kwestie uit te oefenen;
voor Malta: de ondernemer bevestigt zijn „numru ta’ registrazzjoni tat- Taxxa tal- Valur Miżjud (VAT) u n- numru tal-licenzja ta’ kummerc”, en, ingeval het een personen- of kapitaalvennootschap betreft, het desbetreffende inschrijvingsnummer dat door de Maltese autoriteit voor financiële diensten is toegekend;
voor Nederland: „Handelsregister”;
voor Oostenrijk: „Firmenbuch”, „Gewerberegister” en „Mitgliederverzeichnisse der Landeskammern”;
voor Polen: „Krajowy Rejestr Sądowy” (nationale griffie);
voor Portugal: „Instituto da Construção e do Imobiliário” (INCI) voor opdrachten voor werken; „Registro Nacional das Pessoas Colectivas” bij opdrachten voor leveringen en diensten;
voor Roemenië: „Registrul Comerțului”;
voor Slovenië: „odni register” en „obrtni register”;
voor Slowakije: „Obchodný register”;
voor Finland: „Kaupparekisteri”/„Handelsregistret”;
voor Zweden: „aktiebolags-, handels- eller föreningsregistren”;
voor het Verenigd Koninkrijk: een ondernemer kan worden verzocht een attest van de „Registrar of Companies” over te leggen waaruit blijkt dat hij een vennootschap heeft opgericht of in een handelsregister is ingeschreven, of, bij ontstentenis daarvan, een attest waaruit blijkt dat hij onder ede heeft verklaard het betrokken beroep op een bepaalde plaats en onder een welbepaalde handelsnaam uit te oefenen.




BIJLAGE XII

BEWIJSMIDDELEN VOOR SELECTIECRITERIA

Deel I:economische en financiële draagkracht

In het algemeen kan de financiële en economische draagkracht van de ondernemer worden aangetoond door één of meer van de volgende referenties:

a)

een passende bankverklaring of, in voorkomend geval, het bewijs van een verzekering tegen beroepsrisico’s;

b)

overlegging van jaarrekeningen of uittreksels uit de jaarrekening, indien de wetgeving van het land waar de ondernemer is gevestigd publicatie van jaarrekeningen voorschrijft;

c)

een verklaring betreffende de totale omzet en, in voorkomend geval, de omzet van de bedrijfsactiviteit die het voorwerp van de opdracht is, over ten hoogste de laatste drie beschikbare boekjaren, afhankelijk van de oprichtingsdatum of van de datum waarop de ondernemer met zijn bedrijvigheid is begonnen, voor zover de betrokken omzetcijfers beschikbaar zijn.

Deel II:technische bekwaamheid

Bewijs van de technische bekwaamheid van de ondernemer in de zin van artikel 58:

a)

de volgende lijsten:

i)

een lijst van de werken die gedurende de afgelopen periode van maximaal vijf jaar werden verricht, welke lijst vergezeld gaat van certificaten die bewijzen dat de belangrijkste werken naar behoren zijn uitgevoerd, zowel met betrekking tot de wijze van uitvoering als met betrekking tot het resultaat; indien noodzakelijk om een toereikend mededingingsniveau te waarborgen, kunnen de aanbestedende diensten aangeven dat bewijs van relevante werken die langer dan vijf jaar geleden zijn verricht toch in aanmerking wordt genomen;

ii)

een lijst van de voornaamste leveringen of diensten die gedurende de afgelopen periode van maximaal drie jaar werden verricht, met vermelding van het bedrag en de datum en van de publiek- of privaatrechtelijke instanties waarvoor zij bestemd waren. Indien noodzakelijk om een toereikend mededingingsniveau te waarborgen, kunnen de aanbestedende diensten aangeven dat bewijs van relevante leveringen of diensten die langer dan drie jaar geleden zijn geleverd of verleend toch in aanmerking wordt genomen;

b)

een opgave van de al dan niet tot de onderneming van de ondernemer behorende technici of technische organen, in het bijzonder van die welke belast zijn met de kwaliteitscontrole en, in het geval van overheidsopdrachten voor werken, van die welke de aannemer ter beschikking zullen staan om de werken uit te voeren;

c)

een beschrijving van de technische uitrusting van de ondernemer, van de maatregelen die hij treft om de kwaliteit te waarborgen en van de mogelijkheden van zijn onderneming ten aanzien van ontwerpen en onderzoek;

d)

een vermelding van de systemen voor het beheer van de toeleveringsketen en de traceersystemen die de ondernemer kan toepassen in het kader van de uitvoering van de opdracht;

e)

in het geval van complexe producten of diensten of wanneer deze bij wijze van uitzondering aan een bijzonder doel moeten beantwoorden, aan de hand van een controle door de aanbestedende dienst of, in diens naam, door een bevoegd officieel orgaan van het land waar de leverancier of de dienstverlener gevestigd is, onder voorbehoud van instemming door dit orgaan; deze controle heeft betrekking op de productiecapaciteit van de leverancier of op de technische capaciteit van de dienstverlener en, waar noodzakelijk, op diens mogelijkheden inzake ontwerpen en onderzoek en de maatregelen die hij treft om de kwaliteit te waarborgen;

f)

de onderwijs- en beroepskwalificaties van de dienstverlener of de aannemer of die van het leidinggevend personeel van de onderneming, mits zij niet als een gunningscriterium worden gehanteerd;

g)

een vermelding van de maatregelen inzake milieubeheer die de ondernemer kan toepassen in het kader van de uitvoering van de opdracht;

h)

een verklaring betreffende de gemiddelde jaarlijkse personeelsbezetting van de onderneming van de dienstverlener of de aannemer, en de omvang van het kaderpersoneel gedurende de laatste drie jaar;

i)

een verklaring welke de outillage, het materieel en de technische uitrusting vermeldt waarover de dienstverlener of de aannemer voor het verlenen van de opdracht beschikt;

j)

een omschrijving van het gedeelte van de opdracht dat de ondernemer eventueel in onderaanneming wil geven;

k)

wat de te leveren producten betreft:

i)

monsters, beschrijvingen of foto’s, waarvan op verzoek van de aanbestedende dienst de echtheid moet kunnen worden aangetoond;

ii)

certificaten die door als bevoegd erkende officiële instituten of diensten voor kwaliteitscontrole zijn opgesteld, waarin wordt verklaard dat duidelijk door referenties geïdentificeerde producten aan technische specificaties of normen beantwoorden.




BIJLAGE XIII

LIJST VAN DE IN ARTIKEL 68, LID 3, BEDOELDE UNIEWETGEVING

Richtlijn 2009/33/EG.




BIJLAGE XIV



DIENSTEN BEDOELD IN ARTIKEL 74

CPV-code

Omschrijving

75200000-8; 75231200-6; 75231240-8; 79611000-0; 79622000-0 [Diensten voor de terbeschikkingstelling van huishoudelijke hulp]; 79624000-4 [Diensten voor de terbeschikkingstelling van verpleegkundig personeel] en 79625000-1 [Diensten voor de terbeschikkingstelling van medisch personeel] van 85000000-9 tot en met 85323000-9; 98133100-5, 98133000-4; 98200000-5; 98500000-8 [Particuliere huishoudens met personeel] en 98513000-2 tot en met 98514000-9 [Personeelsdiensten voor huishoudens, Uitzendkrachtdiensten voor huishoudens, Kantoorpersoneelsdiensten voor huishoudens, Tijdelijk personeel voor huishoudens, Thuishulpdiensten en Huishoudelijke diensten]

Gezondheidszorg, maatschappelijke en aanverwante dienstverlening

85321000-5 en 85322000-2, 75000000-6 [Diensten voor openbaar bestuur, defensie en sociale verzekering], 75121000-0, 75122000-7, 75124000-1; van 79995000-5 tot en met 79995200-7; van 80000000-4 [Diensten voor onderwijs en opleiding] tot en met 80660000-8; van 92000000-1 tot en met 92700000-8

79950000-8 [Organiseren van tentoonstellingen, beurzen en congressen], 79951000-5 [Organiseren van seminars], 79952000-2 [Diensten voor het organiseren van evenementen], 79952100-3 [Diensten voor het organiseren van culturele evenementen], 79953000-9 [Diensten voor het organiseren van festivals], 79954000-6 [Diensten voor het organiseren van feesten], 79955000-3 [Diensten voor het organiseren van modeshows], 79956000-0 [Diensten voor het organiseren van beurzen en tentoonstellingen]

Administratieve sociale diensten, administratieve diensten voor onderwijs, administratieve diensten voor gezondheidszorg en culturele diensten

75300000-9

Diensten voor verplichte sociale verzekering (1)

75310000-2, 75311000-9, 75312000-6, 75313000-3, 75313100-4, 75314000-0, 75320000-5, 75330000-8, 75340000-1

Uitkeringsdiensten

98000000-3; 98120000-0; 98132000-7; 98133110/-8 en 98130000/-3.

Overige gemeenschaps-, sociale en persoonlijke diensten, met name diensten verleend door vakbonden, door politieke organisaties, door jongerenverenigingen, alsmede diverse diensten door ledenverenigingen

98131000-0

Religieuze diensten

55100000-1 tot en met 55410000-7; 55521000-8 tot en met 55521200-0 [55521000-8 Cateringdiensten voor particulieren, 55521100-9 Warmemaaltijddiensten, 55521200-0 Maaltijdbezorgingsdiensten]

55520000-1 Cateringdiensten, 55522000-5 Catering voor transportbedrijven, 55523000-2 Catering voor ondernemingen of instellingen, uitgezonderd transportbedrijven, 55524000-9 Catering voor scholen

55510000-8 Kantinediensten, 55511000-5 Diensten voor kantines en andere niet-openbare cafetaria’s, 55512000-2 Kantinebeheer, 55523100-3 Verstrekken van schoolmaaltijden

Hotels en restaurants

79100000-5 tot en met 79140000-7; 75231100-5;

Juridische dienstverlening, voor zover niet uitgesloten op grond van artikel 10, onder d)

75100000-7 tot en met 75120000-3; 75123000-4; 75125000-8 tot en met 75131000-3

Andere administratieve diensten en overheidsdiensten

75200000-8 tot en met 75231000-4

Diensten ten behoeve van de gemeenschap

75231210-9 tot en met 75231230-5; 75240000-0 tot en met 75252000-7; 794300000-7; 98113100-9

Gevangenis- en aanverwante diensten, diensten voor openbare orde en reddingsdiensten, voor zover niet uitgesloten krachtens artikel 10, onder h)

79700000-1 tot en met 79721000-4 [Opsporings- en beveiligingsdiensten, Beveiligingsdiensten, Diensten voor alarmbewaking, Bewakingsdiensten, Surveillancediensten, Diensten voor opsporingssysteem, Diensten voor het opsporen van voortvluchtigen, Patrouillediensten, Diensten voor het verstrekken van identificatiebadges, Onderzoeksdiensten en Diensten van detectivebureau] 79722000-1 [Grafologische diensten], 79723000-8 [Diensten voor afvalanalyse]

Opsporings- en beveiligingsdiensten

98900000-2 [Diensten verleend door extraterritoriale organisaties en instanties] en 98910000-5 [Diensten specifiek voor internationale organisaties]

Internationale diensten

64000000-6 [Post- en telecommunicatiediensten], 64100000-7 [Post- en koeriersdiensten], 64110000-0 [Postdiensten], 64111000-7 [Postdiensten voor kranten en tijdschriften], 64112000-4 [Brievenpostdienst], 64113000-1 [Pakketpostdienst], 64114000-8 [Postkantoordiensten], 64115000-5 [Verhuur van postbussen], 64116000-2 [Poste-restantediensten], 64122000-7 [Interne kantoorbodediensten]

Postdiensten

50116510-9 [Coveren van banden], 71550000-8 [Smederijdiensten]

Diverse diensten

(1)

Deze diensten vallen niet onder deze richtlijn wanneer zij worden georganiseerd als niet-economische diensten van algemeen belang. Het staat de lidstaten vrij de verlening van verplichte sociale diensten of van andere diensten te organiseren als diensten van algemeen belang of als niet-economische diensten van algemeen belang.




BIJLAGE XV



CONCORDANTIETABEL

Deze richtlijn

Richtlijn 2004/18/EG

Artikel 1, leden 1, 2, 4, 5 en 6

Artikel 1, lid 3

Artikel 10

Artikel 2, lid 1, punt 1

Artikel 1, lid 9, eerste alinea

Artikel 2, lid 1, punt 2

Artikel 7, onder a)

Artikel 2, lid 1, punt 3

Artikel 2, lid 1, punt 4, onder a)

Artikel 1, lid 9, tweede alinea, onder a)

Artikel 2, lid 1, punt 4, onder b)

Artikel 1, lid 9, tweede alinea, onder b)

Artikel 2, lid 1, punt 4, onder c)

Artikel 1, lid 9, tweede alinea, onder c)

Artikel 2, lid 1, punt 5

Artikel 1, lid 2, onder a)

Artikel 2, lid 1, punt 6

Artikel 1, lid 2, onder b), eerste zin

Artikel 2, lid 1, punt 7

Artikel 1, lid 2, onder b), tweede zin

Artikel 2, lid 1, punt 8

Artikel 1, lid 2, onder c)

Artikel 2, lid 1, punt 9

Artikel 1, lid 2, onder d)

Artikel 2, lid 1, punt 10

Artikel 1, lid 8, tweede alinea

Artikel 2, lid 1, punt 11

Artikel 1, lid 8, derde alinea

Artikel 2, lid 1, punt 12

Artikel 1, lid 8, derde alinea

Artikel 2, lid 1, punt 13

Artikel 23, lid 1

Artikel 2, lid 1, punt 14

Artikel 1, lid 10

Artikel 2, lid 1, punt 15

Artikel 2, lid 1, punt 16

Artikel 1, lid 10

Artikel 2, lid 1, punt 17

Artikel 2, lid 1, punt 18

Artikel 1, lid 12

Artikel 2, lid 1, punt 19

Artikel 1, lid 13

Artikel 2, lid 1, punt 20

Artikel 2, lid 1, punt 21

Artikel 1, lid 11, onder e)

Artikel 2, lid 1, punt 22

Artikel 2, lid 1, punt 23

Artikel 2, lid 1, punt 24

Artikel 2, lid 2

Artikel 3, lid 1

Artikel 3, lid 2, eerste alinea

Artikel 3, lid 2, tweede alinea

Artikel 22; artikel 1, lid 2, onder d)

Artikel 3, lid 3

Artikel 3, lid 4

Artikel 3, lid 5

Artikel 3, lid 6

Artikel 4

Artikel 7, 67

Artikel 5, lid 1

Artikel 9, lid 1

Artikel 5, lid 2

Artikel 5, lid 3

Artikel 9, lid 3; artikel 9, lid 7, tweede alinea

Artikel 5, lid 4

Artikel 9, lid 2

Artikel 5, lid 5

Artikel 9, lid 9

Artikel 5, lid 6

Artikel 5, lid 7

Artikel 9, lid 4

Artikel 5, lid 8

Artikel 9, lid 5, onder a), eerste alinea

Artikel 5, lid 9

Artikel 9, lid 5, onder b), eerste en tweede alinea

Artikel 5, lid 10

Artikel 9, lid 5, onder a), derde alinea

Artikel 9, lid 5, onder b), derde alinea

Artikel 5, lid 11

Artikel 9, lid 7

Artikel 5, lid 12

Artikel 9, lid 6

Artikel 5, lid 13

Artikel 9, lid 8, onder a)

Artikel 5, lid 14

Artikel 9, lid 8, onder b)

Artikel 6, leden 1 tot 6

Artikel 78; artikel 79, lid 2, onder a)

Artikel 6, lid 7

Artikel 79, lid 2, onder d)

Artikel 7

Artikel 12; artikel 68, onder a)

Artikel 8, eerste alinea

Artikel 13; artikel 68, onder b)

Artikel 8, tweede alinea

Artikel 1, lid 15

Artikel 9

Artikel 15; artikel 68, onder b)

Artikel 10, onder a)

Artikel 16, onder a)

Artikel 10, onder b)

Artikel 16, onder b)

Artikel 10, onder c)

Artikel 16, onder c)

Artikel 10, onder d)

Artikel 10, onder e)

Artikel 16, onder d)

Artikel 10, onder f)

Artikel 10, onder g)

Artikel 16, onder e)

Artikel 10, onder h)

Artikel 10, onder i)

Artikel 10, onder j)

Artikel 11

Artikel 18

Artikel 12

Artikel 13, eerste alinea

Artikel 8, eerste alinea

Artikel 13, tweede alinea

Artikel 8, tweede alinea

Artikel 14

Artikel 16, onder f)

Artikel 15, leden 1 en 2

Artikel 10; artikel 14; artikel 68, onder b)

Artikel 15, lid 3

Artikel 14; artikel 68, onder b)

Artikel 16

Artikel 17, lid 1

Artikel 10, tweede alinea; artikel 12 van Richtlijn 2009/81/EG

Artikel 17, lid 2

Artikel 18, lid 1

Artikel 2

Artikel 18, lid 2

Artikel 19, lid 1

Artikel 4, lid 1

Artikel 19, leden 2 en 3

Artikel 4, lid 2

Artikel 20, lid 1

Artikel 19

Artikel 20, lid 2

Artikel 19, tweede alinea

Artikel 21, lid 1

Artikel 6

Artikel 21, lid 2

Artikel 22, lid 1

Artikel 42, leden 1, 2 en 4; artikel 71, lid 1

Artikel 22, lid 2

Artikel 22, lid 3

Artikel 42, lid 3; artikel 71, lid 2

Artikel 22, lid 4

Artikel 22, lid 5

Artikel 22, lid 6

Artikel 42, leden 5 en 6; artikel 71, lid 3

Artikel 22, lid 7, eerste alinea

Artikel 79, lid 2, onder g)

Artikel 22, lid 7, tweede en derde alinea

Artikel 23, lid 1

Artikel 1, lid 14, eerste alinea

Artikel 23, lid 2

Artikel 79, lid 2, onder e) en f)

Artikel 24

Artikel 25

Artikel 5

Artikel 26, lid 1

Artikel 28, eerste alinea

Artikel 26, lid 2

Artikel 28, tweede alinea

Artikel 26, lid 3

Artikel 26, lid 4

Artikel 28, tweede alinea; artikel 30, lid 1

Artikel 26, lid 5, eerste alinea

Artikel 35, lid 2

Artikel 26, lid 5, tweede alinea

Artikel 26, lid 6

Artikel 28, tweede alinea

Artikel 27, lid 1, eerste alinea

Artikel 1, lid 11, onder a)

Artikel 27, lid 1, tweede en derde alinea

Artikel 38, lid 2

Artikel 27, lid 2

Artikel 38, lid 4

Artikel 27, lid 3

Artikel 27, lid 4

Artikel 28, lid 1

Artikel 38, lid 3, onder a); artikel 1, lid 11, onder b)

Artikel 28, lid 2

Artikel 1, lid 11, onder b); artikel 38, lid 3, onder b); artikel 44, lid 3, eerste zin

Artikel 28, lid 3

Artikel 38, lid 4

Artikel 28, lid 4

Artikel 28, lid 5

Artikel 28, lid 6

Artikel 38, lid 8

Artikel 29, lid 1, eerste alinea

Artikel 1, lid 11, onder d)

Artikel 29, lid 1, tweede en derde alinea

Artikel 29, lid 1, vierde alinea

Artikel 38, lid 3, onder a) en b)

Artikel 29, lid 2

Artikel 1, lid 11, onder d); artikel 44, lid 3, eerste zin

Artikel 29, lid 3

Artikel 30, lid 2

Artikel 29, lid 4

Artikel 29, lid 5

Artikel 30, lid 3

Artikel 29, lid 6

Artikel 30, lid 4

Artikel 29, lid 7

Artikel 30, lid 2

Artikel 30, lid 1

Artikel 1, lid 11, onder c); artikel 38, lid 3; artikel 44, lid 3, eerste zin

Artikel 30, lid 2

Artikel 29, leden 2 en 7

Artikel 30, lid 3

Artikel 29, lid 3

Artikel 30, lid 4

Artikel 29, lid 4

Artikel 30, lid 5

Artikel 29, lid 5

Artikel 30, lid 6

Artikel 29, lid 6

Artikel 30, lid 7

Artikel 29, lid 7

Artikel 30, lid 8

Artikel 29, lid 8

Artikel 31

Artikel 32, lid 1

Artikel 31, eerste zin

Artikel 32, lid 2, onder a)

Artikel 31, punt 1), onder a)

Artikel 32, lid 2, onder b)

Artikel 31, punt 1), onder b)

Artikel 32, lid 2, onder c)

Artikel 31, punt 1), onder c)

Artikel 32, lid 3, onder a)

Artikel 31, punt 2), onder a)

Artikel 32, lid 3, onder b)

Artikel 31, punt 2), onder b)

Artikel 32, lid 3, onder c)

Artikel 31, punt 2), onder c)

Artikel 32, lid 3, onder d)

Artikel 31, punt 2), onder d)

Artikel 32, lid 4

Artikel 31, punt 3)

Artikel 32, lid 5

Artikel 31, punt 4), onder b)

Artikel 33, lid 1

Artikel 32, lid 1; artikel 1, lid 5; artikel 32, lid 2, eerste en vierde alinea

Artikel 33, lid 2

Artikel 32, lid 2, tweede en derde alinea

Artikel 33, lid 3

Artikel 32, lid 3

Artikel 33, lid 4

Artikel 32, lid 4

Artikel 33, lid 5

Artikel 32, lid 4

Artikel 34, lid 1

Artikel 33, lid 1; artikel 1, lid 6

Artikel 34, lid 2

Artikel 33, lid 2

Artikel 34, lid 3

Artikel 33, lid 2 in fine

Artikel 34, lid 4

Artikel 33, lid 3

Artikel 34, lid 5

Artikel 33, lid 4

Artikel 34, lid 6

Artikel 33, lid 6

Artikel 34, lid 7

Artikel 34, lid 8

Artikel 34, lid 9

Artikel 33, lid 7, derde alinea

Artikel 35, lid 1, eerste alinea

Artikel 54, lid 1

Artikel 35, lid 1, tweede en derde alinea

Artikel 1, lid 7

Artikel 35, lid 2

Artikel 54, lid 2, eerste en tweede alinea

Artikel 35, lid 3

Artikel 54, lid 2, derde alinea

Artikel 35, lid 4

Artikel 54, lid 3

Artikel 35, lid 5

Artikel 54, lid 4

Artikel 35, lid 6

Artikel 54, lid 5

Artikel 35, lid 7

Artikel 54, lid 6

Artikel 35, lid 8

Artikel 54, lid 7

Artikel 35, lid 9

Artikel 54, lid 8, eerste alinea

Artikel 36

Artikel 37, lid 1

Artikel 11, lid 1

Artikel 37, lid 2

Artikel 11, lid 2

Artikel 37, lid 3

Artikel 37, lid 4

Artikel 11, lid 2

Artikel 38

Artikel 37

Artikel 40

Overweging 8

Artikel 41

Artikel 42, lid 1

Artikel 23, lid 1

Artikel 42, lid 2

Artikel 23, lid 2

Artikel 42, lid 3

Artikel 23, lid 3

Artikel 42, lid 4

Artikel 23, lid 8

Artikel 42, lid 5

Artikel 23, lid 4, eerste alinea

Artikel 42, lid 6

Artikel 23, lid 5, eerste en tweeede alinea

Artikel 43, lid 1

Artikel 23, lid 6

Artikel 43, lid 2

Artikel 23, lid 6, eerste streepje

Artikel 44, lid 1

Artikel 23, lid 4, tweede alinea, lid 5, tweede en derde alinea, lid 6, tweede alinea, en lid 7

Artikel 44, lid 2

Artikel 23, lid 4, eerste alinea, lid 5, eerste alinea, lid 6, eerste alinea

Artikel 44, lid 3

Artikel 45, lid 1

Artikel 24, leden 1 en 2

Artikel 45, lid 2

Artikel 24, lid 3

Artikel 45, lid 3

Artikel 24, lid 4

Artikel 46

Artikel 47, lid 1

Artikel 38, lid 1

Artikel 47, lid 2

Artikel 38, lid 7

Artikel 47, lid 3

Artikel 38, lid 7

Artikel 48, lid 1

Artikel 35, lid 1; artikel 36, lid 1

Artikel 48, lid 2

Artikel 49

Artikel 35, lid 2; artikel 36, lid 1

Artikel 50, leden 1 tot 3

Artikel 35, lid 4, eerste tot derde alinea; artikel 36, lid 1

Artikel 50, lid 4

Artikel 35, lid 4, vijfde alinea

Artikel 51, lid 1

Artikel 36, lid 1; artikel 79, lid 1, onder a)

Artikel 51, lid 2

Artikel 36, lid 2

Artikel 51, lid 2

Artikel 36, lid 3, en lid 4, tweede alinea

Artikel 51, lid 3

Artikel 36, lid 4, eerste alinea

Artikel 51, lid 4

Artikel 51, lid 5, eerste alinea

Artikel 36, lid 7

Artikel 51, lid 5, tweede alinea

Artikel 36, lid 8

Artikel 51, lid 6

Artikel 37

Artikel 52, lid 1

Artikel 36, lid 5, eerste alinea

Artikel 52, leden 2 en 3

Artikel 36, lid 5, tweede en derde alinea

Artikel 53, lid 1

Artikel 38, lid 6

Artikel 53, lid 2

Artikel 39, lid 2

Artikel 54, lid 1

Artikel 40, lid 1

Artikel 54, lid 2

Artikel 40, lid 2

Artikel 55, lid 1

Artikel 41, lid 1

Artikel 55, lid 2

Artikel 41, lid 2

Artikel 55, lid 3

Artikel 41, lid 3

Artikel 56, lid 1, eerste alinea

Artikel 44, lid 1

Artikel 56, lid 1, tweede alinea

Artikel 56, lid 2

Artikel 56, lid 3

Artikel 56, lid 4

Artikel 57, lid 1

Artikel 45, lid 1

Artikel 57, lid 2

Artikel 45, lid 2, onder e) en f)

Artikel 57, lid 3

Artikel 45, lid 1, tweede alinea

Artikel 57, lid 4

Artikel 45, lid 2

Artikel 57, lid 5

Artikel 57, lid 6

Artikel 57, lid 7

Artikel 45, lid 1, tweede alinea, en lid 2, tweede alinea

Artikel 58, lid 1

Artikel 44, lid 1, lid 2, eerste en tweede alinea

Artikel 58, lid 2

Artikel 46

Artikel 58, lid 3

Artikel 47

Artikel 58, lid 4

Artikel 48

Artikel 58, lid 5

Artikel 44, lid 2

Artikel 59

Artikel 60, lid 1

Artikel 47, lid 4 en 5; artikel 48, lid 6

Artikel 60, lid 2

Artikel 45, lid 3

Artikel 60, leden 3 en 4

Artikel 47, leden 1 en 5; artikel 48, lid 2

Artikel 60, lid 5

Artikel 61

Artikel 62, lid 1

Artikel 49

Artikel 62, lid 2

Artikel 50

Artikel 62, lid 3

Artikel 63, lid 1

Artikel 47, leden 2 en 3; artikel 48, leden 3 en 4

Artikel 63, lid 2

Artikel 64, lid 1

Artikel 52, lid 1; artikel 52, lid 7

Artikel 64, lid 2, eerste alinea

Artikel 52, lid 1, tweede alinea

Artikel 64, lid 2, tweede alinea

Artikel 52, lid 1, derde alinea

Artikel 64, lid 3

Artikel 52, lid 2

Artikel 64, lid 4

Artikel 52, lid 3

Artikel 64, lid 5, eerste alinea

Artikel 52, lid 4, eerste alinea

Artikel 64, lid 5, tweede alinea

Artikel 52, lid 4, tweede alinea

Artikel 64, lid 6, eerste alinea

Artikel 52, lid 5, eerste alinea

Artikel 64, lid 6, tweede alinea

Artikel 52, lid 6

Artikel 64, lid 7

Artikel 52, lid 5, tweede alinea

Artikel 64, lid 8

Artikel 65

Artikel 44, lid 3

Artikel 66

Artikel 44, lid 4

Artikel 67, lid 1

Artikel 53, lid 1

Artikel 67, lid 2

Artikel 53, lid 1

Artikel 67, lid 3

Artikel 67, lid 4

Overweging 1; overweging 46, derde lid

Artikel 67, lid 5

Artikel 53, lid 2

Artikel 68

Artikel 69, lid 1

Artikel 55, lid 1

Artikel 69, lid 2, onder a)

Artikel 55, lid 1, tweede alinea, onder a)

Artikel 69, lid 2, onder b)

Artikel 55, lid 1, tweede alinea, onder b)

Artikel 69, lid 2, onder c)

Artikel 55, lid 1, tweede alinea, onder c)

Artikel 69, lid 2, onder d)

Artikel 55, lid 1, tweede alinea, onder d)

Artikel 69, lid 2, onder e)

Artikel 69, lid 2, onder f)

Artikel 55, lid 1, tweede alinea, onder e)

Artikel 69, lid 3, eerste alinea

Artikel 55, lid 2

Artikel 69, lid 3, tweede alinea

Artikel 69, lid 4

Artikel 55, lid 3

Artikel 69, lid 5

Artikel 70

Artikel 26

Artikel 71, lid 1

Artikel 71, lid 2

Artikel 25, eerste alinea

Artikel 71, lid 3

Artikel 71, lid 4

Artikel 25, tweede alinea

Artikel 71, leden 5 tot 8

Artikel 72

Artikel 73

Artikel 74

Artikel 75

Artikel 76

Artikel 77

Artikel 78

Artikel 67, lid 2

Artikel 79, leden 1 en 2

Artikel 69, leden 1 en 2

Artikel 79, lid 3

Artikel 70, lid 1; artikel 79, lid 1, onder a)

Artikel 80, lid 1

Artikel 80, lid 2

Artikel 66, lid 2

Artikel 80, lid 3

Artikel 72

Artikel 81

Artikel 73

Artikel 82

Artikel 74

Artikel 83, lid 1

Artikel 81, eerste alinea

Artikel 83, leden 2 tot 6

Artikel 84

Artikel 43

Artikel 85

Artikel 86

Artikel 87

Artikel 77, leden 3 en 4

Artikel 88

Artikel 77, lid 5

Artikel 89, leden 1 en 2

Artikel 77, leden 1 en 2

Artikel 89, lid 3

Artikel 90, lid 1

Artikel 80, lid 1, eerste alinea

Artikel 90, leden 2 en 5

Artikel 90, lid 6

Artikel 80, lid 1, tweede alinea

Artikel 91

Artikel 82

Artikel 92

Artikel 93

Artikel 83

Artikel 94

Artikel 84

Bijlage I

Bijlage IV

Bijlage II

Bijlage I

Bijlage III

Bijlage V

Bijlage III

Bijlage IV, onder a) tot f)

Bijlage X, onder b) tot h)

Bijlage IV, onder g)

Bijlage V — Deel A

Bijlage VII — A

Bijlage V — Deel B, onder I

Bijlage VII — A

Bijlage V — Deel B, onder II

Bijlage V — Deel C

Bijlage VII — A

Bijlage V — Deel D

Bijlage VII — A

Bijlage V — Deel E

Bijlage VII — D

Bijlage V — Deel F

Bijlage VII — D

Bijlage V — Deel G

Bijlage V — Deel H

Bijlage V — Deel I

Bijlage V — Deel J

Bijlage VI

Artikel 54, lid 3, onder a) tot f)

Bijlage VII

Bijlage VI

Bijlage VIII

Bijlage VIII

Bijlage IX, punt 1

Artikel 40, lid 5

Bijlage IX, punt 2

Bijlage X

Bijlage XI

Bijlage IX, A, B, C

Bijlage XII, deel I

Artikel 47, lid 1

Bijlage XII, deel II

Artikel 48, lid 2

Bijlage XIII

Bijlage XIV

Bijlage II

Bijlage XV

Bijlage XII



(1) Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de opstelling van een gemeenschappelijke nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS) (PB L 154 van 21.6.2003, blz. 1).

(2) Richtlijn 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronischecommunicatienetwerken en -diensten (kaderrichtijn) (PB L 108 van 24.4.2002, blz. 33).

(3) Richtlijn 2010/13/EU van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten (richtlijn audiovisuele mediadiensten) (PB L 95 van 15.4.2010, blz. 1).

(4) Richtlijn 77/249/EEG van de Raad van 22 maart 1977 tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening door advocaten van het vrij verrichten van diensten (PB L 78 van 26.3.1977, blz. 17).

(5) Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor financiële instrumenten, tot wijziging van de Richtlijnen 85/611/EEG en 93/6/EEG van de Raad en van Richtlijn 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad en houdende intrekking van Richtlijn 93/22/EEG van de Raad (PB L 145 van 30.4.2004, blz. 1).

(6) Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 1999 betreffende een gemeenschappelijk kader voor elektronische handtekeningen (PB L 13 van 19.1.2000, blz. 12).

(7) Beschikking 2009/767/EG van de Commissie van 16 oktober 2009 inzake maatregelen voor een gemakkelijker gebruik van elektronische procedures via het één-loket in het kader van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende diensten op de interne markt (PB L 274 van 20.10.2009, blz. 36).

(8) Besluit 2011/130/EU van de Commissie van 25 februari 2011 tot vaststelling van minimumvoorschriften voor de grensoverschrijdende verwerking van documenten die door de bevoegde autoriteiten elektronisch zijn ondertekend krachtens Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende diensten op de interne markt (PB L 53 van 26.2.2011, blz. 66).

(9) Verordening (EG) nr. 1082/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2006 betreffende een Europese groepering voor territoriale samenwerking (EGTS) (PB L 210 van 31.7.2006, blz. 19).

(10) Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PB L 218 van 13.8.2008, blz. 30).

(11) Kaderbesluit 2008/841/JBZ van de Raad van 24 oktober 2008 ter bestrijding van georganiseerde criminaliteit (PB L 300 van 11.11.2008, blz. 42).

(12) PB C 195 van 25.6.1997, blz. 1.

(13) Kaderbesluit 2003/568/JBZ van de Raad van 22 juli 2003 inzake de bestrijding van corruptie in de privésector (PB L 192 van 31.7.2003, blz. 54).

(14) PB C 316 van 27.11.1995, blz. 48.

(15) Kaderbesluit 2002/475/JBZ van de Raad van 13 juni 2002 inzake terrorismebestrijding (PB L 164 van 22.6.2002, blz. 3).

(16) Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2005 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (PB L 309 van 25.11.2005, blz. 15).

(17) Richtlijn 2011/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2011 inzake de voorkoming en bestrijding van mensenhandel en de bescherming van slachtoffers daarvan, en ter vervanging van Kaderbesluit 2002/629/JBZ van de Raad (PB L 101 van 15.4.2011, blz. 1).

(18) Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen (PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36).

(19) Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 281 van 23.11.1995, blz. 31).

(20) Richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie) (PB L 201 van 31.7.2002, blz. 37).

(21) Besluit 71/306/EEG van de Raad van 26 juli 1971 tot instelling van een Raadgevend Comité inzake overheidsopdrachten voor de uitvoering van werken (PB L 185 van 16.8.1971, blz. 15).

(22) Verordening (EU) nr. 305/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 tot vaststelling van geharmoniseerde voorwaarden voor het verhandelen van bouwproducten en tot intrekking van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (PB L 88 van 4.4.2011, blz. 5).

(23) Voor de toepassing van artikel 58, lid 2, wordt onder „beroeps- of handelsregisters” verstaan de registers die in deze bijlage vermeld worden, alsmede de registers die in de plaats van deze registers gekomen zijn, voor zover hierin op nationaal niveau wijzigingen zijn aangebracht.